r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij M Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Visserijbeleid en Maritieme Zaken

Boot op zee

Het visserijbeleid van de EU richt zich op het garanderen van een betaalbaar visaanbod voor de consument, het behoud van de werkgelegenheid voor de vissers en het beschermen van het (zee)milieu. De Europese Unie is de vierde visproducent ter wereld. Er werken in de visserij- en visverwerkende sector ongeveer 350.000 mensen. De visserij levert daarmee een belangrijke bijdrage aan de Europese economie. De EU kent ook een Geïntegreerd Maritiem Beleid (GMB).

In de praktijk betekent dit dat er een stelsel van vergunningen is ingevoerd dat bepaalt hoeveel vis gevangen mag worden. Ook de grootte en het maximale vermogen van de schepen is vastgelegd. Om te kijken of vissers zich aan de afspraken houden, voert de EU controles uit op zee en op land.

Visserij levert in de Europese Unie dikwijls spanning op. Een goed voorbeeld vanuit Nederlands perspectief is de strijd die gevoerd werd vanwege het verbod op pulsvisserij. Nederland stapte naar het Europees Hof van Justitie om het verbod, dat per 1 juli 2021 inging, nietig te verklaren maar dat verzoek werd afgewezen. Vooral Nederlandse vissers worden zwaar door het totaalverbod getroffen. Ook schiet de controle door de Nederlandse overheid soms tekort. De EU kent daarnaast ook een Geïntegreerd Maritiem Beleid. Vooral de scheepvaart en het milieu staan in het maritieme beleid centraal, maar ook onderwerpen als mensensmokkel over zee en zeeweringen vallen er onder.

Inhoud

1.

Mijlpalen

Eerste visserijbeleid

Oorspronkelijk was het Europees visserijbeleid onderdeel van het gemeenschappelijk landbouwbeleid. In de jaren 1970 kwam hier voor het eerst verandering in. Door de oprichting van de exclusieve economische zones en de toetreding van enkele landen met een grote visserijsector kwam er voor het eerst een apart visserijbeleid. Vooral de toetreding van Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Ierland (1972) bracht dit in een stroomversnelling.

Hervorming in 1992

In 1992 breidde de EU, toen nog EEG, het visserijbeleid uit. Vanaf toen was er niet alleen oog voor de economische zones, maar ook voor het behoud van visbestanden en evenwicht tussen Europese landen. Er kwam hierbij een Europees vergunningsysteem voor visserij.

Hervorming in 2002

In 2002 was er de constatering dat overbevissing niet was opgelost door maatregelen uit 1992. Daarom zijn er in 2002 beslissingen genomen om het evenwicht tussen visserij en ecosystemen te herstellen. Sindsdien is het Europees visserijbeleid gericht op een duurzame toekomst. Dit gebeurt onder andere door strenge controle en strenge regels voor vismethoden. Hiertoe werd onder andere het agentschap EFCA opgericht.

In 2007 is binnen de EU het Geïntegreerd Maritiem Beleid (GMB) opgezet. Het doel van dit beleid is het stimuleren van een meer samenhangende aanpak van maritieme zaken en meer samenwerking tussen sectoren en lidstaten. Dit vanuit het besef dat alles wat met de Europese zeeën en oceanen te maken heeft met elkaar verweven is. Een geïntegreerde en sectoroverschrijdende aanpak moet leiden tot een innoverende, concurrerende en duurzame maritieme sector waarin economische en ecologische belangen op elkaar zijn afgestemd.

Europees fonds in 2013

In 2013 richtte de EU het Europees fonds voor maritieme zaken en visserij op om de maritieme en visserijsector financieel te ondersteunen en om de Europese orde op dit terrein te versterken.

Brexit

De Brexit speelde een belangrijke rol in het Europese visserijbeleid. Door het Brexit-akkoord mogen Europese vissers vanaf 1 januari 2021 nog 5,5 jaar vissen in Britse wateren. Hierbij mogen Europese vissers steeds minder vis in Britse wateren vangen. Op 17 maart 2021 bereikten de EU, het VK en Noorwegen een akkoord over de vangstquota in de Noorzee.

Lees meer

Bron

Taal

Soort Informatie

Europese Unie

NL

Inleiding + samenvatting van de EU wetgeving

2.

Wie doet wat

De activiteiten die de Europese Unie ontwikkelt betreffende Visserijbeleid worden ontplooid in het kader van de gewone wetgevingsprocedure. Dit houdt in dat de Europese Commissie, de Raad van de Europese Unie en het Europees Parlement alle een grote rol spelen in het besluitvormingsproces.

 

Europees orgaan

Verantwoordelijke

Europese Commissie

Eurocommissaris voor Milieu, Oceanen en Visserij

Parlementaire commissie Europees Parlement

parlementaire commissie Visserij

Nederlands lid commissie Europees Parlement

Ondervoorzitter(s)


Lid/leden


Plaatsvervanger(s)

Raad van de Europese Unie

Raad Landbouw en Visserij (AGRIPECHE)

Nederlandse afvaardiging Raad van Ministers

Carola Schouten (ChristenUnie), minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (visserij) en Barbara Visser (VVD), minister van Infrastructuur en Waterstaat (maritieme zaken)

Invloed nationale parlementen

Nationale parlementen van de lidstaten kunnen binnen acht weken nadat de Europese Commissie een voorstel heeft bekendgemaakt, laten weten dat de Europese Unie zich niet met het onderwerp zou moeten bezighouden.

Vanuit het Nederlandse parlement zijn bij dit beleidsterrein betrokken:

 

Nederlands orgaan

Verantwoordelijke

Tweede Kamer

Vaste commissie voor Economische Zaken (EZ)

Eerste Kamer

Eerste Kamercommissie voor Economische Zaken (EZ)

Betrokken bij uitvoering

 

Betrokken instantie EU/internationaal

Verantwoordelijke

Directoraat-Generaal

Directoraat-generaal voor maritieme zaken en Visserij (MARE)

Agentschap

Communautair Bureau voor visserijcontrole (EFCA)

  • 3. 
    Juridisch kader

Het visserijbeleid vindt zijn basis in het landbouwbeleid in het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU).

  • beginselen: eerste deel VwEU titel I art. 4 lid 2d
  • landbouwbeleid: derde deel VwEU titel III (artikelen 38 t/m 44)

3.

Meer informatie

Europese Unie

Algemeen overzicht EU

Factsheet Europees Parlement

Wetgevingsoverzicht

Statistieken Eurostat

Terug naar boven