r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij M Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Europese top

15-06-2006
 

Deze Europese top van regeringsleiders had als belangrijke doelstelling meer duidelijkheid te geven over de toekomst van de Europese Grondwet.

Na afloop van de referenda van Frankrijk (29 mei 2005) en Nederland (1 juni 2005), besloten de Europese regeringsleiders tijdens een Europese top om een 'periode van bezinning en debat' in te lassen, om de ontstane crisissituatie te analyseren.

In Nederland organiseerde het ministerie van Buitenlandse Zaken over dit onderwerp een online enquête, Nederland in Europa. De Europese Commissie lanceerde de site "DebateEurope".

Inhoud

1.

Conclusies van de Europese Raad: Europese Grondwet

De Europese leiders besloten tijdens deze top om een beslissing over de toekomst van de Europese Grondwet met enkele jaren uit te stellen. Het nieuwe ijkpunt wordt de Europese Raad van 27 maart 2007, die plaatsvindt onder Duits voorzitterschap. Naar vewachting zullen bondskanselier Angela Merkel en haar Europese collega's dan met twee sleuteldocumenten komen:

  • 1. 
    een verslag met een beoordeling over de stand van de besprekingen over het constitutionele verdrag, en een "verkenning van mogelijke verdere ontwikkelingen"
  • 2. 
    een politieke verklaring die de volgende zaken formuleert:
    • de waarden en ambities van Europa
    • de wijze waarop de EU-lidstaten zich verbinden om deze waarden en ambities concreet gestalte te geven

Waarschijnlijk zal gedurende de tweede helft van 2008 (Frans voorzitterschap) een besluit genomen worden over de wijze waarop het hervormingsproces moet worden voortgezet.

De Europese regeringsleiders lijken zich langzaam los te maken van het aannemen van een Europese "grondwet". Over de wijze waarop institutionele hervorming moet plaatsvinden, spreekt de conclusie van de Europese top over "het hervormingsproces" (punt 48), en het "concreet gestalte geven van de waarden en ambities van Europa" (punt 49).

2.

Uitbreiding, transparantie en nationale parlementen

Andere besluiten van deze Europese Raad betroffen:

  • Uitbreiding: landen die het lidmaatschap van de EU wensen, moeten rekening houden met strengere eisen; vanaf 1 juli 2007 zal daarbij een toets ontwikkeld worden om te beoordelen of de EU de uitbreiding zelf wel aankan ("absoptiecapaciteit")
  • Transparantie: de ministerraden worden openbaar, met uitzondering van besluiten over Jusitie en Binnenlandse Zaken, het overleg met duizenden commissietjes van Europese en nationale ambtenaren worden deels uit de achterkamertjes gehaald (zie artikel 207 VEG, de bepaling kwam ook terug in de Europese Grondwet, artikel I-50)
  • De rol van nationale parlementen krijgen voor het eerst een expliciete rol toebedeeld bij de totstandkoming van het EU-wetgevingsproces, ook al blijft deze rol vooralsnog vrijblijvend. De regeringsleiders verzoeken de Europese Commissie om opmerkingen van nationale parlementen op EU-wetgevingsvoorstellen "zorgvuldig te overwegen" (conclusie punt 37). De "gele kaart"-procedure (de subsidiariteitstoets) uit de Europese Grondwet had een veel dwingender karakter.

3.

Blijft Straatsburg vestigingsplaats van het Europees Parlement?

Voorafgaand aan de top in Brussel was er zware politieke druk op premier Balkenende gelegd om de "Straatsburg"-kwestie aan te kaarten bij zijn collega-regeringsleiders. Het schrappen van Straatsburg als zetel voor het Europees Parlement (vanwege de geldverspilling) leverde een half miljoen steunbetuigingen op bij een internetpetitie, waarvan de helft uit Nederland kwam. De Tweede Kamer spoorde Balkenende met een motie aan om de kwestie aan te kaarten.

Balkenende oordeelde echter na bilaterale contacten buiten de officiële vergadering om dat dit een politieke "kamikaze-actie" zou zijn, en hield zijn mond. Ook de voorzitter van het Europees Parlement, Josep Borrell, weigerde zich ove de kwestie uit te spreken, ondanks een aansporing hiertoe van een meerderheid van de europarlementariërs.

Voor de Franse president Jacques Chirac was de kwestie een non-issue. In een persconferentie na afloop zei hij: "Ik hoorde de Nederlandse premier, voor wie ik respect heb, de kwestie niet aankaarten, dus ik kon er niet op reageren. De kwestie is niet aangekaart omdat ze niet aangekaart kan worden. Het hoofkantoor van het Europees Parlement is Straatsburg. Het is noch aan het Europees Parlement, noch aan de Nederlanders, noch aan andere landen om dit te veranderen, want het staat in het verdrag. Dus als er iets anders moet, moet het verdrag anders. De rest is borrelpraat, en daar kan ik eerlijk gezegd niet mee worden lastiggevallen."

Zie ook:

 
 
 

Terug naar boven