RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende gastoestellen (gecodificeerde versie)

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

  JVS/mg    JUR    NL  

RICHTLIJN .../.../EG VAN HET EUROPEES PARLEMENT   EN DE RAAD  van  betreffende gastoestellen   (gecodificeerde versie)  (Voor de EER relevante tekst)  1 ,  2 ,  PB C 151 van 17.6.2008, blz. 12.  Advies van het Europees Parlement van 20 oktober 2009 (nog niet bekendgemaakt in het  Publicatieblad) en besluit van de Raad van ...    JVS/mg  1  JUR    NL  

Richtlijn 90/396/EEG van 29 juni 1990 betreffende de onderlinge aanpassing van de  wetgevingen van de lidstaten inzake gastoestellen 1  is ingrijpend gewijzigd 2 . Ter wille van  de duidelijkheid en een rationele ordening van de tekst dient tot codificatie van deze  richtlijn te worden overgegaan.  Het behoort tot de taak van de lidstaten op hun grondgebied de veiligheid en de gezond heid van personen en, indien van toepassing, van huisdieren en goederen te beschermen  tegen gevaren die kunnen ontstaan door het gebruik van gastoestellen.  In bepaalde lidstaten bestaan er dwingende voorschriften, waarin met name wordt bepaald  welk veiligheidsniveau gastoestellen moeten hebben, door middel van specificaties inzake  constructie en werking en van controleprocedures. Deze dwingende voorschriften leiden  niet noodzakelijk tot veiligheidsniveaus die van land tot land verschillen, maar op grond  van hun verscheidenheid belemmeren zij het handelsverkeer binnen de Gemeenschap.  De situaties in de lidstaten verschillen wat betreft gassoorten en gasdrukken. Deze situaties  zijn niet geharmoniseerd omdat in iedere lidstaat de situatie op het gebied van energie voorziening en -distributie eigen is aan dat land.  PB L 196 van 26.7.1990, blz. 15.  Zie bijlage VI, deel A.    JVS/mg  2  JUR    NL  

Gemeenschap vervatte vrijheid van verkeer van goederen, belemmeringen van het handels verkeer binnen de Gemeenschap als gevolg van verschillen in de nationale wetgevingen  met betrekking tot de commercialisering van producten moeten worden aanvaard voor  zover kan worden erkend dat deze dwingende voorschriften noodzakelijk zijn. Derhalve  moet de harmonisatie van de wetgeving in dit geval beperkt blijven tot de voorschriften die  nodig zijn om te voldoen aan de dwingende en fundamentele voorschriften inzake veilig heid, gezondheid en energiebesparing in verband met gastoestellen. Deze voorschriften  moeten in de plaats komen van de nationale voorschriften, omdat zij een fundamenteel  karakter hebben.  Handhaving of verbetering van het in de lidstaten bereikte veiligheidsniveau is een van  de hoofddoelstellingen van deze richtlijn en van de veiligheid als omschreven in de  fundamentele voorschriften.  Voor de waarborging van de veiligheid van gastoestellen moet aan fundamentele veilig heids- en gezondheidsvoorschriften worden voldaan. Energiebesparing wordt als  fundamenteel beschouwd. De toepassing van deze eisen moet oordeelkundig gebeuren in  die zin dat rekening moet worden gehouden met de stand van de techniek in de tijd van  het opzetten hiervan.    JVS/mg  3  JUR    NL  

het bewijs van overeenstemming met de fundamentele voorschriften te vergemakkelijken,  is het nodig om op communautair vlak te beschikken over geharmoniseerde normen inzake  met name het ontwerp, de bouw en beproeving van gastoestellen, welker inachtneming de  producten een vermoeden van overeenstemming met de fundamentele voorschriften  verschaft. Deze op communautair vlak geharmoniseerde normen worden opgesteld door  particuliere instellingen en moeten hun status van niet-bindende teksten behouden. In  verband hiermede worden de Europese Commissie voor Normalisatie (CEN), het Europees  Comité voor Normalisatie op het gebied van Elektrotechniek (CENELEC) en het Europees  Normalisatie-instituut voor Telecommunicatie (ETSI) erkend als de instellingen die  bevoegd zijn tot goedkeuring van de geharmoniseerde normen overeenkomstig de  algemene richtsnoeren voor samenwerking tussen de Commissie, de Europese Vrijhandels associatie (EVA) en deze drie instellingen die op 28 maart 2003 werden ondertekend 1 .  "Geharmoniseerde norm" betekent een technische specificatie (Europese norm of  harmoniseringsdocument) die hetzij door de CEN, door het Cenelec of door het ETSI,  hetzij door twee of drie van die instellingen is aanvaard in opdracht van de Commissie  overeenkomstig Richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van  22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische  voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij 2 , en de  bovenvernoemde algemene richtsnoeren voor samenwerking.  PB C 91 van 16.4.2003, blz. 7.  PB L 204 van 21.7.1998, blz. 37.    JVS/mg  4  JUR    NL  

vastgesteld waarbij is uitgegaan van de beginselen die zijn vastgelegd in zijn resolutie van  7 mei 1985 betreffende een nieuwe aanpak op het gebied van technische harmonisatie en  normalisatie 1 . Elk van deze richtlijnen voorziet in het aanbrengen van de CE-markering.  De Commissie heeft in haar mededeling van 15 juni 1989 betreffende een globale aanpak  op het gebied van certificatie en keuring 2  de invoering voorgesteld van een gemeen schappelijke regelgeving betreffende een CE-markering waarvoor een enkele grafische  vorm geldt. De Raad heeft in zijn resolutie van 21 december 1989 betreffende een globale  aanpak op het gebied van de conformiteitsbeoordeling 3  een dergelijke coherente aanpak  wat het gebruik van de CE-markering betreft als leidend beginsel goedgekeurd. De twee  fundamentele elementen van de nieuwe aanpak die moeten worden toegepast, zijn de  fundamentele voorschriften en de procedures ter beoordeling van de overeenstemming.  Controle op de naleving van de desbetreffende technische eisen is noodzakelijk voor een  doeltreffende bescherming van gebruikers en derden. De bestaande certificatieprocedures  verschillen van lidstaat tot lidstaat. Ter vermijding van veelvuldige controles, die in feite  belemmeringen voor het vrije verkeer van gastoestellen vormen, is het wenselijk een  wederzijdse erkenning in te stellen van de certificatieprocedures van de lidstaten. Teneinde  deze wederzijdse erkenning van certificatieprocedures te vergemakkelijken, is het  wenselijk te voorzien in geharmoniseerde communautaire procedures en in de criteria die  in aanmerking moeten worden genomen bij het aanwijzen van de instellingen die worden  belast met de uitvoering van deze procedures.  PB C 136 van 4.6.1985, blz. 1.  PB C 231 van 8.9.1989, blz. 3 en PB C 267 van 19.10.1989, blz. 3.  PB C 10 van 16.1.1990, blz. 1.    JVS/mg  5  JUR    NL  

fundamentele voorschriften vallende veiligheid, gezondheid en energiebesparing moet  worden erkend in een vrijwaringsclausule die voorziet in een geschikte communautaire  procedure.  Degenen tot wie een in het kader van deze richtlijn genomen besluit is gericht, moeten de  beweegredenen van dit besluit en de wegen van beroep die voor hen openstaan kennen.  Deze richtlijn laat de verplichtingen van de lidstaten met betrekking tot de in bijlage VI,  deel B, genoemde termijnen voor omzetting in nationaal recht en toepassing van de aldaar  genoemde richtlijnen onverlet,    JVS/mg  6  JUR    NL  

