r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Europa probeert nepnieuws tegen te gaan

Afbeelding van nepnieuws

Toegang tot op feiten gebaseerde en kritisch gecontroleerde informatie is essentieel voor een democratie. Nepnieuws, ofwel opzettelijk misleidende informatie, speelt ook in de Europese Unie een steeds grotere rol. Zo lijkt het erop dat nepnieuws een aantal verkiezingen, binnen en buiten de Europese Unie, heeft beïnvloed. Als reactie hierop besloot de Europese Raad in 2015 om actie te ondernemen. De EU heeft inmiddels een aantal initiatieven genomen die moeten helpen nepnieuws tegen te gaan.

Een eerste stap was de in 2015 opgerichte East StratCom Task Force, dat als doel had om desinformatie in Oost-Europese landen over Europees beleid tegen te gaan. In het voorjaar van 2018 is een EU-strategie tegen de verspreiding van nepnieuws in de EU uitgebracht. De Commissie wil met deze strategie het belang van goede journalistiek benadrukken. Ook wil ze dat online nieuws een duidelijke afzender heeft, dat burgers getraind worden om informatie en nieuws beter te kunnen beoordelen en ze pleit voor methodes waarop journalisten en gebruikers nepnieuws kunnen aanvechten. Concreet pleitte de Commissie voor een gedragscode voor sociale media en internetplatforms.

In december 2018 publiceerden de gezamenlijke instellingen een 'actieplan tegen desinformatie'. Het idee is dat de verantwoordelijke partijen zo snel mogelijk aan de slag gaan, zodat de verspreiding van nepnieuws door met name de Russen rondom de Europese verkiezingen zo veel mogelijk kan worden bestreden. In dat kader krijgt de uitvoerende dienst, de EEAS, in 2019 ook zo'n 50 man nieuw personeel en ruim €3 miljoen meer om zijn taken uit te voeren.

Delen

Inhoud

1.

Nepnieuws in Europa

Het doel van nepnieuws is om de lezer te misleiden en op die manier de publieke opinie te beïnvloeden. Er bestaan verschillende vormen van nepnieuws. Zo kan nepnieuws bestaan uit gemanipuleerde berichten over bepaalde maatschappelijke onderwerpen. Ook kan het bestaan uit propaganda van andere staten om verkiezingen te manipuleren of om het vertrouwen in de democratie te verminderen.

In Europa zijn er verschillende voorbeelden te noemen waarbij onjuiste informatie opzettelijk via sociale media is verspreid. Zo werd er bijvoorbeeld via Russische kanalen nepnieuws verspreid in de Oost-Europese buurlanden na de vliegramp met de MH-17. Ook lijkt het erop dat nepnieuws meerdere verkiezingen in Europa heeft beïnvloed. Zo heeft onderzoek uitgewezen dat bij de verkiezingen in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk 14-20% van de Twitterberichten onjuise informatie bevatte.

Niet alle onjuiste informatie kan worden beschouwd als nepnieuws. Een groep deskundigen heeft nepnieuws gedefinieerd als "valse, onjuiste of misleidende informatie die is opgesteld, weergegeven en verspreid om winst te maken of opzettelijk schade in het publieke domein te veroorzaken." Informatie met illegale inhoud (bijvoorbeeld een oproep tot haat of geweld) wordt niet als nepnieuws bestempeld, omdat dit al verboden is op grond van nationale en Europese wet- en regelgeving. Andersoortige foutieve informatie, zoals fouten van journalisten, het achterwege laten van bepaalde feiten, eenzijdige berichtgeving, of satirische berichten worden niet beschouwd als nepnieuws omdat deze fouten niet als doel zouden hebben om de lezer te misleiden.

2.

Europese maatregelen tegen nepnieuws

De Europese Raad

In 2015 werd duidelijk dat Rusland in Oost-Europa onjuiste informatie verspreidde over de Europese Unie. De Europese Raad drong daarom, tijdens de vergadering die op 19 en 20 maart 2015 werd gehouden, aan op een tegengeluid. Dit is er gekomen in de vorm van de East StratCom Task Force. Dit team, dat onder de Europese Dienst voor Extern Optreden (EEAS) valt, richt zich op de beeldvorming over de EU en haar beleid in Oost-Europa. Daarnaast rapporteert zij onjuiste informatie en weerlegt zij de onjuiste berichten.

Europees Parlement

Het Europees Parlement heeft de Europese Commissie opgeroepen om vooral het juridisch kader grondig te analyseren. In de resolutie die op 15 juni 2017 werd aangenomen, noemde het Parlement duidelijk het belang van het behoud van de fundamentele rechten.

Europese Commissie

De Europese Commissie heeft in november 2017 de aanzet gegeven voor de ontwikkeling van een EU-strategie voor nepnieuws. De Commissie heeft hierbij in haar intentieverklaring en werkprogramma 2018 de bescherming van democratieën en van de digitale interne markt centraal gesteld. Een van de initiatieven was het oprichten van een deskundigengroep op hoog niveau over nepnieuws. Deze groep is in januari 2018 opgericht en heeft de Commissie geadviseerd over onder andere de taken en verantwoordelijkheden van de betrokken partijen en de verschillende standpunten.

