In deze rubriek krijg iedere week een andere Nederlander het woord die betrokken is bij Europa. Europarlementariërs, topambtenaren of nationale politici, iedereen krijgt een podium om zijn of haar mening over Europa te geven. Deze week Leen Verbeek, commissaris van de Koningin in Flevoland.
Wat deed u hiervoor?
Voordat ik Commissaris van de Koningin in Flevoland werd, ben ik burgemeester van Purmerend geweest (2003-2008). Daarvoor was ik onder andere directeur/eigenaar van een bedrijf voor interim-management en consultancy in overheidsprojecten. Namens Nederland ben ik op dit moment lid van het Congres van Lokale en Regionale Overheden van de Raad van Europa. Daarin zijn 49 landen vertegenwoordigd en werken zij samen aan mensenrechten en democratie. Overigens ben ik al jaren direct betrokken bij internationale samenwerking en solidariteit. Sinds 1990 ben ik voorzitter van het International Tree Fund (ITF). Het ITF is een Nederlandse vrijwilligersorganisatie die zich inzet voor het behoud, beheer en herstel van bossen, gekoppeld aan het welzijn van de mensen die in en om de bossen wonen. Het ITF is met name actief in Latijns-Amerika.
Vindt u dat de Nederlandse provincies voldoende inbreng hebben op de vorming van beleid in Brussel?
Er zijn tal van voorbeelden waarbij we onze stempel hebben kunnen drukken op beleid. Zo hebben de provincies er met een voortrekkersrol van Flevoland voor gezorgd dat 1,9 miljard euro aan structuurfondsen voor de periode 2007-2013 beschikbaar zijn voor regionale ontwikkeling in Nederland. Ook hebben we op milieugebied kosten kunnen besparen door uitvoeringsproblemen vroegtijdig te signaleren bij de Europese instellingen, wat tot aanpassingen in beleid heeft geleid.
De uitvoering van Europees beleid vindt grotendeels plaats op regionaal niveau. Dit onderstreept het belang van de betrokkenheid van provincies bij de evaluatie van bestaand en vorming van nieuw Europees beleid. Sinds het Verdrag van Lissabon is de positie van regionale overheden bij de vorming van Europees beleid beter verankerd. Voor elk nieuw beleidsvoorstel zijn alle Europese instellingen nu verplicht om betrokkenen en belanghebbenden te raadplegen. Dit betekent dat er nu veel mogelijkheden bij zijn gekomen om inbreng te leveren.
Bestuurlijk leveren we inbreng via het Comité van de Regio’s, waar namens Flevoland gedeputeerde A.E. Bliek deze periode zitting heeft. Het Comité van de Regio’s wordt geconsulteerd door de Europese Commissie over Europese beleidsvoorstellen die een regionale uitwerking hebben. Daarnaast adviseert het Comité de verschillende Europese instellingen ook ongevraagd. We vragen ook aandacht voor subsidiariteit op regionaal niveau.
Daarnaast is Flevoland samen met andere provincies continu in gesprek met de Europese spelers en de rijksoverheid over nieuw beleid.
In welk opzicht is de Europese Unie van belang voor de Nederlandse provincies?
Steeds meer wet- en regelgeving vindt haar oorsprong in Europa. De Europese Unie heeft zich in haar Europa 2020-strategie toegelegd op een streven naar tot duurzame, inclusieve en slimme groei. Provincies leveren een belangrijke bijdrage aan het realiseren van nationale Europa 2020-doelstellingen, daar waar het gaat om ruimtelijk economisch beleid.
Europees beleid biedt ontwikkelingskansen voor de provincie. Zo heeft Flevoland de afgelopen periode kunnen groeien, mede met behulp van Europese structuurfondsen en middelen uit het gemeenschappelijk landbouwbeleid. Voor de regionale economie en plattelandsontwikkeling betekent dit een aanjagende werking op investeringen in innovatie. Hierbij zijn ruim 40.000 arbeidsplaatsen gerealiseerd.
Wat hoopt u de komende tijd te bereiken?
