BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Gemengd Comité dat is opgericht bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen, inzake de vervanging van bijlage II bij die Overeenkomst betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

 

- -

RAAD VA Brussel, 21 november 2011

(OR. en)

DE EUROPESE U IE

16232/11

Interinstitutioneel dossier: 2011/0291 ( LE)

CH 29 SOC 931 MI 537 ETS 18

WETGEVI GSBESLUITE E A DERE I STRUME TE

Betreft: BESLUIT VAN DE RAAD betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt in het Gemengd Comité dat is opgericht bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen, inzake de vervanging van bijlage II bij die Overeenkomst betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels

BESLUIT VA DE RAAD

van

betreffende het namens de Europese Unie in te nemen standpunt

in het Gemengd Comité dat is opgericht bij de Overeenkomst

tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds,

en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds,

over het vrije verkeer van personen, inzake de vervanging van bijlage II

bij die Overeenkomst betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 48, in

samenhang met artikel 218, lid 9,

Gezien Besluit 2002/309/EG, Euratom van de Raad en, wat betreft de Overeenkomst inzake

wetenschappelijke en technologische samenwerking, van de Commissie van 4 april 2002

betreffende de sluiting van zeven overeenkomsten met de Zwitserse Bondsstaat , en met name

artikel 2,

Gezien het voorstel van de Europese Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de

Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen ("de Overeen-

komst") is op 21 juni 1999 ondertekend en op 1 juni 2002 in werking getreden.

(2) Artikel 18 van de Overeenkomst voorziet in de mogelijkheid dat het Gemengd Comité per

besluit wijzigingen kan goedkeuren van de Overeenkomst, onder meer van bijlage II bij de

Overeenkomst, betreffende de coördinatie van socialezekerheidsregelingen.

(3) Teneinde een coherente en correcte toepassing van de rechtshandelingen van de Unie te

garanderen en administratieve en eventueel ook juridische problemen te vermijden, dient

bijlage II bij de Overeenkomst te worden gewijzigd, om de nieuwe wetsbesluiten van de

Unie, waarnaar in de Overeenkomst thans niet wordt verwezen, te integreren.

(4) Ter wille van de duidelijkheid en een rationele ordening van de tekst dient tot codificatie

van bijlage II bij de overeenkomst en van het daarbij aangehechte protocol te worden

overgegaan.

(5) Het standpunt van de Unie in het gemengd Comite moet derhalve worden gebaseerd op het

ontwerpbesluit dat is opgenomen in Bijlage I bij dit besluit,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Het standpunt van de Unie in het Gemengd Comité dat is ingesteld bij artikel 14 van de Overeen-

komst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat,

anderzijds, over het vrije verkeer van personen, wordt gebaseerd op het in bijlage I bij dit besluit

opgenomen ontwerp-besluit van het Gemengd Comité.

Artikel 2

De verklaring opgenomen in bijlage II bij dit besluit wordt goedgekeurd en geschiedt namens de

Unie in het Gemengd Comité wanneer dit zijn goedkeuring hecht aan het in artikel 1 bedoelde

besluit.

Artikel 3

Dit besluit wordt van kracht op de dag waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, -

Voor de Raad -

De voorzitter

BIJLAGE I

Ontwerp

BESLUIT nr. .../... VA HET GEME GD COMITE

ingesteld krachtens de Overeenkomst

tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds,

en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds,

over het vrije verkeer van personen

van ....

tot vervanging van bijlage II bij die Overeenkomst betreffende de coördinatie

van de socialezekerheidsstelsels

HET GEMENGD COMITÉ,

Gezien de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de

Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen ("de Overeenkomst"), en met

name artikel 18,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) De Overeenkomst werd ondertekend op 21 juni 1999 en is op 1 juni 2002 in werking

getreden.

(2) Bijlage II bij de Overeenkomst betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels

werd laatstelijk gewijzigd bij Besluit nr. 1/2006 van 6 juli 2006 en dient thans te worden

bijgewerkt om rekening te houden met de nieuwe wetgeving van de Europese Unie die

sindsdien in werking is getreden, met name Verordening (EG) nr. 883/2004 van het

Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de

socialezekerheidsstelsels en de uitvoeringsbepalingen daarvan.

