Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE

Interinstitutioneel dossier: 2007/0022 (COD)

Brussel, 16 april 2008 (25.04)

(OR. en)

8408/1/08 REV 1

LIMITE

DROIPEN 36

ENV 230 CODEC 464

RESULTAAT BESPREKINGEN

van: d.d.:

nr. vorig doc.: nr. Comv.:

Betreft:

de Groep materieel strafrecht 10/11 april 2008

8090/08 DROIPEN 34 ENV 196 CODEC 427

6297/07 DROIPEN 10 ENV 95 SAN 20 CONSOM 7 CODEC 113

+ ADD 1 + ADD 2 - COM(2007) 51 def.

Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht

De Groep materieel strafrecht heeft in de vergadering van 10/11 april 2008 de bespreking van het bovengenoemde voorstel voortgezet, aan de hand van document 8090/08 DROIPEN 34 ENV 196 CODEC 427. De groep heeft meer bepaald de inhoud van de twee bijlagen en de formulering van een aantal bepalingen in het dispositief van de voorgestelde richtlijn besproken.

8408/1/08 REV 1

DG H 2B

van/YEN/rb                       1

LIMITE NL

De tekst van het bovengenoemde richtlijnvoorstel en van de bijlagen, zoals die eruitziet na de besprekingen in de groep, is opgenomen in bijlage dezes. De opmerkingen van de delegaties staan in de voetnoten.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       2

DG H 2B                      LIMITE NL

BIJLAGE Voorstel voor een

RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

inzake de bescherming van het milieu door middel van het strafrecht

(Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 175,

lid 1,

Gezien het voorstel van de Commissie1,

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité2,

Gezien het advies van het Comité van de Regio's3,

Handelend volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag4,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)      Overeenkomstig artikel 174, lid 2, van het Verdrag dient de Gemeenschap in haar milieubeleid te streven naar een hoog niveau van bescherming.

(2)      De Gemeenschap is verontrust over het toenemende aantal milieudelicten en de gevolgen ervan, die steeds vaker de grenzen overschrijden van de staten waar de delicten worden gepleegd. Deze delicten vormen een bedreiging voor het milieu en derhalve moet er op passende wijze tegen worden opgetreden.

(3)      De ervaring heeft aangetoond dat de bestaande sanctiesystemen ontoereikend zijn om een volledige naleving van de milieubeschermingswetgeving te garanderen. Deze naleving kan en moet worden verbeterd door middel van strafrechtelijke sancties die een sociale afkeuring uitdrukken welke kwalitatief verschilt van administratieve sancties of van een compensatieregeling naar burgerlijk recht.

(4)      Gemeenschappelijke regels inzake strafrechtelijke delicten maken de toepassing van doeltreffende onderzoekmethoden en ondersteuning binnen en tussen lidstaten mogelijk.

PB C [...] van [...], blz.  [...].

PB C [...] van [...], blz.  [...].

PB C [...] van [...], blz.  [...].

PB C [...] van [...], blz.  [...].

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       3

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

1

2

(5)      [....]

(6)      Om te komen tot een doeltreffende bescherming van het milieu is er met name behoefte aan afschrikkende sancties voor activiteiten die schadelijk zijn voor het milieu, die veelal aanzienlijke schade veroorzaken of kunnen veroorzaken aan de lucht, met inbegrip van de stratosfeer, de bodem, het water en dieren of planten, alsook op het gebied van de instandhouding van soorten.

(6 bis) De in de bijlagen bij deze richtlijn genoemde wetgeving bevat bepalingen die gekoppeld

moeten zijn aan strafrechtelijke maatregelen om te bewerkstelligen dat de regels inzake

milieubescherming maximaal doeltreffend zijn. (6 ter) De verplichtingen uit hoofde van deze richtlijn hebben alleen betrekking op de

wetgevingsbepalingen in de bijlagen bij de richtlijn die inhouden dat de lidstaten bij de

uitvoering van die wetgeving in verbodsmaatregelen voorzien1.

(7)      Niet-naleving van een wettelijke verplichting om handelend op te treden kan hetzelfde effect hebben als een actieve handeling en derhalve dienen daarop overeenkomstige sancties van toepassing te zijn.

(8)      Bedoelde gedragingen dienen bijgevolg in heel de Gemeenschap als strafbare feiten te worden aangemerkt indien zij opzettelijk dan wel uit grove nalatigheid worden begaan.

(9)      [...]

(9 bis) De richtlijn verplicht de lidstaten in hun nationale wetgeving strafrechtelijke sancties op te nemen voor ernstige inbreuken op de communautaire milieubeschermingsbepalingen. Deze richtlijn schept geen verplichtingen wat betreft de toepassing van dergelijke straffen of enig ander beschikbaar systeem van rechtshandhaving in individuele gevallen.

(9 ter) [...].

(10)     [...]

(11)     [...]

(12)     [...]

(13)     Aangezien deze richtlijn voorziet in minimumregels, staat het de lidstaten vrij strengere maatregelen vast te stellen of te handhaven met het oog op de doeltreffende strafrechtelijke bescherming van het milieu. Deze maatregelen moeten verenigbaar zijn met het VEG.

(13 bis) […]2

1       Commissievertegenwoordiger maakt een studievoorbehoud bij deze overweging omdat hij het niet eens is met de term "verbodsmaatregelen".

2       Commissievertegenwoordiger maakt een studievoorbehoud bij de schrapping van deze overweging.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       4

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

(13 ter) Overeenkomstig punt 34 van het Interinstitutioneel akkoord - "Beter wetgeven"1 zouden de lidstaten voor zichzelf en in het belang van de Gemeenschap hun eigen tabellen moeten opstellen, die voor zover mogelijk het verband weergeven tussen deze richtlijn en de omzettingsmaatregelen, en deze openbaar maken.

(14)     De lidstaten moeten de Commissie informatie verstrekken over de uitvoering van deze richtlijn, teneinde haar in staat te stellen het effect van de richtlijn te beoordelen.

(15)     Aangezien de doelstellingen van het overwogen optreden, namelijk het garanderen van een doeltreffender bescherming van het milieu, niet voldoende door de lidstaten kunnen worden verwezenlijkt en daarom beter door de Gemeenschap kunnen worden verwezenlijkt, kan de Gemeenschap overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag neergelegde subsidiariteitsbeginsel maatregelen nemen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde evenredigheidsbeginsel gaat deze richtlijn niet verder dan nodig is om deze doelstellingen te verwezenlijken.

(16)     Deze richtlijn is opgesteld met inachtneming van de grondrechten en de beginselen die met name in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie zijn vastgelegd,

Artikel 1 Onderwerp Deze richtlijn stelt maatregelen vast op strafrechtelijk gebied teneinde het milieu doeltreffender te beschermen.

Artikel 2 Definities In deze richtlijn wordt verstaan onder:

  • a) 
    "wederrechtelijk": in strijd met
  • i) 
    op grond van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap aangenomen wetgeving

die is opgenomen in bijlage A, of

  • ii) 
    wat betreft onder het EURATOM-Verdrag vallende activiteiten, de op grond van het

EURATOM-Verdrag aangenomen wetgeving die is opgenomen in bijlage B, of

  • iii) 
    een wettelijke bepaling, een bestuursrechtelijk voorschrift van een lidstaat of een besluit van een

bevoegde autoriteit van een lidstaat, ter uitvoering van het Gemeenschapsrecht bedoeld onder i)

of ii);

1 PB C 321 van 31.12.2003, blz. 1.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       5

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • b) 
    "beschermde in het wild levende dier- en plantensoorten":
  • 1) 
    in artikel 3, onder f): die welke voorkomen in
  • bijlage IV van Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna;
  • bijlage I en zijn bedoeld in artikel 4, lid 2, van Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand1; en
  • 2) 
    in artikel 3, onder g): die welke voorkomen in
  • de bijlagen A of B van Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van

9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer;

  • c) 
    "habitat binnen een beschermd gebied": een habitat van soorten waarvoor een gebied is aangewezen als speciale beschermingszone overeenkomstig artikel 4, lid 1 of lid 2, van Richtlijn 79/409/EEG van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand en elke natuurlijke habitat of een habitat van soorten waarvoor een gebied is aangewezen als speciale beschermingszone overeenkomstig artikel 4, lid 4, van Richtlijn 92/43/EEG van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna .
  • d) 
    "rechtspersoon": juridische entiteit die deze hoedanigheid krachtens het toepasselijke nationale recht bezit, met uitzondering van staten of andere publiekrechtelijke lichamen bij de uitoefening van hun openbare macht, en van publiekrechtelijke internationale organisaties.

Artikel 3 Delicten

De lidstaten zorgen ervoor dat de volgende handelingen een strafrechtelijk delict vormen als zij wederrechtelijk en opzettelijk of ten minste uit grove nalatigheid worden begaan: a) het lozen, uitstoten of anderszins introduceren van een hoeveelheid materie of ioniserende straling in de lucht, de grond of het water, waardoor de dood van of ernstig letsel aan personen dan wel aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, grond of water of aan dieren of planten wordt veroorzaakt dan wel dreigt te worden veroorzaakt;

1 HU, daarin gesteund door RO, maakte een voorbehoud en stelde voor, punt b) als volgt te redigeren:

"beschermde in het wild levende dier- en plantensoorten": 1) in artikel 3, onder f): die welke voorkomen in

  • (eerste streepje ongewijzigd)
  • "de vogelsoorten bedoeld in artikel 1 en artikel 5, van Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand."

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       6

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • b) 
    het beheren van afvalstoffen of het achterlaten, dumpen of ongecontroleerd beheren van afvalstoffen1, met inbegrip van gevaarlijke afvalstoffen, waardoor de dood van of ernstig letsel aan personen dan wel aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, grond of water of aan dieren of planten wordt veroorzaakt dan wel dreigt te worden veroorzaakt;
  • c) 
    het overbrengen van afvalstoffen, indien deze activiteit valt binnen de werkingssfeer van artikel 2, punt 35, van Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad, en niet-verwaarloosbare hoeveelheden betreft2, ongeacht of de overbrenging tot stand komt door één enkele dan wel door meerdere, kennelijk met elkaar in verband staande verrichtingen;
  • d) 
    het exploiteren van een bedrijf waar een gevaarlijke activiteit wordt verricht of waar gevaarlijke stoffen of preparaten worden opgeslagen of gebruikt, waardoor buiten het bedrijf de dood van of ernstig letsel aan personen dan wel aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, grond of water of aan dieren of planten wordt veroorzaakt dan wel dreigt te worden veroorzaakt;
  • e) 
    het vervaardigen, verwerken, opslaan en verwijderen, gebruiken, vervoeren, uitvoeren of invoeren van kernmateriaal of andere gevaarlijke radioactieve stoffen, waardoor de dood van of ernstig letsel aan personen dan wel aanzienlijke schade aan de kwaliteit van lucht, grond of water of aan dieren of planten wordt veroorzaakt dan wel dreigt te worden veroorzaakt;
  • f) 
    het doden, vernietigen, bezitten of vangen van specimens van beschermde in het wild levende dier- en plantensoorten, behalve in gevallen waarin de handeling betrekking heeft op een verwaarloosbare hoeveelheid van zulke specimens en een verwaarloosbaar effect heeft op de staat van instandhouding van de soort;
  • g) 
    het verhandelen van specimens van beschermde in het wild levende dier- en plantensoorten of delen of afgeleide producten daarvan, tenzij de handeling betrekking heeft op een verwaarloosbare hoeveelheid van deze specimens en een verwaarloosbaar effect heeft op de staat van instandhouding van de soort;

1       DE, gesteund door IT, NL en HU: "beheren van afvalstoffen" dient te worden begrepen in de zin van het toekomstige rechtsinstrument inzake afvalstoffen.

2       DK: voorbehoud bij de schrapping van de woorden "om het gewin".

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       7

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • h) 
    Elke handeling die aanzienlijke schade aan een habitat binnen een beschermd gebied veroorzaakt1;
  • i) 
    het verhandelen, produceren, op de markt brengen of gebruiken van ozonafbrekende stoffen.

Artikel 3 bis

Geschrapt.