Eind september 2018 maakten de online platforms, socialemediaplatforms en online adverteerders samen met de Commissie hun nieuwe gedragscode bekend. Bedrijven zullen zich inspannen om de publicatie en verspreiding van nepnieuws op een aantal manieren tegen te gaan. Het is een vrijwillige gedragscode; sancties wanneer het niet lukt nepnieuws te onderscheppen en offline te halen zijn er niet.

Een ander initiatief was de lancering van een openbare raadpleging. De Commissie riep verschillende partijen, waaronder burgers, nieuwsorganisaties en overheidsinstanties, op om mee te denken. De Commissie probeerde hiermee een beeld te krijgen van de omvang van het probleem en de effectiviteit van de getroffen maatregelen. Tot midden februari 2018 was het mogelijk om hiervoor input te leveren. Respondenten identificeerden nepnieuws gericht op het beïnvloeden van verkiezingen en het migratiebeleid als het grootste probleem. Ook bleek dat de respondenten weinig vertrouwen hebben in online platforms en traditionele media als de meest betrouwbare bron van informatie beschouwen.

Europese Dienst voor Extern Optreden (EEAS)

Het orgaan dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van de Europese plannen om nepnieuws te bestrijden is de Europese Dienst voor Extern Optreden (EEAS). Binnen de organisatie is er een speciale eenheid opgericht voor 'strategische communicatie' die verantwoordelijk is voor de uitvoering van het beleid.

Nepnieuws en de Europese verkiezingen

Op 5 december 2018 kwamen het Europees Parlement, de Europese Raad, de Raad, de EESC en het CvdR met een "actieplan tegen desinformatie" (JOIN(2018)36). De EU heeft, met de Europese verkiezingen in aantocht, het tegengaan van nepnieuws en desinformatie hoog op de politieke agenda gezet. Het actieplan heeft vier doelen:

  • vergroting van de capaciteit, zodat de Europese instellingen beter in staat zijn om desinformatie op te sporen en ermee om te gaan
  • gecoördineerde respons: ervoor zorgen dat Europese instellingen en lidstaten beter tegen kunnen optreden
  • de private sector aanmoedigen om nepnieuws te bestrijden
  • de algemene bewustwording van het bestaan van nepnieuws vergroten binnen de EU

Om dit te kunnen doen trekt de Europese Commissie de portemonnee; het budget van de EEAS om het probleem aan te pakken wordt uitgebreid van €1.9 miljoen in 2018 naar €5 miljoen in 2019. Daarnaast komt er ook extra geld vrij voor het aannemen van nieuw personeel. Het idee van het actieplan is ook dat lidstaten meer informatie over nepnieuws gaan delen. Zo komt er een 'Rapid Alert System', een digitaal platform waar lidstaten informatie over buitenlandse desinformatie kunnen delen. Idealiter zou dit instrument tegen maart 2019 in werking treden. Aan de individuele lidstaten is het nu de taak om een 'contactpunt' op te richten, dat kan worden aangesloten op het Rapid Alert System.

Kort nadat het actieplan tegen desinformatie gepubliceerd werd, kreeg het al veel kritiek, ook van binnenuit. Zo gaf vicevoorzitter en eurocommissaris Andrus Ansip, die belast is met de digitale interne markt, toe dat het nieuwe budget van €5 miljoen niet genoeg zal zijn om het uit Rusland afkomstige nepnieuws te bestrijden.

3.

Nederland en nepnieuws

De Nederlandse regering heeft aangegeven dat zij zich wil inzetten voor de Europese initiatieven bij het tegengaan van nepnieuws. Het kabinet heeft aangegeven dat er ook in Nederland voorbeelden zijn van nepnieuws, bijvoorbeeld omtrent de MH-17 en het Oekraïne-referendum. De regering noemt hierbij expliciet de rol van Rusland. Buitenlandse beïnvloeding als gevolg van nepnieuws is ook door de AIVD (Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst) en het NCSC (Nationaal Cyber Security Centrum) als probleem geïdentificeerd.

De regering wil niet alleen het bewustzijn in de maatschappij over dit probleem verhogen, maar ook in gesprek gaan met partijen in de journalistieke sector en met media- en technologiebedrijven. De Tweede Kamer heeft een aantal moties aangenomen over nepnieuws. Zo is de regering bijvoorbeeld verzocht om te onderzoeken of de bestaande juridische instrumenten toereikend zijn, en juridische mogelijkheden te identificeren.

In het kader van de Europese Verkiezingen in mei 209 heeft de Nederlandse minister van Binnenlandse Zaken, Kajsa Ollongren, aangekondigd een "bewustwordingscampagne" tegen desinformatie en nepnieuws te lanceren.

4.

Besluitvorming

De eerste EU-strategie om nepnieuws te bestrijden is eind april 2018 gepubliceerd (COM(2018)236). In dit document worden vier doelstellingen genoemd: het verhogen van transparantie over de oorsprong van informatie, het vergroten van diversiteit van informatie, het bevorderen van de geloofwaardigheid van informatie en tot slot het streven naar doeltreffende langetermijnoplossingen waarbij een breed scala van belanghebbenden en deskundigen worden betrokken.

In het tweede actieplan (JOIN(2018)36) worden tien actiepunten genoemd. De punten uit beide actieplannen moeten zo snel mogelijk worden geïmplementeerd door de lidstaten, voornamelijk met het oog op de Europese verkiezingen van mei 2019.

5.

Meer informatie

Delen

Terug naar boven