PERSMEDEDELING 2876e zitting van de Raad Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en Consumentenzaken Luxemburg, 9-10 juli 2008

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

Voorzitter Marjeta COTMAN minister van Arbeid, Gezin en Sociale Zaken Zofija Mazej KUKOVIC minister van Volksgezondheid

P E R S

W e t s t r a a t 1 7 5 B ­ 1 0 4 8 B R U S S E L T e l . : + 3 2 ( 0 ) 2 2 8 1 6 0 8 3 / 6 3 1 9 F a x : + 3 2 ( 0 ) 2 2 8 1 8 0 2 6

Voornaamste resultaten van de Raadszitting

De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een pakket van twee verordeningen inzake respectievelijk arbeidstijd en uitzendarbeid.

De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een beschikking inzake richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten voor 2008.

De Raad heeft een algemene oriëntatie bereikt over twee ontwerp-verordeningen inzake de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.

De Raad heeft conclusies aangenomen betreffende:

­ de aanbeveling van de Commissie betreffende een intensievere administratieve samenwerking ten aanzien van de detachering van werknemers met het oog op het verrichten van diensten; ­ het inspelen op en onderling afstemmen van arbeidsmarktbehoeften, met speciale aandacht voor jongeren;

­ de uitvoering van het Actieprogramma van Peking, met betrekking tot indicatoren inzake "jonge meisjes" en "vrouwen in de politieke besluitvorming"; ­ de uitbanning van genderstereotypen in de samenleving; ­ het terugdringen van kanker; ­ antimicrobiële resistentie;

­ de uitvoering van de gezondheidsstrategie van de EU; ­ patiëntenvoorlichting over geneesmiddelen.

1

INHOUD

DEELNEMERS.................................................................................................................................. 5

BESPROKEN PUNTEN

ARBEIDSTIJD .................................................................................................................................... 8

UITZENDARBEID ........................................................................................................................... 11

INTENSIEVERE ADMINISTRATIEVE SAMENWERKING TEN AANZIEN VAN DE DETACHERING VAN WERKNEMERS* - Conclusies van de Raad............................................. 13

RICHTSNOEREN VOOR HET WERKGELEGENHEIDSBELEID VAN DE LIDSTATEN ........ 14

VAARDIGHEDEN, BANEN EN JONGEREN................................................................................ 15

INSPELEN OP EN ONDERLING AFSTEMMEN VAN ARBEIDSMARKTBEHOEFTEN - Conclusies van de Raad ..................................................................................................................... 15

ADVIES VAN HET COMITÉ VOOR DE WERKGELEGENHEID OVER DE WERKGELEGENHEID VAN JONGEREN..................................................................................... 16

SOCIALE ZEKERHEID ................................................................................................................... 17

Toepassingsverordening..................................................................................................................... 17

Bijlagen bij Verordening (EG) nr. 883/2004 ..................................................................................... 17

ACTIEPROGRAMMA VAN PEKING - FOLLOW-UP.................................................................. 19

Jonge meisjes - Conclusies van de Raad ........................................................................................... 19

Vrouwen in de politieke besluitvorming- Conclusies van de Raad................................................... 19

GENDERSTEREOTYPEN - Conclusies van de Raad...................................................................... 20

HET TERUGDRINGEN VAN KANKER - Conclusies van de Raad .............................................. 21

ANTIMICROBIËLE RESISTENTIE - Conclusies van de Raad...................................................... 23

UITVOERING VAN DE GEZONDHEIDSSTRATEGIE VAN DE EU - Conclusies van de Raad ................................................................................................................................................... 24

Mechanisme voor samenwerking tussen de Raad en de Commissie bij de uitvoering van de gezondheidsstrategie van de EU (openbaar debat) ........................................................................... 24

1 Wanneer de Raad verklaringen, conclusies of resoluties heeft aangenomen, wordt dat in de titel van het betrokken punt vermeld. De aangenomen teksten staan tussen aanhalingstekens. De documenten waarvan het nummer in de tekst wordt genoemd, staan op de internetsite van de Raad

http://www.consilium.europa.eu.

Besluiten ten aanzien waarvan verklaringen voor de Raadsnotulen zijn afgelegd die beschikbaar zijn voor

het publiek, zijn aangegeven met een asterisk; de tekst van de verklaringen staat op de bovengenoemde internetsite van de Raad en is ook verkrijgbaar bij de Persdienst.

PATIËNTENVOORLICHTING OVER GENEESMIDDELEN - Conclusies van de Raad ............ 25

DIVERSEN........................................................................................................................................ 26

ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN

GEMEE SCHAPPELIJK BUITE LA DS E VEILIGHEIDSBELEID

­ Militaire EU-operatie EUFOR Tsjaad/CAR - Deelneming van Albanië............................................................... 33 ECO OMISCHE E FI A CIËLE ZAKE

­ "Octroi de mer"-regeling in de Franse overzeese departementen.......................................................................... 33 HA DELSBELEID

­ Overeenkomst met Oekraïne over handel in diensten ........................................................................................... 34 STATISTIEK

­ Volksgezondheid en veiligheid op het werk.......................................................................................................... 34

DEELNEMERS

De regeringen van de lidstaten en de Europese Commissie waren als volgt vertegenwoordigd:

