r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Laatste nieuws: 

Niet/beperkt geactualiseerd na 15 juli 2015.

Paardenvleesschandaal in de Europese Unie

Paard

Begin 2013 bleek dat in diepvriesmaaltijden in het Verenigd Koninkrijk voor een deel paardenvlees zat en niet, zoals op de verpakking stond aangegeven, 100% rundvlees. Dat leidde tot felle reacties; de meeste Britten zijn faliekant tegen het eten van paardenvlees. Al snel bleek dat het vlees afkomstig was uit een ander EU-land. Waar het mis is gegaan lijkt moeilijk te zeggen; voor het vlees in de verwerkte producten in de schappen ligt is het door heel Europa gegaan. Behalve de verontwaardiging groeide ook de bezorgdheid over de mogelijke gevolgen voor de volksgezondheid.

Het Iers voorzitterschap van de Europese Unie heeft het schandaal in op de agenda van de Europese landbouwministers gezet. Ook de Europese Commissie en het Europees Parlement wilden duidelijkheid en zinspeelden op Europese maatregelen. Namens het Europees Parlement heeft de Nederlandse Europarlementariër Esther de Lange onderzoek gedaan naar de oorzaken van het schandaal. Daaruit bleek dat de voedselfraude veel verder gaat dan het schandaal rond paardenvlees alleen.

Delen

enveloppe

Inhoud

1.

Paardenvlees in producten

Niet alleen in het Verenigd Koninkrijk is paardenvlees toegevoegd aan rundvlees. De bedrijven bij wie paardenvlees in producten is ontdekt opereren in de hele Europese Unie. Het omstreden vlees van de eerste producten waarin het is aangetroffen is - waarschijnlijk - afkomstig van vleesverwerkers en handelaren uit Cyprus, Frankrijk, Nederland en Luxemburg. Die hebben het vlees op hun beurt afgenomen van slachterijen uit onder andere Roemenië. Een deel van de geslachte paarden zou weer uit Nederland komen. Het onderzoek naar het paardenvlees breidde zich uit tot 27 landen, waaronder een paar landen van buiten de Europese Unie.

Uit het schandaal bleek de complexiteit van de hele keten van boer tot het winkelmandje van de consument. Omdat het over zoveel landen gaat ligt een Europese aanpak voor de hand. Toch kwamen in eerste instantie vooral nationale voedsel- en warenautoriteiten in actie. In een aantal landen werden invallen gedaan bij bedrijven in vleesproductieketen.

De reden voor vleesproducenten om rundvlees te vermengen met of geheel te vervangen door paardenvlees is financieel gewin. In sommige landen in de Europese Unie, zoals Nederland, is paardenvlees goedkoper dan rundvlees. Door het verkopen van paardenvlees onder de noemer van 'puur rundvlees' kan flinke winst worden gemaakt.

2.

Een gevaar voor de volksgezondheid?

Het eten van paardenvlees is in principe niet schadelijk voor de gezondheid. Paardenvlees wordt aan dezelfde controles onderworpen als andere soorten vlees. Met alle extra aandacht voor het paardenvlees zijn er uit voorzorg wel extra controles gehouden.

Uit de controles blijkt dat in enkele partijen paardenvlees resten van verboden middelen zijn aangetroffen. De hoeveelheden zouden volgens experts niet zodanig zijn dat de volksgezondheid in gevaar zou zijn gekomen. Ook is hiermee niet aangetoond dat paardenvlees vaker of meer schadelijke stoffen bevat dan ander vlees.

3.

Betere etikettering en aanscherpen controles

Eurocommissaris Borg (Gezondheid en consumentenzaken) stelde tijdens het hoogtepunt van de paardenvleescrisis voor om in alle EU-lidstaten speciale controles te houden zodat het vertrouwen van consumenten hersteld zou worden. Bij een serie DNA-tests zou moeten worden vastgesteld of er in partijen rundvlees paardenvlees is verwerkt. Borg benadrukte dat het niet een kwestie van volksgezondheid is, maar van fraude. De oplossing ligt in scherpere controles en duidelijkere etiketten op voedselproducten.

Een deel van het EP pleitte voor strengere controles op voedselproducten, terwijl volgens andere Europarlementariërs uit dit hele voorval bleek dat de controles juist goed werken. Omdat het vertrouwen in de sector geschaad was, werd op scherpere en onafhankelijke controles ingezet om het consumentenvertrouwen te herstellen.

Op 6 mei 2013 presenteerde de Commissie plannen om de controles te verbeteren. Allereerst moesten de bestaande controlemechanismen beter worden gebruikt, moesten controles verplicht worden en moesten controles ook onaangekondigd mogen worden uitgevoerd. Ook moesten de boetes voor fraude omhoog. Om naleving door de landbouw- en voedselsectoren te bevorderen wilde de Commissie het aantal regels drastisch terugbrengen. Ondanks het voornemen om de regels terug te brengen, nam de Commissie wel een 'etiket-wet' aan die producenten verplicht om de origine van het vlees te vermelden op het productetiket.

4.

Strengere aanpak voedselfraude

Het Europees Parlement stelde op eigen initiatief een onderzoek in, met als rapporteur de Nederlandse Esther de Lange. Uit het onderzoek van De Lange bleek dat voedselfraude een wijdverbreid probleem is. Vooral bij olijfolie, vis en biologische producten werd veel gesjoemeld. Producenten, winkels en uiteindelijk de consument betaalden voor kwaliteit die niet waargemaakt werd. Mogelijk liep ook de volksgezondheid risico's omdat er allerlei rommel aan voedselwaren werd toegevoegd. De schade zou jaarlijks in de miljarden lopen, aldus De Lange.

De Lange wilde een aantal zaken regelen:

  • één gemeenschappelijke, heldere definitie van voedselfraude
  • de pakkans van voedselfraude vergroten; betere bescherming van klokkenluiders die misstanden aan het licht brengen en betere samenwerking in controles en opsporingsonderzoek tussen de lidstaten
  • strenge straffen; alleen al de geldboetes moeten het dubbele zijn van wat er aan de fraude is verdiend 

Op 14 januari 2014 nam het Europees Parlement een resolutie over fraude in de voedselketen en de controle daarop aan, waarin de suggesties van De Lange verwerkt werden. 

5.

Meer informatie

Delen

enveloppe

Terug naar boven