Europeaan van de week: Marc van der Woude

marc van der woude

Wat vindt u het boeiendst aan uw werk bij het Gerecht van Eerste Aanleg?

Het meest interessante aspect van het werk bij het Gerecht betreft de verrassing. Elke keer ontdek ik wat nieuws. De verrassing zit soms in de zaken. Zo kan een zaak die er op het eerste gezicht tamelijk evident uitziet, bij nadere bestudering bijzonder complex blijken. Ook het dagelijks contact met mijn collega-rechters uit de andere Lidstaten is zeer verrijkend. De juridische, maatschappelijke en intermenselijke opvattingen die je als Nederlander normaal vindt, zijn dat niet noodzakelijkerwijs voor je collega’s. En toch moet je samen met hen een oplossing vinden voor een concreet geschil.

Waarom is uw instelling zo belangrijk?

Het Gerecht is belangrijk voor burgers en ondernemingen die met de Europese administratie te maken krijgen. Het Gerecht biedt hen rechtsbescherming. Het gaat na of de Europese overheid rechtmatig en op grond van de juiste feiten heeft gehandeld. Dit rechterlijk werk is bijzonder breed en omvat gevarieerde rechtsgebieden zoals landbouwrecht, mededingingszaken, de toekenning van intellectuele en industriële eigendomsrechten, toegang tot documenten, contractuele aangelegenheden, staatssteun, dumping, de bevriezing van tegoeden, geneesmiddelenregistratie en aanbestedingen.

Wat hoopt u het komende jaar te bereiken?

Het Gerecht heeft het de laatste jaren zeer moeilijk. De toevloed van zaken is groter dan de productie. De huidige rechterlijke structuur begint in haar voegen te kraken. Voor de Europese justitiabele betekent dit, dat hij (te) lang op zijn vonnis moet wachten. Het Gerecht doet er alles aan om dit bijzonder zorgwekkende probleem te verhelpen. Dit betekent concreet dat er heel hard gewerkt moet worden. Kortom, doorwerken is het devies, opdat de doorlooptijd van de zaken tot een minimum wordt beperkt.

Wat deed u hiervoor?

Voordat ik in september vorig jaar aanving, was ik Europeesrechtelijk advocaat te Brussel en hoogleraar mededingingsrecht te Rotterdam. Voordat ik medio jaren negentig advocaat werd, was ik een achttal jaren werkzaam als ambtenaar bij de Europese instellingen en daarvoor een drietal jaren als universitair medewerker.

Ambieert u nog andere functies binnen de Europese Unie?

Nee. De functie die ik nu vervul, is de functie die ik altijd graag had willen vervullen. Ik heb het prima naar mijn zin en hoop zo lang als mogelijk mijn enthousiasme voor mijn huidig werk te behouden.

Wat is uw ideaalbeeld voor Europa over 25 jaar, en wat ziet u als de grootste bedreiging?

Mijn ideaal is simpel. Ik hoop dat de Europeanen hun zelfvertrouwen en ambitie dan weer herwonnen hebben, zodat de ouders van 2036 de toekomst positief tegemoet kunnen zien en de verwachting koesteren dat hun kinderen het nog beter zullen hebben dan zij zelf. De grootste bedreiging is angst: vrees voor de toekomst in een wereld waarin Europa aan relatief belang inboet. Men moet zich nimmer door angst laten leiden.

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Meer informatie

2.

Zie ook

3.

Eerdere Europeanen van de week