De provincie Flevoland is vooruitstrevend in haar inzet op duurzame energie, integrale gebiedsontwikkeling en innovatieve kennisclusters zoals composieten en life science & health. Deze provinciale ontwikkelingen worden Europees en internationaal herkend en erkend. Wij streven ernaar Flevoland als unieke en zelfstandige provincie economisch en planologisch te laten groeien met oog voor kwaliteit en duurzaamheid. Allemaal zaken waarbij we Europa als partner hard nodig hebben.
Wat is uw ideaalbeeld van Europa over 25 jaar?
Persoonlijk omarm ik de Europese gedachte. Vanuit die gedachte leg ik ook de link met de regio’s. Europa is over 25 jaar nog meer een Europa van de regio’s, waar de burger zich dichter bij Europa voelt. Ook dan is Europa nog een wereldspeler van formaat die in staat is gebleken door middel van innovatie en inzet op duurzaamheid, veiligheid en democratie haar meerwaarde voor de burger te tonen. In het kader van veiligheid en democratie zet Flevoland zich via de Raad van Europa in voor het bevorderen van goed bestuur. Speciale aandacht geven wij hier aan mensenrechten op lokaal en regionaal niveau. Hiermee willen wij garanderen dat Europa ook in de toekomst staat voor welvaart en welzijn.
Wat ziet u als grootste bedreiging?
Er hebben zich sinds het ontstaan van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal in 1952 tot aan de vorming van de Europese Unie waarin we ons nu bevinden vele crises in Europa voorgedaan. En altijd zijn we er gezamenlijk sterker uitgekomen. Dit omdat we de noodzaak tot samenwerking en integratie erkennen, zowel voor onze interne markt en veiligheid, als onze positie in de wereld. Solidariteit vormt een basispijler van de Europese samenwerking. Onderlinge verdeeldheid over de te varen koers blijft ook nu de grootste bedreiging. We moeten ons blijven realiseren wat we met elkaar bereikt hebben en hier ook in de toekomst voor blijven staan. Overigens zie ik het kortetermijndenken als de grootste bedreiging. We leven in een tijdsgeest waar beslissingen worden genomen die een horizon hebben van enkele jaren. Europa is juist tot stand gekomen met een vooruitziende blik van decennia. Wanneer kortetermijndenken de overhand krijgt, is dat schadelijk voor Europa en de Europese idealen.
- Ahmed Aboutaleb
- Bas Belder
- Max van den Berg
- Thijs Berman
- Hans Bienfait
- Anne Bliek
- Harry van Bommel
- Louis Bontes
- Emine Bozkurt
- Bruno Braakhuis
- Jan-Paul Brouwer
- Wim van de Camp
- Clemens Cornielje
- Bas Eickhout
- Peter van Dalen
- Hans Engels
- Derk Jan Eppink
- Chris Fonteijn
- Jan Franssen
- Leon Frissen
- Gerben Jan Gerbrandy
- Hinne Groot
- Lucas Hartong
- Myrthe Hilkens
- Jaap Hoeksma
- Peter Hustinx
- Arie IJzerman
- Alexander Italianer
- Hans Janssen
- Dennis de Jong
- Aginus Kalis
- Klaas Knot
- Henk Kool
- Neelie Kroes
- Jan van Laarhoven
- Cor Lamers
- Esther de Lange
- René van der Linden
- Kartika Liotard
- Barry Madlener
- Hester Maij
- Steven Maijoor
- Toine Manders
- Judith Merkies
- Piet de Vey Mestdagh
- Jan Mulder
- Lambert van Nistelrooij
- Karla Peijs
- Wim Ploeg
- Sacha Prechal
- Alexander Rinnooy Kan
- Roel Robbertsen
- Ton Rombouts
- Herman van Rompuy
- Jan Willem Sap
- Judith Sargentini
- Gerard Schouw
- Martin Schuurmans
- Laurence Stassen
- Kees van der Staaij
- Tineke Strik
- Daniël van der Stoep
- Marien Valstar
- Sophie in’t Veld
- Leen Verbeek
- Gerda Verburg
- Bas Verkerk
- Robert Visser
- Ralph de Vries
- Bernard Wientjes
- Corien Wortmann-Kool
- Marc van der Woude
- Auke Zijlstra
- ZKH Prins Constantijn der Nederlanden
