r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Relatie EU-Turkije

Vlaggen EU en Turkije

De relatie tussen de Europese Unie en Turkije is al geruime tijd gecompliceerd. Als lid van de NAVO en de G20 is Turkije voor de EU een belangrijke partner. Daarnaast is het land van groot belang bij het coördineren van en het effectief bestrijden van de vluchtelingenstroom die in 2015 op gang kwam door de oorlog in Irak en Syrië. Aan de andere kant zijn er moeizame toetredingsonderhandelingen met de EU en verschillende antidemocratische tendensen van president Erdogan.

Officieel is Turkije vanaf 1999 al kandidaat-lid van de EU. Sindsdien heeft het land veel hervormingen doorgevoerd om aan de Kopenhagencriteria te voldoen. Sinds het aantreden van Erdogan als Turkse president verlopen de onderhandelingen moeizamer. Turkije weigert EU-lidstaat Cyprus officieel te erkennen. Daarnaast trok Erdogan, na de mislukte staatsgreep in 2016 en de invoering van een nieuwe grondwet in 2017, meer macht naar zich toe.

De EU heeft zich regelmatig erg kritisch uitgelaten over Turkije en heeft het land herhaaldelijk opgeroepen niet verder af te drijven van Europese, democratische waarden. Erdogan trekt zich daar echter weinig van aan. Een meerderheid in het Europees Parlement riep op 6 juli 2017 op om de onderhandelingen met Turkije over EU-toetreding te stoppen. Sindsdien is de relatie niet verbeterd. Een speciale EU-Turkije-top in maart 2018 leverde niets op. Turkije-rapporteur van het Europees Parlement Kati Piri presenteerde op 14 november 2018 haar rapport waarin staat dat de Europese Unie de gesprekken met Turkije over toetreding formeel zou moeten schorsen. In maart 2019 stemde een meerderheid van het Europees Parlement voor opschorten van de besprekingen. Ook de Nederlandse Tweede Kamer is hier in meerderheid voor.

1.

Toetreding Turkije tot de Europese Unie

In 2005 begonnen de onderhandelingen met Turkije. Er zijn nog steeds veel struikelblokken en argumenten van tegenstanders waardoor de onderhandelingen moeizaam verlopen. Het eerste struikelblok is een interne Europese aangelegenheid. De machtsverhoudingen binnen Europa zouden namelijk compleet veranderen door Turkse toetreding. Turkije is door de grote bevolking een demografisch zwaargewicht en zou bij toetreding direct een van de machtigste landen van Europa worden. Ook moet het hele buitenlands beleid voor eventuele uitbreiding aangepast worden. Daarnaast wordt gevreesd voor de komst van Turkse arbeidsmigranten naar andere Europese landen.

Na de start van de onderhandelingen investeerde Turkije aanvankelijk veel in het verbeteren van de mensenrechten om zo te voldoen aan de eisen die de EU stelt. Sinds de couppoging in 2016 wordt de vrijheid van meningsuiting echter weer ingeperkt. Duizenden ambtenaren, leraren en rechters werden ontslagen. Daarnaast is de persvrijheid ingeperkt en worden journalisten aangeklaagd wegens belediging van Turkije.

Een groot probleem is verder de kwestie-Cyprus. Terwijl Cyprus volwaardig lid is van de Europese Unie, weigert Turkije het land te erkennen. Om lid te worden is het nodig om de lidstaten als volwaardige landen te erkennen. Bovendien wil de Commissie dat vrij verkeer van goederen met Cyprus gerealiseerd wordt. Aan de andere kant eist Turkije dat het handelsembargo tegen het Turkse Noord-Cyprus wordt opgeheven. Sinds mei 2015 wordt er weer onderhandeld over de hereniging van Cyprus.

Voor toetreding tot de EU moeten 35 hoofdstukken, een soort dossiers, worden afgesloten door Turkije. Tot dusver zijn 16 hoofdstukken geopend. Alleen het hoofdstuk over wetenschap en onderzoek is tot dusver afgesloten, omdat Turkije daar aan alle voorwaarden heeft voldaan.

2.

Vluchtelingendeal tussen EU en Turkije

Op 19 maart 2016 sloot de Europese Unie een vluchtelingendeal met Turkije. Die deal is een belangrijk onderdeel van de Europese aanpak van de vluchtelingencrisis, omdat veel vluchtelingen via Turkije naar de EU komen.

3.

Poging tot staatsgreep

In de nacht van 15 op 16 juli 2016 heeft een deel van het Turkse leger geprobeerd het bewind van president Erdogan omver te werpen. Er waren urenlang gevechten in Ankara en Istanboel tussen het leger en aanhangers van Erdogan. In de loop van de nacht werd duidelijk dat de coup was mislukt. Bij de gevechten zijn ongeveer tweehonderdvijftig doden en bijna 1500 gewonden gevallen. Erdogan verdenkt de invloedrijke islamitische denker en geleerde Fethullah Gülen ervan de initiatiefnemer van de coup te zijn.