België: mevrouw Joëlle MILQUET

vice-eersteminister en minister van Werk en Gelijke Kansen

Bulgarije: mevrouw Emilia Radkova MASLAROVA

minister van Arbeid en Sociale Zaken

de heer Valery TZEKOV viceminister van Volksgezondheid Tsjechië: de heer Petr NECAS

viceminister-president en minister van Arbeid en Sociale Zaken

de heer Tomás JULÍNEK minister van Volksgezondheid Denemarken: de heer Claus Hjort FREDERIKSEN

minister van Werkgelegenheid

de heer Jakob Axel NIELSEN minister van Volksgezondheid en Voorzorg Duitsland: de heer Olaf SCHOLZ

minister van Arbeid en Sociale Zaken

mevrouw Marion CASPERS-MERK parlementair staatssecretaris van Volksgezondheid Estland: de heer Tiit NABER

plaatsvervangend permanent vertegenwoordiger

Ierland: de heer Billy KELLEHER

onderminister, ministerie van Ondernemingen, Handel en Werkgelegenheid (belast met Arbeidsvraagstukken)

mevrouw Mary HARNEY minister van Volksgezondheid en Kinderzaken Griekenland: mevrouw Fani PALLI-PETRALIA

minister van Werkgelegenheid en Sociale Zekerheid

de heer Georgios KONSTANTOPOULOS staatssecretaris van Volksgezondheid en Sociale Solidariteit Spanje: de heer Celestino CORBACHO CHAVES

minister van Arbeid en Immigratie

de heer Gerardo CAMPS minister van Economische Zaken, de Schatkist en Werkgelegenheid en tweede vicevoorzitter van de Raad van de Regering van de Autonome Gemeenschap van Valencia mevrouw Luisa Maria NOENO minister van Volksgezondheid en Consumentenzaken van de regering van de Autonome Gemeenschap van Aragón Frankrijk: de heer Xavier BERTRAND

minister van Arbeid, Sociale Betrekkingen en Solidariteit

mevrouw Roselyne BACHELOT-NARQUIN minister van Volksgezondheid, Jeugd, Sport en Verenigingsleven Italië: mevrouw Francesca MARTINI

staatssecretaris, ministerie van Arbeid, Volksgezondheid en Sociale Zaken, belast met Volksgezondheid

Cyprus: de heer George PAPAGEORGIOU

staatssecretaris, ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid

de heer Yiannos PAPADOPOULOS staatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Letland: mevrouw Iveta PURNE

minister van Welzijn

de heer Armands PLORI S staatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Litouwen: mevrouw Vilija BLINKEVICIT

minister van Sociale Zekerheid en Arbeid

de heer Rimvydas TURCINSKAS minister van Volksgezondheid

Luxemburg: de heer François BILTGEN

minister van Arbeid en Werkgelegenheid, minister van Cultuur, Hoger Onderwijs en Onderzoek, minister van Eredienst

mevrouw Marie-Josée JACOBS minister van Gezinszaken en Integratie, minister van Gelijke Kansen de heer Mars DI BARTOLOMEO minister van Volksgezondheid en Sociale Zekerheid Hongarije: de heer Tamás SZÉKELY

minister van Volksgezondheid

de heer László HERCZOG vakstaatssecretaris, ministerie van Sociale Zaken en Arbeid Malta: de heer John DALLI

minister van Sociaal Beleid

Nederland: de heer Piet Hein DONNER

minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Oostenrijk: de heer Martin BARTENSTEIN

minister van Economie en Werk

Polen: mevrouw Czeslawa OSTROWSKA

onderstaatssecretaris, ministerie van Arbeid en Sociaal Beleid

de heer Marek TWARDOWSKI onderstaatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Portugal: de heer José VIEIRA DA SILVA

minister van Arbeid en Sociale Solidariteit

de heer Francisco RAMOS toegevoegd staatssecretaris van Volksgezondheid Roemenië: de heer Eugen NICOLESCU

minister van Volksgezondheid

mevrouw Denisa-Oana PTRACU staatssecretaris, belast met het Departement Sociale Dialoog, Arbeidsrecht en Betrekkingen met het Parlement, ministerie van Arbeid, Gezin en Gelijke Kansen Slovenië: mevrouw Marjeta COTMAN

minister van Arbeid, Gezin en Sociale Zaken

mevrouw Zofija MAZEJ KUKOVIC minister van Volksgezondheid

mevrouw Romana TOMC staatssecretaris, ministerie van Arbeid, Gezin en Sociale Zaken Slowakije: mevrouw Viera TOMANOVÁ

minister van Arbeid, Sociale Zaken en Gezin

de heer Daniel KLACKO staatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Finland: mevrouw Tarja CRONBERG

minister van Arbeid

Zweden: de heer Sven Otto LITTORIN

minister van Werkgelegenheid

de heer Göran HÄGGLUND minister van Sociale Zaken

mevrouw Cristina HUSMARK PEHRSSON minister van Sociale Zekerheid Verenigd Koninkrijk: de heer John HUTTON

minister van Handel, Bedrijfsleven en Hervorming van de regelgeving

de heer Pat McFADDEN onderminister van Arbeidsverhoudingen en Postdiensten

Commissie: de heer Vladimir SPIDLA

lid

mevrouw Androulla VASSILIOU lid

Overige deelnemers: mevrouw Elise WILLAME

voorzitster van het Europees Comité voor sociale bescherming

de heer Emilio GABAGLIO voorzitter van het Comité voor de werkgelegenheid

BESPROKEN PUNTEN

ARBEIDSTIJD

De Raad heeft met gekwalificeerde meerderheid van stemmen een politiek akkoord bereikt over een richtlijn tot wijziging van Richtlijn 2003/88/EG betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstd.

Het akkoord ging vergezeld van een aantal verklaringen voor de Raadsnotulen.

De Raad heeft het Comité van permanente vertegenwoordigers opdracht gegeven de tekst af te ronden met het oog op de formele aanneming van een gemeenschappelijk standpunt als A-punt op de agenda van een komende Raadszitting en de toezending van dit standpunt aan het Europees Parlement in het kader van de medebeslissingsprocedure.

In Richtlijn 2003/88/EG worden minimumvoorschriften vastgesteld op het gebied van de organisatie van de arbeidstijd, met name met betrekking tot dagelijkse rusttijd, pauzes, wekelijkse rusttijd, maximale wekelijkse arbeidstijd, jaarlijkse vakantie en aspecten van nacht- en ploegenarbeid en het werkrooster.

