Ontwerp-conclusies van de Raad:Een geïntegreerde aanpak voor een concurrerend en duurzaam industriebeleid in de Europese Unie - aanneming

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

aan: de Raad (Concurrentievermogen), 28 mei 2009

nr. vorig doc.: 9605/09 COMPET 257 ENV 358 IND 51 MI 191 RECH 139 ECO 68 ENER 167 ECOFIN 353 CONSOM 107

Betreft: Ontwerp-conclusies van de Raad: Een geïntegreerde aanpak voor een concurrerend en duurzaam industriebeleid in de Europese Unie - aanneming INLEIDING

Op 9 januari 2008 heeft de Commissie een mededeling getiteld "Een Europees initiatief voor

1

leidende markten" ingediend. Op 24 juli 2008 heeft de Commissie een mededeling over het 2

actieplan inzake duurzame consumptie en productie en een duurzaam industriebeleid ingediend.

1 Doc. 5121/08. 2

Doc. 12026/08.

Op 20 november 2008 heeft de Commissie een mededeling getiteld "Het grondstoffeninitiatief ­

3

voorzien in onze kritieke behoeften aan groei en werkgelegenheid in Europa" ingediend. Op 27 november 2008 heeft de Commissie aan de Europese Raad een mededeling getiteld "Een

4

Europees economisch herstelplan" voorgelegd. Op 8 december 2008 heeft de Commissie een 5

mededeling inzake het verslag over het Europese concurrentievermogen 2008 ingediend. Op 22 januari 2009 heeft de Commissie een mededeling ingediend met als titel "Tijdelijke

communautaire kaderregeling inzake staatssteun ter stimulering van de toegang tot financiering in

6

de huidige financiële en economische crisis" . Op 2 maart 2009 heeft de Commissie een mededeling

getiteld "Aanpak van de crisis in de Europese automobielindustrie" 7 ingediend. Op 5 maart 2009 heeft de Commissie een mededeling getiteld "Op weg naar Europees herstel - Deel 1" 8 voorgelegd aan de voorjaarsbijeenkomst van de Europese Raad.

In reactie op deze initiatieven, en op diverse verslagen op hoog niveau over specifieke economische

sectoren, heeft het voorzitterschap op 30 maart 2009 aan de Groep concurrentievermogen en groei

ontwerp-conclusies van de Raad voorgelegd over een geïntegreerde aanpak voor een concurrerend

en duurzaam industriebeleid in de Europese Unie.

De groep heeft de ontwerp-conclusies van de Raad achtereenvolgens op 31 maart, 21 april, 28 april

en 7 mei 2009 besproken. Na afloop van een schriftelijke goedkeuringsprocedure die op

11 mei 2009 door het voorzitterschap is ingeleid, heeft de groep volledige overeenstemming over de

tekst in document 9605/09 bereikt.

Het Comité van permanente vertegenwoordigers heeft de tekst op 13 en 15 mei 2009 besproken en

heeft over de tekst, met enkele wijzigingen, overeenstemming bereikt. Deze tekst staat in de bijlage

bij dit verslag.

CONCLUSIE

Het Comité van permanente vertegenwoordigers beveelt derhalve de Raad Concurrentievermogen

aan deze conclusies in zijn zitting op 28 mei 2009 aan te nemen.

____________________

3

Doc. 16053/08. 4

Doc. 16097/08. 5

Doc. 16978/08. 6

PB C 16 van 22.1.2009, blz. 1. 7

Doc. 7004/09. 8

Doc. 7084/09.

BIJLAGE

Ontwerp-conclusies van de Raad

Een geïntegreerde aanpak voor een concurrerend en duurzaam industriebeleid in de

Europese Unie

DE RAAD

  • 1. 
    BENADRUKT dat de industrie in de Europese economie een essentiële functie vervult en dat de huidige economische recessie nog steeds dringend vraagt om samenhangende en

gecoördineerde korte-, middellange- en langetermijninitiatieven om het concurrentie-

vermogen van de Europese economie als geheel op een duurzame wijze veilig te stellen; de

initiatieven van de Europese Unie en de lidstaten zullen maximale voordelen bieden indien zij

aansluiten bij de doelstellingen voor de middellange en de lange termijn van de Lissabon-

strategie;

  • 2. 
    ONDERKENT dat het midden- en kleinbedrijf de ruggengraat vormt van de Europese economie en dat bij de vaststelling van randvoorwaarden voor de Europese industrie rekening

moet worden gehouden met en recht moet worden gedaan aan het belang van het mkb;

9

  • 3. 
    MEMOREERT het Europees economisch herstelplan en de door de Europese Raad op 11 en 10 11

12 december 2008 vastgestelde maatregelen , het uitvoeringsverslag van 5 maart 2009, waarvan het communautaire gedeelte tijdens de voorjaarsbijeenkomst door de Europese Raad

12 13

in 2009 is goedgekeurd, en de conclusies van diezelfde voorjaarsbijeenkomst;

9

Mededeling van de Commissie aan de Europese Raad - Een Europees economisch herstelplan (doc. 16097/08). 10

Europese Raad van Brussel, 11 en 12 december 2008 - conclusies van het voorzitterschap (doc. 17271/1/08 REV1), punt 9. 11

Mededeling aan de Europese Voorjaarsraad: Op weg naar Europees herstel - Deel 1 (doc. 7084/09). 12

Europese Raad van Brussel, 19/20 maart 2009, conclusies van het voorzitterschap (doc. 7880/09), punt 8.