Artikel 4 Uitlokking, hulp en medeplichtigheid De lidstaten zorgen ervoor dat uitlokking van, en hulp en medeplichtigheid aan, de in artikel 3 bedoelde opzettelijke handelingen strafbaar gesteld worden als strafrechtelijk delict.

Artikel 5

Sancties Elke lidstaat neemt de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat op de in de artikelen 3 en 4 bedoelde delicten doeltreffende, evenredige en afschrikkende strafrechtelijke sancties staan.

Artikel 6 Aansprakelijkheid van rechtspersonen 1. De lidstaten zorgen ervoor dat rechtspersonen aansprakelijk kunnen worden gesteld voor de in de artikelen 3 en 4 genoemde delicten die te hunnen voordele worden gepleegd door individueel of als lid van een orgaan van de rechtspersoon handelende personen die in de rechtspersoon een leidende positie bekleden op grond van:

1 Volgens DE is de omschrijving van het delict te ruim. Deze delegatie maakt een voorbehoud en geeft de voorkeur aan de volgende redactie: "h) de ontginning of winning van bodembestanddelen, uitgraving of landophoging, het creëren, wijzigen of verwijderen van een waterlichaam, het droogleggen van een wetland, het optrekken van een gebouw of het kappen van een bos, waarbij sterk wordt afgeweken van de doelstelling van instandhouding van een beschermde habitat".

DK: voorbehoud; voorkeur voor de volgende formulering: "h) het uitvoeren van activiteiten in de vorm van plannen of projecten die aanzienlijke gevolgen kunnen hebben voor een habitat binnen een beschermd gebied, zonder toestemming van de bevoegde autoriteiten". DE: staat positief tegenover deze formulering.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       8

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • a) 
    de bevoegdheid om de rechtspersoon te vertegenwoordigen, of
  • b) 
    de bevoegdheid om namens de rechtspersoon beslissingen te nemen, of
  • c) 
    de bevoegdheid om binnen de rechtspersoon controle uit te oefenen.
  • 2. 
    De lidstaten zorgen er eveneens voor dat een rechtspersoon aansprakelijk kan worden gesteld wanneer, als gevolg van gebrekkig toezicht of gebrekkige controle door een in lid 1 bedoelde persoon, een in de artikelen 3 en 4 genoemd delict ten voordele van de rechtspersoon kon worden gepleegd door een persoon die onder diens gezag staat.
  • 3. 
    De aansprakelijkheid van een rechtspersoon krachtens de leden 1 en 2 sluit niet de strafrechtelijke vervolging uit van natuurlijke personen die als dader, aanstichter of medeplichtige bij de in artikel 3 genoemde delicten betrokken zijn.

Artikel 7 Sancties voor rechtspersonen De lidstaten nemen de nodige maatregelen om tegen een rechtspersoon die volgens artikel 6 aansprakelijk is gesteld, sancties te kunnen treffen die doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn.

Artikel 8 Verslaglegging [...] geschrapt.

Artikel 9 Omzetting

  • 1. 
    De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk op […] aan deze richtlijn te voldoen.[...]

Wanneer de lidstaten die bepalingen aannemen, wordt in de bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

  • 2. 
    De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mee die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                       9

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

Artikel 10 Inwerkingtreding Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 11

Adressaten Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten. Gedaan te Brussel, op

Voor het Europees Parlement                     Voor de Raad

De voorzitter                                             De voorzitter

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      10

BIJLAGE                                  DG H 2B                      LIMITE NL

Bijlage A bij de BIJLAGE

LIJST VAN COMMUNAUTAIRE WETGEVING UIT HOOFDE VAN HET VEG WAARVAN DE OVERTREDING EEN WEDERRECHTELIJKE HANDELING IN DE ZIN VAN ARTIKEL 2, ONDER a), PUNT i), VAN DE VOORGESTELDE RICHTLIJN VORMT

  • Richtlijn 70/220/EEG van de Raad van 20 maart 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lidstaten met betrekking tot de maatregelen die moeten worden genomen tegen de luchtverontreiniging door gassen afkomstig van motoren met elektrische ontsteking in motorvoertuigen; zal bij de nieuwe verordening worden ingetrokken1
  • Richtlijn 72/306/EEG van de Raad van 2 augustus 1972 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lidstaten met betrekking tot de maatregelen die moeten worden genomen tegen de verontreiniging door dieselmotoren, bestemd voor het aandrijven van voertuigen2
  • Richtlijn 75/439/EEG van de Raad van 16 juni 1975 inzake de verwijdering van afgewerkte olie
  • Richtlijn 76/160/EEG van de Raad van 8 december 1975 betreffende de kwaliteit van het zwemwater
  • Richtlijn 76/769/EEG van de Raad van 27 juli 1976 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen der Lidstaten inzake de beperking van het op de markt brengen en van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen en preparaten
  • Richtlijn 77/537/EEG van de Raad van 28 juni 1977 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid- Staten betreffende de maatregelen die moeten worden genomen tegen de verontreiniging door dieselmotoren, bestemd voor het aandrijven van landbouw- of bosbouw-trekkers op wielen3
  • Richtlijn 78/176/EEG van de Raad van 20 februari 1978 betreffende de afvalstoffen afkomstig van de titaandioxyde-industrie
  • Richtlijn 79/117/EEG van de Raad van 21 december 1978 houdende verbod van het op de markt brengen en het gebruik van bestrijdingsmiddelen bevattende bepaalde actieve stoffen4
  • Richtlijn 79/409/EEG van de Raad van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand
  • Richtlijn 82/176/EEG van de Raad van 22 maart 1982 betreffende grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor kwiklozingen afkomstig van de sector elektrolyse van alkalichloriden

DE: studievoorbehoud. HU: wenst dit instrument te schrappen. DE: studievoorbehoud. HU: wenst dit instrument te schrappen. DE: studievoorbehoud. HU: wenst dit instrument te schrappen. DE: studievoorbehoud.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      11

Bijlage A bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • Richtlijn 83/513/EEG van de Raad van 26 september 1983 betreffende grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor lozingen van cadmium
  • Richtlijn 84/156/EEG van de Raad van 8 maart 1984 betreffende grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor kwiklozingen afkomstig van andere sectoren dan de elektrolyse van alkalichloriden
  • Richtlijn 84/360/EEG van de Raad van 28 juni 1984 betreffende de bestrijding van door industriële inrichtingen veroorzaakte luchtverontreiniging
  • Richtlijn 84/491/EEG van de Raad van 9 oktober 1984 betreffende de grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor de lozing van hexachloorcyclohexaan
  • Richtlijn 85/203/EEG van de Raad van 7 maart 1985 inzake luchtkwaliteitsnormen voor stikstofdioxyde
  • Richtlijn 86/278/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende de bescherming van het milieu, in het bijzonder de bodem, bij het gebruik van zuiveringsslib in de landbouw
  • Richtlijn 86/280/EEG van de Raad van 12 juni 1986 betreffende grenswaarden en kwaliteitsdoelstellingen voor lozingen van bepaalde onder lijst I van de bijlage van Richtlijn 76/464/EEG vallende gevaarlijke stoffen
  • Richtlijn 87/217/EEG van de Raad van 19 maart 1987 inzake voorkoming en vermindering van verontreiniging van het milieu door asbest
  • Richtlijn 90/219/EEG van de Raad van 23 april 1990 inzake het ingeperkte gebruik van genetisch gemodificeerde micro-organismen1
  • Richtlijn 91/271/EEG van de Raad van 21 mei 1991 inzake de behandeling van stedelijk afvalwater
  • Richtlijn 91/414/EEG van de Raad van 15 juli 1991 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen2
  • Richtlijn 91/676/EEG van de Raad van 12 december 1991 inzake de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten uit agrarische bronnen
  • Richtlijn 91/689/EEG van de Raad van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen
  • Richtlijn 92/43/EEG van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna
  • Richtlijn 92/112/EEG van de Raad van 15 december 1992 tot vaststelling van de procedure voor de harmonisatie van de programma's tot vermindering en uiteindelijke algehele opheffing van de verontreiniging door afval van de titaandioxide-industrie
  • Richtlijn 94/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 1994 betreffende verpakking en verpakkingsafval, als gewijzigd bij de Richtlijnen 2004/12/EG en 2005/20/EG

1       UK, EE en CZ: studievoorbehoud.

2       DE: studievoorbehoud.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      12

Bijlage A bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • Richtlijn 94/63/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 1993 betreffende de beheersing van de uitstoot van vluchtige organische stoffen (VOS) als gevolg van de opslag van benzine en de distributie van benzine vanaf terminals naar benzinestations
  • Richtlijn 96/49/EG van de Raad van 23 juli 1996 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lidstaten inzake het vervoer van gevaarlijke goederen per spoor
  • Richtlijn 96/59/EG van de Raad van 16 september 1996 betreffende de verwijdering van polychloorbifenylen en polychloorterfenylen (PCB's/PCT's)
  • Richtlijn 96/61/EG van de Raad van 24 september 1996 inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging
  • Richtlijn 96/62/EG van de Raad van 27 september 1996 inzake de beoordeling en het beheer van de luchtkwaliteit
  • Richtlijn 96/82/EG van de Raad van 9 december 1996 betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken
  • Richtlijn 97/68/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 1997 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door inwendige verbrandingsmotoren die worden gemonteerd in niet voor de weg bestemde mobiele machines
  • Verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van 9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantesoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer
  • Richtlijn 98/8/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 1998 betreffende het op de markt brengen van biociden
  • Richtlijn 98/70/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 1998 betreffende de kwaliteit van benzine en van dieselbrandstof en tot wijziging van Richtlijn 93/12/EEG van de Raad
  • Richtlijn 98/83/EG van de Raad van 3 november 1998 betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water
  • Richtlijn 99/13/EG van de Raad van 11 maart 1999 inzake de beperking van de emissie van vluchtige organische stoffen ten gevolge van het gebruik van organische oplosmiddelen bij bepaalde werkzaamheden en in installaties
  • Richtlijn 1999/30/EG van de Raad van 22 april 1999 betreffende grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, zwevende deeltjes en lood in de lucht, Beschikking 2001/744/EEG van de Commissie van 17 oktober 2001 tot wijziging van bijlage V bij die richtlijn
  • Richtlijn 1999/31/EG van de Raad van 26 april 1999 betreffende het storten van afvalstoffen

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      13

Bijlage A bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • Richtlijn 1999/32/EG van de Raad van 26 april 1999 betreffende een vermindering van het zwavelgehalte van bepaalde vloeibare brandstoffen en tot wijziging van Richtlijn 93/12/EEG1
  • Richtlijn 2000/53/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 september 2000 betreffende autowrakken
  • Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid2
  • Richtlijn 2000/69/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2000 betreffende grenswaarden voor benzeen en koolmonoxide in de lucht
  • Richtlijn 2000/76/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 december 2000 betreffende de verbranding van afval
  • Verordening (EG) nr. 2037/2000 van het Europees Parlement en de Raad van 29 juni 2000 betreffende de ozonlaag afbrekende stoffen

Richtlijn 2001/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 maart 2001 inzake de doelbewuste introductie van genetisch gemodificeerde organismen in het milieu en tot intrekking van Richtlijn 90/220/EEG van de Raad3

  • Richtlijn 2001/80/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake de beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties
  • Richtlijn 2002/3/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 februari 2002 betreffende ozon in de lucht
  • Richtlijn 2002/96/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 2003 betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur
  • Richtlijn 2002/95/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 2003 betreffende beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur
  • Richtlijn 2003/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 juni 2003 tot wijziging van Richtlijn 94/25/EG inzake de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten met betrekking tot pleziervaartuigen

3

1 CY, EL en BE wensen dit instrument uit de bijlage te schrappen. Commissie is tegen die schrapping.

DE wenst dit instrument uit de bijlage te schrappen. EE en CZ: studievoorbehoud.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      14

Bijlage A bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

  • Richtlijn 2004/107/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 december 2004 betreffende arseen, cadmium, kwik, nikkel en polycyclische aromatische koolwaterstoffen in de lucht
  • Verordening (EG) nr. 648/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende detergentia
  • Verordening (EG) nr. 850/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende persistente organische verontreinigende stoffen en tot wijziging van Richtlijn 79/117/EEG
  • Richtlijn 2005/55/EG van het Europees Parlement en de Raad van 28 september 2005 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot maatregelen tegen de emissie van verontreinigende gassen en deeltjes door voertuigmotoren met compressieontsteking en de emissie van verontreinigende gassen door op aardgas of vloeibaar petroleumgas lopende voertuigmotoren met elektrische ontsteking
  • Richtlijn 2005/78/EG van de Commissie van 14 november 2005 tot uitvoering van Richtlijn 2005/55/EG van het Europees Parlement en de Raad inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten met betrekking tot de maatregelen tegen de emissie van verontreinigende gassen en deeltjes door voertuigmotoren met compressieontsteking en de emissie van verontreinigende gassen door op aardgas of vloeibaar petroleumgas lopende voertuigmotoren met elektrische ontsteking, en tot wijziging van de bijlagen I, II, III, IV en VI daarbij1
  • Richtlijn 2006/7/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 februari 2006 betreffende het beheer van de zwemwaterkwaliteit en tot intrekking van Richtlijn 76/160/EEG
  • Richtlijn 2006/11/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 februari 2006 betreffende de verontreiniging veroorzaakt door bepaalde gevaarlijke stoffen die in het aquatisch milieu van de Gemeenschap worden geloosd
  • Richtlijn 2006/12/EG van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2006 betreffende afvalstoffen
  • Richtlijn 2006/21/EG van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2006 betreffende het beheer van afval van winningsindustrieën en houdende wijziging van Richtlijn 2004/35/EG
  • Richtlijn 2006/40/EG van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 betreffende emissies van klimaatregelingsapparatuur in motorvoertuigen en houdende wijziging van Richtlijn 70/156/EEG van de Raad

DE: studievoorbehoud.

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      15

Bijlage A bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

1

  • Richtlijn 2006/44/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 betreffende de kwaliteit van zoet water dat bescherming of verbetering behoeft teneinde geschikt te zijn voor het leven van vissen
  • Richtlijn 2006/66/EG van het Europees Parlement en de Raad van 6 september 2006 inzake batterijen en accu's, alsook afgedankte batterijen en accu's en tot intrekking van Richtlijn 91/157/EEG
  • Richtlijn 2006/118/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende de bescherming van het grondwater tegen verontreiniging en achteruitgang van de toestand
  • Verordening (EG) nr. 842/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 17 mei 2006 inzake bepaalde gefluoreerde broeikasgassen
  • Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen
  • Verordening (EG) nr. 715/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2007 betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen- en bedrijfsvoertuigen (Euro 5 en Euro 6) en de toegang tot reparatie- en onderhouds-informatie
  • Verordening (EG) nr. 1418/2007 van de Commissie van 29 november 2007 betreffende de uitvoer, met het oog op terugwinning, van bepaalde in bijlage III of III A bij Verordening (EG)

nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad genoemde afvalstoffen naar bepaalde landen waarop het OESO-besluit betreffende het toezicht op de grensoverschrijdende overbrenging van afvalstoffen niet van toepassing is

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      16

Bijlage A bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

Bijlage B bij de BIJLAGE

LIJST VAN COMMUNAUTAIRE WETGEVING

UIT HOOFDE VAN HET EURATOM-VERDRAG

WAARVAN DE OVERTREDING EEN WEDERRECHTELIJKE HANDELING IN DE ZIN

VAN ARTIKEL 2, ONDER a), PUNT ii), VAN DE VOORGESTELDE RICHTLIJN

VORMT

  • Richtlijn 2003/122/Euratom van de Raad van 22 december 2003 inzake de controle op hoogactieve ingekapselde radioactieve bronnen en weesbronnen
  • Richtlijn 96/29/Euratom van de Raad van 13 mei 1996 tot vaststelling van de basisnormen voor de bescherming van de gezondheid der bevolking en der werkers tegen de aan ioniserende straling verbonden gevaren

8408/1/08 REV 1                                                                            van/YEN/rb                      17

Bijlage B bij de BIJLAGE                  DG H 2B                      LIMITE NL

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie