Europeaan van de week: Thijs Berman

Thijs Berman

Sinds wanneer bent u lid van het Europees Parlement? Wat deed u hiervoor?

Sinds 2004 ben ik lid van het Europees Parlement voor de PvdA. Hiervoor was ik journalist, zo heb ik als correspondent gewerkt in Parijs en in Moskou, voor onder andere de Groene Amsterdammer en de IKON.

Waar houdt u zich in het Parlement voornamelijk mee bezig?

Voor mijn politieke fractie, de S&D (Socialisten & Democraten, waar ook de PvdA in zit) ben ik woordvoerder voor de commissie ontwikkelingssamenwerking, hier ben ik dan ook voornamelijk mee bezig. Verder ben ik voorzitter van de delegatie van het Europees Parlement voor de relatie met Afghanistan. Daarnaast ben ik lid van de commissie mensenrechten en plaatsvervangend lid van de commissies economische en monetaire zaken en begrotingscontrole.

Wat vindt u het boeiendst aan uw werk als Europarlementariër?

Het zoeken naar compromissen met al de verschillende fracties, met mensen uit heel Europa, om zo stappen vooruit te zetten, resultaat te boeken. En dat lukt, als je bereid bent te luisteren, ook naar andere meningen.

Op welke prestatie uit de afgelopen periode als Europarlementariër bent u het meest trots?

Dat ik gekozen ben tot lijsttrekker van de PvdA voor de Europese verkiezingen van 2009. De andere prestatie uit het vorige mandaat waar ik het meest trots op ben is de totstandkoming van 1 miljard euro voor de Food Facility. Een fonds voor boeren in arme landen, waarmee ze snel meer kunnen produceren om zo de voedselcrisis tegen te gaan.

Wat hoopt u het komende jaar als Europarlementariër te bereiken?

Allereerst ben ik op dit moment bezig met een rapport over het externe mandaat van de Europese Investeringsbank, met dit rapport wil ik onderzoeken of de bank meer kan gaan investeren in ontwikkelingslanden. Dit sluit goed aan bij mijn overtuiging dat burgers in ontwikkelingslanden betere toegang tot financiële diensten moeten hebben. We moeten af van een ontwikkelingsbeleid met louter subsidies en toe naar meer investeren in ontwikkelingslanden en in de burgers van deze landen, door een combinatie van leningen en subsidies. Bovendien zet ik mij in voor het opzetten van gezondheidszorgsystemen in ontwikkelingslanden; de bevolking is gebaat bij een goede algemene gezondheidszorg, niet bij enkel afzonderlijke fondsen voor een kleine lijst van verschillende ziekten. In de commissie economische en monetaire zaken wil ik het werk van mijn voorgangster Ieke van den Burg voortzetten, namelijk het Europees toezicht op de banken en financiële instellingen versterken.

Wat is uw ideaalbeeld voor Europa over 25 jaar, en wat ziet u als een gevaar?

De EU als model voor de wereld, een samenwerking van onafhankelijke landen die elkaar op steeds meer gebieden weten te vinden en daardoor steeds sterker staan, met en dankzij het respect voor hun verschillen; de EU als motor van een rechtvaardige, sociale en duurzame ontwikkeling, binnen en buiten Europa; maar als grootste gevaar zie ik de neiging om bij tegenslag terug te vallen op nationalistische reflexen die zelf meer kwaad doen dan we op de korte termijn willen inzien.

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Meer informatie

2.

Eerdere Europeanen van de week

Zie ook