13 Europese Raad van Brussel, 19/20 maart 2009, conclusies van het voorzitterschap (doc. 7880/09).

  • 4. 
    ONDERSTREEPT dat de tijdelijke en gerichte steunmaatregelen van de lidstaten volledig in overeenstemming moeten zijn met de vigerende regels inzake staatssteun en de interne markt

14

niet mogen verstoren en dat een volledig open en operationele interne markt een voor waarde is voor het herstel en de toekomstige groei van de Europese industrie;

  • 5. 
    NEEMT TERDEGE NOTA van de conclusies van de discussies over het toekomstige industriebeleid die gevoerd zijn tijdens de conferentie "Industrial Competitiveness ­

Challenges, Opportunities and the Role of Policy in Difficult Times" (Concurrentievermogen

van de industrie - uitdagingen, kansen en de rol van beleid in moeilijke tijden) die op

15

17 maart 2009 te Brussel is gehouden. De conferentie concludeerde dat de crisis duidelijk heeft gemaakt hoe belangrijk het is dat de Europese Unie beschikt over een sterke en

concurrerende industriële basis en hoezeer een samenhangend en gecoördineerd beleid, als

antwoord op de crisis, in de Europese Unie en op het ruimere internationale toneel nodig is;

  • 6. 
    Het nastreven van een op kennis gebaseerde, veilige, duurzame, koolstofarme en hulp bronnenefficiënte economie zou een leidend beginsel moeten zijn voor het Europees

industriebeleid. In het licht van de resultaten van de eerste conferentie van belanghebbenden

van 17 maart 2009 VERZOEKT de Raad de Commissie de resultaten van de bestaande

initiatieven inzake industriebeleid te evalueren en de huidige dialoog met de industrie voort te

zetten met het oog op de formulering van een Europees industriebeleid voor de lange termijn,

dat onder meer stoelt op de resultaten van het huidige industriebeleid, maar tevens de

overgang naar een veilige, duurzame, koolstofarme en hulpbronnenefficiënte economie

bespoedigt op basis van de routekaart die is vervat in het actieplan inzake duurzame

16

consumptie en productie en een duurzaam industriebeleid ;

14

Mededeling van de Commissie -- Tijdelijke communautaire kaderregeling inzake staatssteun ter stimulering van de toegang tot financiering in de huidige financiële en economische crisis (2009/C 16/01) (PB C 16 van 22.1.2009, blz. 1). 15

Zie http://ec.europa.eu/enterprise/newsroom/cf/itemshortdetail.cfm?item_id=2029. 16

Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's over het actieplan inzake duurzame consumptie en productie en een duurzaam industriebeleid (doc. 12026/08).

  • 7. 
    NEEMT NOTA van de vorderingen die zijn geboekt bij de uitvoering van de aanbevelingen 17

uit de tussentijdse evaluatie van het industriebeleid van 2007 en van de daarbij aansluitende horizontale en sectorspecifieke initiatieven en WIJST op het belang van een evenwichtige

horizontale en sectorspecifieke aanpak van het toekomstige Europese industriebeleid;

  • 8. 
    IS INGENOMEN met de mededeling van de Commissie van 20 november 2008 "Het grondstoffeninitiatief - voorzien in onze kritieke behoeften aan groei en werkgelegenheid in

18

Europa" en WIJST erop hoe belangrijk het is dat de Europese Unie beschikt over een EU beleidskader dat de handel in en de aanvoer van kritieke grondstoffen faciliteert;

VERWELKOMT het eindverslag van de groep op hoog niveau voor het concurrentie-

19

vermogen van de chemische industrie in de Europese Unie , waarin een langetermijn strategie voor het concurrentievermogen en de duurzame groei van de chemische industrie

wordt geschetst;

20

IS INGENOMEN met het verslag van het Electra-team en VERZOEKT de Commissie zo spoedig mogelijk met een reactie op de conclusies van dit verslag te komen;

VERWELKOMT de tussentijdse toetsing "CARS 21" en de conclusies daarin van

21

oktober 2008 als een beleidskader om ervoor te zorgen dat de Europese automobielsector op lange termijn concurrerend blijft. De voornaamste bevindingen van de tussentijdse toetsing

moeten de toekomstige besluitvorming, met name op het stuk van betere regelgeving,

effectbeoordeling en voorspelbaarheid, blijven aansturen;