Werkingssfeer, definities, in de handel brengen, vrij verkeer  Artikel 1  Deze richtlijn is van toepassing op toestellen en toebehoren.  Toestellen die specifiek voor gebruik in industriële processen bestemd zijn en in industriële  bedrijven worden gebruikt, vallen buiten de werkingssfeer van deze richtlijn.  Voor de toepassing van deze richtlijn wordt verstaan onder:  a)  "toestellen": gastoestellen die worden gebruikt voor koken, verwarmen, warmwater productie, koeling, verlichting of wassen, en die, indien van toepassing, een normale  watertemperatuur van ten hoogste 105 °C hebben. Ventilatorbranders en met  dergelijke branders uitgeruste warmtegeneratoren worden eveneens als toestellen  beschouwd;  b)  "toebehoren": beveiligings-, controle- en regelapparatuur en onderdelen - met  uitzondering van ventilatorbranders en met dergelijke branders uitgeruste warmte generatoren - die apart op de markt worden gebracht voor professioneel gebruik en  die bestemd zijn om in een toestel te worden ingebouwd of om geassembleerd te  worden tot een toestel;    JVS/mg  7  JUR    NL  

gasvormige toestand verkeert.  Met "normaal gebruik" wordt in deze richtlijn bedoeld dat:  a)  de toestellen op de juiste wijze zijn geïnstalleerd en regelmatig worden onderhouden  overeenkomstig de instructies van de fabrikant;  b)  de toestellen worden gebruikt met een normale schommeling van de gaskwaliteit en  de gasdruk; en  c)  de toestellen in overeenstemming met hun gebruiksdoel of op een in redelijkheid te  verwachten manier worden gebruikt.  Artikel 2  De lidstaten treffen alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de toestellen alleen in  de handel gebracht en in gebruik genomen worden indien zij bij normaal gebruik geen  gevaar opleveren voor de veiligheid van personen, huisdieren of eigendommen.    JVS/mg  8  JUR    NL  

verandering betreffende de op hun grondgebied gebruikte gassoorten en bijbehorende  gebruiksdrukken die in overeenstemming met artikel 2, lid 2, van Richtlijn 90/396/EG ter  kennis zijn gebracht.  De Commissie zorgt ervoor dat zij in het Publicatieblad van de Europese Unie worden  bekendgemaakt.  Artikel 3  Artikel 4  De lidstaten mogen het in de handel brengen en de ingebruikneming van toestellen die  voldoen aan deze richtlijn niet verbieden, beperken of belemmeren, indien deze van de in  artikel 10 bedoelde CE-markering zijn voorzien.  De lidstaten mogen het in de handel brengen van toebehoren vergezeld van een verklaring  als bedoeld in artikel 8, lid 4, niet verbieden, beperken of belemmeren.    JVS/mg  9  JUR    NL  

Artikel 5  De lidstaten gaan uit van het vermoeden dat toestellen en toebehoren aan de fundamentele  voorschriften van bijlage I voldoen, wanneer zij in overeenstemming zijn met:  a)  de betreffende nationale normen ter uitvoering van de geharmoniseerde normen,  waarvan de referentienummers in het Publicatieblad van de Europese Unie zijn  bekendgemaakt;  b)  de desbetreffende nationale normen, voor zover er op de door deze normen bestreken  gebieden geen geharmoniseerde normen bestaan.  De lidstaten publiceren de referentienummers van de in lid 1, onder a), bedoelde nationale  normen.  Zij delen de Commissie de tekst mede van hun nationale normen als bedoeld in lid 1,  onder b), die volgens hen voldoen aan de fundamentele voorschriften van bijlage I.  De Commissie zendt deze nationale normen door aan de andere lidstaten. Overeenkomstig  de procedure van artikel 6, lid 2, stelt zij de lidstaten in kennis van de nationale normen,  ten aanzien waarvan er een vermoeden bestaat van overeenstemming met de fundamentele  voorschriften van bijlage I.    JVS/mg  10  JUR    NL  

Artikel 6  Indien een lidstaat of de Commissie van mening is dat de in artikel 5, lid 1, bedoelde  normen niet geheel voldoen aan de fundamentele voorschriften van bijlage I, legt de  Commissie of de betrokken lidstaat onder opgave van de redenen de zaak voor aan het bij  artikel 5 van Richtlijn 98/34/EG ingestelde Permanent Comité, hierna "het Comité" te  noemen.  Het Comité brengt onverwijld advies uit.  In het licht van het advies van het Comité stelt de Commissie de lidstaten ervan in kennis  of de betrokken normen al dan niet uit de in artikel 5, lid 2, eerste alinea, bedoelde  publicaties geschrapt moeten worden.  Na ontvangst van de in artikel 5, lid 2, tweede alinea, bedoelde mededeling raadpleegt de  Commissie het Comité.  Na ontvangst van het advies van het Comité stelt de Commissie binnen een maand de  lidstaten ervan in kennis of voor de desbetreffende nationale norm(en) het vermoeden van  overeenstemming geldt. Indien dit het geval is, maken de lidstaten de referentienummers  van deze normen bekend.  De Commissie publiceert de referentienummers ook in het Publicatieblad van de  Europese Unie.    JVS/mg  11  JUR    NL  

Artikel 7  Wanneer een lidstaat constateert dat toestellen die voorzien zijn van de CE-markering bij  normaal gebruik gevaar kunnen opleveren voor de veiligheid van personen, huisdieren of  eigendommen, neemt hij passende maatregelen om die toestellen uit de handel te nemen of  het in de handel brengen daarvan te verbieden, dan wel te beperken.  De betrokken lidstaat stelt de Commissie onverwijld van deze maatregelen in kennis en  vermeldt de redenen van deze beslissing, met name als de niet-overeenstemming voort vloeit uit:  a)  het niet voldoen aan de fundamentele voorschriften van bijlage I, wanneer het toestel  niet voldoet aan de in artikel 5, lid 1, bedoelde normen;  b)  een verkeerde toepassing van de in artikel 5, lid 1, bedoelde normen;  c)  leemten in de in artikel 5, lid 1, bedoelde normen zelf.    JVS/mg  12  JUR    NL  

Commissie na dit overleg vaststelt dat de in lid 1 bedoelde maatregel gerechtvaardigd is,  stelt zij de lidstaat die tot de maatregelen is overgegaan alsmede de overige lidstaten  onmiddellijk hiervan in kennis.  Wanneer het in lid 1 bedoelde besluit wordt gemotiveerd door leemten in de normen legt  de Commissie na overleg met de betrokken partijen de kwestie binnen een termijn van  twee maanden aan het Comité voor indien de lidstaat die de maatregelen heeft genomen  voornemens is deze te handhaven, en leidt zij de in artikel 6 bedoelde procedures in.  Indien een toestel dat niet voldoet aan de fundamentele voorschriften is voorzien van de  CE-markering, treft de bevoegde lidstaat passende maatregelen tegen degene die de  CE-markering heeft aangebracht en stelt hij de Commissie en de overige lidstaten hiervan  in kennis.  De Commissie ziet erop toe dat de lidstaten van het verloop en de resultaten van de  procedures op de hoogte worden gehouden.    JVS/mg  13  JUR    NL  