Het laatste onopgeloste vraagstuk waarover de Raad het eens is geworden, betreft de zogenoemde "opt-out"-clausule, d.w.z. de mogelijkheid om de maximale wekelijkse arbeidstijd (48 uur) niet toe te passen indien de werknemer met een langere arbeidstijd instemt.

Het succes van het Sloveense voorzitterschap is gebaseerd op het werk van de zes voorgaande voorzitterschappen en maakt deel uit van een totaalpakket met daarin begrepen het dossier inzake uitzendkrachten waarover de Raad eveneens met gekwalificeerde meerderheid een akkoord heeft bereikt.

De richtlijn moet worden aangenomen overeenkomstig de medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement.

Het Europees Parlement heeft op 11 mei 2005 advies in eerste lezing uitgebracht (8725/05) en de Commissie heeft op 31 mei 2005 haar gewijzigde voorstel ingediend (9554/05).

Hierna volgen de belangrijkste aspecten van de door de Raad overeengekomen tekst (doc. 10583/08):

Met betrekking tot de aanwezigheidsdienst wordt in de tekst een onderscheid gemaakt tussen "actieve aanwezigheidsdienst" en "wacht- of slaapuren tijdens de aanwezigheidsdienst". De wacht- of slaapuren tijdens de aanwezigheidsdienst worden omschreven als de periode waarin de werknemer op de werkplek aanwezig moet zijn, maar door zijn werkgever niet gevraagd wordt zijn werkzaamheden te verrichten of zijn functie uit te oefenen. Actieve aanwezigheidsdienst op de werkplek blijft arbeidstijd en kan conform de jurisprudentie van het Hof van Justitie (zaken SIMAP en Jaeger) niet worden beschouwd als rusttijd. De wacht- en slaapuren tijdens de aanwezigheidsdienst moeten niet als arbeidstijd worden beschouwd, tenzij de nationale wetgeving of, overeenkomstig de nationale wetgeving en/of gebruiken, een collectieve overeenkomst of een akkoord tussen de sociale partners anders bepaalt.

Wat de compenserende rusttijd betreft, bepaalt de tekst dat, in gevallen waarin afwijkingen worden toegestaan op de bepalingen inzake dagelijkse rusttijd, pauzes, wekelijkse rusttijd, duur van de nachtarbeid en referentieperioden, compenserende rusttijden moeten worden geboden binnen een redelijke termijn, vast te stellen bij nationale wet, collectieve overeenkomst of akkoord tussen de sociale partners. Hierdoor wordt in vergelijking met de huidige richtlijn meer flexibiliteit geboden voor het plannen van compenserende rusttijd.

Op het gebied van de combinatie van werk en gezin bepaalt de tekst dat de lidstaten:

· de sociale partners op het adequate niveau moeten aanmoedigen akkoorden te sluiten voor een

betere combinatie van werk en gezin;

· ervoor moeten zorgen dat, onverminderd Richtlijn 2002/14/EG en in overleg met de sociale

partners, de werkgevers de werknemers tijdig informeren over elke ingrijpende wijziging in het werkrooster of de organisatie van de arbeidstijd;

· overeenkomstig hun nationale praktijken de werkgevers tevens moeten aanmoedigen verzoeken

om wijzigingen van die werktijden en -roosters in overweging te nemen, afhankelijk van de bedrijfsbehoeften en de flexibiliteitsbehoeften van zowel de werkgevers als de werknemers.

De wekelijkse arbeidstijd blijft standaard begrensd tot 48 uur per week, inclusief eventueel overwerk en actieve aanwezigheidsdienst, te berekenen over een referentieperiode. In het kader van de huidige richtlijn bedraagt de maximale referentieperiode twaalf maanden, maar enkel mits een collectieve overeenkomst hierin voorziet. In de door de Raad overeengekomen tekst is het ook toegestaan een referentieperiode van twaalf maanden vast te stellen bij wet, na overleg met de sociale partners. De maximale referentieperiode bedraagt echter zes maanden indien de lidstaten besluiten opt-outbepalingen toe te passen.

Met betrekking tot de opt-out zijn er wezenlijke bepalingen overeengekomen. In de preambule wordt duidelijk gesteld dat de opt-out een afwijking is waarvoor als voorwaarde geldt dat de veiligheid en de gezondheid van de werknemers effectief worden beschermd en de betrokken werknemer zijn uitdrukkelijke, vrije en geïnformeerde toestemming verleent. De gebruikmaking ervan moet onderworpen zijn aan passende garanties en aan specifiek toezicht. In een overweging wordt verwezen naar het Handvest van de grondrechten, met name naar het recht van iedere werknemer op een beperking van de maximumarbeidsduur.

De tekst voorziet in een reeks versterkte beschermende voorwaarden voor werknemers die van de opt-out gebruik maken. Met name kunnen werknemers in proeftijd hun instemming met de opt-out intrekken, hetzij in de eerste zes maanden, hetzij gedurende maximaal drie maanden na afloop van de proeftijd, indien dat langer is. Voorts kunnen enkel werknemers die met een of meer overeenkomsten voor in totaal minder dan tien weken per jaar bij dezelfde werkgever zijn tewerkgesteld, vanaf het begin van hun arbeidsovereenkomst voor de opt-out kiezen, of worden uitgesloten van het "plafond" indien zij van de opt-out gebruikmaken.

Het speciale "plafond" voor werknemers die voor de opt-out kiezen, bedraagt in het algemeen 60 uur, berekend als gemiddelde over drie maanden (dit kan door middel van een collectieve overeenkomst worden overschreden) of maximaal 65 uur, berekend als gemiddelde over drie maanden (alleen indien de wacht- of slaapuren tijdens de aanwezigheidsdienst als arbeidstijd worden beschouwd en er geen collectieve overeenkomst is).

De evaluatieclausule voorziet erin dat de lidstaten die de opt-out toestaan, drie jaar na de inwerkingtreding van de richtlijn verslag uitbrengen bij de Commissie over het gebruik van deze mogelijkheid, alsook over de redenen daarvoor, de betreffende sectoren en activiteiten, het aantal betrokken werknemers, de gevolgen van de opt-out voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers, en de standpunten van de sociale partners op nationaal niveau. De lidstaten die bij wet in de referentieperiode van twaalf maanden voorzien, dienen eveneens verslag bij de Commissie uit te brengen. Uiterlijk een jaar later zal de Commissie over beide punten verslag uitbrengen bij de Raad en het Parlement, eventueel met passende voorstellen tot vermindering van te lange arbeidstijden.

De Raad zal het gebruik van de opt-out-clausule en de langere referentieperiode evalueren op basis van het verslag van de Commissie. Nog een jaar later kan de Commissie, rekening houdend met de evaluatie van de Raad, bij de Raad en het Parlement een voorstel tot herziening van de richtlijn indienen.

UITZENDARBEID

De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een gemeenschappelijk standpunt betreffende de ontwerp-richtlijn inzake uitzendarbeid. Het gemeenschappelijk standpunt zal na bijwerking van de tekst door de juristen-vertalers aan het Europees Parlement voor tweede lezing worden toegezonden.

Centraal in het compromis staat het evenwicht tussen de bescherming van uitzendkrachten en een voldoende mate van flexibiliteit op de arbeidsmarkten, die zeer uiteenlopende tradities kennen op het gebied van het sluiten van arbeidsovereenkomsten tussen de sociale partners.

De belangrijkste elementen in het door de Raad bereikte akkoord zijn de volgende:

Het beginsel van gelijke behandeling

Het beginsel van gelijke behandeling zal vanaf de eerste dag de algemene regel zijn. Op grond van artikel 5, lid 3, kunnen de lidstaten de sociale partners echter de mogelijkheid bieden collectieve overeenkomsten voort te zetten of te sluiten die, met inachtneming van de algemene bescherming van de uitzendkrachten, arbeidsvoorwaardenregelingen bevatten welke kunnen afwijken van het beginsel van gelijke behandeling.

Voorts voorziet artikel 5, lid 4, in een mechanisme waarmee lidstaten die niet met collectieve overeenkomsten werken, op basis van een overeenkomst die de sociale partners op nationaal niveau bereiken, binnen bepaalde beperkingen kunnen afwijken van het beginsel van gelijke behandeling.

De tekst omvat tevens een nieuwe lid 5 van artikel 5 over de voorkoming van het misbruik van deze mogelijkheden, in het bijzonder in de context van achtereenvolgende kortdurende opdrachten.

Heroverweging van verbodsbepalingen en beperkingen

In artikel 4 wordt bepaald dat de bestaande verbodsbepalingen en beperkingen betreffende uitzendarbeid worden heroverwogen om na te gaan of ze verantwoord zijn.

Voorbeelden van te heroverwegen beperkingen zijn:

­ diverse beperkingen betreffende de branches of beroepen die uitzendkrachten zouden kunnen

inzetten (ze zouden bv. niet mogen worden ingezet voor gevaarlijk werk);

­ maximale duur van de arbeidsovereenkomsten; de beperking van de uitzendarbeid tot bepaalde

situaties (zoals in piekperiodes of bij onvoorziene werklast).

Beperkingen dienen te worden gerechtvaardigd met redenen van algemeen belang en er wordt met name verwezen naar de bescherming van de uitzendkrachten, de eisen ten aanzien van de gezondheid en veiligheid op het werk en de noodzaak de goede werking van de arbeidsmarkt te garanderen.

Het debat in de Raad was gebaseerd op een tekst die het resultaat is van de besprekingen in de voorbereidende instanties en die deel uitmaakt van een totaalpakket met daarin begrepen het dossier van de arbeidstijd, dat ook op de agenda van de Raadszitting van vandaag stond.

De richtlijn moet worden aangenomen overeenkomstig de medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement.

Het Europees Parlement heeft op 21 november 2002 advies in eerste lezing uitgebracht ( 14331/02 ).

INTENSIEVERE ADMINISTRATIEVE SAMENWERKING TEN AANZIEN VAN DE DETACHERING VAN WERKNEMERS* - Conclusies van de Raad

De Raad heeft conclusies aangenomen over een aanbeveling van de Commissie betreffende een intensievere administratieve samenwerking ten aanzien van de detachering van werknemers met het oog op het verrichten van diensten.

Deze conclusies gingen vergezeld van een verklaring van verscheidene delegaties (zie document

9935/08 ADD 1 .)

Met dit initiatief beveelt de Commissie de lidstaten aan hun administratieve samenwerking te verbeteren ten behoeve van de effectieve uitvoering en handhaving van de Gemeenschapswetgeving op dit terrein; meer specifiek worden maatregelen op drie gebieden aanbevolen:

(a) het opzetten van een systeem voor de uitwisseling van elektronische informatie;

(b) het beter toegankelijk maken van de informatie over arbeidsvoorwaarden en omstandigheden, zowel voor buitenlandse dienstverrichters, als voor de ter beschikking gestelde werknemers; en (c) het bevorderen van uitwisselingen van informatie en optimale praktijken.

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9935/08 .

RICHTSNOEREN VOOR HET WERKGELEGENHEIDSBELEID VAN DE LIDSTATEN

De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een beschikking inzake richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten voor 2008

(10090/08) . De Commissie heeft in december 2007 voorgesteld om de geïntegreerde richtsnoeren, die de richtsnoeren voor de werkgelegenheid bevatten, ongewijzigd te laten voor de volgende Lissaboncyclus.

De Raad heeft tevens voortdurend benadrukt dat de stabiliteit van de richtsnoeren belangrijk is en dat de aandacht moet uitgaan naar de uitvoering ervan. Dit is vooral van belang in de aanloop naar het jaar 2010 waarin de resultaten van de Lissabonstrategie in hun geheel moeten worden beoordeeld.

De Raad heeft op 20 mei 2008 het advies van het Europees Parlement ontvangen.

VAARDIGHEDEN, BANEN EN JONGEREN

INSPELEN OP EN ONDERLING AFSTEMMEN VAN ARBEIDSMARKTBEHOEFTEN - Conclusies van de Raad

De Raad heeft conclusies aangenomen inzake het "Inspelen op en onderling afstemmen van arbeidsmarktbehoeften, met speciale aandacht voor jongeren - Een initiatief voor banen en vaardigheden".

In de conclusies van de Europese Raad van maart 2008 wordt de Commissie verzocht om een algehele beoordeling van de vaardigheden die Europa tot 2020 nodig heeft, rekening houdend met de invloed van technologische veranderingen en vergrijzing, alsmede om voorstellen die anticiperen op toekomstige behoeften

1

.

De volledige tekst van de conclusies staat in document (10091/08) .

1

Doc. 7652/08, punt 14.

ADVIES VAN HET COMITÉ VOOR DE WERKGELEGENHEID OVER DE WERKGELEGENHEID VAN JONGEREN

De Raad heeft zijn goedkeuring gehecht aan het advies van de heer Emilio GABAGLIO, voorzitter van het Comité voor de werkgelegenheid, over de werkgelegenheid van jongeren in doc.

9898/08 .

SOCIALE ZEKERHEID

Toepassingsverordening

In afwachting van het advies van het Europees Parlement in eerste lezing dat begin juli moet worden aangenomen, heeft de Raad unaniem een partiële algemene oriëntatie bereikt over een deel van een verordening tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 883/2004

1 betreffende de coördinatie

van de socialezekerheidsstelsels, die betrekking heeft op titel IV, hoofdstuk III (financiële bepalingen - terugvordering van ten onrechte verstrekte prestaties, terugvordering van voorlopige betalingen en premies, verrekening en bijstand inzake invordering

(9988/08 +

ADD 1) .

Verordening (EG) nr. 883/2004 was de eerste stap in een proces voor de modernisering en vereenvoudiging van EU-voorschriften betreffende de coördinatie van nationale socialezekerheidsstelsels. Die voorschriften moeten EU-burgers in staat stellen zich vrij door Europa te bewegen met behoud van hun sociale rechten en zonder dat hun verwachtingen (op het gebied van gezondheid, pensioenen, werkloosheidsbescherming, enz.) in het gedrang komen.

Dit proces moet worden voltooid met de aanneming van de toepassingsverordening 2 ; een voorstel daarvoor is momenteel in behandeling. De verordening komt in de plaats van Verordening (EEG) nr. 574/72

3

en zal bepalingen bevatten ter versterking van de samenwerking tussen de nationale

instanties en ter verbetering van de methodes voor gegevensuitwisseling.

Bijlagen bij Verordening (EG) nr. 883/2004

In afwachting van het advies van het Europees Parlement in eerste lezing dat begin juli moet worden aangenomen, heeft de Raad overeenstemming bereikt over een algemene oriëntatie inzake een verordening tot wijziging van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels en tot vaststelling van de inhoud van de bijlagen daarbij

(9939/08) .

Deze bijlagen zijn nodig om ervoor te zorgen dat rekening wordt gehouden met de bijzondere kenmerken van de diverse stelsels in de lidstaten.

1

Verordening van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels, PB L 166 van 30.4.2004, rectificatie PB L 200 van 7.6.2004. 2

Zie artikel 89 van Verordening (EG) nr. 883/2004. 3

PB L 74 van 27.3.1972, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 647/2005, PB L 28 van 30.1.1997.

Bijlage XI bevat bepalingen inzake specifieke aspecten van de wetgeving in afzonderlijke lidstaten

1

.

De Raad heeft besloten de verklaring in bijlage III bij document 9939/08 op te nemen in zijn notulen.

Voorgestelde rechtsgrondslag: de artikelen 42 en 308 van het Verdrag - besluit van de Raad met eenparigheid van stemmen; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing.

1

Zie artikel 83 van de verordening.

ACTIEPROGRAMMA VAN PEKING - FOLLOW-UP

Over de follow-up van het Actieprogramma van Peking, een reeks acties voor de verbetering van de positie van vrouwen, is tijdens de Wereldvrouwenconferentie van de Verenigde Naties in 1995 overeenstemming bereikt.

De opeenvolgende EU-voorzitterschappen hebben sedert 1999 al indicatoren ontwikkeld voor 10 van de 12 kritieke actieterreinen van het Actieprogramma van Peking, en de Raad heeft conclusies aangenomen tot goedkeuring van deze indicatoren die een cruciaal beleidsinstrument vormen.

Jonge meisjes - Conclusies van de Raad

De Raad heeft conclusies aangenomen over de toetsing van de uitvoering door de lidstaten en de EU-instellingen van het Actieprogramma van Peking, vergezeld van indicatoren inzake jonge meisjes, en hij heeft nota genomen van het begeleidende verslag van het voorzitterschap in document

9669/08 ADD1 .

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9669/08 . Vrouwen in de politieke besluitvorming- Conclusies van de Raad

De Raad heeft tevens conclusies aangenomen over Vrouwen in de politieke besluitvorming, en hij heeft nota genomen van het begeleidende verslag van het voorzitterschap in doc.

9670/08 ADD1

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9670/08 .

GENDERSTEREOTYPEN - Conclusies van de Raad

De Raad heeft conclusies aangenomen over de uitbanning van genderstereotypen in de samenleving.

Genderstereotypen zijn één van de hardnekkigste oorzaken van ongelijkheid tussen vrouwen en mannen in alle omstandigheden en in alle fasen van het leven.

