r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Financiering Europese politieke partijen

Europese politieke partijen kunnen aanspraak maken op financiële ondersteuning uit de algemene begroting van de Europese Unie. Deze financiering is bedoeld om de partijen te onderhouden en om tijdens de verkiezingen campagne te voeren. Om aanspraak te maken op de financiële ondersteuning moeten de partijen wel aan bepaalde voorwaarden voldoen.

Sinds 2007 is het mogelijk voor Europese politieke partijen om financiële ondersteuning vanuit de algemene Europese begroting te krijgen. Er was in het verleden regelmatig kritiek op de besteding van de financiële middelen door Europese partijen. In 2017 traden nieuwe financieringsregels in werking, die mede bedoeld waren om misbruik tegen te gaan. De Europese politieke partijen kregen daarbij een Europese rechtspersoonlijkheid. Ondanks deze veranderingen blijft er kritiek op misbruik van de Europese middelen.

In april 2018 is ingestemd met het voorstel van de Europese Commissie om strengere regels in te voeren voor de financiering van Europese politieke partijen. Met de nieuwe regels krijgt het parlement meer handvatten om onterecht verstrekte subsidies terug te vorderen en fraudeurs aan te pakken. Ook wordt het moeilijker om in aanmerking te komen voor subsidie en worden bestaande fondsen anders verdeeld over de Europese politieke partijen. De regels gelden vanaf 2019 en daarmee gelden ze dus ook bij de Europese verkiezingen in mei van dat jaar.

1.

Financiële ondersteuning

Een Europese politieke partij is een samenwerkingsverband van verwante politieke partijen en/of personen uit verschillende EU-lidstaten. Een belangrijke taak voor Europese politieke partijen is burgers bewuster te maken van de EU. Verder kunnen gelijkgezinde partijen uit de lidstaten hun standpunten en werkwijzen beter afstemmen.

Europese politieke partijen mogen Europese financiële ondersteuning gebruiken om campagne te voeren tijdens de Europese Parlementsverkiezingen. Daarnaast dekt de ondersteuning de kosten van bijeenkomsten, publicaties en van administratieve-, personeels- en reiskosten.

Sinds 2007 is het mogelijk voor Europese partijen en stichtingen om financiering uit de algemene Europese begroting aan te vragen. In 2011 evalueerden deskundigen en belanghebbende partijen de financiering van Europese politieke partijen in het Giannakou-verslag. Op basis van dit verslag kwam de Commissie in 2012 met een voorstel voor nieuwe regels. In 2017 gingen de Raad van de Europese Unie en het Europees Parlement daar mee akkoord.

De nieuwe regelgeving trad per 2018 in werking. De regels moeten misbruik van de Europese middelen beperken, de transparantie van financiering vergroten en de Europese dimensie van de partijen versterken.

2.

Voorwaarden voor financiering

Om in aanmerking te komen voor financiële ondersteuning vanuit de algemene Europese begroting, moet een partij of stichting geregistreerd zijn bij de Autoriteit voor Europese Politieke Partijen en Europese Politieke Stichtingen. Hiervoor gelden voorwaarden, zoals een minimum vertegenwoordiging van 1/4 van de lidstaten en er mag geen winstoogmerk zijn.

Wanneer een partij succesvol geregistreerd is door de Autoriteit, moet ook nog aan andere voorwaarden worden voldaan om in aanmerking te komen voor Europese financiering:

  • de partij moet vertegenwoordigd zijn in het Europees Parlement door minstens één lid
  • het programma van de partij moet de Europese waarden van artikel 2 respecteren. Is dat niet het geval, dan kan de partij, na onderzoek door een commissie van 'onafhankelijke vooraanstaande personen', de status van Europese partij verliezen
  • de partij moet gecontroleerd worden door een externe auditor, gemachtigd door het Europees Parlement
  • de Autoriteit mag geen sancties opgelegd hebben
  • de partij moet gesteund worden door een nationale partij

15 procent van de totale begroting voor de financiering van Europese politieke partijen wordt eerlijk verdeeld over de partijen. De rest van het bedrag wordt verdeeld op basis van aanvragen en het aantal zetels in het Europees Parlement. Wanneer een Europese partij in aanmerking komt voor financiële ondersteuning, gelden er nog regels over het gebruik van deze middelen. De Autoriteit controleert daar op.

Voor de partijen geldt een medefinancieringdrempel: partijen moeten minimaal 15% van hun uitgaven zelf bekostigen, de rest kan via financiële ondersteuning vanuit het Europees Parlement worden ingevuld.

De Europese partijen mogen ook giften van externen accepteren. Boven de 3000 euro moet de donatie openbaar zijn. De maximale gift per donateur bedraagt 18.000 euro per jaar.

3.

Wetgeving vanaf 2019

In 2017 diende de Europese Commissie een nieuw voorstel in voor de financiering van politieke partijen. Het Parlement en de Raad hebben in april 2018 met het voorstel ingestemd. Hierdoor geldt de nieuwe wetgeving vanaf 2019, en dus ook bij aanvragen voor financiële middelen voor de Europese Parlementsverkiezingen van 2019.

De verdeelsleutel voor de toewijzing van middelen is in het voorstel gewijzigd. In plaats van 15 procent wordt 10 procent van de totale begroting eerlijk verdeeld over de partijen. Door de verlaging wordt een groter deel van de middelen verdeeld op basis van de zetelverdeling in het Europees Parlement. Dit is een beloning voor succesvolle partijen. De nieuwe verdeelsleutel moet de oprichting van 'mini-clubs' van onafhankelijk samenwerkende parlementenariërs voorkomen, terwijl kleine partijen beschermd blijven.

Door de nieuwe wetgeving wordt het percentage eigen bijdrage voor partijen (de medefinancieringsdrempel) verlaagd van 15 procent naar 10 procent. De verlaging moet meer ruimte bieden om de financiële middelen in campagnevoering te steken. Voorheen creëerden politieke partijen soms ingewikkelde financiële constructies om aan de drempel te voldoen.

In de wetgeving staat ook dat alleen nationale partijen de registratie van een Europese politieke partij mogen steunen. Eerder kon dit ook door individuele partijleden. Deze maatregel moet de Europese dimensie van de politieke partijen vergroten. Tot slot treedt de nieuwe regelgeving harder op tegen fraude. De betrokken personen worden aansprakelijk voor de terugbetaling van verkeerd bestede middelen.

4.

Nederland in de onderhandelingen

In 2012 kwam de Nederlandse regering tijdens de onderhandeling tussen de Europese Commissie, de Raad en het Parlement met bezwaren. De eis om verplicht de Europese waarden van artikel 2 te accepteren leidde tot kritiek van de regering: dit zou de onafhankelijk rol van politieke partijen namelijk kunnen aantasten. Ook vond Nederland de vermeende rol van het Europees Parlement bij het toekennen van de Europese status en subsidie niet wenselijk.

Het voorstel van de Commissie werd door de kritiek van lidstaten zoals Nederland deels gewijzigd. In plaats van het Europees Parlement kwam er een onafhankelijke Autoriteit die toezicht houdt op de registratie en controle van Europese partijen. De erkenning van de Europese waarden blijft wel een vereiste.

In het voorstel uit 2017 kunnen alleen nationale partijen de registratie van een Europese partij steunen. Dit betekent dat individuele partijleden niet langer een partij kunnen registreren. Dit leidde in de Tweede Kamer tot bezwaren.

5.

Meer informatie

Terug naar boven