Europeaan van de week: Hans Janssen

Hans Janssen

In deze rubriek krijgt iedere week een andere Nederlander het woord die betrokken is bij Europa. Europarlementariërs, topambtenaren of nationale politici, iedereen krijgt een podium om zijn of haar mening over Europa te geven. Deze week Hans Janssen, lid van het Comité van de Regio's.

Wat deed u hiervoor?

Na mijn studietijd in Utrecht ben ik politiek medewerker, agrarisch adviseur, raadslid en wethouder geweest. Momenteel ben ik burgemeester van Oisterwijk.

Tijdens mijn studietijd heb ik een leergang gevolgd op het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York. Dat maakte toen een enorme indruk op me. Het heeft me geïnspireerd om over de grens te kijken en oog te hebben voor internationale zaken.

Het Comité van de Regio’s sprak me meteen aan. Het is een platform voor de lokale en regionale kijk op Europese onderwerpen. Dat past bij het nieuwe denken dat eruit bestaat om grote zaken te voorzien van een lokale, dus concrete aanpak. Zoals onze Engelse buren zeggen: ‘Think global, act local’ … al hebben ze er zelf de nodige moeite mee. Maar die Engelse houding houdt ons ook scherp om daadwerkelijk thuis het verschil te maken.

Waar houdt u zich voornamelijk mee bezig in het Comité van de Regio's?

Ik richt me vooral op de externe dimensie van Europa, onze contacten bijvoorbeeld met de landen rond de Middellandse Zee en ten oosten van de Balkan. Die zijn van belang voor Europa, al was het maar omdat de mensen daar willen delen in de welvaart van Midden- en West-Europa. Als we daar niets aan doen, dan merken we dat hier direct. Daarom speelt Europa gelukkig een rol in de opbouw van lokaal bestuur in die landen.

Daarnaast houd ik me bezig met allerlei aspecten van burgerschap. Dat gaat van paspoort en stemrecht tot gezinshereniging en asielbeleid. Voor het vrije verkeer van personen in Europa zijn er nog altijd tal van bureaucratische hindernissen. Dat merk ik op het gemeentehuis. Er zijn dus genoeg redenen om simpele zaken ook simpel af te handelen, en daarvoor dus goed beleid te maken.

Wat hoopt u de komende tijd te bereiken?

Gelet op de financiële actualiteit hoop ik allereerst dat Europa nieuwe stabiliteit vindt en vervolgens ook beter dan voorheen duidelijk kan maken welk belang het heeft. Aan dat laatste draag ik graag mijn steentje bij.

Nederland heeft veel ervaring in het begeleiden van democratische ontwikkeling. Bij onze Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) zit volop expertise. Ik hoop te bereiken dat we die veel meer kunnen gaan inzetten bij de buren van Europa. Niet met het bekende opgeheven vingertje, maar met een houding van partnerschap. Want uiteindelijk levert groei in democratie ook groei in economie op. Dat laatste is van groot belang voor onze bedrijven.

Wat is uw ideaalbeeld van Europa over 25 jaar?

Dat is een continent van vrijhandel, grenzeloos verkeer en alom gerespecteerde democratische waarden van Dublin tot Baku, van Lapland tot Malta. Binnen dat algemene kader doen we lokaal, regionaal en nationaal al die dingen waarvoor we Europa niet nodig hebben.

Wat ziet u als grootste bedreiging?

Onze grootste bedreiging is dat we economisch op achterstand raken nu nieuwe economieën zich aandienen. Europa was lang het centrum van de wereld. We hebben vervolgens aan kunnen haken bij de Verenigde Staten. Nu verschuift het economisch evenwicht richting Azië en Zuid-Amerika. De kunst is door slimme samenwerking een belangrijk en vernieuwend continent te blijven. Als dat niet lukt, dan hebben we uiteindelijk op lokaal niveau een groot probleem. Als het wel lukt, dan kunnen we hopelijk duidelijk aan onze burgers laten zien hoe essentieel Europa blijkt te zijn.

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Meer informatie

2.

Eerdere Europeanen van de week