r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Europese onderzoeksruimte (EOR)

De Europese onderzoeksruimte omvat alle middelen waarover de Europese Unie beschikt om de onderzoeks- en innovatieactiviteiten beter te coördineren, zowel op het niveau van de lidstaten als op dat van de Unie. De Europese onderzoeksruimte heeft tot doel bij te dragen aan het totstandbrengen van gemeenschappelijk onderzoeksbeleid. Dit wordt gezien als een belangrijke ambitie van de Europese Unie.

De ingezette middelen in de Europese onderzoeksruimte moeten het mogelijk maken:

  • gegevens uit onderzoeken te delen
  • resultaten met elkaar te vergelijken
  • multidisciplinaire studies op te zetten
  • nieuwe wetenschappelijke kennis over te dragen en/of te beschermen
  • toegang tot centra van uitmuntendheid en tot de meest geavanceerde installaties te vergemakkelijken

De Europese Unie stelt kaderprogramma's op die invulling geven aan het onderzoeksbeleid van de Unie.

Inhoud

1.

In vogelvlucht

Het begrip Europese Onderzoeksruimte is in september 2000 door de Commissie geïntroduceerd, met het idee om in Europa aantrekkelijke kansen te kunnen bieden voor onderzoekers. Tot dan toe kwam onderzoek op Europees niveau moeilijk tot stand. Er waren allerlei moeilijkheden: verbrokkeling van de inspanningen, hoge muren tussen de nationale onderzoekssystemen, discrepanties tussen de administratieve en regelgevingssystemen en beperkte investeringen in kennis.

Een probleem in de EU is ook het behouden van wetenschappers. In de lidstaten van de EU slagen meer studenten voor technische studies dan in de rest van de wereld. Ook heeft Europa het hoogste aantal promovendi in dit soort vakgebieden. Toch vinden deze wetenschappers in de EU minder snel werk dan in de VS en Japan. Veel wetenschappers vertrekken daarom voor een carrière elders.

Een ander probleem is dat de investeringen in onderzoek en innovatie in Europa laag zijn in vergelijking met de VS en Japan. Een doelstelling van de Lissabonstrategie was om in 2010 3 procent van de nationale inkomens van lidstaten aan onderzoek en ontwikkeling te besteden. Die doelstelling werd echter niet behaald.

In het Verdrag van Lissabon is een rechtsgrondslag voor de totstandbrenging van een Europese onderzoeksruimte opgenomen. Het Verdrag machtigt de Raad en het Europees Parlement om maatregelen te treffen om de onderzoeksruimte tot stand te brengen. Deze instellingen nemen besluiten over die maatregelen via de gewone wetgevingsprocedure.

Een van de maatregelen waarvoor de Raad en het Parlement verantwoordelijk zijn is het vaststellen van een meerjarig kaderprogramma voor de financiering van Europese onderzoeksprojecten. Binnen de meerjarenbegroting 2014-2020 is op voordracht van de Europese Commissie het kaderprogramma Horizon 2020 vastgesteld om onderzoeksprojecten te financieren. De Commissie stelt 80 miljard euro ter beschikking voor het onderzoeksprogramma. Het geld uit dat programma komt ten goede aan onderzoeksprojecten in zowel wetenschappelijke als commerciële omgevingen.

Naast financiering, is de "interne markt voor onderzoek" nog afhankelijk van nationale en Europese hervormingen. Zo heeft de EU de EOR geïntegreerd in het Europees semester en is er een mechanisme opgezet dat de prestaties van de EOR bijhoudt.

2.

Meer informatie

Terug naar boven