(3) Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van 14 juni 1971 betreffende de toepassing

van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun

gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, werd vervangen door

Verordening (EG) nr. 883/2004.

(4) Ter wille van de duidelijkheid en een rationele ordening van de tekst dient tot codificatie

van bijlage II bij de overeenkomst en van het daarbij aangehechte protocol in een juridisch

bindende versie te worden overgegaan.

(5) Bijlage II bij de Overeenkomst dient te worden gehandhaafd overeenkomstig de

wijzigingen van de relevante wetgeving in de Europese Unie,

BESLUIT:

Artikel 1

Bijlage II bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de

Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen ("de Overeenkomst") wordt

vervangen door de bijlage bij dit besluit.

Artikel 2

Dit besluit is opgesteld in de volgende talen: Bulgaars, Deens, Duits, Engels, Ests, Fins, Frans,

Grieks, Hongaars, Italiaans, Lets, Litouws, Maltees, Nederlands, Pools, Portugees, Roemeens,

Slowaaks, Sloveens, Spaans, Tsjechisch en Zweeds, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking op de dag volgende op die waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te ... -

Voor het Gemengd Comité -

De voorzitter -

De secretarissen

BIJLAGE

"BIJLAGE II

Coördinatie van de socialezekerheidsstelsels

Artikel 1

  • 1. 
    De overeenkomstsluitende partijen komen overeen ten aanzien van de coördinatie van de

socialezekerheidsstelsels onderling de rechtshandelingen van de Europese Unie toe te

passen zoals vermeld in en gewijzigd bij deel A van deze bijlage, of daarmee gelijk-

waardige regels.

  • 2. 
    In de in deel A van deze bijlage genoemde rechtshandelingen omvat de uitdrukking

"lidstaat/lidstaten" niet alleen de staten die vallen onder de desbetreffende

rechtshandelingen van de Europese Unie , maar tevens Zwitserland.

Artikel 2

  • 1. 
    Voor de toepassing van deze bijlage nemen de overeenkomstsluitende partijen goede nota

van de rechtshandelingen van de Europese Unie vermeld in deel B van deze bijlage.

  • 2. 
    Voor de toepassing van deze bijlage nemen de overeenkomstsluitende partijen nota van de

rechtshandelingen van de Europese Unie vermeld in deel C van deze bijlage.

Artikel 3

  • 1. 
    Bijzondere bepalingen betreffende de overgangsregelingen voor de werkloosheids-

verzekering voor onderdanen van bepaalde lidstaten van de Europese Unie die beschikken

over een Zwitserse verblijfsvergunning van minder dan één jaar, betreffende de Zwitserse

uitkeringen voor steunbehoevenden, alsook betreffende de ouderdoms-, nabestaanden- en

invaliditeitsuitkeringen van het wettelijke beroepsgebonden verzekeringsstelsel worden in

het protocol bij deze bijlage opgesomd.

  • 2. 
    Het protocol maakt integrerend deel uit van deze bijlage.

DEEL

A

RECHTSHA DELI GE

WAAR AAR

WORDT

VERWEZE

betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels, gewijzigd bij Verordening

(EG) nr. 988/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 16 september 2009 tot

wijziging van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de

socialezekerheidsstelsels, en tot vaststelling van de inhoud van de bijbehorende bijlagen.

Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt Verordening (EG) nr. 883/2004 als

volgt aangepast:

  • a) 
    aan bijlage I, deel I, wordt het volgende toegevoegd:

"Zwitserland

Kantonnale wetgeving betreffende de voorschotten op de onderhoudsverplichtingen

gebaseerd op de artikelen 131, lid 2, en 293, lid 2, van de federale burgerlijke

wetgeving.";

  • b) 
    aan bijlage I, deel II, wordt het volgende toegevoegd:

"Zwitserland

Geboortetoelagen en adoptietoelagen krachtens de relevante kantonnale wetgeving

gebaseerd op artikel 3, lid 2, van de federale wet inzake familiale uitkeringen.";

  • c) 
    het volgende wordt toegevoegd aan bijlage II:

"Duitsland-Zwitserland

  • a) 
    Verdrag betreffende de sociale zekerheid van 25 februari 1964, zoals gewijzigd

bij de Aanvullende Overeenkomsten nr. 1 van 9 september 1975 en nr. 2 van

2 maart 1989:

  • i) 
    punt 9b, lid 1, nrs. 1-4, van het finale protocol (toepasselijke wetgeving

en recht op verstrekkingen bij ziekte voor inwoners van de Duitse

exclave Büsingen);

  • ii) 
    punt 9e, lid 1b), eerste, tweede en vierde zin, van het finale protocol

(recht op vrijwillige ziekteverzekering in Duitsland bij vestiging in

Duitsland).

