r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij M Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

"COVID-19 toont waarom gezamenlijk optreden nodig is voor robuustere internationale gezondheids­architectuur" - Opiniestuk van voorzitter Charles Michel, WHO-directeur-generaal Tedros Adhanom Ghebreyesus en meer dan 20 wereld­leiders

Met dank overgenomen van Europese Raad, gepubliceerd op dinsdag 30 maart 2021.

De COVID-19-pandemie is de grootste uitdaging voor de wereldgemeenschap sinds de jaren 1940. In die tijd, na twee wereldoorlogen met verwoestende gevolgen, kwamen de politieke leiders samen om het multilaterale stelsel tot stand te brengen. De doelstellingen waren duidelijk: landen samenbrengen, de verleidingen van isolationisme en nationalisme wegnemen, en de uitdagingen aangaan waaraan alleen samen en in een geest van solidariteit en samenwerking het hoofd kon worden geboden, namelijk vrede, welvaart, gezondheid en veiligheid.

In diezelfde geest koesteren wij vandaag de hoop dat wij, in onze gezamenlijke strijd tegen de COVID‑19-pandemie, een robuustere internationale gezondheidsarchitectuur kunnen opbouwen ter bescherming van toekomstige generaties. Er zullen zich andere pandemieën en andere ernstige gezondheidscrises voordoen. Geen enkele regering of multilaterale instantie kan deze dreiging alleen aan. De vraag is niet of, maar wanneer. Samen moeten wij beter voorbereid zijn om pandemieën op zeer goed gecoördineerde wijze te voorspellen, te voorkomen, op te sporen, te evalueren en doeltreffend te bestrijden. De COVID-19-pandemie heeft er ons op een krachtige en pijnlijke manier aan herinnerd dat niemand veilig is totdat iedereen veilig is.

Wij zijn het onszelf derhalve verplicht te zorgen voor een universele en gelijke toegang tot veilige, werkzame en betaalbare vaccins, geneesmiddelen en diagnosemiddelen voor deze en toekomstige pandemieën. Immunisatie is een mondiaal collectief goed en wij moeten vaccins zo snel mogelijk kunnen ontwikkelen, produceren en inzetten.

Daarom werd Access to COVID-19 Tools Accelerator (ACT-A) opgezet, om gelijke toegang tot tests, behandelingen en vaccins te bevorderen en gezondheidsstelsels overal ter wereld te ondersteunen. Via ACT-A werden al op vele punten resultaten geboekt, maar van gelijke toegang is nog geen sprake. Er kan meer worden gedaan voor de mondiale toegang.

Met dat doel voor ogen zijn wij van oordeel dat naties moeten samenwerken aan een nieuw internationaal verdrag voor pandemieparaatheid en -respons.

Die nieuwe gezamenlijke toezegging zou een mijlpaal zijn in het verbeteren van de pandemieparaatheid op het hoogste politieke niveau. Het verdrag zou verankerd worden in de Akte van Oprichting van de Wereldgezondheidsorganisatie en er zouden andere relevante organisaties bij worden betrokken die voor het beoogde doel cruciaal zijn, ter ondersteuning van het beginsel gezondheid voor allen. De bestaande mondiale gezondheidsinstrumenten, met name de Internationale Gezondheidsregeling, zouden ten grondslag liggen aan het verdrag, waardoor wordt gezorgd voor een solide en beproefde basis waarop wij kunnen bouwen en vooruitgaan.

Het verdrag zou in de eerste plaats ten doel hebben een benadering te stimuleren waarbij alle geledingen van de overheid en van de maatschappij worden betrokken, met het oog op een grotere capaciteit en veerkracht op nationaal, regionaal en mondiaal niveau ten aanzien van toekomstige pandemieën. Dit houdt in dat de internationale samenwerking aanzienlijk wordt versterkt om bijvoorbeeld niet alleen waarschuwingssystemen, gegevensuitwisseling en onderzoek te verbeteren, maar ook de lokale, regionale en wereldwijde productie en verspreiding van medische en volksgezondheidsvoorzieningen zoals vaccins, geneesmiddelen, diagnosemiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen.

Het zou ook de erkenning inhouden van een "één gezondheid"-benadering, die de gezondheid van mensen, dieren en onze planeet met elkaar verbindt. Het verdrag moet eveneens leiden tot meer wederzijdse verantwoordingsplicht en gedeelde verantwoordelijkheid, transparantie en samenwerking binnen het internationale stelsel en conform de regels en normen ervan.

Daartoe zullen wij wereldwijd samenwerken met staatshoofden en regeringsleiders en alle belanghebbenden, met inbegrip van het maatschappelijk middenveld en de particuliere sector. Wij zijn ervan overtuigd dat het onze verantwoordelijkheid is om, als leiders van naties en internationale instellingen, ervoor te zorgen dat de wereld lering trekt uit de COVID-19-pandemie.

Onze zwakke punten en onze verdeeldheid hebben COVID-19 vrij spel gegeven; daarom moeten wij deze gelegenheid aangrijpen en ons verenigen als een mondiale gemeenschap voor vreedzame samenwerking die verder reikt dan deze crisis. Het opbouwen van onze capaciteiten en systemen daarvoor zal tijd vragen, en een volgehouden politieke, financiële en maatschappelijke inzet gedurende vele jaren vergen.

De solidariteit die wij aan de dag leggen om ervoor te zorgen dat de wereld beter is voorbereid, is onze erfenis die onze kinderen en kleinkinderen beschermt en de impact van toekomstige pandemieën op onze economieën en onze samenlevingen tot een minimum beperkt.

Pandemieparaatheid vereist mondiaal leiderschap om een wereldwijd gezondheidsstelsel tot stand te brengen dat in staat is de uitdagingen van dit millennium aan te gaan. Deze toezegging kan enkel worden nagekomen als we ons laten leiden door solidariteit, billijkheid, transparantie, inclusiviteit en rechtvaardigheid.

Door J. V. Bainimarama, premier van Fiji; Prayut Chan-o-cha, premier van Thailand; António Luís Santos da Costa, premier van Portugal; Mario Draghi, premier van Italië; Klaus Iohannis, president van Roemenië; Boris Johnson, premier van het Verenigd Koninkrijk; Paul Kagame, president van Rwanda; Uhuru Kenyatta, president van Kenia; Emmanuel Macron, president van Frankrijk; Angela Merkel, bondskanselier van Duitsland; Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad; Kyriakos Mitsotakis, premier van Griekenland; Moon Jae-in, president van de Republiek Korea; Sebastián Piñera, president van Chili; Andrej Plenković, premier van Kroatië; Carlos Alvarado Quesada, president van Costa Rica; Edi Rama, premier van Albanië; Cyril Ramaphosa, president van Zuid‑Afrika; Keith Rowley, premier van Trinidad en Tobago; Mark Rutte, premier van Nederland; Kais Saied, president van Tunesië; Macky Sall, president van Senegal; Pedro Sánchez, premier van Spanje; Erna Solberg, premier van Noorwegen; Aleksandar Vučić, president van Servië; Joko Widodo, president van Indonesië; Volodymyr Zelensky, president van Oekraïne; dr. Tedros Adhanom Ghebreyesus, directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie.

  • Bekijk de video

    ×

    Dit document is momenteel alleen beschikbaar in de volgende talen:

    EN


Terug naar boven