r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij M Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Kamer vervolgt debat over goedkeuring van het CETA-verdrag

Met dank overgenomen van Tweede Kamer der Staten Generaal (Tweede Kamer), gepubliceerd op vrijdag 14 februari 2020.

13 februari 2020, wetsvoorstel - Een handelsakkoord tussen de EU en Canada is goed voor Nederland. Dat is de boodschap van ministers Kaag (Buitenlandse Handel) en Blok (Buitenlandse Zaken). Zij reageren op vragen en opmerkingen uit de Kamer.

De Kamer is verdeeld over de goedkeuring voor CETA. Dat bleek uit de inbreng in eerste termijn. Tijdens het debat werden onder andere zorgen geuit over de productstandaarden voor Canadese landbouwproducten en de arbitragemogelijkheden voor bedrijven in het verdrag.

Het kabinet gaat niet mee in de kritiek op CETA. Minister Kaag noemt CETA een "modern, duurzaam en gebalanceerd" verdrag met een land dat dezelfde uitgangspunten heeft als Nederland. De Kamer roept de regering vaak op om Nederland "boven z'n gewicht te laten boksen" en een leidende rol op het wereldtoneel te spelen, zegt minister Blok. Het goedkeuren van CETA vindt hij daarbij horen.

Verdeeldheid

Het kabinet creëert een valse tegenstelling, stelt Van den Hul (PvdA). Je kunt volgens haar tegen CETA zijn, maar toch staan voor wereldwijde verbondenheid en samenwerking. Een bonte coalitie van 70 organisaties, van landbouworganisaties tot vakbonden, heeft zich bovendien tegen CETA gekeerd, zegt Diks (GroenLinks). Dat is toch niet voor niks?

Kaag vindt dat er campagne tegen CETA is gevoerd op basis van een "niet-volledige representatie van de feiten". Wel herkent de minister zorgen over de negatieve effecten van globalisering, die volgens haar vaak aan de basis staan van angst voor handelsverdragen.

Bij het sluiten van dit soort handelsverdragen kun je nooit honderd procent je zin krijgen, concludeert Jetten (D66). Hij ziet CETA onder andere als een kans om met Canada op te trekken om klimaatdoelstellingen te realiseren. De export naar Canada is enorm gegroeid sinds de voorlopige inwerkingtreding van CETA in 2017, merkt onafhankelijk Kamerlid Van Haga op. Ook Weverling (VVD) verwelkomt het verdrag: samenwerken, daar gaat het om.

Niet het verdrag staat op het spel, maar "de carrières van de mensen die dit hebben uitonderhandeld, zegt Baudet (FvD). Vanwege de verdeeldheid in de Kamer stelt Öztürk (DENK) voor om "tijd en rust te nemen", en niet te stemmen over het verdrag tot partijen elkaar hebben overtuigd.

Landbouw en productstandaarden

Veel van de kanttekeningen bij CETA gaan over landbouwproducten uit Canada. Bisschop (SGP) waarschuwt voor een "dubbele moraal": stel geen extra eisen aan onze eigen landbouw terwijl je ruimte biedt voor import van producten uit Canada die daar niet aan voldoen.

Ouwehand (PvdD) en onafhankelijk Kamerlid Van Kooten maken zich zorgen over de comités waarin de EU en Canada over CETA overleggen. Proberen de Canadezen daarin te lobbyen om Europese standaarden, bijvoorbeeld over landbouwgif en vlees, naar beneden te krijgen? Wij willen geen aantasting van productstandaarden, verzekert Kaag. Zij ziet voldoende waarborgen. Zo zijn de comités niet bevoegd om EU-regelgeving te wijzigen.

Kaag is bereid te kijken naar voorstellen van Voordewind (ChristenUnie) over de controle op Canadese producten, bijvoorbeeld over certificering van hormoonvrij vlees en extra douanecapaciteit. Amhaouch (CDA) wil dat de Europese Commissie de gevolgen van CETA voor de Europese en Nederlandse landbouwsector goed gaat monitoren.

Geschillen

CETA regelt dat buitenlandse investeerders beschermd worden. Ze kunnen staten aanklagen via het Investment Court System (ICS) als overheidsbeleid negatieve gevolgen voor hen heeft. Het ICS maakt een onpartijdige, onafhankelijke geschillenbeslechting mogelijk, zegt minister Kaag.

Kaag heeft geen aanwijzingen dat onredelijke claims zullen worden toegewezen, iets waar critici van het ICS voor waarschuwen. Verschillende Kamerleden zijn daar niet gerust op. Van Weerdenburg (PVV) wijst erop dat het ICS-systeem waarschijnlijk als blauwdruk zal dienen voor nieuwe handelsverdragen, dus het moet betrouwbaar zijn. Alkaya (SP) zou het liefste zien dat opnieuw onderhandeld wordt over dit onderdeel van het verdrag.

De Kamer stemt op 18 februari over het wetsvoorstel en de tijdens het debat ingediende moties.


Terug naar boven