17

Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's - Tussentijdse evaluatie van het industriebeleid - Een bijdrage tot de EU-strategie voor groei en werkgelegenheid (doc. 11686/07). 18

Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad "Het grondstoffeninitiatief - voorzien in onze kritieke behoeften aan groei en werkgelegenheid in Europa (doc. 16053/08). 19

Het eindverslag is beschikbaar onder http://ec.europa.eu/enterprise/chemicals/hlg/hlg2/pdf_docs/final_report/hlg_final_020309.pdf. 20

Het verslag is beschikbaar onder http://ec.europa.eu/enterprise/electr_equipment/electrareport.pdf. 21

De conclusies en het verslag van de groep op hoog niveau die de tussentijdse toetsing heeft uitgevoerd, zijn beschikbaar onder http://ec.europa.eu/enterprise/automotive/pagesbackground/competitiveness/cars21_mtr_report.pdf.

IS INGENOMEN met het werk van de Groep op hoog niveau inzake het concurrentie-

22

vermogen van de voedingsmiddelenindustrie en KIJKT UIT naar het door de Commissie aangekondigde actieplan en de follow-upplannen, die in juli 2009 worden verwacht en waarin

een toekomstgerichte en allesomvattende aanpak wordt uiteengezet en de volgende gebieden

worden bestreken: landbouw- en milieubeleid, interne markt voor levensmiddelen,

functioneren van de voedselketen, onderzoek en innovatie, en handelsbeleid en uitvoer;

  • 9. 
    NEEMT NOTA van de bevindingen in het Verslag over het Europese concurrentievermogen 23 24

2008 , het Europees innovatiescorebord voor 2008 en de recente publicaties van Eurostat over de achteruitgang van de industriële productie;

DE RAAD, DERHALVE:

  • 10. 
    ONDERSTREEPT dat het in stand houden van een sterke en concurrerende industriële basis

in Europa gunstige, stabiele en betrouwbare randvoorwaarden vergt die excellentie, innovatie

en duurzaamheid bevorderen, zijnde voorwaarden waarin bedrijven kunnen werken en

investeren. Deze voorwaarden moeten worden gecreëerd in nauwe samenspraak met

belanghebbenden en in het bijzonder de betrokken industrietakken. Bij alle beleids-

maatregelen op nationaal en Europees niveau moeten de beginselen van betere regelgeving en

van de interne markt worden nageleefd, dienen overlappingen te worden voorkomen en dient

te worden gestreefd naar synergie;

22

Het verslag, "Report on the Competitiveness of the European Agro-Food Industry" van 17 maart 2009, is beschikbaar onder http://ec.europa.eu/enterprise/newsroom/cf/document.cfm?action=display&doc_id=2604&userservice _id=1&request.id=0

en de slotaanbevelingen van 17 maart 2009 zijn te vinden onder

ttp://ec.europa.eu/enterprise/automotive/pagesbackground/competitiveness/cars21_mtr_report.pdf. 23

Mededeling van de Commissie - "Verslag over het Europese concurrentievermogen 2008" (doc. 16978/08). 24

Zie http://www.proinno-europe.eu/EIS2008/website/docs/EIS_2008_Final_report.pdf.

  • 11. 
    MOEDIGT de Commissie, het Europees Parlement en de lidstaten in verband hiermee aan

vaart te zetten achter de vereenvoudiging van de wetgeving en de verlichting van de

administratieve lasten voor industrie en bedrijfsleven. Alle nieuwe wetgevingsvoorstellen en

belangrijke andere voorstellen die aanzienlijke gevolgen hebben voor het bedrijfsleven en,

voor zover mogelijk, alle belangrijke wetswijzigingen dienen te worden onderworpen aan een

grondige kwantitatieve en geïntegreerde effectbeoordeling en een kosteneffectiviteitsanalyse,

inclusief het overwegen van niet-wetgevende alternatieven. De effectbeoordelingen dienen de

huidige economische situatie te weerspiegelen en, in voorkomend geval, rekening te houden

met de specifieke situatie in de lidstaten om te voorkomen dat het wereldwijde concurrentie-

vermogen van de industrie in het gedrang komt. Het "Denk eerst klein"-principe indachtig,

dient bijzondere aandacht te worden besteed aan het effect van de wetgeving op het mkb.

Alvorens nieuwe wetgeving wordt ingevoerd, moet het bedrijfsleven voldoende tijd krijgen

om zich aan te passen;

  • 12. 
    WIJST EROP dat ervoor moet worden gezorgd - wil men het concurrentievermogen van de

Europese industrie handhaven en versterken en de investeringsvoorwaarden in Europa

verbeteren - dat de naleving van nieuwe voorschriften voor het bedrijfsleven geen

buitensporige kosten meebrengt op alle beleidsgebieden. Anders zouden dergelijke kosten,

25

vooral in de huidige economische crisis, het "weglekken van productie" tot gevolg kunnen hebben;

  • 13. 
    IS VAN OORDEEL dat de industrie en de dienstensector steeds nauwer met elkaar verweven

26

zijn en dat beroepsmatige, zakelijke en productgebonden dienstverlening voor vele industrietakken van groot en steeds groeiend belang is. Daarom is het voor de industrie

27

essentieel dat de dienstenrichtlijn volledig en tijdig wordt geïmplementeerd en dat de werking van de interne dienstenmarkt verder wordt verbeterd;

25

"Weglekken van productie" verwijst in deze context naar de mogelijke verplaatsing van industriële productie naar buiten de EU als gevolg van uiteenlopende factoren en buitensporige kosten die bijvoorbeeld voortvloeien uit voorschriften op sociaal, administratief en milieugebied, en houdt in dat investeringen in de toekomst mogelijkerwijs minder aantrekkelijk worden. 26

Zie het eindverslag van het onderzoek naar industriebeleid en diensten dat voor de Europese Commissie, directoraat-generaal Ondernemingen en industrie, is uitgevoerd door ECORYS Netherlands and IDEA Consult (Rotterdam, 5 november 2008): (http://ec.europa.eu/enterprise/enterprise_policy/industry/doc/industrial_policy_and_services_Part1.pdf) .

27 Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt (PB L 376 van 27.12.2006).

  • 14. 
    IS VAN MENING dat een voluit functionerende interne markt een hoeksteen van de EU is,

en een sterke thuismarkt moet bieden voor de Europese industrie, die ook voordelen oplevert

voor de consumenten. Een open en voluit, zonder belemmeringen, functionerende interne

markt is cruciaal om de effecten van de economische crisis op de reële economie te onder-

vangen en haar op de langere termijn aan kracht te doen winnen. Derhalve dienen de

bestaande barrières voor het bedrijfsleven zo spoedig mogelijk te worden weggenomen. De

lidstaten en de Commissie dienen ervoor te zorgen dat de vigerende internemarktregels ook

daadwerkelijk worden toegepast en gehandhaafd en dat niet wordt gediscrimineerd, en dat

goederen en diensten van andere lidstaten dus volgens de EU-regels en -verdragsbeginselen

worden behandeld. De principes van de interne markt en de mededingingsregels moeten als

wezenlijk bestanddeel van een succesvol en toekomstgericht industriebeleid worden

beschouwd;

  • 15. 
    BEKLEMTOONT, in de geest van het slotcommuniqué over een wereldwijd herstel- en

28

hervormingsplan van de op 2 april 2009 in London gehouden G20-top, , dat de economische neergang ook kan worden aangegrepen als kans om wereldwijd het voortouw te nemen bij de

ontwikkeling van nieuwe innoverende oplossingen en om te investeren in het concurrentie-

vermogen van de Europese economie en op die manier de overgang naar een op kennis

gebaseerde, veilige, duurzame, op hernieuwbare energiebronnen gerichte, energie-efficiënte

en koolstofarme economie te bevorderen.

Derhalve dienen de lidstaten het volume en de doeltreffendheid en doelmatigheid van hun

overheidsinvesteringen in onderzoek en ontwikkeling (O&O) en innovatie op peil te houden

of te verhogen. De Europese industrie moet ook worden aangemoedigd om O&O-

investeringen te handhaven of te verhogen, teneinde haar concurrentievermogen op lange

termijn te verbeteren. Zij mag haar O&O-uitgaven niet terugschroeven om in de huidige

economische crisis de kosten te drukken. Het beleid van de Gemeenschap en van de lidstaten

dient alle mogelijke vormen van innovatie te ondersteunen, de handhaving van intellectuele-

eigendomsrechten te verbeteren, en technologie- en kennisoverdracht aan bedrijven en in het

bijzonder het mkb te faciliteren; In dit verband VERWELKOMT de Raad de zeer praktische

aanbevelingen over de versterking van de handhaving van de intellectuele-eigendomsrechten

van de industrie en MKB-bedrijven in de EU" die de deskundigengroep beste praktijken

tijdens de conferentie van 24 april 2009 heeft gepresenteerd. Daarin wordt ervoor gepleit het

mkb op het gebied van intellectuele-eigendomsrechten meer steun te verlenen;

28

De tekst is beschikbaar onder http://www.londonsummit.gov.uk/resources/en/news/15766232/communique-020409.

  • 16. 
    WIJST EROP dat het bijzonder belangrijk is dat de O&O-investeringen in hightech-

industrieën in Europa op een hoog peil worden gehouden. Zij voorzien de belangrijkste

verwerkende industrieën van onmisbare technologie. De Raad KIJKT UIT naar het initiatief

van de Commissie om een proactief beleid ter bevordering van de hightechindustrieën te

ontwikkelen;

  • 17. 
    ONDERSTREEPT dat innovatie hand in hand dient te gaan met normalisatie en dat

normalisatie essentieel is om de marktintroductie van nieuwe technologieën en innovatieve

producten te bevorderen en de interoperabiliteit van oude en nieuwe technologieën en

producten te garanderen;

  • 18. 
    STEUNT, met het oog op een snelle reactie op de huidige economische crisis, de in het

Europees economisch herstelplan vervatte constatering dat de lidstaten en de EU-instellingen

dringend gezamenlijk maatregelen ter verbetering van de energie-efficiëntie moeten nemen;

VERZOEKT de Commissie derhalve uiterlijk medio 2009 met concrete programma's te

komen voor de implementatie van de in het Europees economisch herstelplan voorgestelde

29

publiek-private partnerschappen (het "Europees initiatief voor energie-efficiënte gebouwen", het "Europees initiatief voor groene auto's", en het "initiatief fabrieken van de

toekomst");

  • 19. 
    ONDERSTREEPT dat herstructurering moet worden gefaciliteerd, maar spoort de industrie

aan op een maatschappelijk verantwoorde wijze te werk te gaan. De hoofd-

verantwoordelijkheid voor het herstructureren blijft bij de industrie zelf liggen. Deze

uitdaging kan nieuwe kansen bieden mits de herstructurering in nauwe samenwerking met de

sociale partners correct wordt uitgevoerd. Een basisvoorwaarde voor een concurrerende

industrie is de beschikbaarheid van gekwalificeerde en vakkundige werknemers. De

Commissie en de lidstaten moeten dan ook samenwerken om er door middel van passende

opleidings- en bijscholingsmaatregelen voor te zorgen dat de huidige economische crisis geen

verlies van menselijk kapitaal en vaardigheden meebrengt want dit zijn de hoekstenen van het

concurrentievermogen en de industriële groei van morgen;

29

Zoals goedgekeurd door de Europese Raad van 11 en 12 december 2008. Zie Europese Raad van Brussel, 11 en 12 december 2008: conclusies van het voorzitterschap (doc. 17271/1/08 REV 1), punt 24.

  • 20. 
    HERHAALT dat protectionistische maatregelen zowel binnen als buiten de Europese Unie,

ongeacht of deze door de Europese industrie of haar handelspartners worden genomen, de

economische crisis alleen maar zullen verdiepen en de toekomstige welvaart in het gedrang

zullen brengen. In de geest van het slotcommuniqué van de G 20-top in Londen beschouwt de

Europese Unie het voorkomen van dergelijke maatregelen dan ook als een belangrijke

prioriteit. Europa moet open blijven voor zijn handelspartners en blijven aandringen op vrije

toegang tot derde markten, onder meer door middel van multilaterale en bilaterale

overeenkomsten, het bevorderen van samenwerking en convergentie op regelgevingsgebied

en de wereldwijde invoering van internationale normen om te komen tot een gelijk speelveld

voor Europese industriële ondernemingen op de wereldmarkten. De Europese Unie dient al

haar handelsinstrumenten in te zetten om te zorgen voor steeds opener markten, wat

wederzijds voordeel oplevert;

  • 21. 
    VERKLAART dat het voor de bedrijven en in het bijzonder voor het mkb dringend nodig is

de effecten van de huidige situatie op de financiële markten te beperken en hun tekort aan

liquiditeiten te verkleinen. Bij de lopende of de voorgenomen maatregelen om de banken te

herkapitaliseren moet ernaar worden gestreefd de banken aan te moedigen hun normale

leningsactiviteiten te hervatten en te voldoen aan de financieringsbehoefte van het

bedrijfsleven, met name de behoefte aan werkkapitaal. De lidstaten kunnen een belangrijke

rol spelen door het garanties te verstrekken en andere beschikbare instrumenten in te zetten.

Voorts dient efficiënter gebruikt te worden gemaakt van de instrumenten van de EIB-groep en

van de structuurfondsen, waaronder de daadwerkelijke toepassing van maatregelen ten

30

behoeve van het mkb ; Er zijn ook financiële middelen uit diverse communautaire programma's beschikbaar om het bedrijfsleven te helpen langetermijninvesteringen en

innoverende O&O-projecten te financieren;

  • 22. 
    ERKENT dat de Europese economie afhankelijk is van een aantal energetische en niet-

energetische grondstoffen en ONDERSTREEPT dat de Gemeenschap onverwijld

samenhangende en gecoördineerde maatregelen moet nemen die diverse beleidsterreinen

  • waaronder het industriebeleid - omvatten, omdat er niet één instrument is om de

grondstofproblematiek aan te pakken. Beperking van de energieconsumptie en het

grondstoffengebruik, wegnemen van handelsbelemmeringen om de grondstoffenvoorziening

te verbeteren, verbetering van de energie- en hulpbronnenefficiëntie en ruimer gebruik van

hernieuwbare energiebronnen en secundaire grondstoffen, dienen voor de Europese industrie

de leidende beginselen te zijn;

30 Conclusies van de Raad over "Denk eerst klein" - Een "Small Business Act" voor Europa (doc. 16788/08), aangenomen door de Raad (Concurrentievermogen) van 1-2 december 2008.

  • 23. 
    STEUNT, wat niet-energetische grondstoffen betreft, het voornemen van de Commissie om

met een geïntegreerde strategie te komen, die moet zorgen voor een betere toegang tot

grondstoffen van derde landen zonder marktverstoring, gunstiger kadervoorwaarden voor de

grondstoffenwinning binnen de Europese Unie en een lager verbruik van primaire

grondstoffen door efficiënter gebruik van hulpbronnen te bevorderen en recycling aan te

moedigen;

  • 24. 
    ROEPT de Commissie, de lidstaten en de belanghebbenden op om met name op de volgende

gebieden snel gezamenlijk op te treden:

­ het inventariseren van de voor de Europese industrie kritieke niet-energetische grondstoffen, samen met de Raw Materials Supply Group (groep grondstoffen-

31

voorziening); de Raad beschouwt de door de Commissie opgestelde lijst van kritieke 32

grondstoffen als eerste selectie en VERZOEKT de Raad en de Commissie deze opnieuw te bespreken zodat daar vóór eind 2009 overeenstemming over kan worden

bereikt;

­ het verbeteren van de kadervoorwaarden voor de grondstoffenexploratie en -winning in de Europese Unie met handhaving van een hoog niveau van milieubescherming;

VERZOEKT de lidstaten en de Commissie beste praktijken inzake duurzame

ruimtelijke ordening en reguleringskaders voor exploratie en winning uit te wisselen;

­ het bevorderen van efficiënt gebruik van hulpbronnen en het gebruik van gerecyclede, secundaire en afvalgrondstoffen; het stimuleren van innovatie en O&O om efficiënt

gebruik van de hulpbronnen te bevorderen en de afhankelijkheid ten aanzien van

kritieke hulpbronnen te beperken, overeenkomstig het actieplan inzake duurzame

consumptie en productie en een duurzaam industriebeleid;

31

Zie

http://ec.europa.eu/enterprise/non_energy_extractive_industries/docs/fiches_raw_materials_supply_group.pdf. 32

Zie de bijlagen bij het Werkdocument van de Commissiediensten bij de Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad "Het grondstoffeninitiatief - voorzien in onze kritieke behoeften aan groei en werkgelegenheid in Europa (doc. 16053/08 ADD 1).

­ verbetering van duurzame toegang tot grondstoffen in derde landen; de Raad BENADRUKT het belang van open en goed functionerende grondstoffenmarkten

aangezien verstoringen op deze markten de belangrijke industriesectoren in Europa in

een qua concurrentie nadelige situatie brengen; de Raad VERZOEKT de Commissie

snel de handelsmaatregelen van de Mededeling uit te voeren door te pleiten voor

internationale regels inzake duurzame toegang tot grondstoffen, de onwettige

maatregelen van derde landen aan te pakken en door ervoor te zorgen dat de

instrumenten voor het handelsbeleid stelselmatig en op samenhangende wijze worden

toegepast;

­ meer de nadruk leggen op "grondstoffendiplomatie"; de Raad VERZOEKT de Commissie de dialoog met alle relevante derde landen te intensiveren en het onderwerp

in alle daarvoor geschikte fora, zoals voor handelszaken, aan de orde te stellen; de Raad

VERZOEKT de Commissie en de lidstaten ook om de nodige aandacht te schenken aan

de mogelijkheden die worden geboden door de projecten die in het kader van de

ontwikkelingssamenwerking worden ondernomen; de specifieke situatie van arme

ontwikkelingslanden moet in ogenschouw worden genomen.

De Raad VERWELKOMT het voornemen van de Commissie om uiterlijk eind 2010 met een

tijdpad te komen voor de maatregelen ter uitvoering van deze aanbevelingen;

De Raad stemt niet alleen in met bovengenoemde horizontale maatregelen die gericht zijn op alle

sectoren van de industrie, maar ook met de conclusies over specifieke industriesectoren, gezien de

onlangs afgesloten werkzaamheden over deze sectoren door diverse groepen op hoog niveau.

Tegelijkertijd erkent de Raad dat de doelgerichte en gecoördineerde steunmaatregelen voor de hier

genoemde sectoren kunnen worden uitgebreid tot andere sectoren van de economie die te lijden

hebben onder de economische crisis en daarom PRIJST hij de Commissie voor de regelmatige

evaluaties van de situatie in de industriesectoren, die een hulpmiddel zijn voor het ontwikkelen van

goed beleid in de context van het Europees economisch herstelplan.

DE RAAD, INZAKE DE CHEMISCHE INDUSTRIE,

  • 25. 
    BENADRUKT dat de chemische industrie een sector is die de gehele Europese industrie

oplossingen, geavanceerde materialen en technologieën biedt, alsmede duurzame oplossingen

voor een aantal mondiale milieuproblemen; ook speelt de chemische industrie een

onontbeerlijke rol in de verwezenlijking van een duurzame productie en het gebruik van

chemicaliën en hulpbronnen op een milieuvriendelijke wijze;

  • 26. 
    BENADRUKT dat het innoverende potentieel van de chemische industrie volledig moet

worden benut en dat innovatie en O&O in de chemische sector moeten worden gestimuleerd;

in dit verband moet de overheid meehelpen met het scheppen van gunstige omstandigheden

voor inspanningen van de particuliere sector; HERINNERT in dit verband aan het initiatief

33

voor leidende markten en het belang van relevante technologieplatforms;

  • 27. 
    ERKENT dat de kracht van de Europese chemische industrie schuilt in de hoge mate van

integratie, connectiviteit en clustering ervan. Er moet voortdurend en meer worden

geïnvesteerd in infrastructuren, zoals pijpleidingen en een betere interoperabiliteit van

infrastructuursystemen, op alle niveaus, zowel Europees, nationaal als regionaal, ter

verbetering van de logistieke en vervoersnetwerken tussen clusters, zodat de sector de

toegenomen concurrentie aan kan en zijn mededingingsvermogen kan handhaven en

versterken;

  • 28. 
    ERKENT dat er moet worden gezorgd voor betrouwbare toegang voor de lange termijn tot

olie, aardgas en hernieuwbare grondstoffen en dat de voorzieningszekerheid moet worden

vergroot, met inachtneming van de energiemix die de lidstaten kiezen. Het is van cruciaal

belang dat de interne markt voor gas en elektriciteit wordt versterkt, met name middels de

uitvoering van het pakket "Interne markt met energie";

33

Mededeling van de Commissie aan de Raad, het Europees Parlement, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio's - Een Europees initiatief voor leidende markten (doc. 5121/08).

  • 29. 
    VERZOEKT de Commissie, de lidstaten en de industrie gevolg te geven aan de conclusies

van de groep op hoog niveau voor het concurrentievermogen van de chemische industrie in de

Europese Unie en deze aanbevelingen te beschouwen als een routekaart voor de vaststelling

van concrete en uitvoerbare activiteiten; VERZOEKT de Commissie dit proactief op te

volgen en het concurrentievermogen van de industrie en de bij de toepassing van de

bovengenoemde conclusies geboekte vorderingen van nabij en geregeld te evalueren. De

Raad VERZOEKT de Commissie tevens in nauw overleg met de belanghebbenden uiterlijk

eind 2010 een eerste evaluatie van de resultaten te presenteren;

  • 30. 
    ERKENT dat open wereldmarkten en eerlijke concurrentie voor de Europese chemische industrie van doorslaggevend belang zijn en STEUNT multilaterale en bilaterale initiatieven

voor een verdere liberalisering van de handel in deze belangrijke sector;

34

  • 31. 
    VERZOEKT de Commissie toe te zien op de uitvoering van de REACH-verordening en de effecten ervan op het bedrijfsleven, vooral het mkb, en daarbij rekening te houden met de

huidige economische situatie, en voort te gaan met de vereiste voorbereidende

werkzaamheden die de weg vrij maken voor toekomstige evaluatie van de mate waarin de

doelstellingen van REACH, namelijk verbetering van het concurrentievermogen en innovatie

met een hoge mate van bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu, zijn bereikt;

  • 32. 
    VERZOEKT de industrie om de universele dialoog met belanghebbenden verder te

ontwikkelen, evenals communicatie in de gehele waardeketen, zoals het verstrekken van

informatie aan consumenten over de juiste wijze van omgaan met chemische producten, met

als doel de risico's voor de gezondheid en het milieu zo klein mogelijk te houden;

34

Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 18 december 2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, houdende wijziging van Richtlijn 1999/45/EG en houdende intrekking van Verordening (EEG) nr. 793/93 van de Raad en Verordening (EG) nr. 1488/94 van de Commissie alsmede Richtlijn 76/769/EEG van de Raad en de Richtlijnen 91/155/EEG, 93/67/EEG, 93/105/EG en 2000/21/EG van de Commissie (PB L 396 van 30.12.2006).

DE RAAD, INZAKE DE ELEKTRISCHE EN ELEKTRONISCHE INDUSTRIE,

  • 33. 
    ERKENT dat de elektrische en de elektronische industrie een hoog groeipotentieel heeft en

een sector is die geavanceerde technologie-oplossingen kan bieden voor beduidende

energiebesparingen voor woningen en bedrijven, op het terrein van industriële toepassingen,

vervoer, gebouwen en energie-opwekking, intelligente overbrengings- en distributie-

netwerken. De sector biedt efficiënte en milieuvriendelijke technologieën die de gehele

levenscyclus van het product bestrijken en levert zodoende een belangrijke bijdrage aan de

milieudoelstellingen van de strategie van Lissabon; dit moet tevens worden gezien als een

kans voor de sector om een wereldleider in technologie te worden;

  • 34. 
    ERKENT dat innovatie en investering in O&O van zeer groot belang zijn voor het

concurrentievermogen van de sector op de lange termijn en een effect hebben op het

concurrentievermogen en de energie-efficiëntie in een groot aantal andere sectoren. Dat moet

tot uiting komen in het lopende debat over de toekomst van het industriebeleid en in de

evaluatie van de alomvattende innovatiestrategie, inclusief het initiatief voor leidende

markten;

  • 35. 
    SPOORT alle overheidsinstanties AAN om innovatie in deze belangrijke sector te steunen en

mogelijk te maken door te bepleiten dat bij openbare aanbestedingen wordt gekeken naar

energie- en hulpbronnenefficiënte oplossingen en producten en diensten, en door de

consumenten bewuster te maken;

  • 36. 
    VERZOEKT de Commissie uiterlijk eind 2012 te rapporteren over de bij de uitvoering van de

aanbevelingen van het Electra-team geboekte vorderingen;

DE RAAD, INZAKE DE AUTOMOBIELINDUSTRIE,

  • 37. 
    WIJST op de recente ontwikkelingen in deze sector die de gehele waardeketen betreffen en

BENADRUKT het belang van de automobielindustrie voor de Europese economie. Deze

sector genereert een groot deel van het BBP in de lidstaten, draagt bij aan de netto-uitvoer

naar wereldmarkten, is belangrijk in termen van werkgelegenheidsvolume, is vervlochten met

andere belangrijke industriesectoren en is de grootste particuliere Europese investeerder in

O&O; BENADRUKT dat het toekomstige concurrentievermogen van deze sector voor een

groot aantal mkb-ondernemingen in de toeleveringsketen en de aftersalesmarkt van

levensbelang is;

  • 38. 
    MEMOREERT de conclusies van de Raad Concurrentievermogen van maart 2009 over de

35

automobielindustrie en de kernpuntennota van 2009 (die een bijlage is bij de conclusies van de voorjaarsbijeenkomst van de Europese Raad van 2009), alsmede de toezeggingen van de

lidstaten, de Commissie en de Europese Investeringsbank om de auto-industrie te hulp te

komen;

  • 39. 
    PRIJST het initiatief van de Commissie om vertegenwoordigers van de lidstaten en de sector

bij elkaar te brengen, waaruit duidelijk de voordelen naar voren komen van een

gecoördineerde Europese reactie, en VERZOEKT de Commissie aan deze bijeenkomsten een

vervolg te geven en informatie te blijven uitwisselen over de maatregelen van de lidstaten;

35

Ontwerp-conclusies van de Raad over de automobielindustrie (doc. 6227/09).

  • 40. 
    ONDERKENT de ernstige economische situatie in de automobielsector, inclusief lichte en

zware bedrijfsvoertuigen. Naar aanleiding van de Mededeling van de Commissie met als titel

36

"Aanpak van de crisis in de Europese automobielindustrie" en de conclusies van de Raad over de automobielindustrie die de Raad Concurrentievermogen in maart 2009 heeft

aangenomen, IS de Raad VAN MENING dat, gelet op de huidige economische situatie in de

sector, extra lasten voor de industrie indien mogelijk moeten worden vermeden. Het opstellen

van nieuwe wetgevingsmaatregelen moet met de grootst mogelijke omzichtigheid gebeuren

en moet worden voorafgegaan door een grondige effectbeoordeling met inachtneming van de

huidige omstandigheden. De Raad ZIET UIT naar de presentatie, eind 2009, van een

routekaart met beoogde wetgevingsmaatregelen en andere maatregelen die een beduidend

effect zullen hebben op deze industrie;

  • 41. 
    ERKENT voorts dat vernieuwing van het wagenpark aanzienlijke positieve gevolgen kan

hebben voor de consumentenvraag, de verkeersveiligheid en het bereiken van de Europese

milieudoelstellingen. De Raad BENADRUKT dat de lidstaten die aan de vraagzijde

maatregelen hebben genomen of overwegen te nemen voor nieuwe bedrijfsvoertuigen en

andere voertuigen, terdege rekening dienen te houden met de richtsnoeren die de Commissie

voor dergelijke maatregelen heeft opgesteld voor personenauto's, en ervoor moeten zorgen dat

zulke voorstellen stroken met de regels voor de interne markt en voor staatssteun;

  • 42. 
    IS INGENOMEN met het initiatief van de Commissie om de dialoog in het kader van het

CARS 21-initiatief voort te zetten en te intensiveren en WIJST EROP hoe belangrijk het is dat

in die context concrete resultaten worden bereikt; VERZOEKT de Commissie de Raad

concurrentievermogen op gezette tijden verslag te doen over de vorderingen bij de

implementatie van de CARS 21-agenda.

_______________

36 Mededeling van de Commissie - "Aanpak van de crisis in de Europese automobielindustrie" (doc. 7004/09).

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie