r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Begrotingstekort Spanje

Metro station in Spanje
Bron: euobserver.com

De economische crisis heeft Spanje hard geraakt. De eens bloeiende vastgoedmarkt stortte in en de werkloosheid nam enorm toe. 

Verschillende Spaanse banken kwamen in de problemen en hadden extra financiële steun nodig. De situatie zorgde voor politieke instabiliteit en ernstige twijfels over de Spaanse economie op de financiële markten. Daardoor moest Spanje een hogere rente betalen op staatsleningen en werd het voor de Spaanse regering moeilijker om geld te lenen.

Spanje heeft daarom Europese financiële steun ontvangen van de EU. Dit steunprogramma liep af in 2013 toen de Spaanse economie langzamerhand weer aantrok. Begin 2016 werd geconstateerd dat de Spaanse economie in 2014 en 2015 was gestabiliseerd. Dit is te danken aan nieuwe werkgelegenheid en nieuwe financiële regelgeving. Toch ligt de Spaanse staatsschuld nog altijd boven de Europese normen en blijft die daarmee een probleem. In mei 2016 werd Spanje door de Europese Commissie daarom onder verscherpt toezicht geplaatst. Daarnaast blijft Spanje kampen met een hoge werkloosheid. 

Delen

Inhoud

1.

Achtergrond

Tijdens de economische crisis stortte de Spaanse vastgoedmarkt volledig in. Lokale banken, die voorheen de prestigieuze bouwprojecten financierden, kwamen in de problemen en hadden extra kapitaalinjecties nodig. Daarmee raakte ook de Spaanse overheid in moeilijkheden.

Hoewel de Spaanse aanpak van de economische crisis aanvankelijk succesvol leek, leidde een zwakke economische groei ertoe dat veel bezuinigingen strenger uitpakten dan bedoeld. De werkloosheid nam snel toe in Spanje, tot ruim 20 procent van de beroepsbevolking. Vooral onder de jeugd liep de werkloosheid op. De situatie zorgde voor politieke instabiliteit en ernstige twijfels over de Spaanse economie op de financiële markten. Daardoor kon de Spaanse regering lastiger leningen aangaan.

Vanwege de toenemende onrust in Spanje zag toenmalig premier Zapatero van de PSOE (socialistische arbeiderspartij) zich gedwongen nieuwe parlementsverkiezingen uit te schrijven. Bij die verkiezingen in november 2011 wist de liberaal-conservatieve/christendemocratische Partido Popular (PP) de verkiezingen te winnen met 44 procent van de stemmen. Op 20 december 2011 trad een centrumrechts kabinet aan, geleid door premier Mariano Rajoy Brey.

2.

Begrotingstekort

Voordat Spanje Europese steun aanvroeg, probeerde het land zelf de financiën op orde te brengen.

Zo bereikte de toenmalige regering in augustus 2011 overeenstemming met de oppositiepartij Partido Popular over het in de grondwet verankeren van een schuldenplafond. Dit gebeurde kort na een oproep van Angela Merkel en Nicolas Sarkozy aan alle eurolanden. In september 2011 ging de Spaanse senaat akkoord met de wet: vanaf 2020 mag het Spaanse begrotingstekort niet meer dan 0,4 procent van het BNP bedragen.

Daarnaast werd een belastingheffing voor rijke mensen aangekondigd en werden banken genationaliseerd en geherkapitaliseerd. De Europese Commissie stemde in september 2011 in met Spaanse staatssteun aan banken. Eind maart 2012 besloot de toenmalige Spaanse regering in 2012 ruim 27 miljard euro te gaan bezuinigen, in een poging het begrotingstekort terug te dringen en de internationale kapitaalmarkt gerust te stellen.

In juli 2012 richtte de Spaanse regering een noodfonds van 18 miljard euro voor noodlijdende autonome regio's wil op. Door een lening financiert de Spaanse nationale loterij 6 miljard euro van het fonds, de rest van het bedrag komt uit de staatskas. Spanje heeft 17 autonome regio's. Om steun te kunnen ontvangen moet een regio aan strenge eisen voldoen en tekorten verminderen. Verschillende regio's hebben aangeklopt bij het noodfonds.

In mei 2013 kreeg Spanje van de Europese Commissie uitstel tot 2016 om het begrotingstekort terug te dringen tot minder dan drie procent van het bruto binnenlands product. Uit de voorjaarsprognose van de Europese Commissie in mei 2014 bleek dat het de goede kant op gaat met Spanje. De verwachte groeicijfers van 1,1 procent in 2014 en 2,1 procent in 2015 waren de hoogste in ruim zeven jaar. Het begrotingstekort in 2015 was 4,8%, dat is een van de grootste begrotingstekorten in de eurozone.

In begin 2016 bleek uit het Europees Semester 2016 dat de Spaanse economie een positieve trend liet zien over de afgelopen twee jaar. Het BBP groeit harder dan het gemiddelde BBP in de eurozone, de binnenlandse vraag trekt aan en de werkloosheid daalt langzaam. De verwachting is dat het begrotingstekort aankomende jaren zal slinken door herstel van de private sector en de toenemende stabiliteit van banken. 

3.

Staatsschuld

De Spaanse regering heeft lang volgehouden dat zij de problemen met de banken zelf kon lossen en geen Europese steun nodig had. Europese steun zou namelijk strenge bezuinigings- en hervormingsafspraken met de geldschieters met zich meebrengen. 

In mei 2012, tijdens een informele Europese top in Brussel, luidde premier Rajoy echter de noodklok over de hoge rente die het land moet betalen over de staatsleningen. Deze rentebetalingen stonden sanering van de overheidsfinanciën en economische groei in de weg. In juni volgde een informele aanvraag van steun, en op 24 juni 2012 vroeg Spanje formeel noodhulp aan om de problemen met de banken op te lossen.

In juni 2012 spraken de ministers van Financiën van de eurolanden na het informele verzoek al af dat Spanje maximaal 100 miljard euro zou kunnen lenen. De Spaanse economie was te groot en belangrijk voor de eurozone om geen actie te ondernemen. Finland eiste als enige land een onderpand in ruil voor een bijdrage aan de steun. Het ging om een onderpand van 770 miljoen euro, wat neerkwam op 40 procent van het Finse aandeel in de leningen aan Spanje.

Van december 2012 tot en met december 2013 heeft Spanje in totaal 41,3 miljard euro aan noodkredieten ontvangen uit het Europees Stabiliteitsmechanisme. Spanje heeft de noodkredieten gebruikt om zwakke banken van extra kapitaal te voorzien. De voorwaarden voor de steun zijn vastgelegd in een Memorandum of Understanding. In 2012 steeg de staatsschuld van Spanje fors. De Europese regels stellen een limiet van 60 procent van het bbp. De Spaanse staatsschuld bedroeg in 2015 101,2% van het BBP. Hiermee is het nog steeds een van de hoogste staatschulden van de eurozone. 

In maart 2013 concludeerden de Europese Commissie en de ECB dat er geen nieuwe noodsteun uitgekeerd hoefde te worden. Op 31 december 2013 is het steunprogramma voor Spanje beëindigd. Spanje zal de lening nu moeten aflossen. Ook na afloop van het programma wordt er extra toezicht uitgeoefend op Spanje. De staatsschuld blijft een grote last voor de Spaanse economie, zo maakte de Europese Commissie begin 2016 bekend. De lage productiviteit door de grote werkloosheid zorgt er onder andere voor dat het groeipotentieel van de Spaanse economie zwak is. De werkloosheid in 2016 is naar verwachting 20,4% van de bevolking, in 2017 is de verwachting dat dit zal dalen naar 18,9%.

4.

Economische indicatoren

Indicator

2005

2006

2007

2008

2009

2010

2011

2012

2013

2014

Begrotingstekort/-overschot overheid

+1,2%

+2,2%

+2,0%

-4,4%

-11,0%

-9,4%

-9,5%

-10,4%

-6,9%

-5,9%

Hoogte staatsschuld als % van bbp

42,3%

38,9%

35,5%

39,4%

52,7%

60,1%

69,5%

85,4%

93,7%

99,3%

Gemiddelde werkloosheid

9,2%

8,5%

8,2%

11,3%

17,9%

19,9%

21,4%

24,8%

26,1%

24,5%

Bron: Eurostat

5.

Meer informatie

Delen

Terug naar boven