Europeaan van de week: Hans Engels

Hans Engels klein website

In deze rubriek krijgt iedere week een andere Nederlander het woord die betrokken is bij Europa. Europarlementariërs, topambtenaren of nationale politici, iedereen krijgt een podium om zijn of haar mening over Europa te geven. Deze week Hans Engels, Eerste Kamerlid voor D66.

Waarom bent u lid van de parlementaire commissie voor Europese Samenwerkingsorganisaties van de Eerste Kamer?

Lidmaatschappen van Kamercommissies worden binnen de fractie verdeeld o.b.v. belangstelling en deskundigheid. Omdat ik in de vorige periode al lid van deze commissie was, ben ik vanwege de continuïteit blijven zitten.

Wat deed u hiervoor? 

Gemeentelijk en provinciaal bestuur, naast mijn hoofdfunctie als hoogleraar op de universiteiten van Groningen en Leiden.

Waarom zijn Europese zaken zo belangrijk voor de Eerste Kamer?

Europa is voor de Eerste Kamer belangrijk omdat volgens het Verdrag van Lissabon alle nationale parlementen van de lidstaten Europese voorstellen rechtstreeks toegezonden krijgen. Elke parlementaire instelling kan vervolgens ook rechtstreeks met de Brusselse instellingen communiceren. Daarnaast is er de parlementaire controle op hoe het kabinet met Europa omgaat. De Eerste Kamer kijkt scherp naar de bevoegdheidsgrondslag voor Europa (mag het van het Verdrag?), maar ook naar de subsidiariteit (kan Europa het inderdaad beter?) en naar de proportionaliteit (is het voorstel wel evenredig?).

Wat hoopt u de komende tijd te bereiken?

Mijn persoonlijke inzet richting Europa is meer begrip te kweken voor het feit dat Europa geen bedreiging maar een kans is voor Nederland en dat een terugkeer achter de eigen grenzen ons financieel-economisch en in het algemeen zal terugwerpen in welvaart en welzijn. Ik zie Europa (en daarmee Nederland) graag als een duurzame kenniseconomie, met een stabiele financiële structuur, een volwaardige democratische legitimatie, volledige waarborging van de internationale mensenrechten, en respect voor cultuur, beschaving en onafhankelijke rechterlijke uitspraken.

Wat is uw ideaalbeeld van Europa over 25 jaar? Wat ziet u als de grootste bedreiging?

Ik heb geen ideaalbeeld en zeker niet op een termijn van 25 jaar. Wel hoop ik dat het op de vleugels van demagogische en populistische partijen aangewakkerde Euroscepticisme in de komende jaren plaats maakt voor de klassiek-Nederlandse houding van een open opstelling naar buiten en voorop lopen in het versterken van de internationale rechtsorde. Europa zelf zal uit een oogpunt van zelfreflectie en zelfcorrectie effectiever en efficiënter moeten gaan werken en veel scherper formuleren op welke terreinen Europa een meerwaarde kan en wil zijn.

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Meer informatie

2.

Eerdere Europeanen van de week