r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Vereenvoudigde herzieningsprocedure

De vereenvoudigde herziening van de Europese verdragen kan alleen gebruikt worden voor wijzigingen in dat deel van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie dat het interne beleid van de Unie betreft. De Europese Unie mag via deze procedure ook geen nieuwe bevoegdheden toebedeeld krijgen. Voor wijzigingen in andere delen van de verdragen is de gewone herzieningsprocedure vereist.

In het kort gaat de procedure als volgt: de Europese Raad moet unaniem besluiten om een onderdeel uit het verdrag aan te passen. Vervolgens moeten alle lidstaten het voorstel tot wijziging afzonderlijk goedkeuren.

U ziet nu de basisversie van de tekst
U ziet nu de uitgebreide versie van de tekst

1.

Schema

vereenvoudigde herzieningsprocedure

2.

Vereenvoudigde herzieningsprocedure in detail

Stap 1: initiatief

Een regering van een lidstaat, het Europees Parlement of de Europese Commissie kunnen bij de Europese Raad een voorstel indienen om de Europese verdragen aan te passen.

Stap 2: behandeling van het voorstel

De Europese Raad, na raadpleging van het Europees Parlement en de Europese Commissie, besluit met eenparigheid van stemmen over de voorgestelde aanpassingen. Bij institutionele wijzigingen op monetair gebied wordt ook de Europese Centrale Bank geraadpleegd.

Stap 3: goedkeuring lidstaten

De lidstaten moeten elk afzonderlijk het verdrag goedkeuren.

Bijzondere vereenvoudigde herzieningsprocedures

Deze variant van de vereenvoudigde herzieningsprocedure kan worden gebruikt om de Raad van Ministers in plaats van besluiten met eenparigheid van stemmen te nemen dat voortaan met gekwalificeerde meerderheid van stemmen te doen. Ook kan deze procedure gebruikt worden om besluitvorming via een bijzondere wetgevingsprocedure te veranderen in besluitvorming op basis van de gewone wetgevingsprocedure.

De bijzondere vereenvoudigde herzieningsprocedure mag ook toegepast worden op het gemeenschappelijke buitenlands- en veiligheidsbeleid, met uitzondering van besluitvorming op het terrein van defensie.

De Europese Raad moet ook in deze variant het voorstel aannemen met eenparigheid van stemmen. De Europese Raad mag pas over het voorstel een besluit nemen als de nationale parlementen geen bezwaar hebben gemaakt. De nationale parlementen hebben een bepaalde termijn om dat te kunnen doen. Ook anders is dat het Europees Parlement in deze variant goedkeuring verleent.

Voor enkele specifieke beleidsterreinen geldt voor het omzetten van de besluitvormingsprocedure het zogenaamde passerelle.

3.

Meer informatie

 
 

Terug naar boven