r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Lesopdracht - Onderhandelingsspel: hoe neem je samen moeilijke besluiten?

projectweek 2008 - 090

Tijdens deze opdracht spelen de leerlingen een onderhandelingsspel waarbij zij het eens moeten worden over een probleem waarbij tegengestelde belangen spelen.

De leerlingen leren dat besluiten nemen met meerdere partijen, zoals dat ook het geval is in de Europese Unie, best lastig is.

Leerlingen vinden deze opdracht in de regel leuk om te doen en komen vaak met verrassend volwassen oplossingen.

Doel is dat de leerlingen begrijpen:

  • a. 
    dat we grensoverschrijdende problemen niet alleen kunnen oplossen;
  • b. 
    dat besluiten nemen met z'n allen soms best moeilijk is, maar dat met geven en nemen én wat extra tijd vaak een goede oplossing te vinden is.

Delen

Inhoud

1.

Voorbereiding

Download de bijbehorende vlaggen en standpunten van de EU-landen (pdf) en print deze 5 keer uit zodat u voor elke groep een exemplaar heeft.

2.

Opdracht aan de leerlingen

Onderhandel over een pakket politieke maatregelen. Per groep krijg je een Europees land toegewezen. Van jullie docent ontvangen jullie een vlag en het standpunt van jullie land ten opzichte van de vraag:

"Moeten we wel of geen strengere regels maken in Europa om vervuilende stoffen uit de lucht te houden?"

Lees ter voorbereiding onderstaande tekst aandachtig door:

3.

Stappenplan

  • 1. 
    Vertel aan de hand van bovenstaande teksten een inleidend verhaal over de Europese Unie. Laat eventueel de leerlingen ook bovenstaande teksten lezen (de opdracht zal dan wel iets langer duren).
  • 2. 
    Verdeel de klas in vijf groepen.
  • 3. 
    Elke groep krijgt een EU-land toegewezen en moet doen alsof ze de regering van het toegewezen land zijn. Verdeel de volgende landen onder de vijf groepen:
    • Nederland
    • Roemenië
    • Oostenrijk
    • Duitsland
    • Spanje
  • 5. 
    Vertel dat de groepen (landen) het samen eens moeten worden over de volgende vraag:

"Moeten we wel of geen strengere regels maken in Europa om vervuilende stoffen uit de lucht te houden?"

  • 6. 
    Vertel dat de Europese Commissie het volgende pakket strenge maatregelen voorstelt:
    • alleen schone auto’s maken;
    • vervuilende fabrieken moeten dicht;
    • vliegen moet veel duurder worden (vliegen is immers enorm vervuilend);
    • vervuilende energiebronnen (steenkool etc.) mogen niet meer worden gebruikt.
  • 7. 
    Schrijf deze punten onder elkaar op het bord met daarachter voldoende ruimte om straks het aantal landen dat voor of tegen is, te noteren.
  • 8. 
    Speel de rol van voorzitter en vertel ‘op een deftige toon’, dat de Europese Commissie voorstelt een pakket strenge maatregelen aan te nemen (zie 6) en leg uit hoe dit pakket in elkaar zit. Vraag vervolgens de landen hun standpunt over de verschillende onderdelen van dit pakket in 10 minuten te bepalen. Hierbij moeten zij uitgaan van de uitgedeelde positiebeschrijving (zie 4) van hun land.
  • 9. 
    Laat de landen vervolgens één voor één ook ‘op een deftige toon’ het standpunt vertellen. Stel daarbij zo nodig nadere vragen over de redenen waarom het land voor of tegen een bepaald onderdeel is. Turf daarbij op het bord het aantal landen dat voor en tegen is.
  • 10. 
    Als alle landen aan de beurt zijn geweest, zal de voorzitter in de regel tot de conclusie komen dat:
    • alle landen van mening zijn dat er iets aan de opwarming van de aarde moet worden gedaan;
    • maar dat de landen in meerderheid toch niet met het hele pakket van de Europese Commissie in kunnen stemmen.
  • 11. 
    Vraag de landen er vijf minuten over na te denken hoe ze er voor zouden kunnen zorgen dat het voorstel van de Europese Commissie toch aangenomen kan worden. Er moet immers toch iets aan het klimaat worden gedaan.
  • 12. 
    Suggereer, als de leerlingen er onvoldoende uitkomen, de mogelijkheid om te kijken of bepaalde maatregelen wellicht geleidelijk kunnen worden ingevoerd en of de rijke landen niet wat extra geld in de Europese pot kunnen doen om de overgangsproblemen van de armere landen (bijvoorbeeld Roemenië) te bekostigen.
  • 13. 
    Vraag land voor land of ze iets bedacht hebben en help ze zo nodig een beetje.
  • 14. 
    Vraag de landen één voor één wat ze van de oplossingen/suggesties van de andere landen vinden. Als het niet lukt om alle landen op één lijn te krijgen, moet er gestemd worden en dan geldt de regel: ‘het voorstel met de meeste stemmen wint’.
  • 15. 
    Vat de boodschap van deze les nog eens samen en benadruk dat het van belang is om altijd eerst te proberen iedereen zoveel mogelijk op één lijn te krijgen: het is voor een land nooit leuk om een stemming te verliezen.

4.

Aandachtspunten

  • U hoeft zeker geen Europa-expert te zijn om deze opdracht met de leerlingen te doen, maar het is wel raadzaam u voor te bereiden aan de hand van bovenstaande teksten.
  • Het onderhandelingsspel vraagt wat acteer- en improvisatievermogen.

5.

Tips

  • Tijdens het vertellen van de standpunten kunnen de leerlingen het beste in een kring gaan zitten om de discussie te stimuleren.

6.

Suggesties voor evaluatievragen

  • Wat vonden jullie van deze opdracht?
  • Wat hebben jullie ervan geleerd?
  • Waarom denken jullie dat deze opdracht belangrijk is?

7.

Meer informatie

Delen

Terug naar boven