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9671/08 .

HET TERUGDRINGEN VAN KANKER - Conclusies van de Raad

De Raad heeft een openbaar debat gehouden en conclusies aangenomen over het terugdringen van

kanker.

Het belang van deze problematiek blijkt uit het feit dat statistisch gezien één op de drie Europeanen

tijdens zijn leven kanker zal ontwikkelen.

In zijn conclusies verzoekt de Raad:

· de lidstaten alomvattende kankerstrategieën of -plannen te ontwikkelen en uit te voeren;

· de Commissie een EU-actieplan inzake kanker voor te leggen, dat alle aspecten van een

alomvattende bestrijding van kanker omvat, en de uitwisseling van informatie en het delen van deskundigheid te bevorderen.

Aangezien een derde van de kankergevallen door preventie kan worden voorkomen, wordt in de

conclusies benadrukt dat de bevolking hiervan sterker bewust moet worden gemaakt en dat

preventie de meest doeltreffende langetermijnstrategie in de strijd tegen kanker is op basis van de

volgende krachtlijnen:

­ bevordering van gezonde leefgewoonten,

­ vroegtijdige diagnosestelling door middel van screening;

­ beperking van de blootstelling aan kankerrisico's op het werk en in het milieu,

­ voedselveiligheid.

Op andere punten worden maatregelen voorgenomen teneinde:

­ de levenskwaliteit van kankerpatiënten te verbeteren door middel van ondersteuning, revalidatie

en palliatieve zorg;

­ zorg te dragen voor kankerregistratie op het niveau van de bevolking als een middel voor

epidemiologische studies,

­ te investeren in de opleiding van gekwalificeerd personeel, in geschikte apparatuur en in

doeltreffende diagnosticering en geneesmiddelen,

­ de samenwerking binnen de EU en op internationaal niveau bij kankeronderzoek te verbeteren.

Tot slot wordt de rol van de civiele samenleving in dit verband benadrukt.

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9636/08 .

ANTIMICROBIËLE RESISTENTIE - Conclusies van de Raad

De Raad heeft conclusies over antimicrobiële resistentie aangenomen en nota genomen van de volgende informatie:

­ Frankrijk zal op 6 en 7 november 2008 in Parijs een technische workshop over antimicrobiële

resistentie organiseren;

1

­ Tsjechië zal tijdens zijn voorzitterschap een conferentie beleggen met het oog op het formuleren van basisnormen voor antimicrobiële programma's van ziekenhuizen.

Commissielid Vassiliou maakte van de gelegenheid gebruik om de "Antibiotic Awareness Day" op 18 november 2008 in Straatsburg aan te kondigen en presenteerde het logo van dit evenement (zie hieronder).

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9637/08 .

1

eerste semester van 2009.

UITVOERING VAN DE GEZONDHEIDSSTRATEGIE VAN DE EU - Conclusies van de Raad

Mechanisme voor samenwerking tussen de Raad en de Commissie bij de uitvoering van de gezondheidsstrategie van de EU (openbaar debat)

De Raad heeft conclusies aangenomen en een openbaar debat gehouden over een mechanisme voor samenwerking tussen de Raad en de Commissie bij de uitvoering van de gezondheidsstrategie van de EU.

Op basis van de gezondheidsstrategie van de EU (Witboek van de Commissie " Samen werken aan gezondheid: een EU-strategie voor 2008-2013"

1

) heeft de Raad conclusies over de strategische

samenwerking aangenomen die de Commissie, de lidstaten en de Raad in staat zal stellen samen te werken in het kader van EU-aangelegenheden met gevolgen voor de volksgezondheid (bijvoorbeeld vergrijzing, gezondheidsbedreigingen enz.), die een echte meerwaarde voor de lidstaten inhoudt en de uitvoering van de gezondheidsstrategie van de EU, met inbegrip van de aanpak "gezondheid op alle beleidsgebieden", waarborgt.

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9639/08 .

1

COM(2007) 630 definitief.

PATIËNTENVOORLICHTING OVER GENEESMIDDELEN - Conclusies van de Raad

De Raad heeft conclusies aangenomen over een mededeling van de Commissie (5242/08) waarin het gevoerde patiëntenvoorlichtingsbeleid voor geneesmiddelen wordt geanalyseerd.

De Raad heeft tevens een oriënterend debat gehouden tijdens hetwelk de ministers werd verzocht hun besprekingen te baseren op een aantal door het voorzitterschap geformuleerde vragen

(9608/08) : · Wat zijn de meest essentiële elementen voor het noodzakelijke onderscheid tussen patiënten-

voorlichting en reclame voor geneesmiddelen?

· Moet op EU-niveau of op nationaal niveau over de regelgeving inzake patiëntenvoorlichting

over geneesmiddelen worden besloten? Moet deze regelgeving ook betrekking hebben op een controle vooraf of achteraf van de informatie, of moet het beginsel van zelfregulering worden toegepast?

· Kunnen de discrepanties tussen de lidstaten met betrekking tot de toegang van patiënten tot

informatie over geneesmiddelen door EU-wetgeving worden weggewerkt?

De meeste delegaties waren het eens over:

­ de noodzaak verdere middelen te ontwikkelen om een onderscheid te maken tussen reclame en voorlichting, ­ de noodzaak het verbod op reclame voor receptplichtige geneesmiddelen te handhaven,

­ de rol van de met gezondheid belaste instanties en gezondheidswerkers bij het verstrekken van voorlichting aan patiënten. 1

Voorts nam de Raad nota van het voornemen van de Commissie om een wetgevingsvoorstel in te dienen tot vaststelling van een kader voor patiëntenvoorlichting over geneesmiddelen.

De volledige tekst van de conclusies staat in document 9437/08 .

1

Commissielid Vassiliou nam het woord namens Commissielid Verheugen en zal hem op de hoogte brengen van de standpunten van de lidstaten dienaangaande.

DIVERSEN

Diversen

(a) Gewijzigd voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende minimumvereisten voor de vergroting van de mobiliteit van werknemers door verbetering van de verwerving en het behoud van aanvullende pensioenrechten (WB) ­ Informatie van het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de stand van zaken in de onderhandelingen over een richtlijn betreffende minimumvereisten voor de vergroting van de mobiliteit van werknemers door verbetering van de verwerving en het behoud van aanvullende pensioenrechten. (b) Voorstel voor een besluit van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Jaar van de bestrijding van armoede en sociale uitsluiting (2010) ­ Informatie van het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over een ontwerp-besluit inzake het Europees Jaar van de bestrijding van armoede en sociale uitsluiting (2010), alsmede van de standpunten van verscheidene delegaties 1

over de

medefinanciering van acties die in het kader van het Europees Jaar worden ondernomen

(10360/08) . (c) Sociale diensten van algemeen belang

­ Voortgangsverslag door de voorzitter van het Comité voor sociale bescherming

De Raad heeft nota genomen van een mondeling voortgangsverslag van mevrouw Elise WILLAME, voorzitter van het Comité voor sociale bescherming, in het kader van de open raadpleging als bedoeld in de Commissiemededeling "Uitvoering van het communautaire Lissabon-programma: Sociale diensten van algemeen belang in de Europese Unie" 2

.

1

Tsjechië, Cyprus, Letland, Litouwen, Malta, Polen en Slowakije. 2

Doc. 9038/06

(d) Informatie over tijdens het Sloveense voorzitterschap georganiseerde evenementen: 1

  • i) 
    Conferentie over " Banen voor jongeren - welvaart voor allen"

In de context van de bespreking van het punt over vaardigheden, banen en jongeren heeft de Raad nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de conferentie " Banen voor jongeren - welvaart voor allen" van 24 en 25 april 2008 in Brdo (10317/08) .

  • ii) 
    Conferentie "Solidariteit tussen de generaties voor samenhangende en duurzame samenlevingen"

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de conferentie "Solidariteit tussen de generaties voor samenhangende en duurzame samenlevingen" van 27 tot en met 29 april 2008 in Brdo (10318/08) . iii) Zevende Europese bijeenkomst van personen die armoede ervaren

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de zevende Europese bijeenkomst van personen die armoede ervaren, gehouden te Brussel op 16 en 17 mei 2008 (10319/08) . Dit jaar was de bijeenkomst toegespitst op vier pijlers in de bestrijding van armoede: diensten van algemeen belang, sociale diensten, huisvesting en minimuminkomen. iv) Conferentie "Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap - van woorden naar realiteit?" 2

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de conferentie "Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap - van woorden naar realiteit?" van 22 en 23 mei 2008 in Kranjska Gora (10320/08) .

1

http://www.eu2008.si/en/News_and_Documents/Press_Releases/May/0516MDDSZ_Poverty.html

2

http://www.eu2008.si/en/News_and_Documents/Press_Releases/May/0509MDDSZ_invalidi.html

(e) Werkzaamheden van de Deskundigengroep demografische aangelegenheden ­ Informatie van de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Commissie over de werkzaamheden van de Deskundigengroep demografische aangelegenheden

(10321/08) . (f) Europese Week van het Sociaal Beleid ­ Verzoek van de Bulgaarse delegatie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Bulgaarse delegatie over de Europese Week van het Sociaal Beleid die van 26 tot en met 30 mei 2008 in Sofia plaatsvond (10308/08) . (g) Voorstel voor een richtlijn van de Raad betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan ­ Informatie van het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over een ontwerp-richtlijn betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan, alsmede van de opmerkingen van Tsjechië, Hongarije en België dienaangaande. (h) Voorstel voor een communautair kader over de toepassing van patiëntenrechten in de grensoverschrijdende gezondheidszorg ­ Informatie van de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Commissie over een voorstel voor een communautair kader over de toepassing van patiëntenrechten in de grensoverschrijdende gezondheidszorg, dat in de komende maanden moet worden aangenomen (10197/08) .

1

(i) Conferentie "e-Gezondheid zonder grenzen" (6-7 mei 2008, Portoroz, Slovenië) ­ Informatie van het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de conferentie "e-Gezondheid zonder grenzen" van 6 en 7 mei 2008 te Portoroz

(9749/08) . (j) EU-strategie ter ondersteuning van de lidstaten bij het beperken van aan alcohol gerelateerde schade ­ Informatie van de Commissie en het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over de EUstrategie ter ondersteuning van de lidstaten bij het beperken van aan alcohol gerelateerde schade (9806/08) . (k) Gezondheidsproblemen in verband met voeding, overgewicht en zwaarlijvigheid ­ Informatie van het voorzitterschap en de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap en de Commissie over gezondheidsproblemen in verband met voeding, overgewicht en zwaarlijvigheid (9810/08) . (l) Kaderverdrag inzake tabaksontmoediging ­ Informatie van de Commissie

De Commissie heeft de Raad geïnformeerd over het kaderverdrag inzake tabaksontmoediging

(9757/08) .

1

http://www.eu2008.si/en/News_and_Documents/Press_Releases/May/0507MZ eHealth.html

(m) Orgaandonatie en -transplantatie ­ Informatie van de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Commissie over orgaandonatie en -transplantatie (10198/08) . (n) Pakket patiëntenveiligheid ­ Informatie van de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Commissie over het pakket patiëntenveiligheid (9764/08) . (o) Aangelegenheden met betrekking tot gezondheidsbeveiliging ­ Informatie van de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Commissie over aangelegenheden met betrekking tot gezondheidsbeveiliging (9767/08) . (p) Geestelijke gezondheid voor Europa ­ Informatie van de Commissie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van de Commissie over geestelijke gezondheid voor Europa (9770/08) .

(q) Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2001/82/EG en Richtlijn 2001/83/EG, wat wijzigingen in de voorwaarden van vergunningen voor het in de handel brengen van geneesmiddelen betreft ­ Informatie van het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de informatie van het voorzitterschap over een voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 2001/82/EG en Richtlijn 2001/83/EG, wat wijzigingen in de voorwaarden van vergunningen voor het in de handel brengen van geneesmiddelen betreft (9920/08) .

(r) Netwerkbijeenkomst van de bevoegde autoriteiten voor de bepaling van de prijs en de vergoeding van geneesmiddelen ­ Informatie van het voorzitterschap

De Raad heeft nota genomen van de feedback van het voorzitterschap over een netwerkbijeenkomst van de bevoegde autoriteiten voor de bepaling van de prijs en de vergoeding van geneesmiddelen, die op 28 en 29 april 2008 in Brdo is gehouden. (s) Pakket voedselverbeteraars

­ Informatie van het voorzitterschap

Het voorzitterschap heeft de Raad geïnformeerd over de stand van zaken met betrekking tot het pakket voedselverbeteraars.

(t) Europese dimensie van door coeliakie veroorzaakte problemen: ondersteuningsplan van de Spaanse regering voor personen die aan glutenintolerantie lijden. Benodigde wijzigingen in de Europese wetgeving ­ Informatie van de Spaanse delegatie

De Raad heeft nota genomen van de opmerkingen van de Spaanse delegatie betreffende personen die aan glutenintolerantie lijden

(9772/08) . Commissielid Vassiliou heeft de Raad geïnformeerd over de vorderingen die op internationaal niveau zijn geboekt met normen voor de etikettering van gluten.

Zij vestigde de aandacht van de ministers op de noodzaak van een efficiënt en evenredig optreden op communautair niveau.

(u) Sociale integratie van Roma

­ Verzoek van de Roemeense delegatie

De Raad heeft nota genomen van de informatie van Roemenië (10481/08) en van de opmerkingen van Italië en Spanje dienaangaande.

Commissielid Spidla wees erop dat niet-discriminerende maatregelen zullen worden opgenomen in de voor juli 2008 verwachte sociale agenda.

ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN

GEMEE SCHAPPELIJK BUITE LA DS E VEILIGHEIDSBELEID

Militaire EU-operatie EUFOR Tsjaad/CAR - Deelneming van Albanië

De Raad heeft een besluit vastgesteld betreffende de sluiting van een overeenkomst met Albanië inzake de deelneming van dat land aan de door de EU geleide operatie in Tsjaad en de CentraalAfrikaanse Republiek (EUFOR/Tsjaad/CAR)

(9405/08) .

Op 15 oktober 2007 heeft de Raad Gemeenschappelijk Optreden 2007/677/GBVB inzake de militaire EU-operatie EUFOR Tsjaad/CAR vastgesteld. In het gemeenschappelijk optreden is bepaald dat gedetailleerde regelingen betreffende de deelneming van derde landen worden vastgesteld in een overeenkomst op grond van artikel 24 van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

ECO OMISCHE E FI A CIËLE ZAKE

"Octroi de mer"-regeling in de Franse overzeese departementen

De Raad heeft een beschikking vastgesteld ter actualisering van de lijsten van in de Franse overzeese departementen vervaardigde producten die in aanmerking komen voor vrijstellingen of verlagingen van de octroi de mer

(8988/08) .

De lijsten worden bijgewerkt om rekening te houden met nieuwe producten en productieprocessen in de Franse overzeese departementen die niet onder de huidige EU-wetgeving vallen, zoals yoghurt, het branden van koffie, de productie van chocolade, de productie van maniok- en bananenchips en van gebrande pinda's en het brouwen van bier.

De nieuwe en de reeds op de lijsten voorkomende producten worden benadeeld in vergelijking met ingevoerde producten vanwege de hogere productiekosten in de overzeese departementen. De hogere kosten zijn in hoofdzaak te wijten aan de afgelegen ligging van de departementen, het moeilijke klimaat en de kleinschaligheid van de plaatselijke markt.

Al naar gelang het product en het overzeese departement mag het verschil in belastingtarief ten hoogste 10, 20 of 30 procentpunten bedragen.

HA DELSBELEID

Overeenkomst met Oekraïne over handel in diensten

De Raad heeft een besluit aangenomen betreffende de ondertekening en de voorlopige toepassing van een overeenkomst met Oekraïne tot behoud van de bepalingen inzake internationaal zeevervoer in de partnerschaps- en samenwerkingsovereenkomst (PSO) met Oekraïne na de toetreding van dat land tot de WTO op 16 mei 2008.

De PSO-bepalingen inzake handel in diensten zullen automatisch worden vervangen door de verbintenissen van Oekraïne uit hoofde van de Algemene Overeenkomst inzake de handel in diensten. Deze verbintenissen bestrijken de overeenkomstige PSO-bepalingen, behalve die betreffende internationaal zeevervoer, die met de nieuwe overeenkomst op bilaterale basis worden gehandhaafd.

STATISTIEK

Volksgezondheid en veiligheid op het werk

De Raad heeft een politiek akkoord bereikt over een verordening tot vaststelling van een gemeenschappelijk kader voor de systematische productie van statistieken op het gebied van volksgezondheid en veiligheid op het werk (

9823/08 ). Door het akkoord kan de Raad tijdens een komende zitting zijn gemeenschappelijk standpunt vaststellen en dit in het kader van de medebeslissingsprocedure toezenden aan het Europees Parlement voor tweede lezing.

De statistieken zullen gegevens verschaffen voor indicatoren die nodig zijn voor het toezicht op communautaire maatregelen op het gebied van volksgezondheid en veiligheid op het werk.

Eurostat en de betrokken nationale instanties zullen nauw samenwerken met het oog op een geharmoniseerde verzameling en verwerking van gegevens.

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie