Ontwerp-conclusies van de Raad over de voorkoming en bestrijding van de illegale handel in afvalstoffen, met name in de internationale handel

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE

Brussel, 7 mei 2010 (25.05) (OR. en)

5956/5/10 REV 5

NOTA

van: aan:

het voorzitterschap het Coreper/de Raad

CRIMORG 21 ENV 54

ENFOCUSTOM 11 ENFOPOL 143

nr. vorig doc.: 5956/4/10 REV 4 CRIMORG 21 ENV 54 ENFOCUSTOM 11 Betreft:

Ontwerp-conclusies van de Raad over de voorkoming en bestrijding van de illegale handel in afvalstoffen, met name in de internationale handel

Hierbij gaan voor de delegaties de herziene ontwerp-conclusies van de Raad over de voorkoming en bestrijding van de illegale handel in afvalstoffen, met name in de internationale handel.

Het Coreper wordt verzocht met deze ontwerp-conclusies van de Raad in te stemmen, zodat zij aan de Raad kunnen worden voorgelegd.

5956/5/10 REV 5

gra/GRA/lm

DG H 2B

1

NL

BIJLAGE

ONTWERP

Conclusies van de Raad over de voorkoming en bestrijding van de illegale handel in afvalstoffen, met name in de internationale handel

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Het belang BENADRUKKEND dat hij, hecht aan milieubescherming en bescherming van de volksgezondheid in de Europese Unie, conform de artikelen 35 en 37 van het Handvest van de grondrechten;

GELET OP het Verdrag van Bazel inzake de beheersing van de grensoverschrijdende overbrenging van gevaarlijke afvalstoffen en de verwijdering ervan van 22 maart 1989;

HERINNEREND AAN Richtlijn 2006/12/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2006 betreffende afvalstoffen1, Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen en de bepalingen hiervan inzake het verbod op de uitvoer van bepaalde afvalstoffen naar alle landen waarop het OESO-besluit niet van toepassing is, evenals het verbod op de uitvoer van voor verwijdering bestemde afvalstoffen, Verordening (EG) nr. 1418/2007 van de Commissie van 29 november 2007 betreffende de uitvoer, met het oog op terugwinning, van bepaalde in bijlage III of III A bij Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad genoemde afvalstoffen naar bepaalde landen waarop het OESO-besluit betreffende het toezicht op de grensoverschrijdende overbrenging van afvalstoffen niet van toepassing is, Richtlijn 2008/99/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht en Richtlijn 2008/98/EG (artikel 3, lid 2) van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen, die het begrip gevaarlijke afvalstof definiëren;

1 Richtlijn nog steeds van kracht, maar wordt in december 2010 vervangen door Richtlijn 2008/98/EG.

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       2

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

HERINNEREND AAN Verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek;

UITING GEVEND AAN zijn vaste wil alle ernstige vormen van criminaliteit te voorkomen en te bestrijden;

NOTA NEMEND VAN de conclusies van de studiebijeenkomst van deskundigen van de Europese Unie over de bestrijding van de internationale illegale handel in giftige afvalstoffen, gehouden in Parijs van 7 tot en met 9 oktober 20081;

NOTA NEMEND VAN de bevindingen van de gecoördineerde handhavingsactiviteiten van IMPEL-TFS van 2009, die aantonen dat bij 19% van de afvaltransporten die op grond van hun hoge risicofactor voor controle geselecteerd werden, overtredingen werden vastgesteld, en dat 37% van die transporten illegaal waren, 45% administratieve inbreuken betrof en 17% nog andere inbreuken;

VERHEUGD OVER het lopende AUGIAS-project van België, Hongarije, Nederland, Frankrijk, Europol, Interpol en Impel, financieel ondersteund door de Europese Commissie, dat verbetering van de rechtshandhavingsinstrumenten ter bestrijding van het illegaal overbrengen van afvalstoffen beoogt;

REKENING HOUDEND MET het programma van Stockholm en de vermelding daarin van een verbetering van de omgeving, bescherming van burgers en een grotere civiele bescherming van de gemeenschap;

ERNSTIG BEZORGD dat dergelijke misdrijven onvermijdelijk schade aanrichten aan het milieu, en dientengevolge ernstige en onomkeerbare schade toebrengen aan de gezondheid van de burgers van de EU en, in het geval van internationale transporten van dergelijke afvalstoffen, van de burgers van derde landen;

16254/08 CRIMORG 205.

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       3

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

1

VERHEUGD OVER de voortrekkersrol van de Europese netwerken die belast zijn met de toepassing van en het toezicht op de milieuwetten, en die de samenwerking in de lidstaten en in de kandidaat-lidstaten coördineren om milieuschade te bestrijden, inclusief de schade die wordt aangericht door de illegale handel in afvalstoffen, te weten IMPEL1 en Aquapol;

VERHEUGD OVER de gezamenlijke operaties in het kader van de WDO2 en IMPEL-TFS, en rekening houdend met de ervaringen die zijn opgedaan met lopende en afgeronde operaties3;

VERHEUGD OVER de inspanningen van de Commissie om illegale overbrengingen van afvalstoffen te verminderen, in het bijzonder het organiseren van bewustmakingsinitiatieven in de lidstaten van 2006 tot en met 2009, en het opzetten van een helpdesk voor advies over de interpretatie van Verordening (EG) nr. 1013/2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen;

HET BELANG ONDERSTREPEND van de aan Europol en Eurojust verleende bevoegdheden op het gebied van milieucriminaliteit;

BESEFFEND dat de mondiale aard van milieucriminaliteit, met name de illegale internationale handel in afvalstoffen, vraagt om een krachtige samenwerking met milieurechtshandhavings-instanties, douanediensten en bestuurlijke overheden wereldwijd, met name in Azië en Afrika;

BEZORGD OVER de noodzaak om een snel, efficiënt, gezamenlijk en pragmatisch antwoord te vinden op deze vorm van ernstige criminaliteit en bijgevolg om het milieu en de gezondheid van de burgers van zowel de Europese Unie als derde staten te beschermen;

VERHEUGD OVER de beslissingen van het UNODC, Interpol en de WDO om zich met milieucriminaliteit bezig te houden;

1       IMPEL-TFS is een netwerk van afgevaardigden van handhavingsinstanties van de lidstaten en een aantal andere Europese landen dat zich bezighoudt met de grensoverschrijdende overbrenging van afvalstoffen. Het netwerk is onderdeel van het Europees Netwerk voor de toepassing van en het toezicht op de milieuwetgeving (IMPEL).

2       Werelddouaneorganisatie.

3       Veel gezamenlijke operaties zijn al uitgevoerd (bv. operatie Demeter van de WDO, en de projecten zeehaven en verificatie van IMPEL-TFS).

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       4

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

REKENING HOUDEND MET de instelling van een projectwerkgroep binnen het ICPO-Interpol milieucriminaliteitprogramma, bestaande uit vertegenwoordigers van de rechtshandhavings-instanties van de lidstaten van Interpol, die zich bezig houdt met de bestrijding van de illegale handel in afvalstoffen die het milieu en de volksgezondheid onherstelbare schade toebrengen;

INDACHTIG de initiatieven die ELECT in Nederland heeft ontplooid in samenwerking met Europol, met onder meer een netwerk van contactpunten, bijeenkomsten van deskundigen en een handboek voor politieambtenaren.

CONCLUDEERT DAT DE BESTRIJDING VAN DE ILLEGALE HANDEL IN AFVALSTOFFEN VANUIT, NAAR OF IN DE EUROPESE UNIE MOET WORDEN GEÏNTENSIVEERD EN VERZOEKT DE LIDSTATEN DAARTOE:

  • 1. 
    de initiatieven van ICPO-Interpol (bv. die van het milieucriminaliteitprogramma, de ad-hocwerkgroep en de projectgroep), het UNODC, de WDO en de Raad van Europa te ondersteunen in de bestrijding van milieucriminaliteit;
  • 2. 
    Een netwerk van contactpunten op te zetten, binnen de bestaande rechtshandhavingsinstanties, bestuurlijke overheden op milieu en andere gebiedenen douane-instanties en de onderzoekseenheden die bevoegd zijn op het gebied van de illegale handel in afvalstoffen, teneinde vlot de informatie te kunnen uitwisselen die nodig is om de dreiging te monitoren en criminele activiteiten efficiënt op te sporen (…);
  • 3. 
    te overwegen zich aan te sluiten, of via hun bevoegde nationale diensten hun betrokkenheid te intensiveren, bij het Europese partnerschap voor politiële samenwerking bij de controle op het vervoer over zee of over de binnenwateren van gevaarlijke goederen (Aquapol), alsmede het Europees netwerk voor de toepassing van en het toezicht op de communautaire milieuwetgeving (IMPEL);

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       5

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

  • 4. 
    de bestaande instrumenten (Europol, Interpol, WDO, Eurojust en IMPEL) vaker in te zetten, waaronder de uitvoering van nationale of regionale actieplannen, het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten en het verstrekken van gegevens ten behoeve van de informatiesystemen van Europol, analyses of internationale opsporingen, zodat de bestaande organisaties optimaal worden benut;
  • 5. 
    het personeel van hun bevoegde rechtshandhavingsinstanties, bestuurlijke overheden, milieu-en andere (…) instanties, douane en gerechtelijke autoriteiten de gepaste opleiding aan te bieden - waar nodig in samenwerking/coördinatie met de Europese Politieacademie (EPA), Interpol of de groene douaneworkshops - aangaande milieustrafrecht, met inbegrip van afvalstoffen en de nieuwe modus operandi van de criminele groepen en de banden met ernstige witteboord- en financiële criminaliteit op dit gebied;
  • 6. 
    met inachtneming van de verplichtingen op grond van artikel 50 van Verordening (EG) nr. 1013/2006, krachtdadig nationale of grensoverschrijdende gerichte operaties en opleidingen te organiseren met het oog op de controle van de naleving van de voor afvaltransport via de weg, het spoor, de binnenwateren, de zee en de lucht vigerende regels;
  • 7. 
    deel te nemen aan, en rekening te houden met, de huidige ontwikkelingen op het gebied van ecologische activiteiten, niet alleen om een groter engagement te kweken, maar ook om het volume aan gevaarlijke afvalstoffen te beperken;
  • 8. 
    bijzondere aandacht te schenken aan afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) en gebruikte elektrische en elektronische apparatuur (EEE) die naar vermoed wordt AEEA is.

DOET EEN BEROEP OP DE LIDSTATEN, EUROJUST EN EUROPOL:

  • 1. 
    hun inspanningen te bundelen om, wanneer dienstig, gemeenschappelijke onderzoeksteams (GOT) betreffende de illegale handel in afvalstoffen door criminele groepen op te zetten; wanneer dienstig, te overwegen gemeenschappelijke onderzoeksteams (GOT) betreffende de illegale handel in afvalstoffen door criminele groepen op te zetten, eventueel samen met Europol en Eurojust.

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       6

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

DRINGT ER BIJ EUROPOL OP AAN:

  • 1. 
    zo nodig te onderzoeken (…) of bijvoorbeeld met de bijdragen van de lidstaten in verband met het opstellen van de OCTA, zo nodig een analysebestand over dit onderwerp kan worden gemaakt;
  • 2. 
    de structurele uitwisseling van inlichtingen betreffende milieucriminaliteit tussen de lidstaten en bevoegde internationale organisaties zoals Europol, Interpol, IMPEL, UNODC en de WDO waar mogelijk te waarborgen;
  • 3. 
    tezamen met de lidstaten procedures na te gaan om de samenwerking en de doeltreffendheid op het gebied van de bestrijding van deze criminele activiteit te verbeteren.

VERZOEKT DE EUROPESE COMMISSIE:

  • 1. 
    te onderzoeken of de bestaande signaleringsmiddelen die van toepassing zijn op voertuigen en containers waarmee afvalstoffen binnen de Europese Unie worden getransporteerd, kunnen worden geharmoniseerd teneinde de rechtshandhavingsinstanties in staat te stellen de controle te verbeteren. De Commissie wordt verzocht haar conclusies over deze kwestie tegen het einde van 2011 te presenteren;
  • 2. 
    te overwegen de Europese vereisten waaraan onder meer inspecties en steekproefcontroles krachtens Verordening (EG) nr. 1013/2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen moeten voldoen, aan te scherpen teneinde illegale overbrenging van afvalstoffen te bestrijden;
  • 3. 
    de ontwikkeling van bijkomende maatregelen voor te stellen om de lidstaten te ondersteunen bij de handhaving van Verordening (EG) nr. 1013/2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen;
  • 4. 
    tezamen met de lidstaten, de Raad en Europol, de middelen te onderzoeken die nodig zijn voor de ontwikkeling van een snelle informatieoverdracht tussen de gespecialiseerde eenheden van de lidstaten, bijvoorbeeld via het bovengenoemde netwerk van contactpunten;

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       7

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

  • 5. 
    tezamen met de lidstaten, de Raad en Europol, bij te dragen aan de productie en de verspreiding van een Europees operationeel handboek, met beschrijvingen van bijvoorbeeld de modus operandi van criminelen, de regels betreffende controleoperaties en innovatieve praktijken die bij controles en onderzoeken worden gebruikt;
  • 6. 
    te overwegen, in het licht van de stroom containers die gevaarlijke ladingen bevatten en op basis van de bestaande systemen die voor de verschillende transportwijzen beschikbaar zijn, het gebruik van een alarmsysteem verder te ontwikkelen naar het voorbeeld van het systeem dat wordt gebruikt voor de illegale massaproductie van drugs, nl. voorafgaande kennisgeving van de export van geregistreerde chemische stoffen;
  • 7. 
    tezamen met de lidstaten, hun inspanningen opvoeren op het gebied van samenwerking met de particuliere sector, niet-gouvernementele organisaties en lokale gemeenschappen, teneinde het bewustzijn te vergroten en hen te wijzen op levens- en gezondheidsbedreigende factoren in hun omgeving.

DRINGT ER BIJ DE EUROPESE COMMISSIE, HET EUROPEES PARLEMENT EN DE LIDSTATEN OP AAN OM,

  • 1. 
    na te gaan hoe de burgers van de Europese Unie het best bewust kunnen worden gemaakt van het probleem van de illegale handel in afvalstoffen.

5956/5/10 REV 5                                                                            oms/YEN/rb                       8

BIJLAGE                                  DG H 2B                                       NL

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie