Betreft: Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende nieuwe voedingsmiddelen en tot wijziging van Verordening (EG) nr. XXX/XXXX [uniforme procedure] (WB) (eerste lezing) - Verklaringen
Hierbij gaan voor de delegaties verklaringen voor de Raadsnotulen.
__________________
BIJLAGE
VERKLARINGEN VOOR DE RAADSNOTULEN
*
Verklaring van het voorzitterschap en 23 andere lidstaten betreffende alle aspecten van technieken voor het klonen van dieren
Het voorzitterschap neemt nota van de overeenstemming binnen de Raad over het feit dat de
technieken voor het klonen van dieren, zoals celkerntransplantatie ("somatic cell nuclear transfer"-
techniek), specifieke kenmerken hebben die inhouden dat deze verordening niet alle vraagstukken
in verband met klonen kan regelen.
Het voorzitterschap neemt er tevens nota van dat een meerderheid van lidstaten van oordeel is dat
specifieke wetgeving nodig is voor voedingsmiddelen die worden geproduceerd van met een
kloontechniek gekloonde dieren en van de nakomelingen ervan. Die voedingsmiddelen moeten
bijgevolg buiten het toepassingsgebied van de verordening nieuwe voedingsmiddelen vallen zodra
specifieke wetgeving toepasselijk is. Om leemten in de wetgeving te vermijden, vallen die
voedingsmiddelen intussen onder de verordening nieuwe voedingsmiddelen.
In dit verband dient een grondige evaluatie te worden verricht van alle relevante aspecten van de
kloontechniek, in het bijzonder diergezondheid, dierenwelzijn, ethische kwesties, voedselveiligheid
en handelsgerelateerde aspecten.
In afwachting van het resultaat van die evaluatie neemt het voorzitterschap er nota van dat een
meerderheid van lidstaten de Commissie wil verzoeken om bij de Raad en het Europees Parlement
een voorstel voor specifieke wetgeving betreffende alle aspecten van kloontechnieken in te dienen.
__________________
*
België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje en Zweden.
Verklaring van het Verenigd Koninkrijk en Nederland
Nederland en het Verenigd Koninkrijk wensen dat wordt genotuleerd waarom zij geen steun kunnen
verlenen aan de verklaring van het voorzitterschap, en wensen in het bijzonder te onderstrepen dat
moet worden vastgehouden aan het beginsel dat wetgeving gebaseerd moet zijn op resultaten van
wetenschappelijk onderzoek, en dat geen beslissingen over wetgevingsmaatregelen mogen worden
genomen voordat grondige evaluaties zijn verricht.
In de verklaring van het voorzitterschap wordt de Commissie verzocht om bij de Raad en het
Europees Parlement een voorstel voor specifieke wetgeving betreffende alle aspecten van
kloontechnieken in te dienen. Nederland en het VK erkennen dat misschien specifieke wetgeving
nodig is voor voedingsmiddelen die worden geproduceerd van met een kloontechniek gekloonde
dieren en van de nakomelingen ervan. De Commissie dient eerst na te gaan of dergelijke wetgeving
nodig is en het in artikel 15, lid 2, van het gemeenschappelijk standpunt bedoelde verslag aan de
Raad en het Europees Parlement toe te zenden; in afwachting van het resultaat van het verslag van
de Commissie en van een eventuele grondige effectbeoordeling, achten wij het voorbarig aan te
dringen op een alomvattende wetgeving.
___________________
Verklaring van Griekenland
Verklaring van Griekenland over het voorstel voor een verordening van het Europees
Parlement en de Raad betreffende nieuwe voedingsmiddelen en tot wijziging van Verordening
(EG) nr. XXX/XXXX [uniforme procedure]
Griekenland zal zich onthouden bij de stemming over de aanneming van het compromis-
voorstel van het voorzitterschap voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad
betreffende nieuwe voedingsmiddelen en tot wijziging van Verordening (EG) nr. XXX/XXXX
[uniforme procedure].
Volgens Griekenland mogen voedingsmiddelen die afkomstig zijn van door gebruik van een kloontechniek ontstane dieren en van de nakomelingen van deze dieren, niet binnen het
toepassingsgebied van voornoemd voorstel vallen. Wij zijn van oordeel dat voornoemde
voedingsmiddelen met het oog op de bescherming van de menselijke gezondheid, de
diergezondheid en het dierenwelzijn en de duurzaamheid van het milieu, niet op de interne markt
mogen worden gebracht.
Ons standpunt is voorts gebaseerd op het gegeven dat het voorzorgsbeginsel moet worden toegepast, aangezien op grond van de thans beschikbare wetenschappelijke gegevens niet kan
worden uitgesloten dat er mogelijke toekomstige gevaren verbonden zijn aan de toepassing van
kloontechnieken op dieren voor de productie van voedingsmiddelen. Wij wijzen er bovendien op
dat ons standpunt de vertolking is van de grote gevoeligheid en de afwijzende houding van de
gehele Griekse publieke opinie ten aanzien van voedingsmiddelen die afkomstig zijn van gekloonde
dieren.
__________________