Procedures van vaststelling van overeenstemming  Artikel 8  De procedures volgens welke de overeenstemming wordt vastgesteld van de in serie  gefabriceerde toestellen zijn:  a)  het EG-type-onderzoek bedoeld in bijlage II, punt 1, en  b)  voordat de toestellen in de handel worden gebracht, naar keuze van de fabrikant:  i)  de EG-verklaring van type-overeenstemming bedoeld in bijlage II, punt 2, of  ii)  de EG-verklaring van type-overeenstemming (productiekwaliteitsbewaking)  bedoeld in bijlage II, punt 3, of  iii)  de EG-verklaring van type-overeenstemming (productkwaliteitsbewaking)  bedoeld in bijlage II, punt 4, of  iv)  de EG-keuring bedoeld in bijlage II, punt 5.  In geval van productie van een toestel als afzonderlijke eenheid of in kleine aantallen kan  de fabrikant de EG-keuring per eenheid, bedoeld in bijlage II, punt 6, hanteren.    JVS/mg  14  JUR    NL  

in overeenstemming zijnde toestellen overeenkomstig artikel 10 de CE-markering  aangebracht.  De in lid 1 bedoelde procedures van vaststelling van overeenstemming worden toegepast  op de toebehoren, met uitzondering van het aanbrengen van de CE-markering en in  voorkomend geval het opstellen van de verklaring van overeenstemming.  Er moet een verklaring worden afgegeven waarin staat dat het toebehoren voldoet aan de  daarop van toepassing zijnde bepalingen van deze richtlijn; voorts moeten daarin de  kenmerken van de toebehoren worden vermeld alsmede de voorschriften voor het  inbouwen in een toestel of het assembleren, die van belang zijn voor het voldoen aan de  voor bedrijfsklare toestellen geldende voorschriften van bijlage I.  Het toebehoren gaat vergezeld van deze verklaring.    JVS/mg  15  JUR    NL  

andere aspecten en die voorzien in het aanbrengen van de CE-markering, dan toont deze  markering aan dat de toestellen geacht worden ook aan de bepalingen van die richtlijnen te  voldoen.  Indien echter in een of meer van deze richtlijnen gedurende een overgangsperiode de  fabrikant de keuze van de toe te passen regeling wordt gelaten, geeft de CE-markering  alleen aan dat aan de voorschriften van de door de fabrikant toegepaste richtlijnen is  voldaan. In dat geval moeten de in het Publicatieblad van de Europese Unie bekend gemaakte referenties van de toegepaste richtlijnen worden vermeld op de door deze  richtlijnen vereiste documenten, handleidingen of gebruiksaanwijzingen die bij de  toestellen zijn gevoegd.  De dossiers en de briefwisseling met betrekking tot procedures van vaststelling van  overeenstemming worden gesteld in de officiële taal (talen) van de lidstaat waar de  aangewezen instantie is gevestigd of in een door die instantie aanvaarde taal.    JVS/mg  16  JUR    NL  

Artikel 9  De lidstaten delen de Commissie en de overige lidstaten mee welke instanties zij met de in  artikel 8 bedoelde procedure hebben belast, met welke specifieke taken deze instanties zijn  belast en welk identificatienummer de Commissie hun vooraf heeft toegekend.  De Commissie publiceert in het Publicatieblad van de Europese Unie de lijst van die  instanties met hun nummer en de taken waarvoor zij zijn aangemeld. Zij zorgt voor de  bijwerking van deze lijst.  Voor het beoordelen van de aan te wijzen instanties passen de lidstaten de criteria van  bijlage V toe.  De instanties die voldoen aan de in de desbetreffende geharmoniseerde normen vermelde  beoordelingscriteria worden geacht in overeenstemming met de in deze bijlage vermelde  criteria te zijn.  Een lidstaat die een instantie heeft aangewezen dient zijn erkenning in te trekken indien hij  constateert dat die instantie niet langer voldoet aan de criteria van bijlage V. Hij stelt de  Commissie en de overige lidstaten hiervan onverwijld in kennis.    JVS/mg  17  JUR    NL  

CE-markering  Artikel 10  De CE-markering en de in bijlage III genoemde opschriften moeten zichtbaar, gemakkelijk  leesbaar en onuitwisbaar worden aangebracht op het toestel of op een daarop bevestigde  opschriftplaat. De opschriftplaat moet zodanig zijn ontworpen dat deze niet opnieuw kan  worden gebruikt.  Op de toestellen mogen geen markeringen worden aangebracht die derden kunnen  misleiden omtrent de betekenis of de grafische vorm van de CE-markering. Op het toestel  of de opschriftplaat mogen andere markeringen worden aangebracht op voorwaarde dat de  zichtbaarheid en de leesbaarheid van de CE-markering niet worden verminderd.  Artikel 11  ontstaat, wanneer een lidstaat vaststelt dat de CE-markering ten onrechte is aangebracht,  voor de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde de verplichting  om onder de door deze lidstaat gestelde voorwaarden het product in overeenstemming te  brengen met de bepalingen inzake de CE-markering en aan de overtreding een einde te  maken;  treft de lidstaat, indien de tekortkoming blijft bestaan, alle nodige maatregelen om overeen komstig de procedure van artikel 7 het in de handel brengen van het betrokken toestel te  beperken of te verbieden dan wel het uit de handel te laten nemen.    JVS/mg  18  JUR    NL  

Slotbepalingen  Artikel 12  Artikel 13  Artikel 14    JVS/mg  19  JUR    NL  

Artikel 15  Artikel 16  Voor de Raad  De voorzitter    JVS/mg  20  JUR    NL  

FUNDAMENTELE VOORSCHRIFTEN  ALGEMENE VOORWAARDEN  Een toestel moet zodanig zijn ontworpen en gebouwd dat de werking veilig is en het bij  normaal gebruik als omschreven in artikel 1, lid 3, van deze richtlijn geen gevaar oplevert  voor personen, huisdieren of eigendommen.  Wanneer het toestel in de handel wordt gebracht, moeten:  ­  technische aanwijzingen voor de installateur worden meegeleverd;  ­  gebruiks- en onderhoudsaanwijzingen voor de gebruiker worden meegeleverd;  ­  de nodige waarschuwingen op het toestel, alsmede op de verpakking worden  vermeld.  De aanwijzingen en waarschuwingen moeten gesteld zijn in de officiële talen (taal) van de  lidstaat van bestemming.    JVS/mg  1  JUR    NL  

afstelling en onderhoud worden vermeld, zodat deze taken op de juiste wijze kunnen  worden uitgevoerd en het toestel veilig kan worden gebruikt. Ook moeten de aanwijzingen  nadere gegevens bevatten omtrent:  ­  de te gebruiken gassoort,  ­  de te gebruiken gasdruk,  ­  de vereiste luchtverversing:  ­  voor de aanvoer van verbrandingslucht,  ­  ter vermijding van de vorming van mengsels met een gevaarlijk gehalte aan  niet-verbrand gas voor toestellen die niet zijn voorzien van het in punt 3.2.3  bedoelde toebehoren,  ­  de wijze van afvoer van de verbrandingsproducten,  ­  voor ventilatorbranders en met dergelijke branders uit te rusten warmtegeneratoren:  de kenmerken, de assemblagevoorschriften om te kunnen voldoen aan de funda mentele voorschriften die gelden voor het toestel als eindproduct, en, in voorkomend  geval, de lijst van door de fabrikant aanbevolen combinaties.  In de gebruiks- en onderhoudsaanwijzingen voor de gebruiker moeten alle nodige  inlichtingen voor een veilig gebruik worden gegeven en moet de aandacht van de gebruiker  met name worden gevestigd op eventuele gebruiksbeperkingen.    JVS/mg  2  JUR    NL  

en de eventuele gebruiksbeperkingen duidelijk worden vermeld, met name de beperking  dat het toestel alleen in voldoende verluchte ruimten mag worden geïnstalleerd.  Een in een toestel te gebruiken toebehoren moet zodanig zijn ontworpen en gebouwd dat  het op de juiste wijze overeenkomstig het gebruiksdoel werkt indien het overeenkomstig de  aanwijzingen voor de installatie is aangebracht.  De instructies voor installatie, afstelling, werking en onderhoud worden met het  toebehoren meegeleverd.  MATERIALEN  De materialen moeten geschikt zijn voor het voorziene gebruik en bestand zijn tegen de  mechanische, chemische en thermische omstandigheden waaraan zij naar verwachting  zullen worden blootgesteld.  De fabrikant of de leverancier moet garant staan voor materiaaleigenschappen die van  belang zijn voor de veiligheid.    JVS/mg  3  JUR    NL  

Algemeen  De constructie van het toestel moet zodanig zijn dat zich bij normaal gebruik geen  onstabiliteit, vervorming, breuk of slijtage voordoet die de veiligheid in gevaar kan  brengen.  Condensvorming bij het opwarmen en/of tijdens bedrijf mag niet van invloed zijn op de  veiligheid van het toestel.  Het ontwerp en de constructie van het toestel moeten zodanig zijn dat bij aanwezigheid van  vuur buiten het toestel het ontploffingsgevaar minimaal is.  De constructie van het toestel moet zodanig zijn dat ongewenst binnendringen van water  en lucht in de gasleiding onmogelijk is.  Bij een normale variatie van de hulpenergie moet het toestel veilig blijven functioneren.  Abnormale variatie of het uitvallen van de hulpenergie of terugkomst ervan mogen niet tot  een onveilige situatie leiden.    JVS/mg  4  JUR    NL  

elektrische aard uitgesloten worden. In het onderhavige toepassingsgebied geldt naleving  van de veiligheidsdoelstellingen met betrekking tot gevaren van elektrische aard van  Richtlijn 2006/95/EG van het Europees Parlement en de Raad 1  als naleving van dit  vereiste.  Onder druk staande delen van een toestel moeten bestand zijn tegen de mechanische en  thermische belasting waaraan ze blootstaan zonder dat er vervormingen optreden die de  veiligheid in gevaar brengen.  Een toestel moet zodanig zijn ontworpen en geconstrueerd dat een defect aan een  beveiligings-, controle- of afstellingsinrichting niet tot een onveilige situatie leidt.  van de beveiligingsinrichtingen niet worden beïnvloed door die van de afstellings inrichtingen.  door de gebruiker en de installateur ongemoeid moeten worden gelaten, moeten afdoende  worden beschermd.  zijn voorzien van passende instructies om een foutieve bediening te voorkomen. Zij dienen  zodanig te zijn ontworpen dat bij toeval hanteren uitgesloten is.  PB L 374 van 27.12.2006, blz. 10.    JVS/mg  5  JUR    NL  

Een toestel moet zodanig geconstrueerd zijn dat het gaslek uit een toestel geen gevaar kan  opleveren.  Een toestel moet zodanig geconstrueerd zijn dat de hoeveelheid gas die bij ontsteking,  herontsteking en na doving van de vlam vrijkomt, voldoende beperkt is om een gevaarlijke  opeenhoping van onverbrand gas in het toestel te voorkomen.  Toestellen die bestemd zijn om te worden gebruikt in gesloten ruimten, moeten voorzien  zijn van een specifiek toebehoren ter vermijding van gevaarlijke opeenhoping van niet verbrand gas in de ruimten.  Toestellen zonder zo een toebehoren mogen alleen worden gebruikt in ruimten met  voldoende verluchting om gevaarlijke opeenhoping van niet-verbrand gas te vermijden.  De lidstaten kunnen op hun grondgebied de voorwaarden voor voldoende verluchting voor  de installatie van deze toestellen vaststellen met inachtneming van de kenmerken van de  toestellen.  Toestellen voor grote keukens en toestellen die werken op gas dat toxische componenten  bevat, dienen van dit toebehoren te zijn voorzien.    JVS/mg  6  JUR    NL  

Een toestel moet zodanig geconstrueerd zijn dat bij normaal gebruik  ­  de ontsteking en herontsteking rustig verlopen;  ­  overlopen gewaarborgd is.  Verbranding  Een toestel moet zodanig zijn geconstrueerd dat bij normaal gebruik een stabiele vlam  gewaarborgd is, terwijl de verbrandingsproducten geen onaanvaardbare concentraties  mogen bevatten van stoffen die schadelijk zijn voor de gezondheid.  Een toestel moet zodanig geconstrueerd zijn dat er bij normaal gebruik geen onvoorziene  verbrandingsproducten vrijkomen.  Een toestel dat is aangesloten op een afvoerleiding voor verbrandingsproducten moet  zodanig geconstrueerd zijn dat er in geval van abnormale trek in het desbetreffende vertrek  geen verbrandingsproducten in gevaarlijke hoeveelheden vrijkomen.  Geisers en individuele verwarmingstoestellen die niet zijn aangesloten op een afvoer leiding voor verbrandingsproducten mogen geen koolmonoxideconcentratie in het vertrek  veroorzaken. Deze koolmonoxideconcentratie mag, gelet op de te verwachten duur van  blootstelling, geen gevaar opleveren voor de gezondheid van personen.    JVS/mg  7  JUR    NL  

Een toestel moet zodanig geconstrueerd zijn dat een rationeel gebruik van energie gewaar borgd is overeenkomstig de stand van de kennis en de techniek en met inachtneming van  de veiligheidsaspecten.  Temperaturen  Delen van een toestel die zich dicht bij de vloer of andere oppervlakken bevinden mogen  geen voor de omgeving gevaarlijke temperaturen bereiken.  De oppervlaktetemperatuur van de voor de gebruiker bestemde bedieningsknoppen en hendels mag geen voor de gebruiker gevaarlijke waarden bereiken.  Het oppervlak van uitwendige delen van een voor huishoudelijk gebruik bestemd toestel  mag, met uitzondering van de oppervlakken of delen die een rol spelen bij het doorgeven  van de warmte, tijdens het gebruik geen temperaturen bereiken die gevaar opleveren voor  de gebruiker, en in het bijzonder voor kinderen, voor wie met een aangepaste reactietijd  rekening moet worden gehouden.  Levensmiddelen en tapwater  Onverminderd de communautaire voorschriften terzake mogen de voor de constructie van  een toestel gebruikte materialen en componenten die in contact kunnen komen met levens middelen of met tapwater geen afbreuk doen aan de kwaliteit daarvan.      JVS/mg  8  JUR    NL  

PROCEDURES VOOR DE VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING  EG-TYPE-ONDERZOEK  Het EG-type-onderzoek is dat deel van de procedure waarbij een aangewezen instantie  vaststelt en verklaart dat een toestel, dat representatief is voor de beoogde productie,  voldoet aan de toepasselijke bepalingen van deze richtlijn.  De aanvraag om een EG-type-onderzoek wordt door de fabrikant of zijn in de Gemeen schap gevestigde gevolmachtigde ingediend bij één enkele aangewezen instantie.  De aanvraag omvat:  ­  naam en adres van de fabrikant alsmede van de gevolmachtigde indien de aanvraag  door deze laatste wordt ingediend;  ­  een schriftelijke verklaring dat er geen aanvraag is ingediend bij een andere aange wezen instantie;  ­  de ontwerp-documentatie als omschreven in bijlage IV.  De fabrikant stelt een voor de beoogde productie representatief toestel, hierna "type" te  noemen, ter beschikking van de aangewezen instantie. De aangewezen instantie kan om  meer exemplaren van het type verzoeken indien dit nodig is voor het beproevings programma.  Een type kan bovendien type-varianten omvatten, mits die varianten geen afwijkende  eigenschappen hebben wat betreft de soorten van gevaar.    JVS/mg  1  JUR    NL  

bestudeert de ontwerp-documentatie, controleert of het type vervaardigd is in overeen stemming met de ontwerp-documentatie en identificeert de onderdelen die ontworpen zijn  overeenkomstig de betreffende bepalingen van de in artikel 5 bedoelde normen en de  fundamentele voorschriften van deze richtlijn;  verricht de juiste onderzoeken en/of proeven of laat deze verrichten om na te gaan of de  door de fabrikant gekozen oplossingen voldoen aan de fundamentele voorschriften  wanneer de in artikel 5 bedoelde normen niet zijn toegepast;  verricht de juiste onderzoeken en/of proeven of laat deze verrichten om na te gaan of,  wanneer de fabrikant heeft besloten de desbetreffende normen toe te passen, deze ook  werkelijk zijn toegepast, waardoor de garantie van overeenstemming met de fundamentele  voorschriften is geschapen.  Indien het type voldoet aan de bepalingen van deze richtlijn, verstrekt de aangewezen  instantie een EG-type-onderzoekcertificaat aan de aanvrager. Het certificaat bevat de  conclusies van het onderzoek, alsmede eventuele voorwaarden voor de geldigheid, de  noodzakelijke gegevens voor de identificatie van het goedgekeurde type en, voor zover van  toepassing, een beschrijving van de werking daarvan. De relevante technische gegevens,  zoals tekeningen en schema's, worden als bijlage bij het certificaat gevoegd.    JVS/mg  2  JUR    NL  

het EG-type-onderzoekcertificaat voor het genoemde type en eventuele aanvullingen als  bedoeld in punt 1.7. Zij kunnen een afschrift van het EG-type-goedkeuringscertificaat  en/of de aanvullingen krijgen alsmede op grond van een gemotiveerd verzoek een afschrift  van de bijlagen bij het certificaat, alsook de rapporten over de verrichte onderzoeken en  proeven.  Een aangewezen instantie die een EG-type-onderzoekcertificaat weigert te verstrekken dan  wel intrekt, stelt de lidstaat die deze instantie heeft aangewezen en de overige aangemelde  instanties daarvan in kennis onder opgave van de redenen van het besluit.  De aanvrager houdt de aangewezen instantie die het EG-type-onderzoekcertificaat heeft  verstrekt op de hoogte van elke wijziging in het goedgekeurde type die van invloed kan  zijn op de overeenstemming met de fundamentele voorschriften.  Voor wijzigingen in het goedgekeurde type moet aanvullende goedkeuring worden  verleend door de aangewezen instantie die het EG-type-onderzoekcertificaat heeft  afgegeven indien dergelijke wijzigingen van invloed zijn op de overeenstemming met de  fundamentele voorschriften of op de voor het toestel voorgeschreven gebruiksomstandig heden. Deze aanvullende goedkeuring wordt gegeven in de vorm van een aanvulling op het  oorspronkelijke EG-type-onderzoekcertificaat.    JVS/mg  3  JUR    NL  

De EG-verklaring van type-overeenstemming is dat deel van de procedure waarbij de  fabrikant verklaart dat de betreffende toestellen in overeenstemming zijn met het type als  beschreven in het EG-type-onderzoekcertificaat en voldoen aan de toepasselijke  fundamentele voorschriften van deze richtlijn. De fabrikant of zijn in de Gemeenschap  gevestigde gevolmachtigde brengt de CE-markering op ieder toestel aan en stelt een ver klaring van overeenstemming op Deze verklaring van overeenstemming heeft betrekking  op één afzonderlijk toestel of op een aantal toestellen en wordt door de fabrikant bewaard.  De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde  instantie die belast is met de in punt 2.3 beschreven steekproeven  De fabrikant neemt alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat het fabricageproces,  met inbegrip van eindcontrole en beproeving van het toestel, de homogeniteit van de  productie waarborgt, alsmede overeenstemming van de toestellen met het type als  omschreven in het EG-type-onderzoekcertificaat en met de toepasselijke fundamentele  voorschriften van deze richtlijn. Een door de fabrikant gekozen aangewezen instantie  verricht de in punt 2.3 beschreven steekproeven op de toestellen.  Controle ter plaatse van de toestellen dient door de aangewezen instantie te worden  uitgevoerd met willekeurige tussenpozen van ten hoogste één jaar. Er wordt een voldoende  aantal toestellen onderzocht, terwijl er passende proeven als omschreven in de in artikel 5  bedoelde desbetreffende normen, of daarmee gelijkstaande proeven, worden verricht  teneinde de garantie te scheppen van overeenstemming met de toepasselijke fundamentele  voorschriften van deze richtlijn. De aangewezen instantie bepaalt in elk apart geval of deze  proeven volledig of gedeeltelijk moeten worden uitgevoerd. Indien een of meer toestellen  worden afgewezen, neemt de aangewezen instantie passende maatregelen om te voor komen dat deze toestellen op de markt worden gebracht.    JVS/mg  4  JUR    NL  

De EG-verklaring van type-overeenstemming (productiekwaliteitsbewaking) is de  procedure waarbij de fabrikant die aan de voorschriften van punt 3.2 voldoet, verklaart dat  de betreffende toestellen in overeenstemming zijn met het in het EG-type-onderzoek certificaat beschreven type en voldoen aan de toepasselijke fundamentele voorschriften van  deze richtlijn. De fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde brengt  de CE-markering op ieder toestel aan en stelt een verklaring van overeenstemming op  Deze verklaring heeft betrekking op één afzonderlijk toestel of op een aantal toestellen en  wordt door de fabrikant bewaard. De CE-markering wordt gevolgd door het identificatie nummer van de aangemelde instantie die belast is met het EG-toezicht  De fabrikant moet op afdoende wijze een productiekwaliteitssysteem opzetten dat de  overeenstemming van de toestellen met het in het EG-type-onderzoekcertificaat  beschreven type en met de toepasselijke fundamentele voorschriften van deze richtlijn  waarborgt. De fabrikant is onderworpen aan EG-toezicht als omschreven in punt 3.4.    JVS/mg  5  JUR    NL  

