Voorstel voor een verordening van de Raad tot uitbreiding van de bepalingen van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. […] tot de onderdanen van derde landen die enkel door hun nationaliteit nog niet onder deze bepalingen vallen = Politiek akkoord

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE

Brussel, 2 juni 2010 (04.06) (OR. en)

10442/10

Interinstitutioneel dossier: 2007/0152 (CNS)

SOC 394 MIGR 56

NOTA A-PUNT

van:                   het secretariaat-generaal van de Raad

aan:                    de Raad (Werkgelegenheid, Sociaal beleid, Volksgezondheid en

Consumentenzaken)

nr. Comv.:          12166/07 SOC 287 (COM (2007) 439 def.)

Betreft:               Voorstel voor een verordening van de Raad tot uitbreiding van de bepalingen

van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. […] tot de

onderdanen van derde landen die enkel door hun nationaliteit nog niet onder

deze bepalingen vallen

  • Politiek akkoord

I.

INLEIDING

10442/10

wat/HOR/lv

DG G

1

NL

  • 2. 
    Het voorstel is gebaseerd op artikel 63, lid 4, van het Verdrag (eenparigheid van stemmen en raadplegingsprocedure). Na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon is de rechtsgrondslag thans artikel 79, lid 2, punt b), VWEU (gekwalificeerde meerderheid van stemmen en gewone wetgevingsprocedure).
  • 3. 
    Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, dat aan het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht, heeft Ierland op 24 oktober 2007 schriftelijk laten weten te willen deelnemen aan de aanneming en toepassing van deze verordening.
  • 4. 
    Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en aan het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht, en onverminderd artikel 4 van dit protocol, neemt het Verenigd Koninkrijk niet deel aan de aanneming van deze verordening, die derhalve niet bindend is voor, noch van toepassing is in het Verenigd Koninkrijk.
  • 5. 
    Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van Denemarken, gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, neemt Denemarken niet deel aan de aanneming van deze verordening, die derhalve niet bindend is voor, noch van toepassing is in Denemarken.
  • 6. 
    Het Europees Parlement heeft op 9 juli 2008 in het kader van de raadplegingsprocedure advies uitgebracht. Na de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon heeft het Europees Parlement op 5 mei 2010 een resolutie1 aangenomen waarin het zijn standpunt in het kader van de gewone wetgevingsprocedure bevestigt.
  • 7. 
    Het Europees Economisch en Sociaal Comité heeft op 16 januari 2008 advies uitgebracht.

1 Resolutie van het Europees Parlement van 5 mei 2010 over de gevolgen van de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon voor de lopende interinstitutionele besluitvormingsprocedures.

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       2

DG G                                        NL

  • 8. 
    Het Comité van permanente vertegenwoordigers heeft op 2 juni 2010 zeer ruime mate van overeenstemming bereikt over de tekst van de ontwerp-verordening in de versie van bijlage dezes.

9.

Vier delegaties (AT, BG, CZ en DE) handhaven hun standpunt (zie doc. 9710/10).

  • 10. 
    Het Comité heeft vastgesteld dat de Raad met gekwalificeerde meerderheid tot een politiek akkoord kan komen en stemde derhalve in met het voorstel van het voorzitterschap om dit punt van de lijst van B-punten op de agenda van de Raad EPSCO op 7 en 8 juni 2010 te verplaatsen naar de lijst van A-punten.
  • 11. 
    Het Comité van permanente vertegenwoordigers beveelt de Raad (EPSCO) derhalve aan bij de behandeling van de A-punten van zijn zitting op 7 en 8 juni 2010 een politiek akkoord te bereiken over de tekst van de ontwerp-verordening in bijlage dezes.

10442/10

wat/HOR/lv

DG G

3

NL

BIJLAGE

Ontwerp

VERORDENING VAN DE RAAD

tot uitbreiding van de bepalingen van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. 987/2009 tot de onderdanen van derde landen die enkel door hun nationaliteit nog niet

onder deze bepalingen vallen

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name op artikel 79, lid 2, onder b),

Gezien het voorstel van de Commissie2,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité 3,

Gezien het advies van het Comité van de Regio’s 4,

Handelend volgens de gewone wetgevingsprocedure 5,

Overwegende hetgeen volgt:

2       PB C […] van […], blz. […].

3       PB C […] van […], blz. […].

4       PB C […] van […], blz. […].

5       Standpunt van het Europees Parlement van … (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad) en besluit van de Raad van ...

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       4

BIJLAGE                                    DG G                                        NL

(1)    Sinds de speciale bijeenkomst te Tampere in 1999 hebben het Europees Parlement6, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité 7 aangedrongen op betere integratie van de onderdanen van derde landen die legaal op het grondgebied van een lidstaat verblijven, door hun een aantal uniforme rechten toe te kennen die zo veel mogelijk in overeenstemming zijn met die van de burgers van de Europese Unie.

(2)    De Raad (Justitie en Binnenlandse Zaken) van 1 december 2005 heeft benadrukt dat de Europese Unie moet zorgen voor een billijke behandeling van onderdanen van derde landen die legaal op het grondgebied van een lidstaat verblijven, en dat er een krachtiger integratiebeleid moet komen dat hun rechten verleent en plichten oplegt die vergelijkbaar zijn met die van de burgers van de Europese Unie.

(3)    Verordening (EG) nr. 859/2003 van de Raad van 14 mei 2003 heeft de bepalingen van Verordening (EEG) nr. 1408/71 en Verordening (EEG) nr. 574/72 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsregelingen van de lidstaten uitgebreid tot de onderdanen van derde landen die enkel door hun nationaliteit nog niet onder deze bepalingen vallen.8

(4)    Deze verordening eerbiedigt de grondrechten en neemt de beginselen in acht die met name in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, inzonderheid artikel 34, lid 2, worden erkend.

(5)    Verordening (EG) nr. 883/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels9 vervangt Verordening (EEG) nr. 1408/71. Verordening (EG) nr. 987/2009 vervangt Verordening (EEG) nr. 574/72. De Verordeningen (EEG) nr. 1408/71 en (EEG) nr. 574/72 worden ingetrokken met ingang van de datum van toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. 987/2009.

PB C 154 van 5.6.2000, blz. 63. PB C 339 van 31.11.1991, blz. 82. PB L 124 van 20.5.2003, blz. 1. PB L 166 van 30.04.04, blz. 1.

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       5

BIJLAGE                                    DG G                                        NL

(6)    Verordening (EG) nr. 883/2004 en de Verordening (EG) nr. 987/2009 moderniseren en vereenvoudigen in aanzienlijke mate de coördinatieregels, zowel voor de verzekerden als voor de organen van de sociale zekerheid. Wat deze organen betreft, is het doel van de gemoderniseerde coördinatie de verwerking van de gegevens betreffende de rechten van de verzekerden op prestaties te versnellen en te vergemakkelijken, en de administratiekosten daarvan te beperken.

(7)    De bevordering van een hoog niveau van sociale bescherming en de verbetering van de levensstandaard en van de kwaliteit van het bestaan in de lidstaten zijn doelstellingen van de Europese Unie.

(8)    Om te voorkomen dat werkgevers en nationale socialezekerheidsorganen complexe juridische en administratieve situaties van een beperkte groep personen moeten regelen, dient er één enkel juridisch coördinatie-instrument gebruikt te worden, waarbij zoveel mogelijk gebruik moet worden gemaakt van de modernisering en vereenvoudiging op het terrein van de sociale zekerheid door Verordening (EG) nr. 883/2004 en de Verordening (EG) nr. 987/2009.

(9)    Het is dus zinvol een juridisch instrument goed te keuren ter vervanging van Verordening (EG) nr. 859/2003, hoofdzakelijk gericht op de vervanging van de toepassing van Verordening (EG) nr. 1408/71 door de toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004.

(10)   De toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EEG) nr. 987/2009 op onderdanen van derde landen die enkel door hun nationaliteit nog niet onder deze bepalingen vallen, verleent de betrokkenen geen recht op toegang tot, verblijf of vestiging in, noch op toegang tot de arbeidsmarkt in een lidstaat. Deze verordeningen doen dan ook geen afbreuk aan het recht van de lidstaten om een vergunning voor toegang, verblijf, vestiging of arbeid in de betrokken lidstaat te weigeren, in te trekken of niet te verlengen overeenkomstig het Gemeenschapsrecht.

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       6

BIJLAGE                                    DG G                                        NL

(11)   De bepalingen van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. 987/2009 zullen krachtens deze verordening slechts van toepassing zijn indien de betrokkene reeds legaal op het grondgebied van een lidstaat verblijft. Het legale karakter van het verblijf is dus een voorwaarde voor de toepassing van die bepalingen.

(12)   De bepalingen van Verordening (EG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. 987/2009 zijn niet van toepassing in situaties die in alle opzichten geheel in de interne sfeer van een enkele lidstaat liggen. Dit is onder meer het geval wanneer een onderdaan van een derde land alleen banden heeft met één derde land en met één enkele lidstaat.

(13)   De voorwaarde van legaal verblijf op het grondgebied van een lidstaat, zoals deze in artikel 1 van deze verordening is omschreven, doet geen afbreuk aan de rechten die voortvloeien uit de toepassing van de bepalingen van Verordening (EG) nr. 883/04 met betrekking tot het invaliditeits-, ouderdoms- of nabestaandenpensioen, namens een of meer lidstaten, ten behoeve van een onderdaan van een derde land die vroeger aan de voorwaarden van deze verordening heeft voldaan, of aan zijn nabestaanden, voor zover deze hun rechten ontlenen aan een werknemer, indien zij in een derde land wonen.

(14)   De handhaving van het recht op werkloosheidsuitkeringen, zoals vastgesteld in artikel 64 van Verordening (EG) nr. 883/2004, is afhankelijk van de inschrijving van de betrokkene als werkzoekende bij de diensten voor arbeidsbemiddeling van iedere lidstaat waarheen hij zich begeeft. Deze bepalingen zijn derhalve slechts van toepassing op een onderdaan van een derde land voor zover hij het recht heeft, in voorkomend geval op grond van zijn verblijfsvergunning of zijn status van langdurig verblijvende, om zich als werkzoekende in te schrijven bij de diensten voor arbeidsbemiddeling van de lidstaat waarheen hij zich begeeft, en er legaal te werken.

(15)   Deze verordening doet geen afbreuk aan de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de met derde landen gesloten internationale overeenkomsten waarbij de Europese Unie partij is en die voordelen op het gebied van de sociale zekerheid behelzen.

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       7

BIJLAGE                                    DG G                                        NL

(16)   Aangezien de doelstellingen van het voorgenomen optreden niet voldoende door de lidstaten kunnen worden verwezenlijkt, omdat het grensoverschrijdende situaties betreft, en derhalve vanwege de communautaire dimensie van het voorgenomen optreden beter op het niveau van de Unie kunnen worden verwezenlijkt, kan de Europese Unie maatregelen nemen overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgelegde subsidiariteitsbeginsel. Overeenkomstig het in datzelfde artikel vastgestelde evenredigheidsbeginsel gaat deze verordening niet verder dan wat nodig is om deze doelstellingen te bereiken.

(17)   Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en aan het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht, heeft Ierland op 24 oktober 2007 schriftelijk laten weten te willen deelnemen aan de aanneming en toepassing van deze verordening.

(18)   Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van het Verenigd Koninkrijk en Ierland, dat aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en aan het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie is gehecht, en onverminderd artikel 4 van dit protocol, neemt het Verenigd Koninkrijk niet deel aan de aanneming van deze verordening, die derhalve niet bindend is voor, noch van toepassing is in het Verenigd Koninkrijk.

(19)   Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van het Protocol betreffende de positie van Denemarken, gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, neemt Denemarken niet deel aan de aanneming van deze verordening, die derhalve niet bindend is voor, noch van toepassing is in Denemarken.

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       8

BIJLAGE                                    DG G                                        NL

Artikel 1

De bepalingen van Verordening (EEG) nr. 883/2004 en Verordening (EG) nr. 987/2009 zijn van toepassing op de onderdanen van derde landen die alleen vanwege hun nationaliteit nog niet onder deze bepalingen vallen, alsmede op hun gezinsleden en nabestaanden, mits zij legaal op het grondgebied van een lidstaat verblijven en zich in een situatie bevinden die niet in alle opzichten geheel in de interne sfeer van een enkele lidstaat ligt.

Artikel 2

Verordening (EG) nr. 859/2003 wordt ingetrokken tussen de lidstaten die door deze verordening gebonden zijn.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in de lidstaten overeenkomstig het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel,

Voor de Raad De voorzitter […]

10442/10                                                                                        wat/HOR/lv                       9

BIJLAGE                                    DG G                                        NL

 
 

2.

Meer informatie