r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo man met tas twitter boek

Voorbij de politieke crisis, Amsterdam

datum 23 juni 2017 16:00
plaats Amsterdam
locatie Oude Lutherse kerk Singel 411 Toon locatie
organisatie Universiteit van Amsterdam (UvA)

Dubbeloratie Politicologie

23jun2017 16.00

Oratie

In deze dubbeloratie gaan politicologen Sarah de Lange en Tom van der Meer in op respectievelijk het verlies van de voormalige volkspartijen in Europa en het vertrouwen van burgers in de politiek.

Partijen onder druk

De klassieke volkspartij staat onder druk, betoogt Sarah de Lange in het eerste deel van de dubbeloratie. Om te overleven in een context van fragmentatie en polarisatie dienen de volkspartijen zowel qua programma en electoraal appeal als qua organisatie vernieuwd te worden.

Gevestigde partijen staan in heel Europa onder druk en verliezen aanhang. Dit verlies treft in de eerste plaats de voormalige volkspartijen: de sociaaldemocraten en de christendemocraten. Deze ontwikkeling heeft grote consequenties voor de manier waarop West-Europese partijsystemen functioneren. De versplintering en toenemende politisering van zowel sociaaleconomische en sociaal-culturele vraagstukken beïnvloedt regeringsvorming en regeringsstabiliteit negatief.

In het kader van de Den Uyl-leerstoel heeft De Lange een tweeledige onderzoeksagenda geformuleerd naar deze ontwikkeling en haar consequenties, met een focus op zowel vraag (ontwikkelingen aan de kant van burgers) als aanbod (ontwikkelingen aan de kant van politieke partijen).

Binnen deze onderzoeksagenda kijkt De Lange naar de relatie tussen het verlies van sociaaldemocraten en christendemocraten en de transformatie van de partijpolitiek als gevolg van de opkomst van de scheidslijn tussen kosmopolieten en nationalisten. Ook onderzoekt zij welke rol tegenstellingen tussen allochtonen en autochtonen, hoger- en lageropgeleiden, jongeren en ouderen, mannen en vrouwen, en stad en platteland hierbij spelen. Een andere leidende vraag in De Lange’s onderzoek is wat de relatie is tussen het verlies van sociaaldemocraten en christendemocraten en hun origine als massapartijen met een uitgebreide organisatiestructuur enerzijds en hun recentere verstatelijking anderzijds?

Foto: Dirk Gillissen

Politiek vertrouwen

Al decennia wordt gevreesd voor een politieke vertrouwenscrisis, en vrijwel even lang concluderen politicologen het tegendeel. In het tweede deel van de dubbeloratie laat Tom van der Meer zien waarom democratische crisisdenkers de plank veelal mis slaan. Ook benoemt hij de onderzoeksvragen die we daadwerkelijk zouden moeten stellen.

De angst dat het vertrouwen van burgers in de politiek in een diepe crisis zit, lijkt onlosmakelijk verbonden met de democratie. Tegenwoordig is het angstbeeld er een van democratische onthechting van jongeren en toenemende steun voor een illiberale democratie.

Politicologen concluderen al decennialang dat van een politieke vertrouwenscrisis geen sprake is. Alleen in de VS en in Oost-Europa is het vertrouwen structureel gedaald. Weliswaar is politiek wantrouwen in Nederland tegenwoordig een basis waarop politieke partijen kiezers kunnen mobiliseren. Maar dat maakt nog geen vertrouwenscrisis.

Er gaapt een kloof tussen het maatschappelijke beeld over het vertrouwen in de politiek en het conclusies uit politieke wetenschappen. Politiek vertrouwen staat zo hoog op de wetenschappelijke en maatschappelijke agenda omdat wordt aangenomen dat het belangwekkende gevolgen heeft voor het functioneren en zelfs het voortbestaan van de liberale democratie. Maar juist die vermeende gevolgen van politiek vertrouwen - voor burgers, voor politici en opinieleiders, en voor het regime - zijn niet systematisch onderzocht, aldus Van der Meer.

Waardoor is dan het beeld ontstaan dat sprake is van een politieke vertrouwenscrisis? Hiervoor zijn verschillende verklaringen mogelijk. De democratie berust op een reeks idealen, zoals meerderheidsbesluitvorming en minderheidsrechten of zoals daadkracht en responsiviteit, waar het zelf nooit aan zal kunnen voldoen. Een democratie is daarom van nature onaf. Bovendien zijn nostalgie (naar het verleden) en pessimisme (over de toekomst) een vrij constante factor in de publieke opinie. Media en politici kunnen die sentimenten voeden.

Tot slot behandelt Van der Meer hoe jongeren democratische kernwaarden en politiek vertrouwen ontwikkelen. Jongeren, zo is immers de aanname, worden door hun omgeving - familie, vrienden, school, media - gesocialiseerd tot democratische burgers. Onder volwassenen zien we dat maatschappelijke ongelijkheden gepaard gaan met verschillen in politiek vertrouwen. Onduidelijk is op welke leeftijd die socialisatie begint, welke groepen daarin leidend zijn, en in hoeverre maatschappelijke ongelijkheden hier een rol in spelen.

Mw. prof. dr. S.L. de Lange, bijzonder hoogleraar op de dr. J.M. den Uyl-leerstoel, en dhr. prof. dr. T.W.G. van der Meer, hoogleraar Politicologie, in het bijzonder Legitimiteit, Ongelijkheid en Burgerschap: Voorbij de politieke crisis!

Locatie

Gepubliceerd door UvA Persvoorlichting


1.

Meer over...

Terug naar boven