r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij M Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Wat offline illegaal is, moet dat online ook zijn: standpunt Raad over wet digitale diensten

Met dank overgenomen van Raad van de Europese Unie (Raad), gepubliceerd op donderdag 25 november 2021.

De Raad heeft een algemene oriëntatie aangenomen over het voorstel voor een wet inzake digitale diensten ("digital services act"). Die wet moet ervoor zorgen dat gebruikers niet in contact komen met illegale goederen, inhoud of diensten en dat hun grondrechten online beschermd worden. Ook wordt een deel van de richtlijn elektronische handel uit 2000 gemoderniseerd.

De wet inzake digitale diensten is een belangrijke en noodzakelijke stap richting een veiliger online­omgeving. Ze biedt oplossingen voor de veiligheid van onze burgers in de 21e eeuw, maar ook voor onze bedrijven en onze democratieën. Met dit voorstel wordt het vertrouwen in de digitale ruimte vergroot en kan het potentieel van de online­platform­economie veilig en optimaal worden benut.

Mark Boris Andrijanič, Sloveens minister van Digitale Transformatie

De nieuwe regels verruimen en verduidelijken de gemeenschappelijke reeks verplichtingen voor online­bedrijven die diensten aanbieden in de EU, ongeacht vanuit welk land in de wereld ze dat doen. Het voorstel gaat ervan uit dat wat illegaal is offline, ook illegaal moet zijn online. Het verduidelijkt de verantwoordelijkheid en de verantwoordings­plicht van aanbieders van tussen­handel­diensten zoals sociale­media­platformen en online­marktplaatsen.

De nieuwe regels zijn asymmetrisch opgevat: hoe groter de (maatschappelijke impact van) tussenhandel­diensten, hoe strenger de regels. De wet, die nog niet is aangenomen, zal een modern, toekomst­bestendig governance­kader bieden, met duidelijke zorgvuldigheids­verplichtingen voor online­tussenhandels­diensten.

De tekst van de Raad wijzigt het Commissie­voorstel op enkele belangrijke punten:

  • het toepassings­gebied van de wet wordt verduidelijkt en versterkt
  • online­zoekmachines maken nu expliciet deel uit van de wet
  • minderjarigen worden online nog beter beschermd met de nieuwe tekst
  • de Raad voegt verplichtingen toe voor online­marktplaatsen en zoekmachines, en strengere regels voor zeer grote onlineplatforms
  • de verplichting om het vermoeden van ernstige strafbare feiten te melden, wordt uitgebreid tot alle hosting­diensten (dus niet alleen online­platforms)
  • er wordt dieper ingegaan op de "compliancefunctie" die zeer grote onlineplatforms en zeer grote onlineplatforms en -zoekmachines moeten instellen om het toezicht op de conformiteit met de wet te waarborgen
  • nationale autoriteiten zullen rechtstreeks bevelen in verband met illegale online-inhoud kunnen richten tot dienstenaanbieders, waarna deze de nationale autoriteiten op de hoogte zullen moeten houden van de getroffen maatregelen
  • wat doeltreffende handhaving betreft, wordt het oorsprongsland­beginsel behouden én worden tegelijkertijd exclusieve handhavings­bevoegdheden verleend aan de Commissie, zodat zij systemische inbreuken door zeer grote onlineplatforms en -zoekmachines kan aanpakken

Achtergrond

De digitale samenleving gaat gepaard met heel wat uitdagingen, zoals de verspreiding van nagemaakte goederen, haatzaaiende uitlatingen, cyberdreigingen, desinformatie, concurrentieverstoring en de afscherming van digitale markten. Om die problemen aan te pakken, diende de Europese Commissie in december 2020 het "pakket digitale diensten" in. Dat bestaat uit 2 wetgevings­voorstellen: één voor digitale diensten, één voor digitale markten.

Tijdens de Raad Concurrentie­vermogen van 27 mei 2021 gaven de ministers sturing voor de verdere onderhandelingen.

Volgende stappen

De vandaag bereikte algemene oriëntatie vormt een aanvulling op het door de Raad overeengekomen onderhandelings­standpunt. Het voorzitterschap van de Raad krijgt hiermee een mandaat voor verdere besprekingen met het Europees Parlement in 2022.

Naar de bladzijde "Vergaderingen"


Terug naar boven