In de dagen na de coup zijn ruim 6.000 mensen gearresteerd, duizenden anderen ontslagen. Onder hen zijn met name ambtenaren, leraren, militairen, rechters en academici. Erdogan heeft deze arrestanten bestempeld als 'landverraders' en Gülen-aanhangers. Het aantal arrestanten en ontslagen personen liep in de maanden na de coup sterk op. Inmiddels zijn meer dan 40.000 mensen opgepakt en zijn ruim honderdduizend mensen ontslagen. Tot slot heeft Erdogan de persvrijheid in Turkije ingeperkt, door tientallen kranten en televisiestations die banden zouden hebben met de Gülen-beweging, te verbieden.

Binnen de EU werd aanvankelijk steun uitgesproken voor de democratisch gekozen regering van Erdogan. Commissaris Hahn, die verantwoordelijk is voor de mogelijke toetreding van Turkije, gaf echter direct aan zich zorgen te maken over het feit dat Erdogan de staatsgreep mogelijk zou gebruiken om zijn macht over de rechtsstaat te verstevigen en om dissidenten de mond te snoeren.

Na de mislukte staatsgreep heeft de Turkse regering zich negatief uitgelaten over de opstelling van de EU. Woordvoerder Ibrahim Kalin stelde dat de EU zichzelf prijst als hoeder van de democratie, de mensenrechten en de rechtsstaat, maar dat de reactie op een aanval op de democratie in een kandidaat-lidstaat zwak te noemen was. Hiermee verwijt Turkije de EU een gebrek aan solidariteit.

4.

Nieuwe Grondwet Turkije

Op 16 april 2017 vond in Turkije een referendum plaats over een nieuwe Grondwet die president Erdogan meer macht geeft; 51 procent van de kiezers stemde voor, 49 procent tegen. De Europese Commissie meldde dat de praktische invoering van de aangepaste grondwet "zal worden beoordeeld in het licht van Turkije's verplichtingen als kandidaat-lid van de EU en als lid van de Raad van Europa."

In aanloop naar het referendum in Turkije wilde de regering van Erdogan ook in sommige Europese landen, waaronder Nederland en Duitsland, campagne voeren. De Turkse ministers werden echter geweerd. Dat leidde tot een diplomatieke rel tussen Nederland en Duitsland enerzijds en Turkije anderzijds.

De relatie tussen de EU en Turkije is daardoor sterk bekoeld. Op 6 juli 2017 riep het Europees Parlement, als gevolg van de situatie in Turkije, opnieuw op tot het bevriezen van de toetredingsonderhandelingen met Turkije.

5.

Nederlandse insteek

In Nederland zijn de meningen sterk verdeeld over de mogelijke Turkse toetreding tot de EU. Vlak voor de start van de toetredingsonderhandelingen werd er flink gedebatteerd in de Tweede Kamer. Hoewel de toetredingsonderhandelingen in 2005 startten, ging de discussie binnen de Nederlandse politiek door. In juni 2019 stemde de Kamer voor een motie 8 bevestigde Stef Blok dat het kabinet van mening is "dat het toetredingsproces onder deze omstandigheden volledig stil moet blijven liggen".

Behalve DENK zijn alle Tweede Kamerfracties voorstander van het beeïndigen van de toetredingsonderhandelingen.

De afgelopen jaren zijn onder andere de volgende moties over de toetreding van Turkije aangenomen door de Tweede Kamer.

 

Motie

Datum

Inhoud

Motie-Van Baalen c.s.

29 september 2005

Verzoek om erkenning van Cyprus door Turkije als voorwaarde van toetreding te stellen

Motie-Segers

31 maart 2014

Verzoek om heroverweging door de regering van het standpunt aangaande pretoetredingssteun en onderhandelingen

Motie Omtzigt c.s.

23 maart 2017

Verzoek voor het opstellen van een Europese aanpak van politieke activiteiten door Turkije in Europa

Motie Omtzigt c.s.

19 april 2017

Verzoek om verduidelijking van het standpunt van het kabinet bij de Europese Commissie aangaande de consequenties van het kandidaat-lidmaatschap van Turkije naar aaanleiding van de grondwetswijziging

Motie van Rooijen

19 april 2017

Verzoek aan kabinet om zich nogmaals binnen de EU uit te spreken over opschorting van preaccessiesteun aan Turkije

Motie Karabulut

6 juni 2019

Verzoek aan regering om met gelijkgestemde landen binnen de Europese Unie zich in te spannen om de EU-toetredingsgesprekken met Turkije te beëindigen.

Motie Omtzigt/Koopmans

6 juni 2019

Verzoek om binnen de EU het voorstel te doen om formeel te stoppen met de toetredingsonderhandelingen Turkije en alternatieve samenwerkingsvormen te zoeken.

6.

Meer informatie

Terug naar boven