  • b) 
    Overeenkomst inzake de werkloosheidsverzekering van 20 oktober 1982, als

gewijzigd bij het aanvullende protocol van 22 december 1992:

  • i) 
    Artikel 8, lid 5, voorziet in de betaling door Duitsland (gemeente

Büsingen) van een bedrag gelijk aan de kantonnale bijdrage volgens

Zwitsers recht als deel van de kosten van de arbeidsplaatsen die in het

kader van werkgelegenheidsmaatregelen door onder deze bepaling

vallende werknemers daadwerkelijk worden bezet.

Spanje-Zwitserland

Artikel 17 van het finale protocol bij het Verdrag betreffende de sociale zekerheid

van 13 oktober 1969, zoals gewijzigd bij de aanvullende overeenkomst van

11 juni 1982; personen die aangesloten zijn bij de Spaanse verzekering op grond van

deze bepaling zijn vrijgesteld van de vereiste om toe te treden tot de Zwitserse

ziekteverzekering.

Italië-Zwitserland

Artikel 9, lid 1, van het Verdrag betreffende de sociale zekerheid van

14 december 1962, gewijzigd bij Aanvullende Overeenkomst nr. 1 van

18 december 1963, de aanvullende overeenkomst van 4 juli 1969, het aanvullende

protocol van 25 februari 1974 en Aanvullende Overeenkomst nr. 2 van

2 april 1980.";

  • d) 
    het volgende wordt toegevoegd aan bijlage IV:

"Zwitserland";

  • e) 
    aan bijlage VIII, deel 1, wordt het volgende toegevoegd:

"Zwitserland

Alle aanvragen om ouderdoms-, nabestaanden- en invaliditeitspensioenen van het

basisstelsel (federale wet inzake ouderdoms- en nabestaandenverzekering en federale

wet inzake invaliditeitsverzekering), alsmede de ouderdomspensioenen van het

beroepsgebonden verzekeringsstelsel (federale wet inzake ouderdoms-,

nabestaanden- en invaliditeitspensioenen van het beroepsgebonden verzekerings-

stelsel).";

  • f) 
    aan bijlage VIII, deel 2, wordt het volgende toegevoegd:

"Zwitserland

Ouderdoms-, nabestaanden- en invaliditeitspensioenen van het beroepsgebonden

verzekeringsstelsel (federale wet inzake ouderdoms-, nabestaanden- en invaliditeits-

pensioenen van het beroepsgebonden verzekeringsstelsel).";

  • g) 
    aan bijlage IX, deel II, wordt het volgende toegevoegd:

"Zwitserland

Nabestaanden- en invaliditeitspensioenen van het beroepsgebonden

verzekeringsstelsel (federale wet inzake ouderdoms-, nabestaanden- en

invaliditeitspensioenen van het beroepsgebonden verzekeringsstelsel).";

  • h) 
    het volgende wordt toegevoegd aan bijlage X:

"Zwitserland

  • 1. 
    Aanvullende uitkeringen (federale wet inzake aanvullende uitkeringen van

19 maart 1965) en vergelijkbare uitkeringen waarin de kantonnale wetgeving

voorziet.

  • 2. 
    Pensioenen bij precaire sociale situaties in het kader van de invaliditeits-

verzekering (artikel 28, alinea 1a, van de federale wet inzake de invaliditeits-

verzekering van 19 juni 1959, als gewijzigd op 7 oktober 1994).

  • 3. 
    Niet op premie- of bijdragebetaling berustende uitkeringen bij werkloosheid,

waarin de kantonnale wetgeving voorziet.

  • 4. 
    Niet op premie- of bijdragebetaling berustende buitengewone invaliditeits-

pensioenen voor gehandicapten (artikel 39 van de federale wet op de

invaliditeitsverzekering van 19 juni 1959) die vóór zij arbeidsongeschikt

werden, niet onderworpen waren aan de Zwitserse arbeidswetgeving als

werknemer of zelfstandige.";

  • i) 
    het volgende wordt toegevoegd aan bijlage XI:

"Zwitserland

  • 1. 
    Artikel 2 van de federale wet op de ouderdoms- en nabestaandenverzekering

alsmede artikel 1 van de federale wet op de invaliditeitsverzekering, die de

vrijwillige verzekering in deze takken regelen voor Zwitserse onderdanen die

in een staat woonachtig zijn waarop deze Overeenkomst niet van toepassing is,

zijn tevens van toepassing op personen die buiten Zwitserland woonachtig zijn

en onderdaan zijn van de andere staten waarop deze Overeenkomst van

toepassing is, alsmede op vluchtelingen en staatlozen die op het grondgebied

van deze staten wonen, wanneer deze personen ten laatste één jaar gerekend

vanaf de dag waarop de Zwitserse ouderdoms-, nabestaanden- en

invaliditeitsverzekering is stopgezet na ten minste vijf jaar ononderbroken

verzekerd te zijn geweest, toetreden tot de vrijwillige verzekering.

  • 2. 
    Wanneer iemand, na ten minste vijf jaar ononderbroken verzekerd te zijn

geweest, ophoudt verzekerd te zijn bij de Zwitserse ouderdoms-, nabestaanden-

en invaliditeitsverzekering, dan heeft die persoon het recht om met instemming

van de werkgever die verzekering voort te zetten wanneer hij voor rekening

van een werkgever in Zwitserland in een staat werkt waarop deze

Overeenkomst niet van toepassing is, op voorwaarde dat het verzoek daartoe

ingediend wordt binnen een termijn van zes maanden, gerekend vanaf de dag

waarop de verzekering werd stopgezet.

  • 3. 
    Verplichte verzekering bij de Zwitserse ziekteverzekering en vrijstellings-

mogelijkheden

  • a) 
    De Zwitserse wettelijke bepalingen betreffende de verplichte

ziekteverzekering zijn van toepassing op de volgende personen die niet in

Zwitserland woonachtig zijn:

  • i) 
    personen die uit hoofde van Titel II van de verordening aan de

Zwitserse wettelijke bepalingen onderworpen zijn;

  • ii) 
    personen voor wie Zwitserland overeenkomstig de artikelen 24, 25

en 26 van de verordening de kosten draagt;

  • iii) 
    personen die in het genot zijn van een werkloosheidsuitkering van

de Zwitserse verzekering;

  • iv) 
    de gezinsleden van de in i) en iii) genoemde personen of van een

werknemer of zelfstandige die in Zwitserland woonachtig en bij de

Zwitserse ziekteverzekering aangesloten is, tenzij deze gezinsleden

in een van de volgende staten woonachtig zijn: Denemarken,

Spanje, Hongarije, Portugal, Zweden of het Verenigd Koninkrijk;

  • v) 
    de gezinsleden van de in ii) genoemde personen of van een

gepensioneerde die in Zwitserland woonachtig en bij de Zwitserse

ziekteverzekering aangesloten is, tenzij deze gezinsleden in een van

de volgende staten woonachtig zijn: Denemarken, Portugal,

Zweden of het Verenigd Koninkrijk.

"Gezinsleden" zijn personen die als gezinsleden worden beschouwd door de

wetgeving van de staat waar de woonplaats is gevestigd.

  • b) 
    De onder a) genoemde personen kunnen op verzoek van de verplichte

verzekering worden vrijgesteld indien en zolang zij in een van de

volgende staten wonen en aantonen dat zij daar tegen ziekte verzekerd

zijn: Duitsland, Frankrijk, Italië, Oostenrijk, en, in de onder a), nrs. iv)

en v), bedoelde gevallen, Finland, en, in de onder a), nr. ii), bedoelde

gevallen, Portugal.

Dit verzoek

aa) moet worden ingediend binnen drie maanden na ingang van de

verzekeringsplicht in Zwitserland; wordt het verzoek in een

gerechtvaardigd geval na deze termijn ingediend, dan gaat de

vrijstelling in vanaf het begin van de verzekeringsplicht;

bb) is van toepassing op alle gezinsleden die in dezelfde staat

woonachtig zijn.

  • 4. 
    Wanneer een persoon op wie uit hoofde van Titel II van de verordening de

Zwitserse wettelijke bepalingen van toepassing zijn, uit hoofde van punt 3,

letter b), bij de ziekteverzekering aangesloten is van een andere staat waarvoor

deze Overeenkomst geldt, dan worden de kosten van de verstrekkingen bij niet-

arbeidsongevallen gelijkelijk verdeeld tussen het orgaan van de Zwitserse

verzekering voor arbeidsongevallen, niet-arbeidsgebonden ongevallen en

beroepsziekten, en het bevoegd orgaan van de ziekteverzekering van de andere

staat, als er aanspraak is op prestaties van beide organen. Wanneer er bij een

arbeidsongeval, een ongeval op weg van of naar het werk, of bij een beroeps-

ziekte, ook recht zou bestaan op prestaties van het orgaan van de ziekte-

verzekering van het woonland, dan worden deze kosten niettemin betaald door

de Zwitserse verzekeraar tegen (arbeids)ongevallen en beroepsziekten.

  • 5. 
    Op de personen die in Zwitserland werken, maar er niet woonachtig zijn en die

op grond van punt 3, onder b), aangesloten zijn bij de wettelijke ziekte-

verzekering van hun woonland, alsmede op hun gezinsleden, zijn de

bepalingen van artikel 19 van de verordening van toepassing tijdens een

verblijf in Zwitserland.

  • 6. 
    Voor de toepassing van de artikelen 18, 19, 20 en 27 van de verordening in

Zwitserland draagt de bevoegde verzekeraar alle gefactureerde kosten.

  • 7. 
    De verzekeringstijdvakken voor daguitkeringen die zijn vervuld bij een

verzekering in een andere staat waarop deze Overeenkomst van toepassing is,

worden meegeteld om een eventuele reserve in de daguitkeringsverzekering in

geval van moederschap of ziekte te verkleinen of op te heffen wanneer de

persoon zich binnen drie maanden na stopzetting van de buitenlandse

verzekering bij een Zwitserse verzekeraar verzekert.

  • 8. 
    Een werknemer of zelfstandige die niet langer valt onder de Zwitserse

wetgeving inzake invaliditeitsverzekering omdat hij zijn winstgevende

bezigheid in Zwitserland, die hem de noodzakelijke bestaansmiddelen

bezorgde, heeft moeten opgeven als gevolg van een ongeval of ziekte, wordt

beschouwd als verzekerd krachtens deze verzekering voor wat de toekenning

van revalidatiemaatregelen betreft, alsook tijdens de duur van deze

revalidatiemaatregelen, tot aan de betaling van een invaliditeitspensioen, voor

zover hij buiten Zwitserland geen nieuwe baan heeft.".

16 september 2009 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EG)

nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.

Voor de toepassing van deze Overeenkomst wordt Verordening (EG) nr. 987/2009 als

volgt aangepast:

het volgende wordt toegevoegd aan bijlage 1:

"Regeling tussen Zwitserland en Frankrijk van 26 oktober 2004 tot vaststelling van de

bijzondere procedures voor de terugbetaling van verstrekkingen van de ziekteverzekering

Regeling tussen Zwitserland en Italië van 20 december 2005 tot vaststelling van de

bijzondere procedures voor de terugbetaling van verstrekkingen van de ziekteverzekering".

  • 3. 
    Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van 14 juni 1971 betreffende de toepassing

van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de

Gemeenschap verplaatsen, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 592/2008 van

het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008, zoals van toepassing tussen

Zwitserland en de lidstaten voor de inwerkingtreding van dit besluit, en wanneer ernaar

wordt verwezen in de Verordeningen (EG) nr. 883/2004 of (EG) nr. 987/2009 of indien het

gevallen uit het verleden betreft.

