r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Begroting en begrotingscontrole in de EU

De Europese Rekenkamer, die de besteding van Europese gelden controleert, is kritisch over de uitgave van EU-gelden. In de afgelopen jaren stelde de Europese Rekenkamer vaak dat er fouten werden gemaakt in de besteding van de Europese uitgaven. Dat betekent niet onmiddellijk dat er sprake is van fraude: het kan bijvoorbeeld ook gaan om verkeerd ingevulde formulieren.

Nederland is één van de landen die het meest aandringt op striktere controle door de Europese Commissie en de lidstaten op de uitgaven van de EU-begroting. Ook het Europees Parlement, dat uiteindelijk het laatste woord heeft over het goedkeuren ('kwijting') van de uitvoering van de EU-begroting, is kritisch en wijst naar de Europese Commissie en naar de lidstaten. Die moeten de uitgaven beter controleren en ook goed kijken naar de behaalde resultaten met EU-geld.

In februari 2016 schreef de Nederlandse Algemene Rekenkamer in het jaarlijkse EU-trendrapport, dat bij de controle op de besteding van EU-subsidies te weinig wordt gekeken of Europese projecten ook effectief zijn. Voor het eerst sinds 1994 kreeg de EU-begroting over 2016 geen onvoldoende, maar een 'beperkt' goede status.

Inhoud

U ziet nu de basisversie van de tekst
U ziet nu de uitgebreide versie van de tekst

1.

Betrokken bij de begrotingscontrole in de EU

Er zijn veel partijen betrokken bij het opstellen, goedkeuren en controleren van de Europese begroting.

Europese Commissie: verantwoordelijk voor alle uitgaven

De Europese Commissie is verantwoordelijk voor alle uitgaven. De Commissie zelf moet er als eerste op toezien dat de uitgaven volgens de regels verlopen. Dat houdt in dat:

  • alle uitgaven aan een specifiek stuk beleid of een specifiek project moeten zijn toebedeeld
  • er wordt gemeten of met gedane uitgaven het doel wordt bereikt op basis van vooraf vastgestelde criteria
  • er zo zuinig mogelijk wordt omgegaan met het geld (de Commissie mag ook geen begrotingstekort hebben)
  • alle cijfers openbaar worden gemaakt

Slechts één vijfde van de begroting wordt uitgegeven door de Europese Commissie zelf. De rest wordt in samenspraak met de lidstaten uitgegeven.

Begrotingsautoriteit: Raad van Ministers en Europees Parlement

Het meerjarig financieel kader - dat zich uitstrekt over zeven jaar - wordt vastgesteld door de Raad van Ministers en het Europees Parlement. Dat meerjarige kader zorgt ervoor dat de jaarlijkse stijging van de uitgaven onder een vooraf vastgesteld maximum blijft.

Voor de jaarlijkse begroting dient de Europese Commissie een voorstel in voor een ontwerpbegroting. Dat wordt voorgelegd aan de zogenaamde begrotingsautoriteit: de Raad van Ministers en het Europees Parlement. Aangezien de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten (in de Raad) en de vertegenwoordigers van de bevolking (in het Europees Parlement) in onderling overleg de begroting vaststellen, wordt een zeker politiek evenwicht gewaarborgd.

Europese Rekenkamer: controleert achteraf de uitgaven

De uitgaven worden achteraf gecontroleerd door de Europese Rekenkamer. Elk jaar stelt deze instantie een betrouwbaarheidsverklaring op over de begroting. Daarnaast kan de Europese Rekenkamer in een eerder stadium ook onderzoek doen naar de uitgaven.

De Europese Rekenkamer vindt dat bij maximaal twee procent van de uitgaven fouten mogen voorkomen. In de afgelopen decennia is deze norm niet gehaald.

Lidstaten: goedkeuring begroting en nationale verklaring

Ongeveer 80 procent van alle uitgaven op de Europese begroting wordt door de EU-lidstaten gedaan. De lidstaten nemen daarmee de verantwoordelijkheid op zich voor de goede besteding van de fondsen.

Bij de controle van de uitgaven van EU-gelden spelen de EU-lidstaatverklaringen van de EU-landen een rol. Dit is een jaarlijkse verklaring die een lidstaat uitgeeft over de besteding van de Europese subsidiegelden. Nederland was in mei 2007 de eerste lidstaat die - toen alleen nog voor de landbouwsubsidies - een dergelijke verklaring uitgaf, op initiatief van minister van Financiën Wouter Bos. De nationale verklaringen zijn echter niet verplicht en vinden op vrijwillige basis plaats, omdat de ministers van Financiën van de EU het voorstel van het Europees Parlement voor een verplichte lidstaatverklaring hebben verworpen. In Nederland wordt in de EU-trendrapporten van de Algemene Rekenkamer jaarlijks over het financiële management van EU-gelden gerapporteerd.

Europees Parlement: geeft kwijting over de begroting

Uiteindelijk draagt de Europese Commissie verantwoordelijkheid voor de correcte besteding van de begrotingsmiddelen. Zoals in elke democratie houdt de rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordiging toezicht op de uitvoering van deze verantwoordelijkheid. Vandaar dat het Europees Parlement jaarlijks aan de Europese Commissie 'kwijting' dient te verlenen voor de wijze waarop zij de begrotingsgelden heeft besteed. Dat betekent dat het Europees Parlement goedkeuring verleent voor de financiële taak van de Europese Commissie.

Het Europees Parlement verleent deze kwijting op basis van het jaarverslag van de Europese Rekenkamer, waarin de eventuele gevallen van fraude en andere onregelmatigheden worden gerapporteerd. Als het Parlement van oordeel is dat de Europese Commissie haar taak niet naar behoren heeft uitgevoerd, kan het de kwijting weigeren.

Binnen het Europees Parlement is het de commissie voor Begrotingscontrole die zich bezighoudt met de parlementaire voorbereiding van deze kwijtingsprocedure. In de regel worden alle Europese uitgaven ongeveer anderhalf tot twee jaar nadat deze zijn gedaan onder de loep genomen.

2.

Regels voor EU-subsidies

Burgers, bedrijven en organisaties kunnen via allerlei wegen subsidie aanvragen bij de Europese Unie. Ondanks de diversiteit aan subsidies gelden er een aantal uniforme regels die altijd van toepassing zijn. De meeste van die regels gaan over de controle achteraf en of ontvangers van Europese gelden aan de voorwaarden van de verstrekte subsidie hebben voldaan.

3.

Kritiek van de Europese Rekenkamer

Op de lidstaten

De Europese Rekenkamer benadrukt dat bestedingsfouten niet één op één hoeven te staan met fraude. Het kan bijvoorbeeld dat geld niet had mogen worden uitbetaald volgens de geldende wetgeving, omdat de ontvanger van de betaling daarvoor niet in aanmerking zou mogen komen, of omdat investeringen en diensten niet volgens de voorschriften werden uitgevoerd.

Op de Europese Commissie

Uit een rapport over de landbouwuitgaven in 2016 blijkt dat gebrekkige data de controles van de Europese Rekenkamer bemoeilijken of zelfs onmogelijk maken. De Europese Rekenkamer stelt dat de Commissie duidelijke en meetbare normen (indicatoren) moet opstellen. Zonder volledige en duidelijke gegevens over hoe uitgekeerde subsidies bijdragen aan het realiseren van beleidsdoelen kan de Rekenkamer niet nagaan of uitgaven (kosten)effectief zijn.

4.

Voorkomen van fraude: OLAF

Fraude is een belangrijk probleem binnen de Europese Unie. Jaarlijks gaat er bijvoorbeeld 50 miljard euro aan btw-inkomsten verloren door grensoverschrijdende fraude. Bovendien werd in 2018 bekend dat Europese bankiers voor ongeveer 55 miljard aan dividendbelastingfraude hebben begaan. De EU heeft er belang bij deze fraude te bestrijden, omdat de unie er zelf inkomsten door misloopt. De lidstaten van de EU coördineren onderling de bestrijding van specifieke vormen van fraude.

Het Europees bureau voor fraudebestrijding OLAF speelt een belangrijke rol bij de uitvoering van fraudebeleid. OLAF onderzoekt fraude met EU-geld, corruptie en wangedrag binnen Europese instellingen. Tussen 2010 en 2017 onderzocht dit bureau meer dan 1.800 zaken en vorderde het zo'n 7 miljard euro terug. Over het jaar 2018 toonde OLAF voor in totaal 371 miljoen euro fraude aan. De aanpak richt zich op fraude met Europese landbouwsubsidies, sigarettensmokkel, valsemunterij met de euro, verkeerde besteding van regiogelden en bestuurlijke corruptie.

Vanaf 2014 bestaat het programma Hercules III, dat een pakket activiteiten omhelst om de hoeveelheid fraude tussen 2014 en 2020 terug te dringen. Hercules III is onderdeel van het antifraudeprogramma van de Europese Commissie, dat met wisselend succes de corruptie van lidstaten terugdringt. Een belangrijke stap voor de fraudebestrijding is de oprichting van een Europees Openbaar Ministerie, dat vanaf 2020 operationeel zal zijn. Dit orgaan zal zorgen voor een gemeenschappelijke vervolging van fraudeurs in Europa.

5.

Meer informatie

Factsheet Europees Parlement

Terug naar boven