r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij M Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Euroscepsis in Nederland

Vlag Nederland en EU © Â© Camilla van Kooten

Euroscepsis is een groeiend fenomeen in alle lidstaten van de Europese Unie. Nederland stond in de Europese Unie lange tijd bekend als een van de grootste voorstanders van Europese samenwerking, en ook uit Eurobarometer resultaten blijkt dat Nederlanders Europese integratie over het algemeen steunen. Toch heeft euroscepsis de laatste jaren steeds meer voet aan de grond gekregen in Nederland.

De voornaamste gebeurtenis waarbij euroscepsis in Nederland duidelijk wordt gemarkeerd is het referendum voor een Europese Grondwet in 2005. De Nederlandse kiezers stemden hierbij, als enige lidstaat naast Frankrijk, met een meerderheid tegen de invoering van een Europese Grondwet, en stemden daarmee feitelijk tegen verdere Europese integratie.

Andere voorbeelden van belangrijke momenten dat het euroscepsisme in Nederland aanwakkerde zijn de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 en het referendum over het Associatieverdrag met Oekraïne in 2016.

Inhoud

1.

Ontwikkeling Euroscepsis in Nederland

Nederland wordt, als een van de grondleggers van de Europese Economische Gemeenschap (EEG), later de EU, vaak gezien als groot voorstander van verregaande Europese integratie. Ook in de beginjaren van de EEG werden er in Nederland echter al kritische kanttekeningen gemaakt bij intensievere Europese samenwerking.

Een algemene ontwikkeling waardoor euroscepsis voet in de aarde kreeg om te ontwikkelen was het Verdrag van Maastricht in 1991, dat een fundamentele verandering in het Europese integratieproces betekende met stappen naar een gemeenschappelijke munt, een gemeenschappelijk buitenlands beleid, gemeenschappelijke buitengrenzen en Europees burgerschap. Hierdoor zijn nationale belangen in grotere mate gaan bepalen of er meer of minder Europese integratie moet komen.

Referendum Europees Grondwettelijk Verdrag in 2005

Bij het referendum over de Europese Grondwet in 2005 stemden de Nederlandse kiezers met een meerderheid van 62% tegen de invoering van een Europese Grondwet, en stemden daarmee feitelijk tegen verdere Europese integratie. Het referendum over het Europees Grondwettelijk Verdrag toonde aan dat een aanzienlijk deel van het Nederlandse publiek vreesde voor verlies aan nationale invloed en identiteit in een zich verdiepende EU. Die angst kwam ook tot uiting in de dalende steun voor verdere EU-uitbreiding; de toetreding van nieuwe lidstaten werd onder het publiek het minst gewaardeerde aspect van Europese integratie, zo blijkt uit data van Eurobarometer.

Tweede Kamerverkiezingen

Bij de vervroegde Tweede Kamerverkiezingen van 2012 was Europese integratie voor het eerst een centraal thema in de verkiezingsdebatten. Dit was mogelijk te wijten aan de Europese staatsschuldencrisis van de voorgaande jaren, waarbij onder andere Griekenland in grote staatsschulden verkeerde. Er ontstond een groeiend euroscepsis voor financiële integratie in de EU en sceptische kiezers zagen de politieke en monetaire greep van de Europese Unie op Nederland groter worden, wat leidde tot hevige discussies over de EU en de Europese integratie.

Bij de verkiezingen van 2012 was de achterban van GroenLinks en D66 over het algemeen voorstander van meer Europese integratie, terwijl de kiezers van SP, ChristenUnie, PvdD en met name SGP, 50Plus en PVV vonden dat Europese integratie al te ver gevorderd was. Na afloop van de daaropvolgende verkiezingen in 2017 werd de Tweede Kamer over het algemeen grotendeels pro-Europees. GroenLinks maakte grote winst en ook D66 haalde meer zetels, maar ook eurosceptische partijen als de PVV behaalden winst. FVD, een sterke eurosceptische partij met ambitie om de EU te verlaten, behaalde voor het eerst twee zetels in de Kamer.

Uit de verkiezingsprogramma's van politieke partijen bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 bleek dat bijna alle partijen huiverig zijn om de EU op dit moment verder uit te breiden. FVD, JA21, PvdD en PVV spraken zich daarnaast ook uit tegen de euro. Als voornaamste eurosceptische partij haalde FVD grote winst bij de verkiezingen, maar tegelijkertijd behaalde ook D66 een record aantal zetels en kwam na deze verkiezingen ook de nieuwe pan-Europese partij Volt voor het eerst in de Tweede Kamer.

Referendum Associatieverdrag Oekraïne 2016

De discussie over Europese integratie wederkeerde naar aanleiding van het referendum in april 2016 over het Associatieverdrag tussen de EU en Oekraïne, geïnitieerd door actiecomité GeenPeil. VVD, PvdA, CDA, GroenLinks, D66, ChristenUnie en SGP hadden in de Tweede Kamer voor het referendum gestemd. In de referendumcampagne kwam met name het perspectief op het EU-lidmaatschap van Oekraïne aan bod, terwijl uitbreiding juist het minst populaire aspect van Europese integratie is onder de Nederlandse bevolking. Hierbij stemde een meerderheid van 61% van de kiezers tegen het verdrag, bij een opkomst van ruim 30%. Met dit referendum gaven de Nederlandse stemmers duidelijk aan verdere integratie van de EU met uitbreiding van nieuwe lidstaten niet te zien zitten in het geval van Oekraïne.

De referendumcampagne inspireerde het ''nee-kamp'' tot deelname met enkele eurosceptische partijen aan de Tweede Kamerverkiezingen van maart 2017. Daarin klonk zowel de oproep tot referenda over eventueel uittreden van Nederland uit de EU als de versterking van de nationale democratie in de EU.

2.

'Nexit' debat

Met de afronding van Brexit is het Verenigd Koninkrijk het eerste lidstaat dat de EU heeft verlaten. Het scenario waarbij Nederland de EU zou verlaten wordt vaak naar gerefereerd als 'Nexit'. Uit peilingen van EenVandaag in januari 2020 bleek dat 33% van de Nederlanders op dat moment een voorstander was van een exit en 59% een tegenstander.

Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2021 benoemden alleen FVD en de PVV in hun verkiezingsprogramma het verlangen om uit de EU te stappen. Zo pleit FVD voor een 'intelligente uittreding uit de EU na een bindend referendum' en wil de PVV uit de EU treden om 'Nederland weer op één te zetten'. Echter alle andere partijen in de Tweede Kamer willen een nexit voorkomen. Dit is ook het geval voor eurosceptische partijen zoals de SP, SGP en JA21 die wel pleiten voor het hervormen en afbouwen van Europese samenwerking.

 

Bronnen: 'Euroscepsis in Nederland' door Hans Vollaard en Bartho Boer en 'Nederlandse partijen over Europese integratie: van eenheidsworst naar splijtzwam?' in Internationale Spectator 2017 door Hans Vollaard en Gerrit Voerman.

Meer informatie

Terug naar boven