  • 4. 
    Verordening (EEG) nr. 574/72 van de Raad van 21 maart 1972 tot vaststelling van de wijze

van toepassing van Verordening (EEG) nr. 1408/71, betreffende de toepassing van de

sociale zekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de

Gemeenschap verplaatsen, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 120/2009 van de

Commissie van 9 februari 2009, zoals van toepassing tussen Zwitserland en de lidstaten

voor de inwerkingtreding van dit besluit, en wanneer ernaar wordt verwezen in de

Verordeningen (EG) nr. 883/2004 of (EG) nr. 987/2009 of indien het gevallen uit het

verleden betreft.

rechten op aanvullend pensioen van werknemers en zelfstandigen die zich binnen de

Gemeenschap verplaatsen.

DEEL

B

RECHTSHA DELI GE

WAARVA

DE

OVEREE KOMSTSLUITE DE

PARTIJE

GOEDE

OTA

EME

(1) Besluit nr. A1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de instelling van een dialoog- en

bemiddelingsprocedure met betrekking tot de geldigheid van documenten, het bepalen van

de toepasselijke wetgeving en het verlenen van prestaties uit hoofde van Verordening (EG)

nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad.

(2) Besluit nr. A2 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de interpretatie van artikel 12 van

Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad inzake de

wetgeving die van toepassing is op gedetacheerde werknemers en zelfstandigen die

tijdelijk buiten de bevoegde lidstaat werken.

(3) Besluit nr. A3 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 17 december 2009 betreffende de samentelling van ononderbroken

vervulde detacheringstijdvakken op grond van Verordening (EEG) nr. 1408/71 van de

Raad en Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad.

(4) Besluit nr. E1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de praktische regelingen voor de

overgangsperiode voor de elektronische uitwisseling van gegevens als bedoeld in artikel 4

van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad.

(5) Besluit nr. F1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de interpretatie van artikel 68 van

Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot

prioriteitsregels bij samenloop van gezinsuitkeringen.

(6) Besluit nr. H1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende het kader voor de overgang van de

Verordeningen (EEG) nr. 1408/71 en (EEG) nr. 574/72 van de Raad naar de

Verordeningen (EG) nr. 883/2004 en (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de

Raad en de toepassing van besluiten en aanbevelingen van de Administratieve Commissie

voor de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.

(7) Besluit nr. H2 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de werkmethodes en de samenstelling van

de Technische Commissie voor gegevensverwerking van de Administratieve Commissie

voor de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.

(8) Besluit nr. H3 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 15 oktober 2009 betreffende de in aanmerking te nemen datum voor

het bepalen van de omrekeningskoersen als bedoeld in artikel 90 van Verordening (EG)

nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad.

(9) Besluit nr. H4 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 22 december 2009 betreffende de samenstelling en de werk-

methoden van de Rekencommissie van de Administratieve Commissie voor de coördinatie

van de socialezekerheidsstelsels.

(10) Besluit nr. H5 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 18 maart 2010 betreffende de samenwerking bij de bestrijding van

fraude en fouten in het kader van de Verordening (EG) nr. 883/2004 van de Raad en

Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de

coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.

(11) Besluit nr. P1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de interpretatie van artikel 50, lid 4,

artikel 58, en artikel 87, lid 5, van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees

Parlement en de Raad voor de toekenning van invaliditeitsuitkeringen en ouderdoms- en

nabestaandenpensioenen.

(12) Besluit nr. S1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de Europese ziekteverzekeringskaart.

(13) Besluit nr. S2 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de technische specificaties voor de

Europese ziekteverzekeringskaart.

(14) Besluit nr. S3 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 tot vaststelling van de verstrekkingen die onder

artikel 19, lid 1, en artikel 27, lid 1, van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees

Parlement en de Raad en artikel 25, onder A) 3, van Verordening (EG) nr. 987/2009 van

het Europees Parlement en de Raad vallen.

(15) Besluit nr. S4 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 2 oktober 2009 betreffende vergoedingsprocedures voor de

toepassing van de artikelen 35 en 41 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees

Parlement en de Raad.

(16) Besluit nr. S5 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 2 oktober 2009 betreffende de interpretatie van het begrip

verstrekkingen zoals gedefinieerd in artikel 1, onder va), van Verordening (EG)

nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad, bij ziekte en moederschap, zoals

bedoeld in de artikelen 17, 19, 20 en 22, artikel 24, lid 1, de artikelen 25 en 26, artikel 27,

leden 1, 3, 4 en 5, de artikelen 28 en 34, en artikel 36, leden 1 en 2, van Verordening (EG)

nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad en de vaststelling van de ingevolge

de artikelen 62, 63 en 64 van Verordening (EG) nr. 987/2009 van het Europees Parlement

en de Raad te vergoeden bedragen.

(17) Besluit nr. S6 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 22 december 2009 betreffende de inschrijving in de lidstaat van de

woonplaats krachtens artikel 24 van Verordening (EG) nr. 987/2009 en de opstelling van

de inventarissen, als bedoeld in artikel 64, lid 4, van Verordening (EG) nr. 987/2009.

(18) Besluit nr. S7 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 22 december 2009 betreffende de overgang van de Verordeningen

(EEG) nr. 1408/71 en (EEG) nr. 574/72 naar de Verordeningen (EG) nr. 883/2004 en

(EG) nr. 987/2009 en de toepassing van de vergoedingsprocedures.

(19) Besluit nr. U1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende artikel 54, lid 3, van Verordening (EG)

nr. 987/2009 van het Europees Parlement en de Raad met betrekking tot verhoging van

werkloosheidsuitkeringen wegens gezinsleden ten laste.

(20) Besluit nr. U2 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de werkingssfeer van artikel 65, lid 2, van

Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad inzake het recht

op werkloosheidsuitkeringen van volledig werklozen die geen grensarbeiders zijn en die

tijdens het verrichten van hun laatste werkzaamheden, al dan niet in loondienst, op het

grondgebied van een andere dan de bevoegde lidstaat woonden.

(21) Besluit nr. U3 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de sociale-

zekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de draagwijdte van het begrip gedeeltelijke

werkloosheid zoals dat van toepassing is op de in artikel 65, lid 1, van Verordening (EG)

nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde werklozen.

DEEL

C

RECHTSHA DELI GE

WAARVA

DE

OVEREE KOMSTSLUITE DE

PARTIJE

OTA

EME

  • 1. 
    Aanbeveling nr. U1 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de

socialezekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de wetgeving welke van toepassing

is op werklozen die in deeltijd beroeps- of handelsactiviteiten verrichten op het grond-

gebied van een andere lidstaat dan die op het grondgebied waarvan zij wonen.

  • 2. 
    Aanbeveling nr. U2 van de Administratieve Commissie voor de coördinatie van de

socialezekerheidsstelsels van 12 juni 2009 betreffende de toepassing van artikel 64, lid 1,

onder a), van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad op

werklozen die hun echtgeno(o)t(e) of partner vergezellen die een beroepswerkzaamheid

uitoefent in een andere dan de bevoegde staat.

PROTOCOL BIJ BIJLAGE II BIJ DE OVEREE KOMST

I. Werkloosheidsverzekering

De volgende regelingen gelden voor werknemers die onderdaan zijn van Tsjechië, Estland, Letland,

Litouwen, Hongarije, Polen, Slovenië en Slowakije tot en met 30 april 2011 en voor werknemers

die onderdaan zijn van Bulgarije en Roemenië tot en met 31 mei 2016.

  • 1. 
    Ten aanzien van de werkloosheidsverzekering van werknemers in loondienst die in het

bezit zijn van een verblijfsvergunning voor minder dan een jaar, is de volgende regeling

van toepassing:

1.1. Alleen de werknemers die in Zwitserland premies hebben betaald gedurende de

minimumperiode als voorgeschreven door de federale wet inzake de verplichte

werkloosheidsverzekering en de vergoeding in geval van insolvabiliteit (LACI) en

die voldoen aan de overige voorwaarden om aanspraak te maken op een

werkloosheidsuitkering, hebben recht op de uitkeringen van de werkloosheids-

verzekering onder de in de wet vastgestelde voorwaarden.

1.2. Een gedeelte van de ontvangen premies voor de werknemers die gedurende een te

korte periode premies hebben betaald om in Zwitserland overeenkomstig punt 1.1

recht te hebben op een werkloosheidsuitkering, wordt overeenkomstig het bepaalde

in punt 1.3 aan hun landen van herkomst terugbetaald als bijdrage in de kosten van

de uitkeringen aan deze werknemers bij volledige werkloosheid; deze werknemers

hebben bijgevolg geen recht op de uitkeringen van de werkloosheidsverzekering bij

volledige werkloosheid in Zwitserland. Zij hebben echter recht op de vergoedingen

bij weerverlet en insolvabiliteit van de werkgever. De uitkeringen bij volledige

werkloosheid worden door het land van herkomst uitbetaald op voorwaarde dat de

werknemers zich ter beschikking van de diensten voor arbeidsvoorziening stellen. De

in Zwitserland vervulde tijdvakken van verzekering worden in aanmerking genomen

alsof zij in het land van herkomst waren vervuld.

1.3. Het gedeelte van de voor de werknemers volgens punt 1.2 ontvangen premies wordt

jaarlijks terugbetaald overeenkomstig de onderstaande bepalingen.

  • a) 
    Het totaal van de premies van deze werknemers wordt per land berekend op

grond van het jaarlijkse aantal in dienst genomen werknemers en het

gemiddelde van de voor elke werknemer betaalde jaarlijkse premies

(werkgevers- en werknemerspremies).

  • b) 
    Van het aldus berekende bedrag zal een met het percentage van de

werkloosheidsuitkeringen ten opzichte van alle andere soorten uitkeringen, als

vermeld in punt 1.2, overeenkomend gedeelte worden terugbetaald aan de

landen van herkomst van de werknemers en voor Zwitserland zal een reserve

voor latere uitkeringen worden aangelegd.

  • c) 
    Zwitserland verstrekt elk jaar een afrekening van de terugbetaalde premies. Op

verzoek van het land van herkomst worden de berekeningsbases en het bedrag

van de terugbetalingen medegedeeld. De landen van herkomst delen jaarlijks

aan Zwitserland het aantal personen mee die in aanmerking komen voor

werkloosheidsuitkeringen volgens punt 1.2.

  • 2. 
    Mochten er zich voor een lidstaat moeilijkheden met het einde van het terugbetalingsstelsel

of voor Zwitserland met het samentellingssysteem voordoen, dan kan een van de overeen-

komstsluitende partijen het Gemengd Comité inschakelen.

II. Uitkeringen voor steunbehoevenden

Uitkeringen voor steunbehoevenden die worden toegekend op grond van de Zwitserse federale wet

inzake de invaliditeitsverzekering van 19 juni 1959 (LAI) en op grond van de federale wet van

20 december 1946 op de ouderdoms- en nabestaandenverzekering (LAVS) zoals gewijzigd op

8 oktober 1999, worden uitsluitend toegekend indien de betrokken persoon in Zwitserland

woonachtig is.

III. Beroepsverzekering voor ouderdoms-, nabestaanden- en invaliditeitsuitkeringen

Niettegenstaande artikel 10, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 1408/71 zal de vertrekuitkering, als

bedoeld in de federale wet van 17 december 1993 inzake de vrije overgang in de beroeps-

verzekering voor ouderdoms-, nabestaanden- en invaliditeitsuitkeringen, worden uitbetaald op

verzoek van een werknemer of een zelfstandige die voornemens is Zwitserland definitief te verlaten

en die niet meer onderworpen zal zijn aan de Zwitserse wetgeving overeenkomstig de bepalingen

van Titel II van de verordening, op voorwaarde dat deze persoon Zwitserland verlaat binnen

vijf jaar na de inwerkingtreding van deze Overeenkomst."

BIJLAGE II

VERKLARI G

over de verklaring over het bijwonen door Zwitserland van vergaderingen van comités

De in het tweede streepje van de verklaring over het bijwonen door Zwitserland van vergaderingen

van comités en commissies (PB L 114 van 30.4.2002, blz. 72) genoemde Administratieve

Commissie voor de sociale zekerheid van migrerende werknemers wordt voortaan genoemd de

Administratieve Commissie voor de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels als opgericht bij

artikel 71 van Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad.

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie