Wat vindt u het boeiendst van uw werk als Rechter bij het Europees Hof van de Rechten van de Mens?
Vanaf mijn afstuderen (Utrecht 1972) heb ik me bezig gehouden met rechten van de mens, in het bijzonder in relatie tot het strafrecht. Ook in de tijd dat ik zelf rechter was in Nederland (1979-1991) en later als lid van het Openbaar Ministerie (1991-2004) waren het Europees Verdrag inzake de rechten van de mens (EVRM) en de jurisprudentie van het Europees Hof voor mij belangrijke inspiratiebronnen in mijn werk. Ik heb dat vak ook gedoceerd als bijzonder hoogleraar rechten van de mens aan de Vrije Universiteit (vanaf 2000) en ik heb meer dan honderd annotaties geschreven bij Straatsburgse uitspraken. Alleen al tegen die achtergrond is ronduit fascinerend om nu ook zelf te mogen meebeslissen als rechter in het Europees Hof. Je zit op de eerste rij om te zien waar het allemaal mis kan gaan in Europa en je kunt een soms niet onbelangrijke bijdrage leveren om het allemaal net een beetje beter te maken.
Als ik deze zinnen teruglees, klinkt het bijna als braaf geneuzel van een mensenrechtelijke nerd. Maar ik meen het echt. Alle banen die ik heb gehad waren leuk. Maar dit overtreft alles. Het uitoefenen van het rechterlijk ambacht, maar nu in een Europese setting. Met topcollega’s uit 46 andere Europese landen. En met het vinden van antwoorden van uiterst pertinente en belangrijke rechtsvragen.
Waarom is uw instelling zo belangrijk?
Het EVRM is tot stand gekomen in de jaren na de Tweede Wereldoorlog. In 1950 werd de tekst aangenomen; in 1953 trad het in werking. Het was het (West)Europese antwoord op de verschrikkingen van die oorlog. Om te voorkomen dat dat ooit weer zou gebeuren werd een aantal minimumrechten geformuleerd.
De lidstaten beloofden niet alleen plechtig die rechten te garanderen aan een ieder die zich op hun grondgebied bevond, ze organiseerden zelfs een mechanisme waardoor burgers die meenden dat ze niet tot hun minimumrecht waren gekomen internationaal konden klagen. Dat is wat nu het Europees Hof is. En de lidstaten beloofden ook dat ze zich zouden houden aan de uitspraken van het Hof, ook als dat zou betekenen dat ze op nationaal niveau nieuwe wettelijke maatregelen zouden moeten nemen.
Als je beziet hoeveel zaken er in al die jaren zijn afgedaan en in hoeveel zaken het Hof heeft moeten constateren dat er op nationaal niveau iets niet in orde was geweest, geloof je je ogen niet. Hoewel het Hof in heel veel zaken (meer dan 90%) tot het oordeel komt dat de klacht zelfs niet ontvankelijk is, zijn er in de loop der jaren duizenden uitspraken gedaan waarin moest worden geconstateerd dat de betreffende lidstaat zich niet aan de beloften had gehouden. Inbreuken op het recht op leven, martelingen, onmenselijke situaties in gevangenissen, uitzettingen of uitleveringen met een groot individueel risico voor lijf en leden, mensenhandel, willekeurige vrijheidsbenemingen, oneerlijke processen, inbreuken op privacy, familieleven, godsdienstvrijheid, meningsuiting, vakbondsvrijheid, noem maar op.
Ook Nederland, dat indertijd had gedacht dat het EVRM vooral van invloed zou zijn voor andere landen, heeft heel wat wetten en praktijken moeten aanpassen na uitspraken van het Hof: aanpassingen in het militaire straf- en tuchtrecht, de BOPZ (Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen, in plaats van de Krankzinnigenwet), het horen van getuigen ter zitting, de mogelijkheid van rechtsbijstand ter zitting bij afwezigheid van de verdachte, de detentiesituatie in maximaal beveiligde inrichtingen (EBI), bronbescherming voor journalisten, het (onder voorwaarden) kunnen blijven uitoefenen van het ouderlijke gezag na een echtscheiding, de mogelijkheid van gezinshereniging voor gastarbeiders en nog veel meer.
Het EVRM is inmiddels van toepassing in heel Europa (afgezien van Wit-Rusland en het Vaticaan). Er zijn nu 47 landen partij bij het EVRM. Dat betekent dat meer dan 800.000.000 mensen onder de werkingssfeer van het EVRM vallen.
Het Hof is belangrijk omdat het pal blijft staan voor basale waarden waarvan we samen hebben afgesproken dat die nooit verloren mogen gaan. Zelfs als de politieke waan van de dag het wat vervelend vindt zich te veel van die waarden aan te trekken of die waarden slechts wil claimen voor het eigen volk. Laten we wel zijn: het EVRM biedt geen ‘mooi weer’-rechten. Ook in stormachtige tijden is het van belang te blijven staan waarvoor je hebt beloofd te zullen staan.
Wat hoopt u het komende jaar te bereiken?
Het afgelopen jaar kreeg het Hof maar liefst 65.000 klachten binnen. Met heel veel kunst- en vliegwerk is in ruim 40.000 zaken een beslissing gegeven. Per 1 januari 2011 was de totale werkvoorraad maar liefst 140.000 zaken. Daarmee dreigt een levensgrote ramp. Het Hof kan niet langer tijdig reageren op al die mensen die – terecht of ten onrechte – menen dat ze op nationaal niveau niet tot hun recht zijn gekomen.
Ik hoop dat ook anno 2011 bij de verantwoordelijke politici in Europa de overtuiging blijft bestaan dat het van het grootste belang is dat het Hof zijn taak goed kan blijven vervullen. En ook dat die overtuiging in voldoende daden wordt omgezet.
In mei 2010 zei de toenmalige minister-president Jan Peter Balkenende in zijn laudatio bij de aan het Hof toegekende ‘Four Freedoms Award’ dat het werk van het Hof ook van belang is voor de toekomstige generaties. Ik kan me niet voorstellen dat die opmerking niet zou worden gedeeld door zijn opvolger.
Ik zal me in elk geval inzetten om waar nodig die boodschap nog eens uit te dragen.
Wat deed u hiervoor?
Wetenschapper (laatstelijk: bijzonder hoogleraar rechten van de mens Vrije Universiteit), rechter (laatstelijk: vice-president, voorzitter van de strafkamer rechtbank Zutphen) en lid van het Openbaar Ministerie (laatstelijk: hoofdadvocaat generaal bij het gerechtshof in Amsterdam)
Ambieert u nog andere posities binnen de Europese Unie?
Deze functie oefen ik uit binnen de Raad van Europa. Mijn mandaat als rechter in het Hof eindigt op 31 oktober 2013. Ik ben dan ruim 66 jaar oud. Tijd om samen met mijn vrouw (nog meer) te genieten van het leven, onze kinderen en kleinkinderen.
Wat is uw ideaalbeeld van Europa over 25 jaar? Wat ziet u als de grootste bedreiging?
Als we er met zijn allen in slagen om blijven staan voor de basale menselijke waarden die staan verwoord in het EVRM en we weten te voorkomen dat men in Europa (weer) zijn toevlucht gaat nemen tot oorlog en geweld, is heel veel gewonnen. In de Universele Verklaring van de rechten van de mens (1948) staat het zo mooi geformuleerd: ‘Overwegende dat het van het grootste belang is dat de rechten van de mens beschermd worden door de suprematie van het recht, opdat de mens niet gedwongen worde om in laatste instantie zijn toevlucht te nemen tot opstand tegen tirannie en onderdrukking’. De Four Freedoms waarover ik het hierboven had bevatten ook twee hoge idealen: we moeten streven naar een wereld waarin de mensen vrij zullen zijn van vrees en gebrek (freedom from fear en freedom from want). Dat zou mijn ideaal zijn.
De grootste bedreiging? Exclusief nationalisme, onverdraagzaamheid, apartheidsdenken, ontkenning van de universele waarde van rechten van de mens.
- Ahmed Aboutaleb
- Bas Belder
- Max van den Berg
- Thijs Berman
- Hans Bienfait
- Anne Bliek
- Harry van Bommel
- Louis Bontes
- Emine Bozkurt
- Bruno Braakhuis
- Jan-Paul Brouwer
- Wim van de Camp
- Clemens Cornielje
- Bas Eickhout
- Peter van Dalen
- Hans Engels
- Derk Jan Eppink
- Chris Fonteijn
- Jan Franssen
- Leon Frissen
- Gerben Jan Gerbrandy
- Hinne Groot
- Lucas Hartong
- Myrthe Hilkens
- Jaap Hoeksma
- Peter Hustinx
- Arie IJzerman
- Alexander Italianer
- Hans Janssen
- Dennis de Jong
- Aginus Kalis
- Klaas Knot
- Henk Kool
- Neelie Kroes
- Jan van Laarhoven
- Cor Lamers
- Esther de Lange
- René van der Linden
- Kartika Liotard
- Barry Madlener
- Hester Maij
- Steven Maijoor
- Toine Manders
- Judith Merkies
- Piet de Vey Mestdagh
- Jan Mulder
- Lambert van Nistelrooij
- Karla Peijs
- Wim Ploeg
- Sacha Prechal
- Alexander Rinnooy Kan
- Roel Robbertsen
- Ton Rombouts
- Herman van Rompuy
- Jan Willem Sap
- Judith Sargentini
- Gerard Schouw
- Martin Schuurmans
- Laurence Stassen
- Kees van der Staaij
- Tineke Strik
- Daniël van der Stoep
- Marien Valstar
- Sophie in’t Veld
- Leen Verbeek
- Gerda Verburg
- Bas Verkerk
- Robert Visser
- Ralph de Vries
- Bernard Wientjes
- Corien Wortmann-Kool
- Marc van der Woude
- Auke Zijlstra
- ZKH Prins Constantijn der Nederlanden
