r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij P P M G W Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Positie Schotland tegenover Verenigd Koninkrijk en EU

Nicola Sturgeon, voorstander van Schots referendum over onafhankelijkheid © Europese Unie 2016 - Europees Parlement

De Britten stemden op 23 juni 2016 in een referendum voor vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie (brexit). De uitslag heeft ook grote gevolgen voor Schotland, dat onderdeel uitmaakt van het VK en dus ook uit de EU zal vertrekken. Dat terwijl een meerderheid van de Schotten juist tegen vertrek uit de EU stemde.

Het Schotse parlement stemde op 28 maart 2017 in met een voorstel van premier Nicola Sturgeon om opnieuw referendum te houden over Schotse onafhankelijkheid. Het referendum moet tussen herfst 2018 en voorjaar 2019 plaatsvinden, als duidelijk is onder welke voorwaarden de brexit plaatsvindt. Naar aanleiding van de brief met het officiële verzoek om een referendum van Sturgeon aan de Britse premier May heeft die aangegeven dat er geen sprake kan zijn van een referendum zolang de brexit-onderhandelingen lopen.

In 2014 stemden de Schotten in een referendum nog tegen onafhankelijkheid.

Delen

Inhoud

U ziet nu de basisversie van de tekst
U ziet nu de uitgebreide versie van de tekst

1.

Eerder referendum over onafhankelijkheid

Op 18 september 2014 is er in Schotland een referendum gehouden over onafhankelijkheid. Een meerderheid van de Schotten wees de keuze voor onafhankelijkheid af: 55,4 procent van de kiezers stemde tegen afscheiding van Groot-Brittannië.

Het referendum kwam niet zomaar uit de lucht vallen, want de SNP, die al sinds 2007 deel uit maakt van de Schotse regering, wilde al sinds de oprichting van de partij in 1934 dat Schotland zich zou afscheiden van het Verenigd Koninkrijk. Sinds de partij in 2011 een meerderheid behaalde in het Schotse parlement, nam het streven om Schotland onafhankelijk te maken steeds concretere vormen aan.

In november 2013 presenteerde Salmond, toenmalig leider van SNP, een blauwdruk voor een onafhankelijk Schotland. Hierin werden verschillende toekomstplannen voor Schotland aangekondigd. Een apart vraagstuk was daarbij de positie binnen de EU van Schotland en van het Verenigd Koninkrijk zonder Schotland. De gevolgen van een onafhankelijk Schotland zouden het einde van het 300 jaar oude Verenigd Koninkrijk en het achterblijven van Engeland, Wales en Noord-Ierland in het koninkrijk betekenen.

2.

Een onafhankelijk Schotland in Europa

De SNP heeft zich steeds uitgesproken voor een Schots lidmaatschap van de Europese Unie. Deze partij zou Schotland dus het liefst onafhankelijk van het Verenigd Koninkrijk, maar binnen de EU zien.

Als in het referendum daadwerkelijk voor onafhankelijkheid was gestemd, zou Schotland geen deel meer zijn van de EU. Schotland had dan opnieuw moeten onderhandelen over het EU-lidmaatschap. Voor de Schotse ja-stemmers was dit onbegrijpelijk. Zo stelde Europarlementariër Alyn Smith dat Schotland al voldoet aan alle EU-regels.

Europese verdragen spreken alleen over uitbreiding naar 'buiten' toe. Met het scenario waarbij een bestaand EU-land uiteenvalt in twee entiteiten is nooit rekening gehouden. Hoeveel het Verenigd Koninkrijk en Schotland afzonderlijk hadden moeten betalen aan de EU en of Schotland de euro verplicht had moeten invoeren, waren nog onbeantwoorde vragen.

Ook had er nagedacht moeten worden wat de bijzondere status van het Verenigd Koninkrijk in de EU betekende voor Schotland. De Britten hadden geen euro en zijn vrijgesteld van de afspraken over het vrij verkeer van personen (Schengen). Daarnaast mogen ze zelf bepalen welke EU-wetgeving over justitie en veiligheid ze overnemen. Europarlementariër Olli Rehn stelde hierop dat wie EU-lid wilde worden, in principe ook de euro zou moeten invoeren. Tevens was de verdeling van de staatsschuld een heikel punt.

Volgens voormalig Europees Commissievoorzitter José Manuel Barroso was de kans gering dat EU-toetreding van een onafhankelijk Schotland door alle lidstaten zou worden goedgekeurd. Ook de voormalig Britse minister van Buitenlandse Zaken William Hague waarschuwde dat het voor een onafhankelijk Schotland bijzonder moeilijk zou worden om toe te treden tot de EU.

De Schotse regering benadrukt echter dat een Brits vertrek uit de EU 'het echte risico' voor de Schotten vormt. Door de uitkomst van het Brits referendum van 23 juni 2016, waarin een meerderheid van de Britten zich uitsprak voor een vertrek uit de EU, zullen ook de Schotten het EU-lidmaatschap verliezen. In het referendum stemden de meeste Schotten juist vóór het lidmaatschap. Onmiddellijk na het bekend worden van de uitslag op 23 juni 2016, gingen er stemmen op voor een tweede referendum over Schotse onafhankelijkheid.

3.

De Schotse financiële situatie

In augustus 2016 publiceerde de Britse overheid haar jaarlijkse doorberekening van de financiën van Schotland bij een eventuele afsplitsing van het VK (de zogeheten Government Expenditure and Revenue Scotland). Hieruit bleek dat het begrotingstekort van Schotland bij onafhankelijkheid op 9,5 procent zou uitkomen, in vergelijking met de huidige 4 procent van het Verenigd Koningkrijk als geheel. Dit beraamde tekort was wel iets lager dan het voorgaande jaar.

Volgens conservatieve politici toonde dit aan dat onafhankelijkheid de financiële stabiliteit van Schotland in gevaar zou brengen. De Schotse premier Nicola Sturgeon antwoordde hierop dat de mogelijke financiële gevolgen van de Brexit zwaarder zouden wegen.

4.

Meer informatie

Delen

Terug naar boven