Dit BNC-fiche is door de Nederlandse regering gemaakt naar aanleiding van het verschijnen van het document COM(2009)611 van de Europese Commissie. Het bevat onder andere de eerste algemene standpuntbepaling van de Nederlandse regering.
Nederlandse belangen en eerste algemene standpunt
Nederland kan het voorstel in grote lijnen steunen. Nederland acht het van belang dat alle lidstaten in de EU een basis niveau aan onderzoekscapaciteit hebben. Voldoende onderzoekscapaciteit in alle lidstaten is nodig aangezien de Europese vliegtuigmarkt sterk gegroeid is in omvang en complexiteit. Daarnaast is door de komst van het Europees agentschap voor de veiligheid van de burgerluchtvaart (EASA) het juridisch kader sterk veranderd. De EASA is bevoegd (veiligheids)certificaten af te geven voor vliegtuig types. Onderzoek naar ongevallen kunnen gevolgen hebben voor de certificatie. Nederland steunt de nadere eisen voor het beschikbaar stellen van de passagierslijsten en het hulpverlenersplan zodat bij ongelukken familieleden beter kunnen worden geïnformeerd.
Nederland is op zich niet tegen het verplicht inschakelen van EASA, maar vraagt aandacht voor de relatie van EASA als ongevalsonderzoeker, certificerende instantie én toezichthouder. Voorkomen moet worden dat de slager zijn eigen vlees gaat keuren, daar waar het onderzoek zich kan richten op de certificerende instantie. De nu ruim gestelde bevoegdheden van EASA, bijvoorbeeld tot het betreden van plaatsen in relatie tot militaire vliegvelden met civiel medegebruik, verdienen aanpassing.
Het binnen een uur na een incident fourneren van volledige passagierslijsten is, met het oog op slachtoffers en familie, zeer wenselijk. Met betrekking tot de relatie tussen het strafrechtelijk onderzoek en het veiligheidsonderzoek zal worden aangesloten bij het vigerend Nederlands beleid ter zake, zoals vastgelegd in de Rijkswet Onderzoeksraad
voor Veiligheid. Nederland wenst derhalve geen inperking van de huidige strafvorderlijke onderzoeksbevoegdheden.
Het beperkte voorgestelde budget verhoudt zich goed met de bescheiden doelstellingen van het netwerk, namelijk het bevorderen van meer samenwerking en een betere uitwisseling van kennis.
