r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Begroting Europese Unie

Handen met eurobiljetten © Europese Unie 2008, Europees Parlement

De Europese Commissie presenteert elk jaar een ontwerpbegroting van de EU voor het volgende jaar aan de Raad van Ministers en het Europees Parlement (EP). Zowel de Raad als het EP moeten instemmen met de begroting. De begroting van het jaar 2018 is in november 2017 goedgekeurd na tussenkomst van een bemiddelingscomité. Op 23 mei 2018 presenteerde de Europese Commissie de ontwerpbegroting voor 2019.

De omvang van de begroting voor 2018 bedroeg aanvankelijk 159,5 miljard euro. Dit werd later bijgesteld naar maximaal 160,1 miljard euro. De Raad wilde in eerste instantie juist ruim een miljard euro minder uitgeven. Het Europees Parlement drong daarentegen aan op meer geld voor de aanpak van jeugdwerkloosheid, het stimuleren van economische groei en hulp aan niet-EU-landen die kampen met grote migratiestromen.

De begroting voor 2019 is vastgesteld op maximaal 165,8 miljard euro, net iets minder dan de 166 miljard wat de Commissie had voorgesteld. Dat is drie procent meer dan in 2018. Het extra geld is bestemd voor investeringen in de Europese economie en versterking van de buitengrenzen. In november 2018 waren de onderhandelingen tussen de Raad, die een lager bedrag voor stond, en het Europees Parlement helemaal vastgelopen. De Commissie heeft toen een herzien voorstel ingediend dat door de Raad en het Europees Parlement in de tweede week van december alsnog is aangenomen.

Delen

Inhoud

1.

De begrotingsprocedure

De begroting bevat de maximale bedragen die de EU reserveert voor uitgaven. Nog voor een nieuw begrotingsjaar begint weet de Commissie ook al waar veel van het geld naar toe gaat, omdat veel steun- en beleidsprogramma's of subsidies van de EU over meerdere jaren lopen. Veel uitgaven liggen dus al vast, omdat ze voortkomen uit verplichtingen die de Commissie eerder al is aangegaan. Er is in de EU begroting dus een onderscheid tussen gereserveerde en vastgestelde uitgaven.

De Europese Commissie stelt de ontwerpbegroting op en stuurt deze naar de Raad Economische en Financiële Zaken en het Europees Parlement. Dat brengt desgewenst wijzigingen aan, die de Raad kan overnemen. Zo niet, dan volgen er onderhandelingen over de begroting.

2.

Begroting 2019

De begroting voor 2019 komt uit op 165,8 miljard euro dat maximaal mag worden uitgegeven. De verwachte en reeds geplande uitgaven komen uit op 148,2 miljard euro. Dat is de uitkomst van moeizame onderhandelingen tussen de Raad en het Europees Parlement. Raad en EP keurden de begroting op respectievelijk 11 en 12 december 2018 goed.

De Europese Commissie zette bij haar ontwerpbegroting in op 166 miljard euro, een groei van drie procent ten opzicht van de begroting van 2018. In haar voorstel gaat de Commissie ervan uit dat het Verenigd Koninkrijk, nadat het op 30 maart 2019 de EU heeft verlaten, nog tot eind 2020 blijft bijdragen aan de EU-begroting en zal meewerken aan de uitvoering ervan, alsof het nog een lidstaat was.

Voorstel Europese Commissie

De belangrijkste punten van de ontwerpbegroting voor 2019 zijn:

Voor stimulering van de Europese economie wordt een bedrag van 80 miljard euro uitgetrokken, waaronder:

  • 12,5 miljard euro voor innovatie en onderzoek in het kader van Horizon 2020, inclusief 194 miljoen voor een nieuwe Europese gemeenschappelijke onderneming voor high performance computing
  • 2,6 miljard euro voor onderwijs (Erasmus+)
  • 3,8 miljard voor infrastructuur onder de Connecting Europe Facility (CEF)
  • 233,3 miljoen euro voor bestrijding van jeugdwerkloosheid.

Voor versterking van de veiligheid binnen en buiten de grenzen van de EU krijgen migratie en grensbeheer extra aandacht. De Commissie zet daarom, onder andere, in op:

  • hervorming van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel en een nieuw inreis-uitreissysteem
  • versterking van Europese grens- en kustwacht (Frontex) en het EU-asielagentschap
  • 1,5 miljard euro extra voor opvang van vluchtelingen in Turkije.

Daarnaast wil de Commissie geld beschikbaar stellen voor nieuwe initiatieven, waaronder:

  • 103 miljoen voor het Europees Solidariteitscorps
  • 11 miljoen voor de oprichting van een Europese Arbeidsautoriteit
  • 40 miljoen voor uitbreiding van het steunprogramma voor structurele hervormingen
  • 245 miljoen voor het opzetten van een industrieel ontwikkelingsprogramma voor de Europese defensie
  • 150 miljoen voor de vorming van een reservecapaciteit voor civiele bescherming in de EU
  • 5 miljoen voor de oprichting van het Europees Openbaar Ministerie.

Onderhandelingen

De onderhandelingen over de begroting werden in december 2018 afgerond. Begin juli gaven zowel de Raad als het EP aan wat hun inzet in de onderhandelingen was, maar op 19 november liepen die onderhandelingen vast. Dat had te maken met de volgende uiteenlopende standpunten:

Standpunt Raad

De Raad was het eens met extra geld voor onderzoek, het Erasmus+ programma en infrastructuur, en wilde ook extra geld uittrekken voor het asiel- en migratiefonds. De Raad wilde in totaal echter minder extra geld uitgeven dan de Commissie (twee procent extra in plaats van drie procent).

Standpunt Parlement

Het Parlement wilde meer geld voor de bestrijding van jeugdwerkloosheid, het programma voor het MKB, het onderwijsprogramma Erasmus+ en klimaatadaptatie. Ook stelde het EP dat het geld dat gaat naar grensbewaking en de opvang van vluchtelingen afdoende moest zijn om de noden te dekken, en impliceerde daarmee dat dat in de aanvankelijke voorstellen niet het geval was.

Nieuw voorstel

De Raad en het EP konden het niet eens worden over de begroting. Op 30 november presenteerde de Europese Commissie een nieuwe conceptbegroting. Deze bouwt voort op de eerdere begroting en de wijzigingen waar het Parlement en de Raad het wel over eens waren. Er wordt in het vernieuwde voorstel meer geld uitgetrokken voor programma's die bijdragen aan groei en werkgelegenheid. In de rubriek 'Europa als wereldspeler' worden verminderingen en herschikkingen voorgesteld. Het totale uitgavenniveau is in de tweede conceptbegroting lager dan in de eerste.

Het Europees Parlement hield vast aan een aantal wensen en de Raad is daar grotendeels in mee gegaan. De hoogte van de uiteindelijke begroting is bijna gelijk aan het originele voorstel van de Commissie. Wel is er nog wat geschoven tussen begrotingsposten, zoals extra geld voor Erasmus+, Horizon 2020 en de bestrijding van jeugdwerkloosheid. Opvallend is dat Turkije flink minder pre-accessiesteun krijgt. De EU straft Turkije voor de slechte ontwikkelingen op het gebied van democratie, rechtsstaat en mensenrechten.

3.

Begroting 2018

De omvang van de begroting bedroeg aanvankelijk 159,5 miljard euro maar dit werd bijgesteld naar 160,1 miljard euro. De omvang van de begroting is het maximum van mogelijke en reeds geplande uitgaven. De werkelijke uitgaven liggen in de praktijk lager.

Voorstel Europese Commissie

De belangrijkste punten van de ontwerpbegroting voor 2018 waren:

Ter stimulering van de Europese economie zou er 77,2 miljard euro beschikbaar gesteld worden, waarvan:

  • 50,8 miljard euro ter stimulering van de groei en werkgelegenheid in EU-lidstaten. Hiervan ontvingen minder ontwikkelde landen 27 miljard, transitielanden (landen die een middenpositie innemen als het gaat om ontwikkeling) 5,7 miljard en meer ontwikkelde landen 8,4 miljard
  • 11,5 miljard euro voor onderzoek en innovatieprogramma's
  • 2,8 miljard euro voor de implementatie van infrastructuurprojecten op het gebied van transport, energie en telecommunicatie.
  • 2,3 miljard euro voor onderwijs (Erasmus+)

Er zou 59,6 miljard euro beschikbaar gemaakt worden voor de landbouw, visserij, plattelandsontwikkeling en milieu, waarvan:

In het kader van het buitenlands beleid zou er 9,6 miljard beschikbaar gemaakt worden, waarvan:

  • 3 miljard voor ontwikkelingshulp
  • 2,3 miljard ter ondersteuning van het buitenlands beleid dat zich richtte op de landen die aan de EU-grenzen
  • 1,7 miljard ter ondersteuning van de implementatie van voorwaarden voor EU lidmaatschap in kandidaat-lidstaten

Onderhandelingen over begroting

Standpunt Raad

De Raad wilde minder uitgeven aan het stimuleren van de Europese economie en werkgelegenheid, maar gaf wel aan dat dit speerpunten moesten zijn van de EU begroting voor 2018. Andere speerpunten zouden veiligheid en migratie moeten zijn. Het Parlement was het daarmee eens. Daarnaast wilde de Raad 200 miljoen reserveren waarmee lidstaten die getroffen worden door rampen zouden kunnen worden ondersteund.

Standpunt Parlement

Het Parlement wilde meer geld voor de aanpak van de vluchtelingencrisis, terwijl de Commissie van plan was om hier minder geld aan uit te geven dan in 2017. Daarnaast zou het extra geld dat naar defensieonderzoek gaat niet ten koste moeten gaan van bestaande programma's. Om de Europese economie te stimuleren wilde het Parlement vooral investeren in onderzoek, innovatie, infrastructuur en onderwijs. Daarnaast zouden de Europese agentschappen die zich bezighouden met veiligheid, meer geld moeten krijgen.

Op 25 oktober 2017 liet de Raad het Parlement formeel weten dat zij de aanpassingen van het Parlement niet accepteerde. Als gevolg hiervan werd er een bemiddelingsperiode afgekondigd van drie weken. Onder leiding van het bemiddelingscomité kwam het op 18 november 2017 tot een akkoord tussen de Raad en het Parlement. Op 30 november 2017 werd de begroting voor 2018 door zowel de Raad als het Parlement officieel goedgekeurd. De hoogte van de goedgekeurde begroting bedraagt 160,1 miljard euro.

De belangrijkste punten van de overeengekomen begroting voor 2018:

Ter stimulering van de Europese economie zou er 77,5 miljard euro beschikbaar gesteld worden, waarvan:

  • 50,8 miljard euro ter stimulering van de groei en werkgelegenheid in EU-lidstaten. Hiervan was er 350 miljoen euro begroot voor het jongerenwerkgelegenheidsinitiatief (YEI) om de jeugdwerkloosheid terug te dringen.
  • 1,8 miljard euro naar grote infrastructuurprojecten
  • 11,2 miljard euro voor Horizon 2020
  • 2,3 miljard euro naar Erasmus +
  • 2 miljard euro naar het Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI)
  • 2,5 miljard euro naar COSME, het programma voor midden- en kleinbedrijven

Er zou 59,3 miljard euro beschikbaar gemaakt worden voor de landbouw, visserij, plattelandsontwikkeling en milieu, waarvan:

  • 43,2 miljard euro voor het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF)
  • 14,4 miljard euro voor het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling (ELFPO)

In het kader van het buitenlands beleid zou er 9,6 miljard beschikbaar gemaakt worden, waarvan:

  • 3 miljard voor ontwikkelingshulp
  • 2,3 miljard ter ondersteuning van het buitenlands beleid dat zich richtte op de landen die aan de EU-grenzen
  • 1,6 miljard ter ondersteuning van de implementatie van voorwaarden voor EU lidmaatschap in kandidaat-lidstaten

4.

Begrotingen eerdere jaren

Opgenomen zijn de eerdere jaren van het huidige Meerjarig financieel kader 2014-2020.

 

Jaar

Budget (in miljard euro)

2017

157,7

2016

155,0

2015

162,3

2014

142,7

5.

Meer informatie

Delen

Terug naar boven