De fabrikant dient voor de betrokken toestellen bij een aangewezen instantie van zijn  keuze een aanvraag in voor goedkeuring van zijn kwaliteitssysteem.  Deze aanvraag bevat:  ­  documentatie over het kwaliteitssysteem;  ­  de verbintenis dat hij na goedkeuring van het kwaliteitssysteem de daaruit voort vloeiende verplichtingen zal nakomen;  ­  de verbintenis het goedgekeurde kwaliteitssysteem te onderhouden en de blijvende  geschiktheid en doeltreffendheid ervan te waarborgen;  ­  documentatie over het goedgekeurde type en een afschrift van het EG-type-onder zoekcertificaat.    JVS/mg  6  JUR    NL  

systematisch en ordelijk worden vastgelegd in een documentatie van schriftelijk vast gelegde beleidslijnen, procedures en instructies. Deze documentatie over het kwaliteits systeem dient er voor te zorgen dat de kwaliteitsprogramma's, -plannen, -handleidingen en  -dossiers door iedereen op dezelfde manier worden geïnterpreteerd. Zij dient met name een  behoorlijke beschrijving te bevatten van  ­  de kwaliteitsdoelstellingen, het organisatieschema en de verantwoordelijkheden van  de bedrijfsleiding en van hun bevoegdheden met betrekking tot de kwaliteit van de  toestellen;  ­  de fabricageprocessen, de kwaliteitscontrole- en kwaliteitsborgtechnieken en de  systematisch toe te passen maatregelen;  ­  de onderzoeken en proeven die voor, tijdens en na de fabricage worden verricht en de  frequentie waarmee dat zal gebeuren;  ­  de middelen om controle uit te oefenen op het bereiken van de vereiste kwaliteit van  de toestellen en de doeltreffende werking van het kwaliteitssysteem.  De aangewezen instantie onderzoekt en evalueert het kwaliteitssysteem om na te gaan of  dit voldoet aan de in punt 3.3.2 bedoelde voorschriften. Zij vermoedt overeenstemming  met deze voorschriften bij kwaliteitssystemen waar de betreffende geharmoniseerde norm  wordt toegepast.  Zij stelt de fabrikant van haar beslissing in kennis, en licht de andere aangewezen  instanties daarover in. De kennisgeving bevat de conclusies van het onderzoek, de naam  en het adres van de aangewezen instantie en de met redenen omklede beoordelings beslissing betreffende de betrokken toestellen.    JVS/mg  7  JUR    NL  

op de hoogte van elke aanpassing van het kwaliteitssysteem aan veranderingen die  bijvoorbeeld kunnen voortvloeien uit nieuwe technologieën en nieuwe kwaliteits concepten.  De aangewezen instantie onderzoekt de voorgestelde wijzigingen en beslist of het  kwaliteitssysteem in zijn gewijzigde vorm aan de desbetreffende voorschriften voldoet,  dan wel of een nieuwe beoordeling nodig is. Zij stelt de fabrikant van haar beslissing in  kennis. De kennisgeving bevat de conclusies waartoe de controle heeft geleid en de met  redenen omklede beoordelingsbeslissing.  Een aangewezen instantie die de goedkeuring van een kwaliteitssysteem intrekt, stelt de  overige aangewezen instanties daarvan in kennis en vermeldt de redenen van haar besluit.  EG-toezicht  Het EG-toezicht heeft tot doel ervoor te zorgen dat de fabrikant naar behoren voldoet aan  de verplichtingen die voortvloeien uit het goedgekeurde kwaliteitssysteem.    JVS/mg  8  JUR    NL  

fabricage-, controle-, beproevings- en opslagruimten en verstrekt haar alle nodige  informatie, met name  ­  documentatie over het kwaliteitssysteem,  ­  de kwaliteitsdossiers, zoals controleverslagen, testgegevens, ijkgegevens, kwalifi catierapporten van het betrokken personeel.  De aangewezen instantie verricht minimaal eens om de twee jaar een controle om zich  ervan te vergewissen dat de fabrikant de hand houdt aan het goedgekeurde kwaliteits systeem en het toepast, en bezorgt de fabrikant een controleverslag.  Bovendien kan de aangewezen instantie onaangekondigde bezoeken brengen aan de  fabrikant. Tijdens deze bezoeken kan de instantie de toestellen beproeven of laten  beproeven. Zij legt aan de fabrikant een verslag betreffende het bezoek voor, alsmede  eventueel een testrapport.  De fabrikant dient het verslag van de aangewezen instantie op verzoek te kunnen over leggen.    JVS/mg  9  JUR    NL  

De EG-verklaring van type-overeenstemming (productkwaliteitsbewaking) is dat deel van  de procedure waarbij de fabrikant die voldoet aan de verplichtingen van punt 4.2 verklaart  dat de toestellen in kwestie in overeenstemming zijn met het type beschreven in het  EG-type-onderzoekcertificaat en voldoen aan de op de toestellen van toepassing zijnde  fundamentele voorschriften van deze richtlijn. De fabrikant of zijn in de Gemeenschap  gevestigde gevolmachtigde brengt de CE-markering op ieder toestel aan en stelt een ver klaring van overeenstemming op Deze verklaring van overeenstemming heeft betrekking  op één of meer toestellen en wordt door de fabrikant bewaard. De CE-markering wordt  gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde instantie die belast is met het  EG-toezicht.  De fabrikant zet een goedgekeurd kwaliteitssysteem op voor de eindcontrole en de  beproeving van de toestellen, zoals omschreven in punt 4.3, en is onderworpen aan het  EG-toezicht zoals omschreven in punt 4.4.    JVS/mg  10  JUR    NL  

In het kader van deze procedure dient de fabrikant voor de betrokken toestellen bij een  aangewezen instantie van zijn keuze een aanvraag in voor goedkeuring van zijn kwaliteits systeem.  Deze aanvraag bevat:  ­  documentatie over het kwaliteitssysteem;  ­  de verbintenis dat hij na goedkeuring van het kwaliteitssysteem de daaruit voort vloeiende verplichtingen zal nakomen;  ­  de verbintenis het goedgekeurde kwaliteitssysteem te onderhouden en de blijvende  geschiktheid en doeltreffendheid ervan te waarborgen;  ­  documentatie met betrekking tot het goedgekeurde type en een afschrift van het  EG-type-onderzoekcertificaat.  In het kader van het kwaliteitssysteem worden alle toestellen onderzocht en worden  passende proeven als omschreven in de in artikel 5 bedoelde toepasselijke norm of normen,  dan wel gelijkwaardige proeven uitgevoerd om na te gaan of zij in overeenstemming zijn  met de toepasselijke fundamentele voorschriften van deze richtlijn.  Alle door de fabrikant gevolgde beginselen, voorschriften en bepalingen moeten  systematisch en ordelijk worden opgenomen in een documentatie van schriftelijk vast gelegde beleidslijnen, procedures en instructies. Deze documentatie over het kwaliteits systeem maakt een uniforme interpretatie van de kwaliteitsprogramma's, -plannen,  -handleidingen en dossiers mogelijk.    JVS/mg  11  JUR    NL  

te bevatten van:  ­  de kwaliteitsdoelstellingen, het organisatieschema en de verantwoordelijkheden van  de bedrijfsleiding en van hun bevoegdheden met betrekking tot de kwaliteit van de  toestellen;  ­  controles en proeven die na de fabricage dienen te worden verricht;  ­  de middelen die bestemd zijn om de doeltreffende werking van het kwaliteitssysteem  te toetsen.  De aangewezen instantie beoordeelt het kwaliteitssysteem om na te gaan of het voldoet aan  het in punt 4.3.2 bepaalde. Zij vermoedt overeenstemming met deze bepalingen bij kwali teitssystemen waarin de betreffende geharmoniseerde norm wordt toegepast. Zij stelt de  fabrikant van haar beslissing in kennis en licht de andere aangemelde instanties daarover  in. De kennisgeving bevat de conclusies van het onderzoek, de naam en het adres van de  aangewezen instantie en de met redenen omklede beoordelingsbeslissing betreffende de  betrokken toestellen.  De fabrikant houdt de aangewezen instantie die het kwaliteitssysteem heeft goedgekeurd,  op de hoogte van elke aanpassing van het kwaliteitssysteem aan veranderingen die bijvoor beeld kunnen voortvloeien uit nieuwe technologieën en nieuwe kwaliteitsconcepten.  De instantie onderzoekt de voorgestelde wijzigingen en beslist of het gewijzigde kwali teitssysteem voldoet aan de desbetreffende bepalingen. Zij stelt de fabrikant van haar  beslissing in kennis. De kennisgeving bevat de conclusies waartoe de controle heeft geleid  en de met redenen omklede beoordelingsbeslissing.    JVS/mg  12  JUR    NL  

overige aangewezen instanties daarvan in kennis en vermeldt de redenen van haar besluit.  EG-toezicht  Het EG-toezicht heeft tot doel ervoor te zorgen dat de fabrikant naar behoren voldoet aan  de verplichtingen die voortvloeien uit het goedgekeurde kwaliteitssysteem.  De fabrikant verleent de instantie voor inspectiedoeleinden toegang tot de fabricage-,  beproevings- en opslagruimten en verstrekt haar alle nodige informatie, met name:  ­  documentatie over het kwaliteitssysteem,  ­  de kwaliteitsdossiers, zoals controleverslagen, testgegevens, ijkgegevens, kwalifi catierapporten betreffende het betrokken personeel.  De aangewezen instantie verricht minimaal eens om de twee jaar een controle om zich  ervan te vergewissen dat de fabrikant de hand houdt aan het goedgekeurde kwaliteits systeem en het toepast en verstrekt de fabrikant een controlerapport.  Bovendien kan de aangewezen instantie onaangekondigde bezoeken brengen aan de  fabrikant. Tijdens deze bezoeken kan de instantie de toestellen beproeven of laten  beproeven. Zij legt de fabrikant een rapport betreffende het bezoek voor en, eventueel,  een testrapport.  De fabrikant dient het verslag van de aangewezen instantie op verzoek te kunnen  voorleggen.    JVS/mg  13  JUR    NL  

De EG-keuring is de procedure waarbij de fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde  gevolmachtigde garandeert en verklaart dat de aan de bepalingen van punt 3 onderworpen  toestellen in overeenstemming zijn met het type als beschreven in het EG-type-onderzoek certificaat en voldoen aan de desbetreffende eisen van deze richtlijn.  De fabrikant neemt alle nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat het fabricageprocédé  waarborgt dat de toestellen in overeenstemming zijn met het type als beschreven in het  EG-type-onderzoekcertificaat, en voldoen aan de desbetreffende eisen van deze richtlijn.  De fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde brengt op elk toestel  de CE-markering aan en stelt een verklaring van overeenstemming op. De verklaring van  overeenstemming kan slaan op een of meer toestellen en wordt door de fabrikant of zijn in  de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde bewaard.  De aangemelde instantie verricht de nodige onderzoeken en proeven om na te gaan of het  toestel voldoet aan de eisen van deze richtlijn; dit geschiedt naar keuze van de fabrikant  door middel van controle en beproeving van elk toestel afzonderlijk overeenkomstig  punt 5.4, dan wel door middel van controle en beproeving op statistische basis overeen komstig punt 5.5.    JVS/mg  14  JUR    NL  

Elk toestel wordt afzonderlijk onderzocht en onderworpen aan de nodige proeven als  beschreven in de in artikel 5 bedoelde relevante norm(en) dan wel aan gelijkwaardige  proeven, om na te gaan of het in overeenstemming is met het type als beschreven in het  EG-type-onderzoekcertificaat en voldoet aan de desbetreffende eisen van deze richtlijn.  De aangemelde instantie brengt op ieder goedgekeurd toestel haar identificatienummer aan  of laat dit doen; tevens stelt zij voor de verrichte proeven een verklaring van overeen stemming op. De verklaring van overeenstemming kan voor een of meer toestellen gelden.  De fabrikant of zijn gevolmachtigde moet in staat zijn desgevraagd de verklaringen van  overeenstemming van de aangemelde instantie over te leggen.  Statistische keuring  De fabrikant biedt zijn producten aan in homogene partijen en neemt alle nodige maat regelen om ervoor te zorgen dat het fabricageprocédé de homogeniteit van iedere partij  waarborgt.    JVS/mg  15  JUR    NL  

De toestellen worden onderworpen aan een statistische attributenkeuring en worden  daarvoor verdeeld in identificeerbare partijen bestaande uit exemplaren van één model die  onder nagenoeg gelijke omstandigheden zijn vervaardigd. Met willekeurige tussenpozen  wordt een partij onderzocht. De voor de steekproef uitgekozen toestellen worden  afzonderlijk onderzocht en onderworpen aan de nodige proeven, als beschreven in de in  artikel 5 bedoelde toepasselijke norm(en) dan wel aan gelijkwaardige proeven, om te  bepalen of de partij wordt goedgekeurd of afgekeurd.  Een en ander geschiedt aan de hand van een bemonsteringsschema, waarbij de volgende  criteria gelden:  ­  het normale kwaliteitsniveau van de aangeboden partij, dat overeenkomt met een  goedkeuringskans van 95% en een niet-overeenstemmingsgehalte van 0,5 tot 1,5%;  ­  de grenskwaliteit van de aangeboden partij, die overeenkomt met een goed keuringskans van 5% en een niet-overeenstemmingsgehalte van 5 tot 10%.  Indien een partij wordt goedgekeurd, brengt de aangemelde instantie op ieder toestel haar  identificatienummer aan of laat zij dit doen; tevens stelt zij voor de verrichte proeven een  verklaring van overeenstemming op. Alle toestellen van de partij mogen in de handel  worden gebracht, behalve de producten van het monster die niet in overeenstemming  werden bevonden.  Indien een partij wordt afgekeurd, neemt de bevoegde aangemelde instantie de nodige  maatregelen om te voorkomen dat die partij in de handel wordt gebracht. Ingeval het vaak  voorkomt dat partijen worden afgekeurd, kan de aangemelde instantie de statistische  keuring staken.    JVS/mg  16  JUR    NL  

instantie het identificatienummer van de instantie aanbrengen.  De fabrikant of zijn gevolmachtigde moet in staat zijn desgevraagd de verklaringen van  overeenstemming van de aangemelde instantie over te leggen.  EG-EENHEIDSKEURING  De EG-eenheidskeuring is de procedure waarbij de fabrikant of zijn in de Gemeenschap  gevestigde gevolmachtigde garandeert en verklaart dat het toestel waarvoor de in punt 2  bedoelde verklaring is afgegeven, voldoet aan de desbetreffende eisen van deze richtlijn.  De fabrikant of zijn in de Gemeenschap gevestigde gevolmachtigde brengt op het toestel  de CE-markering aan en stelt een verklaring van overeenstemming op, die hij bewaart.  De aangemelde instantie onderzoekt het toestel en verricht, met behulp van de ontwerp documentatie, de nodige proeven om na te gaan of het toestel voldoet aan de essentiële  eisen van deze richtlijn.  De aangemelde instantie brengt haar identificatienummer op het goedgekeurde toestel aan  of laat dit doen; tevens stelt zij voor de verrichte proeven een verklaring van overeen stemming op.    JVS/mg  17  JUR    NL  

beoordeeld of het product voldoet aan de eisen van deze richtlijn en of inzicht kan worden  verkregen in het ontwerp, de fabricage en de werking van het toestel.  De ontwerp-documentatie als omschreven in bijlage IV wordt ter beschikking gesteld van  de aangemelde instantie.  Indien de aangemelde instantie dit nodig acht, kunnen na installatie van het toestel de  nodige onderzoeken en proeven worden verricht.  De fabrikant of zijn gevolmachtigde moet desgevraagd de verklaringen van overeen stemming van de aangemelde instantie kunnen overleggen.      JVS/mg  18  JUR    NL  

CE-MARKERING EN OPSCHRIFTEN  De CE-markering bestaat uit de initialen CE in de volgende grafische vorm:    De CE-markering wordt gevolgd door het identificatienummer van de aangemelde  instantie die in de productiecontrolefase optreedt.  Op het toestel of de opschriftplaat moet de CE-markering zijn aangebracht tezamen met de  volgende opschriften:  ­  de naam van de fabrikant of zijn identificatieteken;  ­  het fabrieksmerk van het toestel;  ­  de gebruikte elektrische voeding, indien van toepassing;  ­  de toestelcategorie;  ­  de laatste twee cijfers van het jaar waarin de CE-markering is aangebracht.  Aanvullende gegevens die nodig zijn voor installatie worden bijgevoegd al naar gelang van  de aard van de verschillende toestellen.    JVS/mg  1  JUR    NL  

staande gegradueerde afbeelding in acht worden genomen.  De onderscheiden onderdelen van de CE-markering moeten nagenoeg dezelfde hoogte  hebben, die minimaal 5 mm bedraagt.      JVS/mg  2  JUR    NL  

ONTWERPDOCUMENTATIE  een algemene beschrijving van het toestel;  ontwerp- en fabricagetekeningen en schema's van delen en onderdelen van het toestel,  leidingen;  beschrijvingen en toelichtingen die nodig zijn voor begrip van het bovenstaande, de  werking van de toestellen inbegrepen;  een lijst van de in artikel 5 bedoelde normen die geheel of gedeeltelijk zijn toegepast en  beschrijvingen van de oplossingen die zijn gekozen om te voldoen aan de fundamentele  voorschriften, wanneer de in artikel 5 bedoelde normen niet zijn toegepast;  keuringsverslagen;  de handleidingen voor de installatie en het gebruik.    JVS/mg  1  JUR    NL  

de verklaringen betreffende de in het toestel verwerkte uitrusting;  de verklaringen en certificaten betreffende de methoden voor de fabricatie en/of de  inspectie en/of de controle van het toestel;  alle andere documenten die kunnen bijdragen tot een betere evaluatie door de aangemelde  instantie.      JVS/mg  2  JUR    NL  

MINIMUMCRITERIA WAARAAN AAN TE WIJZEN INSTANTIES  BIJ HUN BEOORDELING MOETEN VOLDOEN  beschikbaarheid van personeel, alsmede van de nodige middelen en uitrusting;  technische bekwaamheid en professionele integriteit van het personeel;  onafhankelijkheid bij het uitvoeren van proeven, het opstellen van verslagen, het afgeven  van verklaringen en het uitoefenen van het in deze richtlijn voorgeschreven toezicht, van  het kaderpersoneel en het technisch personeel ten aanzien van alle kringen, groeperingen  en personen die rechtstreeks of indirect belangen hebben op het gebied van de toestellen;  bewaring van het beroepsgeheim door het personeel;  afsluiting van een verzekering van wettelijke aansprakelijkheid, tenzij deze op grond van  het nationale recht reeds door de staat wordt gedekt.      JVS/mg  1  JUR    NL  

Deel A  Ingetrokken richtlijn met de wijziging ervan  (bedoeld in artikel 14)    Richtlijn 93/68/EEG van de Raad  Uitsluitend artikel 10  (PB L 220 van 30.8.1993, blz. 1)    JVS/mg  1  JUR    NL  

Termijnen voor omzetting in nationaal recht en toepassing  (bedoeld in artikel 14)  Richtlijn  Omzettingstermijn  Toepassingsdatum  30 juni 1991  1 januari 1992  30 juni 1994  1 januari 1995      JVS/mg  2  JUR    NL  

Concordantietabel  Richtlijn 90/396/EEG  De onderhavige richtlijn  Artikel 1, lid 1, eerste alinea  Artikel 1, lid 2, onder a) en b)  Artikel 1, lid 1, tweede alinea  Artikel 1, lid 2, onder d)  Artikel 1, lid 3  Artikel 2, lid 1  Artikel 2, lid 2, eerste alinea  Artikel 2, lid 2, tweede alinea  Artikelen 3 en 4  Artikel 5, lid 1, onder a)    JVS/mg  1  JUR    NL  

Artikel 5, lid 1, onder b)  Artikel 5, lid 2, tweede alinea  Artikel 5, lid 2, derde alinea  Artikel 6, lid 1, eerste alinea  Artikel 6, lid 1, tweede alinea  Artikel 6, lid 1, derde alinea  Artikel 6, lid 2, eerste alinea  Artikel 6, lid 2, tweede alinea  Artikel 6, lid 2, derde alinea  Artikel 7  Artikel 8, lid 1, onder a)    JVS/mg  2  JUR    NL  

Artikel 8, lid 1, onder b), punt i) tot en met iv)  Artikel 8, leden 2 en 3  Artikel 8, lid 4, eerste alinea  Artikel 8, lid 4, tweede alinea  Artikel 8, lid 4, derde alinea  Artikel 8, lid 5, eerste alinea  Artikel 8, lid 5, tweede alinea  Artikel 8, lid 6  Artikelen 9 tot en met 12  ___  ___    JVS/mg  3  JUR    NL  

Artikel 14  Artikel 15  Artikel 16  Bijlagen I tot en met V  Bijlage VI  Bijlage VII      JVS/mg  4  JUR    NL  

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie