r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO)

 
Logo NAVO

De Noord-Atlantische Verdrags Organisatie (NAVO) werd in 1949 opgericht met als doel door onderlinge samenwerking de veiligheid van niet-communistische landen van Europa tegen eventuele agressie van de Sovjet-Unie te waarborgen. Inmiddels zijn 29 landen lid van de NAVO. De NAVO werkt samen met internationale organisaties, zoals de Europese Unie , de OVSE en de VN om wereldwijd stabiliteit te bevorderen.

De samenwerking was na 1991 geruime tijd niet meer gericht op het beschermen van de lidstaten tegen agressie van de Sovjet-Unie, maar op bescherming van de bondgenoten tegen moderne dreigingen, zoals terrorisme. De NAVO richtte zich meer op o.a. Afghanistan, Irak, Turkije, de Baltische staten en Polen om de stabiliteit in deze landen te bevorderen. Door de verslechterde relatie met (vooral) Rusland is verdediging tegen dreiging van buiten inmiddels weer belangrijker geworden.

De organisatie realiseert haar doelstelling door politieke en militaire middelen in te zetten. De NAVO wordt gefinancierd door de lidstaten die ieder een bijdrage leveren.

Delen

Inhoud

U ziet nu de basisversie van de tekst
U ziet nu de uitgebreide versie van de tekst

1.

Doelstelling NAVO

De kern van het NAVO-verdrag bestaat uit artikel 5, dat stelt dat een aanval op één van de NAVO-landen door de andere zal worden opgevat als een aanval op allemaal en dat alle landen zullen samenwerken om de aanval af te weren. Artikel 5 is tot op heden éénmaal van toepassing verklaard na de terreuraanvallen op de VS op 11 september 2001. Tot een feitelijk militair optreden in NAVO-verband kwam het echter niet.

De alliantie wil de laatste jaren niet meer uitsluitend een militaire organisatie zijn. Zij wil ook een politiek verbond van vrije staten vormen. De NAVO wil de veiligheid van Europa en Amerika garanderen door gelijkgezinde, nieuwe democratieën op te nemen. Het lidmaatschap moet deze landen helpen bij hun ontwikkeling en tevens handel en economische groei bevorderen om zo de stabiliteit in Europa te vergroten.

2.

Organisatie

De structuur van de NAVO is intergouvernementeel : een bondgenootschap tussen 'gelijkwaardige regeringen'. Dit houdt in dat alle lidstaten moeten instemmen om tot een besluit te komen. Het toporgaan van de NAVO is de Noord-Atlantische Raad, waar alle lidstaten in zijn vertegenwoordigd. De Raad komt op verschillende niveaus bijeen: de ambassadeurs van de lidstaten bij de NAVO, de ministers van Buitenlandse Zaken, staatshoofden en regeringsleiders. Tot 1967 was Parijs de vestigingsplaats van de NAVO. Toen Frankrijk in dat jaar zijn krijgsmacht uit de NAVO terugtrok, werd Brussel het hoofdkwartier.

Besluitvorming

In de NAVO worden, afhankelijk van het niveau waarop, besluiten genomen door de ambassadeurs van de lidstaten bij de NAVO, door de ministers van Buitenlandse Zaken, of door de staatshoofden en regeringsleiders. Besluiten worden genomen met eenparigheid van stemmen. De dagelijkse leiding van de NAVO berust bij de secretaris-generaal. Momenteel is Jens Stoltenberg secretaris-generaal.

3.

Troepensterkte

Hoewel veel van de lidstaten behoorlijke bezuinigingen op gewapende strijdmachten doorvoerden, zijn de uitgaven op defensie van alle NAVO-landen gecombineerd in absolute bedragen verreweg het hoogste ter wereld. Ook hebben de NAVO-legers samen met afstand de meeste militairen onder de wapenen.

Dit is wel voor het grootste gedeelte aan de Verenigde Staten te danken. De grootmacht is goed voor het leeuwendeel van de totale defensie-uitgaven van de 29 lidstaten van de NAVO. Slechts enkele Europese landen voldoen (net) aan het streefbedrag van 2 procent van het Bruto Binnenlands Product aan de legermacht. De Verenigde Staten zitten structureel ruim boven die norm. De Verenigde Staten manen de Europese landen dan ook al jaren om hun uitgaven voor defensie te verhogen.

4.

Interventiemacht

Na de ineenstorting van de Sovjet-Unie was het niet langer noodzakelijk om grote hoeveelheden troepen aan de grenzen van het NAVO-gebied te stationeren. In 2002 besloot de NAVO dan ook tot het opzetten van een snelle interventiemacht (NATO Response Force of NRF). Deze interventiemacht biedt niet alleen bescherming maar ook ondersteuning bij humanitaire expedities.

Naar aanleiding van de Russische agressie in Oekraïne besloot de NAVO tot het instellen van een zeer snel inzetbare flitsmacht (Very High Readiness Joint Task Force of VJTF) als aanvulling op de NAVO-interventiemacht. De VJTF is een speerpunt van de normale interventiemacht en is bedoeld om bescherming te bieden tegen zeer acute dreigingen aan de oost- of zuidflank van het bondgenootschap. De interventiemacht moet binnen 48 uur inzetbaar zijn. Nederland, Duitsland en Noorwegen namen in 2015 het voortouw door in de testfase gezamenlijk ongeveer 800 militairen te leveren. In datzelfde jaar werd de VJFT voor de eerste keer ingezet tijdens een oefening in Polen.

5.

De EU en de NAVO

De eerste stappen tot samenwerking tussen de NAVO en de EU werden gezet in de jaren '90 van de twintigste eeuw. Die samenwerking was vooral gericht op het versterken van het Europese Veiligheidsbeleid. Met het Verdrag van Maastricht (1992) werd een eerste stap gezet door de oprichting van het Gemeenschappelijk Buitenland- en Veiligheidsbeleid (GBVB).

Sinds 1996 werd er gewerkt aan de ontwikkeling van een Europese pijler binnen de NAVO. De West-Europese Unie (WEU) moest deze rol vervullen. Dit idee kwam echter nooit goed van de grond. Omdat de taken van de WEU steeds verder werden geïntegreerd in de Europese Unie, werd de WEU in 2011 volledig opgeheven.

De NAVO blijft belangrijk voor militaire missies, omdat de samenwerking en kennis op EU-niveau nog sterk leunt op die van de NAVO. De twee organisaties hebben dan ook vaak samengewerkt in internationale conflicten, zoals bij het aanpakken van piraterij bij de kust van Somalië en het opstarten van het vredes- en stabilisatieproces in Afghanistan.

Tijdens de NAVO-top in Warschau (8 en 9 juli 2016) werd de relatie tussen de EU en de NAVO verder versterkt. Bij die gelegenheid werd voor de eerste keer een officiële overeenkomst ondertekend door de EU en de NAVO. In deze overeenkomst werd afgesproken dat er meer samengewerkt moet worden om hybride bedreigingen tegen te gaan, migratieconflicten op te lossen en om cyberaanvallen te bestrijden. In de overeenkomst werd ook de noodzaak tot het opschroeven van de defensie-uitgaven van EU-landen benadrukt.

In 2017 besloten EU-landen om nauwer te gaan samenwerken op militair gebied binnen PESCO . De nauwere samenwerking moet de Europese pijler binnen NAVO verstevigen. Het is niet de bedoeling dat PESCO de NAVO vervangt.

Relatie met Rusland

Sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie zijn er af en toe spanningen tussen de NAVO en Rusland. Voorbeelden hiervan zijn de uitbreiding van de NAVO met voormalige Sovjet-Unie-lidstaten en de Russische inlijving van gebieden in Georgië en Oekraïne (de Krim ).

6.

Leiding

De militaire leiding van de NAVO-strijdkrachten berust bij de 'Supreme Allied Commander Europe'. Deze functie wordt altijd bekleed door een Amerikaan. Sinds mei 2016 is dat:

  • Generaal Curtis M. Scaparrotti (Verenigde Staten)

De politiek-ambtelijke leiding van de NAVO berust bij de secretaris-generaal. Dit is per 1 oktober 2014 de Noor Jens Stoltenberg .

Eerdere secretarissen-generaal

7.

Leden

Sinds de val van de Berlijnse Muur (1989) zijn een aantal voormalige Oostbloklanden lid geworden van de NAVO. In 1999 werden de Tsjechische Republiek, Polen en Hongarije lid, wat een decennium eerder nog volstrekt ondenkbaar zou zijn geweest. In 2004 traden Roemenië, Bulgarije, Slowakije, Slovenië, Estland, Letland en Litouwen toe. In april 2009 zijn Albanië en Kroatië ook lid geworden van de NAVO. In juni 2017 is Montenegro lid geworden.

Ook Oekraïne, Georgië en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië hebben interesse in het NAVO-lidmaatschap.

De 29 leden van de NAVO zijn:

 

Albanië

België

Bulgarije

Canada

Denemarken

Duitsland

Estland

Frankrijk

Griekenland

Hongarije

IJsland

Italië

Kroatië

Letland

Litouwen

Luxemburg

Montenegro

Nederland

Noorwegen

Polen

Portugal

Roemenië

Slovenië

Slowakije

Spanje

Tsjechische Republiek

Turkije

Verenigd Koninkrijk

Verenigde Staten

 

Delen

Terug naar boven