r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Bijeenkomst buitenlandministers Oostelijk Partnerschap: voorzittersconclusies ter gelegenheid van 10‑jarig bestaan Oostelijk Partnerschap

Met dank overgenomen van Raad van de Europese Unie (Raad), gepubliceerd op maandag 13 mei 2019.
  • 1. 
    Tien jaar geleden, in mei 2009, zijn de staatshoofden en regeringsleiders en vertegenwoordigers van de Republiek Armenië, de Republiek Azerbeidzjan, de Republiek Belarus, Georgië, de Republiek Moldavië, en Oekraïne, de vertegenwoordigers van de Europese Unie en de staatshoofden en regeringsleiders van lidstaten van de Europese Unie in Praag bijeengekomen om onze wederzijdse vriendschaps- en samenwerkingsbanden aan te halen en als een specifieke dimensie van het Europees Nabuurschapsbeleid een strategisch en ambitieus partnerschap op te richten, dat complementair met de bilaterale samenwerking tot ontwikkeling moet worden gebracht. Deze gezamenlijke onderneming, die past in een inspanning om een welvarendere, veerkrachtigere, stabielere en democratischere regio uit te bouwen, was gegrondvest op gedeelde waarden, wederzijdse belangen en toezeggingen, en moest de Oost-Europese partnerlanden dichter bij de Europese Unie brengen en sterkere banden tussen de partnerlanden onderling smeden, in ieders belang.
  • 2. 
    De Ministers van Buitenlandse Zaken en vertegenwoordigers van de lidstaten van de Europese Unie, de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en de Ministers van Buitenlandse Zaken van de 6 Oost‑Europese partners zijn op 13 mei 2019 bijeengekomen om het 10‑jarig bestaan van het Oostelijk Partnerschap te vieren, het belang ervan te benadrukken, het succes en de verwezenlijkingen ervan toe te juichen, en om na te denken over de toekomst van ons blijvende strategische en ambitieuze partnerschap.
  • 3. 
    Dit unieke beleid gaat uit van gedeelde grondwaarden en onze gezamenlijke gehechtheid aan de beginselen en normen van het internationaal recht, de mensenrechten, waaronder de rechten van personen die tot minderheden behoren, de democratie en de rechtsstaat, verantwoordingsplicht en behoorlijk bestuur, inclusief corruptiebestrijding, duurzame ontwikkeling en de markteconomie. Het berust op beginselen van gedeelde zeggenschap, gezamenlijke verantwoordelijkheid, inclusiviteit, differentiatie en conditionaliteit, en is gebaseerd op onze gezamenlijke prioriteiten. Dit is het moment om opnieuw onze niet-aflatende steun te betuigen voor deze grondwaarden en -beginselen, die de kern van ons partnerschap uitmaken; om de gezamenlijke toezeggingen te bevestigen die in de verklaringen van de top van het Oostelijk Partnerschap zijn verankerd; en om ons vaste voornemen te onderstrepen om deze na te komen.
  • 4. 
    In de loop der jaren is gebleken dat het Oostelijk Partnerschap een efficiënt, veerkrachtig, op maat toegesneden en dynamisch raamwerk vormt. Het heeft er mede toe geleid dat onze wederzijds voordelige betrekkingen zich hebben ontwikkeld, zich hebben aangepast aan nieuwe uitdagingen, onder meer qua stabiliteit en veerkracht, en ten slotte sterker zijn geworden. Het Oostelijk Partnerschap heeft een nieuwe invulling gekregen om de verwezenlijking van de belangrijkste mondiale beleidsdoelstellingen van de Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling van de VN en de Overeenkomst van Parijs inzake klimaatverandering te bevorderen, en ook om het herziene Europese nabuurschapsbeleid en de integrale strategie van de EU te weerspiegelen.
  • 5. 
    Sedert 2009 heeft het Oostelijk Partnerschap gezorgd voor solide fundamenten voor een verdieping van de samenwerking, op zowel bilateraal als multilateraal niveau, onder meer via een uitgebreide reeks overeenkomsten en andere instrumenten, zoals partnerschapsprioriteiten, en heeft het ons in staat gesteld belangrijke resultaten te boeken. Het Oostelijk Partnerschap is geëvolueerd en bestrijkt steeds meer samenwerkingsgebieden, hetgeen de burgers tastbare voordelen oplevert. Het bespoedigt de politieke associatie, de economische integratie en een nauwer partnerschap tussen de EU en partners die daarvoor belangstelling tonen. De 20 doelstellingen voor 2020 waren steeds gericht op praktische samenwerking, om zodoende economische ontwikkeling en marktkansen te bevorderen, de democratische instellingen, behoorlijk bestuur en de rechtsstaat te versterken, connectiviteit, energie-efficiëntie, milieubescherming en mitigatie van de klimaatverandering te promoten, alsmede een impuls te geven aan mobiliteit en interpersoonlijke contacten. Via het Oostelijk Partnerschap zijn de EU-lidstaten en de Oostelijke Partners elkaars behoeften, ambities en verwachtingen beter gaan begrijpen.
  • 6. 
    Wij profiteren allemaal van het partnerschap; 10 jaar na de oprichting ervan is het een succes voor onze burgers gebleken. Dankzij deze positieve ervaring kunnen wij samen en in een geest van nauwe samenwerking verder werken om ervoor te zorgen dat onze samenlevingen alle vruchten van dit partnerschap ten volle kunnen plukken, zoals meer welvaart en democratie, stabiliteit en veiligheid.
  • 7. 
    In de toekomst wachten ons nog meer uitdagingen. De komende jaren moet het accent blijven liggen op het doorvoeren van hervormingen en het nakomen van de overeengekomen toezeggingen, met als doel het gunstige effect en het blijvende succes van het partnerschap veilig te stellen en aan te houden, met volledige inachtneming van de waarden en beginselen waarop het berust. In dit verband vervullen het maatschappelijk middenveld, inclusief denktanks en mensenrechtenactivisten, evenals kwetsbare groepen, journalisten en andere mediaspelers, vrouwen, jongeren en de particuliere sector een belangrijke rol. Wij zijn een reeks concrete projecten overeengekomen die moeten bijdragen tot een "new deal" voor de jongeren van de partnerlanden.
  • 8. 
    Onze verwezenlijkingen, waaronder meer handelsverkeer en een sterkere politieke associatie, economische integratie en sectorale samenwerking tussen de EU en de partnerlanden die daarvoor belangstelling tonen, zullen een inspirerende werking hebben voor verdere vooruitgang in de toekomst op basis van wederzijdse belangen, behoeften, gezamenlijke prioriteiten en duurzame uitvoering van hervormingen. Wij moeten de gestructureerde denkoefening voortzetten en overgaan tot een inclusief en breed raadplegingsproces over onze toekomstige samenwerkings­agenda, met name zodat wij goed en tijdig zijn voorbereid op de volgende top van het Oostelijk Partnerschap. Laat ons blijk geven van onze gedeelde vastbeslotenheid de agenda voor het Oostelijk Partnerschap na 2020 tot ontwikkeling te brengen, om er zo voor te zorgen dat wij samen sterker zullen blijven.

Naar de bladzijde "Vergaderingen"


Terug naar boven