Nieuwe regelgeving voor een betere bescherming van proefdieren

Aap in testapparaat

Al tijden roept het Europees Parlement om een betere bescherming van proefdieren en, uiteindelijk, een eind aan dierproeven. Aan de andere kant van de discussie staat het belang van onderzoek en innovatie voor de volksgezondheid. Tot op welke hoogte is het testen van nieuwe voedingsmiddelen of medicijnen op dieren geoorloofd in naam van de wetenschap? Het Parlement en de Raad van Ministers zochten hier de juiste balans voor en het lijkt erop dat die is gevonden. Het EP heeft op 8 september 2010 besloten dat de nieuwe richtlijn voor minder experimenten op dieren er komt. De EU-lidstaten moeten de richtlijn binnen twee jaar omzetten in hun nationale wetgeving.

In de Europese Unie werd in 2009 gebruik gemaakt van zo'n 12 miljoen proefdieren. Bij essentieel onderzoek voor het welzijn van de mens, zoals naar genezing of verlichting van onder meer AIDS, tuberculose, malaria, Alzheimer en multiple sclerose, is volgens wetenschappers het gebruik van kleine niet-menselijke primaten (vooral mensapen en halfapen) bijvoorbeeld onmisbaar. Een verbod op dierproeven zal dus leiden tot een forse achteruitgang van biomedisch onderzoek in Europa en behalve dat dit de concurrentiepositie van Europees onderzoek schaadt, zou een algemeen verbod de volksgezondheid ernstig in gevaar brengen.

De activiteiten van de Europese Commissie op het gebied van dierenwelzijn gaan echter uit van het idee dat dieren wezens met gevoel zijn. Sterker nog, het welzijn van dieren is een fundamentele waarde van de Europese Unie en is vastgelegd in artikel 13 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Het is de taak van de mens om dieren niet onnodig bloot te stellen aan pijn of leed en de Commissie wil daarom aan houders en eigenaren van dieren minimale welzijnseisen stellen. Er wordt hiermee ook tegemoetgetreden aan de toenemende bezorgdheid onder de Europese burgers over dierenwelzijn. Opiniepeilingen wijzen uit dat de burger meer geïnteresseerd is in dit onderwerp en ook meer openheid op dit controversiële gebied wenst.

Ook het Europees Parlement heeft zich onlangs ingespannen voor dierenwelzijn en heeft een verbod op gekloond vlees weten af te dwingen. De Nederlandse Europarlementariër Kartika Liotard noemde klonen dierenleed, omdat  dieren "meer pijn lijden, de kans op verminking groot is en ruim de helft van de dieren voortijdig sterft door ziekte." Waar het nu over gaat is de kwestie van proefdieren: tot op welke hoogte is het testen van nieuwe voedingsmiddelen of medicijnen op dieren geoorloofd?

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Verfijning, vermindering, vervanging

De Commissie is in 2008 met een voorstel gekomen dat de ontwikkelingen binnen de wetenschap niet in de weg staat, maar het welzijn van proefdieren toch aanzienlijk kan verbeteren. Dit voorstel heeft een herziening van een richtlijn uit 1986 voor ogen. Centraal staat het beginsel van de drie V's: verfijnen, vermijden en vervangen van het gebruik van proefdieren.

Nu het Europees Parlement dit voorstel heeft aangenomen, kan het in werking treden. Het voorstel roept de nationale autoriteiten op om bij elk experiment de gevolgen voor het welzijn van de proefdieren te bekijken en vooraf alternatieve testmethoden te onderzoeken. Ook worden regels over het gebruik van primaten verscherpt, onder meer door de invoering van een systeem waarin experimenten worden gerangschikt naar de hevigheid van pijnervaring.

2.

Alternatieven

De Landbouwcommissie heeft gesteld dat alle lidstaten moeten kijken naar alternatieve methoden voor dierproeven. Bovendien zou er slechts subsidie moeten worden verleend aan die proeven waarbij dieren zo min mogelijk te lijden hebben wanneer zij afgemaakt worden. Het gebruik van dieren voor wetenschappelijke experimenten zou hierdoor vooral toegestaan moeten worden voor gangbaar onderzoek, zoals naar menselijke of dierlijke ziektes en medicijnen. Wel is er een clausule ingebouwd, waarmee EU-lidstaten kunnen afwijken van deze regelgeving, mits zij het kunnen onderbouwen en tijdig laten weten aan de Commissie en collega-lidstaten.

3.

Van 'mild' tot 'terminaal'

De richtlijn zal categorieën introduceren die weergeven hoe zwaar het proefdier onder het experiment lijdt. Er zijn vier categorieën opgesteld die de niveaus van pijnervaring weergeven: mild , gematigd , ernstig en terminaal . De parlementaire Landbouwcommissie kon zich vinden in deze rangschikking, maar vond de definities wel nog iets te vaag.

Om te voorkomen dat dieren herhaaldelijk te zwaar lijden onder onderzoek, wil de Commissie dat zij alleen 'hergebruikt' worden voor tests die vallen onder de categorie mild (of in sommige gevallen terminaal ). De Europarlementariërs verwachtten echter dat dit tot gevolg zou hebben dat er alleen maar meer dieren gebruikt zullen worden en stelden voor deze grens te verhogen tot gematigd . Wel moet een dierenarts worden geraadpleegd voordat het proefdier opnieuw dierproeven moet ondergaan.

4.

Controle

De Europarlementariërs hebben geëist dat, mocht deze richtlijn goedgekeurd worden, er regelmatige en uiterst efficiënte controle op komt. Er is afgesproken met de lidstaten (die op deze controles moeten toezien) dat ten minste 33 procent van alle laboratoria waar proeven op dieren plaatsvinden, worden gecheckt. Sommige van deze controles moeten onaangekondigd plaatsvinden.

De Commissie zal er op zijn beurt op toezien dat deze regels ook daadwerkelijk nageleefd worden door de nationale autoriteiten. Ook zal de Commissie na vijf jaar evalueren hoe effectief de richtlijn voor het gebruik van proefdieren is.

5.

Proefdier-vrij?

Op den duur wil het Europees Parlement een compleet verbod op experimenten met proefdieren en deze richtlijn is dan ook een stap in die richting. Het Parlement beseft echter dat de tijd daar nog lang niet rijp voor is, vooral omdat er onvoldoende alternatieven voorhanden zijn. Het noemt het zelfs rampzalig voor de volksgezondheid om nu een tijdstip vast te stellen voor het einde van dergelijke experimenten. Door het gebruik van mensapen als de gorilla of chimpansee als proefdieren in de ban te doen, is het EP deels tegemoetgekomen aan oproepen van diverse dierenrechtenorganisaties. Het Europees Parlement en de Raad hebben ingestemd met de richtlijn. Die is op 9 november 2010 van kracht geworden. Lidstaten hebben twee jaar de tijd om de richtlijn om te zetten in nationale wetgeving.

6.

Argumenten in de discussie

Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over een betere bescherming van proefdieren, waarbij bijna altijd wel kanttekeningen te maken zijn. Dat maakt de discussie boeiend, maar een oordeel niet eenvoudiger.

Tip: na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.

Uw reactie

Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.

7.

Handige links

8.

Meer informatie