Gemeenschappelijk standpunt door de Raad aangenomen op 10 maart 2008 met het oog op de aanneming van een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake aroma's en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1576/89 van de Raad, Verordening (EEG) nr. 1601/91 van de Raad, Verordening (EG) nr. 2232/96 en Richtlijn 2000/13/EG

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

VERORDENING (EG) Nr. .../2008 VAN HET EUROPEES PARLEMENT

EN VAN DE RAAD

van

inzake aroma's en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen

voor gebruik in levensmiddelen en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1576/89 van de

Raad, Verordening (EEG) nr. 1601/91 van de Raad, Verordening (EG) nr. 2232/96 en

Richtlijn 2000/13/EG

(Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 95,

Gezien het voorstel van de Commissie,

1

Gezien het advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité , 2

Handelend volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag ,

1

PB C 168 van 20.7.2007, blz. 34. 2

Advies van het Europees Parlement van 10 juli 2007 (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad) en gemeenschappelijk standpunt van de Raad van ...(nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad), standpunt van het Europees Parlement van ... (nog niet bekendgemaakt in het Publicatieblad) en besluit van de Raad van ...

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Richtlijn 88/388/EEG van de Raad van 22 juni 1988 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten inzake aroma's voor gebruik in levensmiddelen en de

1

uitgangsmaterialen voor de bereiding van die aroma's dient in het licht van de technische en wetenschappelijke ontwikkelingen te worden aangepast. Ter wille van de duidelijkheid

en doelmatigheid dient Richtlijn 88/388/EEG door deze verordening te worden vervangen.

(2) Besluit 88/389/EEG van de Raad van 22 juni 1988 betreffende de opstelling door de Commissie van een lijst van stoffen en uitgangsmaterialen die worden gebruikt voor de

2

bereiding van aroma's stelt de opstelling van die lijst binnen 24 maanden na de aanneming van dat besluit in het vooruitzicht. Dat besluit is thans achterhaald en moet worden

ingetrokken.

(3) Bij Richtlijn 91/71/EEG van de Commissie van 16 januari 1991 tot aanvulling van Richtlijn 88/388/EEG van de Raad betreffende de onderlinge aanpassing van de wet-

gevingen der lidstaten inzake aroma's voor gebruik in levensmiddelen en de uitgangs-

3

materialen voor de bereiding van die aroma's wordt de etikettering van aroma's geregeld. Die regeling wordt vervangen door deze verordening en de richtlijn moet thans worden

ingetrokken.

(4) Het vrije verkeer van veilig en gezond voedsel is een wezenlijk aspect van de interne markt, dat een aanzienlijke bijdrage levert aan de gezondheid en het welzijn van de burgers

en aan hun sociale en economische belangen.

1

PB L 184 van 15.7.1988, blz. 61. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1). 2

PB L 184 van 15.7.1988, blz. 67. 3

PB L 42 van 15.2.1991, blz. 25.

(5) Met het oog op de bescherming van de gezondheid van de mens dienen aroma's, uitgangs materialen voor aroma's en levensmiddelen die aroma's bevatten, onder deze verordening

te vallen. Ook dienen hierbinnen bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigen-

schappen te vallen die aan levensmiddelen worden toegevoegd met als belangrijkste doel

er geur en/of smaak aan te geven en die er in aanzienlijke mate toe bijdragen dat bepaalde

van nature voorkomende ongewenste stoffen (hierna "voedselingrediënten met aromati-

serende eigenschappen" genoemd) in levensmiddelen aanwezig zijn, alsmede het uitgangs-

materiaal ervan en de levensmiddelen die ze bevatten.

(6) Onbewerkte levensmiddelen en niet-samengestelde levensmiddelen zoals specerijen, kruiden, theeën en aftreksels (bv. fruit- of kruidenthee), alsmede mengsels van specerijen

en/of kruiden, theemengsels en mengsels voor aftreksels voor zover ze als zodanig worden

geconsumeerd en/of niet worden toegevoegd aan levensmiddelen, vallen niet onder deze

verordening.

(7) Aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen mogen slechts worden gebruikt wanneer zij voldoen aan de criteria van deze verordening. Het gebruik ervan moet

veilig zijn, en daarom moeten bepaalde aroma's een risicobeoordeling ondergaan voordat

zij in levensmiddelen kunnen worden toegelaten. Het gebruik ervan mag de consument niet

misleiden en daarom moet op het etiket de aanwezigheid ervan altijd adequaat worden

vermeld. Misleiding van de consument omvat, maar is niet beperkt tot, aspecten die

verband houden met de aard, de versheid, de kwaliteit van de gebruikte ingrediënten, de

natuurlijkheid van een product of van het productieproces, of de voedingskwaliteit van het

product. Bij het goedkeuren van aroma's moeten ook andere ter zake doende factoren in

aanmerking worden genomen, zoals maatschappelijke, economische, met tradities samen-

hangende, ethische en milieufactoren, alsmede de uitvoerbaarheid van controles.

(8) Sinds 1999 heeft eerst het Wetenschappelijk Comité voor de menselijke voeding en vervolgens de bij Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad

van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de

levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedsel-

1

veiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden opgerichte Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (hierna "de Autoriteit" genoemd)

adviezen uitgebracht over een aantal stoffen die van nature voorkomen in uitgangs-

materialen voor aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen, en die

volgens het Comité van deskundigen inzake aromastoffen van de Raad van Europa

aanleiding geven tot een vermoeden van toxiciteit. Stoffen waarvan het Wetenschappelijk

Comité voor de menselijke voeding het vermoeden van toxiciteit heeft bevestigd, dienen

als ongewenste stoffen te worden beschouwd die niet als zodanig aan levensmiddelen

moeten worden toegevoegd.

(9) Daar ongewenste stoffen van nature in planten voorkomen, kunnen zij in aromatiserende preparaten en voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen aanwezig zijn. De

planten worden traditioneel gebruikt als levensmiddel of voedselingrediënt. Er moeten

passende maximumgehalten worden vastgesteld aan deze ongewenste stoffen in levens-

middelen die het meest bijdragen aan de inname door de mens van deze stoffen, waarbij

zowel met de noodzaak tot bescherming van de menselijke gezondheid als de onvermijde-

lijke aanwezigheid ervan in traditionele levensmiddelen rekening wordt gehouden.

1

PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 575/2006 van de Commissie (PB L 100 van 8.4.2006, blz. 3).

(10) De maximumgehalten aan bepaalde van nature voorkomende ongewenste stoffen moeten gericht zijn op de levensmiddelen of levensmiddelencategorieën die het meest bijdragen tot

de inname ervan via de voeding. Dit zou de lidstaten in staat stellen controles op risico-

basis te verrichten overeenkomstig Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees

Parlement en de Raad van 29 april 2004 inzake officiële controles op de naleving van de

wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezond-

1

heid en dierenwelzijn . Levensmiddelenproducenten dienen echter met de aanwezigheid van deze stoffen rekening te houden wanneer zij voedselingrediënten met aromatiserende

eigenschappen en/of aroma's gebruiken bij de bereiding van alle levensmiddelen om ervoor

te zorgen dat levensmiddelen die niet veilig zijn, niet in de handel worden gebracht.

(11) Op communautair niveau dienen voorschriften te worden vastgesteld om het gebruik van bepaald plantaardig, dierlijk, microbiologisch of mineraal uitgangsmateriaal dat gevaar kan

opleveren voor de gezondheid van de mens, bij de productie van aroma's en voedsel-

ingrediënten met aromatiserende eigenschappen en de toepassingen daarvan bij de levens-

middelenproductie te verbieden of aan banden te leggen.

(12) De risicobeoordelingen moeten worden uitgevoerd door de Autoriteit.

1

PB L 165 van 30.4.2004, blz. 1. Rectificatie in PB L 191 van 28.5.2004, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1791/2006 van de Raad (PB L 363 van 20.12.2006, blz. 1).

(13) Met het oog op harmonisering dienen de risicobeoordeling en de goedkeuring van aroma's en uitgangsmaterialen die een evaluatie moeten ondergaan, plaats te vinden volgens de

procedure van Verordening (EG) nr. .../... van ... tot vaststelling van een uniforme goed keuringsprocedure voor levensmiddelenadditieven, voedingsenzymen en levensmiddelen-

1

aroma's .

(14) Aromastoffen zijn welomschreven chemische stoffen, met inbegrip van door chemische synthese verkregen of door chemische procédés geïsoleerde aromastoffen en natuurlijke

aromastoffen. Overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2232/96 van het Europees Parlement

en de Raad van 28 oktober 1996 tot vaststelling van een communautaire procedure voor in

of op levensmiddelen gebruikte of te gebruiken aromastoffen wordt momenteel een

2

beoordelingsprogramma van aromastoffen uitgevoerd . Volgens die verordening moet binnen vijf jaar na de aanneming van dat programma een lijst van aromastoffen worden

vastgesteld. Voor de aanneming van die lijst moet een nieuwe termijn worden vastgesteld.

Voorgesteld zal worden om die lijst in de in artikel 2, lid 1, van Verordening (EG)

nr. .../... bedoelde lijst op te nemen. (15) Aromatiserende preparaten zijn andere aroma's dan welomschreven chemische stoffen, die zijn verkregen van uitgangsmaterialen van plantaardige, dierlijke of microbiologische

oorsprong door geschikte fysische dan wel enzymatische of microbiologische procédés,

hetzij als zodanig, hetzij voor consumptie door de mens verwerkt. Van levensmiddelen

vervaardigde aromatiserende preparaten hoeven geen evaluatie of goedkeuringsprocedure

te ondergaan voor gebruik in levensmiddelen, tenzij er twijfel omtrent de veiligheid ervan

bestaat. De veiligheid van aromatiserende preparaten die van niet voor de menselijke

voeding bestemd uitgangsmateriaal zijn vervaardigd, dient wel te worden geëvalueerd en

goedgekeurd.

PB: gelieve het nummer en de datum van document 16673/07 in te vullen. 1

PB: gelieve PB-gegevens in te vullen. 2

PB L 299 van 23.11.1996, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003.

PB: gelieve het nummer van document 16673/07 in te vullen.

(16) In Verordening (EG) nr. 178/2002 wordt onder levensmiddel verstaan: alle stoffen en producten, verwerkt, gedeeltelijk verwerkt of onverwerkt, die bestemd zijn om door de

mens te worden geconsumeerd of waarvan redelijkerwijs kan worden verwacht dat zij door

de mens worden geconsumeerd. Uitgangsmaterialen van plantaardige, dierlijke of micro-

biologische oorsprong, waarvan voldoende kan worden aangetoond dat ze tot op heden niet

zijn gebruikt voor de vervaardiging van aroma's, worden voor de toepassing van deze

verordening als voedingsmiddel beschouwd, ook al zijn een aantal van deze uitgangs-

materialen, zoals rozenhout en aardbeiblad, wellicht niet voor levensmiddelen als zodanig

gebruikt. Zij hoeven niet te worden geëvalueerd.

(17) Via een thermisch procédé verkregen aroma's die onder gespecificeerde omstandigheden van levensmiddelen zijn vervaardigd, hoeven evenmin een evaluatie of goedkeurings-

procedure te ondergaan voor gebruik in levensmiddelen, tenzij er twijfel omtrent de

veiligheid ervan bestaat. De veiligheid van via een thermisch procédé verkregen aroma's

die van een niet voor de menselijke voeding bestemd uitgangsmateriaal zijn vervaardigd of

die niet voldoen aan bepaalde productievoorwaarden, dient echter te worden geëvalueerd

en goedgekeurd.

(18) Verordening (EG) nr. 2065/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 1

10 november 2003 inzake in of op levensmiddelen gebruikte of te gebruiken rookaroma's bevat een procedure voor de veiligheidsevaluatie en goedkeuring van rookaroma's en

beoogt de opstelling van een lijst van primaire rookcondensaten en primaire teerfracties

waarvan het gebruik is toegestaan, met uitsluiting van alle andere stoffen.

(19) Aromaprecursoren zoals koolhydraten, oligopeptiden en aminozuren geven geur en/of smaak aan levensmiddelen door middel van chemische reacties die tijdens de productie van

de levensmiddelen optreden. Van levensmiddelen vervaardigde aromaprecursoren hoeven

geen evaluatie of goedkeuringsprocedure te ondergaan voor gebruik in levensmiddelen,

tenzij er twijfel omtrent de veiligheid ervan bestaat. De veiligheid van aromaprecursoren

die van niet voor de menselijke voeding bestemd uitgangsmateriaal zijn vervaardigd, dient

echter te worden geëvalueerd en goedgekeurd.

1

PB L 309 van 26.11.2003, blz. 1.

(20) Andere aroma's, die niet onder de definities van de eerder genoemde aroma's vallen, mogen in levensmiddelen worden gebruikt nadat zij een evaluatie- en goedkeurings-

procedure hebben ondergaan. Het kan bijvoorbeeld gaan om aroma's die zijn verkregen

door de zeer korte verhitting van olie of vet tot extreem hoge temperaturen, wat een

grillsmaak verleent.

(21) De productie van aroma's van uitgangsmaterialen van plantaardige, dierlijke, micro biologische of minerale oorsprong die geen levensmiddelen zijn, mag slechts worden

toegestaan nadat de veiligheid ervan wetenschappelijk beoordeeld is. Het zou noodzakelijk

kunnen zijn om toestemming te verlenen voor het gebruik van slechts bepaalde delen van

de uitgangsmaterialen of voorwaarden voor het gebruik ervan vast te stellen.

(22) Aroma's kunnen voor technische doeleinden, zoals het opslaan, standaardiseren, verdunnen

of oplossen en stabiliseren ervan, de bij Verordening (EG) nr. .../... van ... inzake levens 1

iddelenadditieven toegestane levensmiddelenadditieven en/of andere voedselingrediënten bevatten.

(23) Een aroma of een uitgangsmateriaal dat valt binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake

2

genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders moet voor de veiligheids beoordeling van de genetische modificatie aan de goedkeuringsprocedure van die

verordening onderworpen zijn, terwijl de definitieve goedkeuring voor dat aroma of

uitgangsmateriaal bij de onderhavige verordening moet worden verleend.

PB: gelieve het nummer en de datum van document 16675/07 in te vullen. 1

PB: gelieve PB-gegevens in te vullen. 2

PB L 268 van 18.10.2003, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1981/2006 van de Commissie (PB L 368 van 23.12.2006, blz. 99).

(24) Voor aroma's blijven de algemene etiketteringsvoorschriften gelden overeenkomstig Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 maart 2000 betref-

fende de onderlinge aanpassing van de wetgeving der lidstaten inzake de etikettering en

1

presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame en, in voorkomend geval, Verordening (EG) nr. 1829/2003 en Verordening (EG) nr. 1830/2003

van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende de traceer-

baarheid en etikettering van genetisch gemodificeerde organismen en de traceerbaarheid

van met genetisch gemodificeerde organismen geproduceerde levensmiddelen en dier-

2

oeders. Voorts moeten in deze verordening specifieke etiketteringsvoorschriften worden vastgesteld voor aroma's die als zodanig aan de producent of aan de eindverbruiker worden

verkocht.

(25) Aromastoffen of aromatiserende preparaten mogen op het etiket alleen als "natuurlijk" worden aangeduid indien zij voldoen aan bepaalde criteria die waarborgen dat de

consument niet wordt misleid.

1

PB L 109 van 6.5.2000, blz. 29. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2007/68/EG van de Commissie (PB L 310 van 28.11.2007, blz. 11). 2

PB L 268 van 18.10.2003, blz. 24.

(26) Specifieke informatievoorschriften moeten garanderen dat de consument niet wordt misleid ten aanzien van het voor de productie van natuurlijke aroma's gebruikte uitgangs-

materiaal. Indien de term "natuurlijk" ter aanduiding van een aroma wordt gebruikt,

moeten de aromatiserende componenten volledig van natuurlijke oorsprong zijn. Tevens

dient het uitgangsmateriaal van het aroma op het etiket te staan, behalve wanneer het

vermelde uitgangsmateriaal niet zou worden herkend in de geur en/of smaak van het

levensmiddel. Indien een uitgangsmateriaal wordt vermeld, dient ten minste 95% van de

aromatiserende component van het desbetreffende uitgangsmateriaal verkregen te zijn. Het

resterende deel van ten hoogste 5% mag alleen worden gebruikt voor standaardisering of

om het aroma bijvoorbeeld een frissere, pikantere, rijpere, groenere toets te geven.

Wanneer minder dan 95% van de uit het vermelde uitgangsmateriaal afkomstige

aromatiserende component wordt gebruikt en het aroma van het uitgangsmateriaal nog

steeds herkenbaar is, moet het uitgangsmateriaal bekend worden gemaakt tesamen met de

vermelding dat andere natuurlijke aroma's zijn toegevoegd, bijvoorbeeld cacao-extract

waaraan andere natuurlijke aroma's zijn toegevoegd om een bananensmaak te geven.

Wanneer in de beschrijving van een natuurlijk aroma een uitgangsmateriaal wordt vermeld,

mag het niet van genoemd uitgangsmateriaal afkomstige gedeelte van de aromatiserende

component de smaak en/of de geur van het vermelde uitgangmateriaal niet reproduceren of

nabootsen.

(27) Als de rooksmaak van een bepaald levensmiddel het gevolg is van de toevoeging van rookaroma's, moet de consument hieromtrent worden ingelicht. Overeenkomstig Richtlijn

2000/13/EG dient de etikettering van een product geen verwarring bij de consument te

doen ontstaan over de vraag of het product op traditionele wijze met verse rook dan wel

met rookaroma's is behandeld. Richtlijn 2000/13/EG moet worden aangepast aan de in

deze verordening vastgelegde definities van aroma's, rookaroma's en aan de term

"natuurlijk" als beschrijving van aroma's.

(28) Voor de evaluatie van de veiligheid van aromastoffen voor de menselijke gezondheid is informatie over de consumptie en het gebruik van aromastoffen onontbeerlijk. De

hoeveelheden aan levensmiddelen toegevoegde aromastoffen moeten daarom regelmatig

worden gecontroleerd.

(29) De voor de uitvoering van deze verordening vereiste maatregelen moeten worden vast esteld overeenkomstig Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling

van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoerings-

1

evoegdheden .

(30) In het bijzonder moet aan de Commissie de bevoegdheid worden gegeven de bijlagen bij deze verordening aan te passen en met betrekking tot de opstelling van de commuautaire

lijst passende overgangsmaatregelen vast te stellen. Daar het maatregelen van algemene

strekking betreft tot wijziging van niet-essentiële onderdelen van deze verordening, onder

meer door haar aan te vullen met nieuwe niet-essentiële onderdelen, moeten zij worden

vastgesteld volgens de in artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG bepaalde regelgevings-

rocedure met toetsing.

(31) Wanneer om dwingende urgente redenen de normaal voor de de regelgevingsprocedure met toetsing toepasselijke termijnen niet kunnen worden nageleefd, moet de Commissie,

voor de aanneming van de maatregelen als bedoeld in artikel 8, lid 2, en voor aanpassingen

van de bijlagen II tot en met V bij deze verordening de in artikel 5 bis, lid 6, van Besluit

1999/468/EG vastgestelde urgentieprocedure kunnen toepassen.

1

PB L 184 van 17.7.1999, blz. 23. Besluit laatstelijk gewijzigd bij Besluit 2006/512/EG (PB L 200 van 22.7.2006, blz. 11).

(32) De bijlagen II tot en met V moeten waar nodig worden aangepast aan de wetenschappelijke en technische vooruitgang in het licht van de door aromaproducenten en -gebruikers

verstrekte informatie en/of het resultaat van het toezicht en de controles van de lidstaten.

(33) Om de communautaire wetgeving inzake aroma's op evenredige en doeltreffende wijze te ontwikkelen en aan te passen is het noodzakelijk om gegevens te verzamelen, informatie

uit te wisselen en de werkzaamheden tussen de lidstaten te coördineren. Met het oog

daarop kan het nuttig zijn onderzoeken uit te voeren naar specifieke kwesties om zo het

besluitvormingsproces te vergemakkelijken. De Gemeenschap dient deze onderzoeken in

het kader van haar begrotingsprocedure te kunnen financieren. De financiering van

dergelijke maatregelen is geregeld in Verordening (EG) nr. 882/2004.

(34) In afwachting van de opstelling van de communautaire lijst moeten de aromastoffen die niet vallen onder het beoordelingsprogramma overeenkomstig Verordening (EG)

nr. 2232/96, kunnen worden geëvalueerd en goedgekeurd. Daarom dient er een overgangs-

egeling te worden vastgesteld. Volgens die regeling moeten aromastoffen overeenkomstig

de procedure van Verordening (EG) nr. .../... worden geëvalueerd en goedgekeurd. Van de toepassing van de termijnen die in die verordening worden voorzien voor de Autoriteit om

advies uit te brengen en voor de Commissie om een ontwerp-verordening ter actualisering

van de communautaire lijst voor te leggen aan het Permanent Comité voor de voedselketen

en de diergezondheid, moet echter worden afgezien, omdat er prioriteit moet worden

gegeven aan het lopende beoordelingsprogramma.

PB: gelieve het nummer van document 16673/07 in te vullen.

(35) Aangezien de doelstelling van deze verordening, namelijk de vaststelling van een commu autaire regeling inzake het gebruik van aroma's en bepaalde voedselingrediënten met

aromatiserende eigenschappen in levensmiddelen, niet voldoende door de lidstaten kan

worden verwezenlijkt en derhalve vanwege de eenheid van de markt en een hoog niveau

van consumentenbescherming beter door de Gemeenschap kan worden verwezenlijkt, kan

de Gemeenschap, overeenkomstig het in artikel 5 van het Verdrag neergelegde subsidiari-

eitsbeginsel, maatregelen nemen. Overeenkomstig het in hetzelfde artikel neergelegde

evenredigheidsbeginsel, gaat deze verordening niet verder dan wat nodig is om deze

doelstelling te verwezenlijken.

(36) Verordening (EEG) nr. 1576/89 van de Raad van 29 mei 1989 tot vaststelling van de algemene voorschriften betreffende de definitie, de aanduiding en de aanbiedingsvorm van

1

gedistilleerde dranken en Verordening (EEG) nr. 1601/91 van de Raad van 10 juni 1991 tot vaststelling van de algemene voorschriften betreffende de definitie, de aanduiding en de

aanbiedingsvorm van gearomatiseerde wijnen, gearomatiseerde dranken op basis van wijn

2

en gearomatiseerde cocktails van wijnbouwproducten , moeten aan bepaalde, in deze verordening vastgestelde definities worden aangepast.

(37) De Verordeningen (EEG) nr. 1576/89, (EEG) nr. 1601/91 en (EG) nr. 2232/96 en Richtlijn 2000/13/EG dienen dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

1

PB L 160 van 12.6.1989, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2005. 2

PB L 149 van 14.6.1991, blz. 1. Verordening laatstelijk gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2005.

HOOFDSTUK I

ONDERWERP, TOEPASSINGSGEBIED EN DEFINITIES

Artikel 1

Onderwerp

Deze verordening stelt voorschriften vast voor aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende

eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen om de doeltreffende werking van de interne markt

en een hoog niveau van bescherming van de menselijke gezondheid en de bescherming van de

consument te waarborgen, inclusief eerlijke praktijken in de levensmiddelenhandel, rekening

houdend, indien van toepassing, met de bescherming van het milieu.

Hiertoe is in deze verordening het volgende vastgesteld:

  • a) 
    een communautaire lijst van voor gebruik in levensmiddelen goedgekeurde aroma's en uitgangsmaterialen overeenkomstig bijlage I (hierna "de communautaire lijst" genoemd);
  • b) 
    de gebruiksvoorwaarden voor aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende eigen schappen in levensmiddelen;
  • c) 
    voorschriften voor de etikettering van aroma's.

Artikel 2

Toepassingsgebied

  • 1. 
    Deze verordening heeft betrekking op:
  • a) 
    in levensmiddelen gebruikte of te gebruiken aroma's, onverminderd de specifiekere bepalingen van Verordening (EG) nr. 2065/2003;
  • b) 
    voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen;
  • c) 
    levensmiddelen die aroma's en/of voedselingrediënten met aromatiserende eigen schappen bevatten;
  • d) 
    uitgangsmaterialen van aroma's en/of uitgangsmaterialen van voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen.
  • 2. 
    Deze verordening is niet van toepassing op:
  • a) 
    stoffen die uitsluitend een zoete, zure of zoute smaak hebben; b) onbewerkte levensmiddelen;
  • c) 
    niet-samengestelde levensmiddelen en mengsels van specerijen en/of kruiden, thee mengsel en mengsels voor aftreksels als dusdanig voor zover ze niet als voedsel-

ingrediënten worden gebruikt.

Artikel 3

Definities

  • 1. 
    Voor de toepassing van deze verordening gelden de definities van de Verordeningen (EG) nr. 178/2002 en nr. 1829/2003.
  • 2. 
    Voor de toepassing van deze verordening gelden voorts de volgende definities: a) "aroma's": producten
  • i) 
    die niet bedoeld zijn om als zodanig geconsumeerd te worden en die aan levensmiddelen worden toegevoegd om hieraan geur en/of smaak te geven;
  • ii) 
    die uit de volgende categorieën zijn vervaardigd of bestaan: aromastoffen, aromatiserende preparaten, via een thermisch procédé verkregen aroma's,

rookaroma's, aromaprecursoren of overige aroma's of mengsels daarvan;

  • b) 
    "aromastof": een welomschreven chemische stof met aromatiserende eigenschappen;
  • c) 
    "natuurlijke aromastof": een aromastof die door geschikte fysische dan wel enzyma tische of microbiologische procédés is verkregen van een uitgangsmateriaal van

plantaardige, dierlijke of microbiologische oorsprong, hetzij als zodanig, hetzij voor

consumptie door de mens verwerkt door middel van een of meer van de in bijlage II

genoemde traditionele levensmiddelenbereidingswijzen; natuurlijke aromastoffen

zijn stoffen die van nature aanwezig zijn en die in de natuur zijn aangetoond;

  • d) 
    "aromatiserend preparaat": een ander product dan een aromastof, verkregen van: i) levensmiddelen door geschikte fysische dan wel enzymatische of micro biologische procédés, hetzij als zodanig, hetzij voor consumptie door de mens

verwerkt door middel van een of meer van de in bijlage II genoemde

traditionele levensmiddelenbereidingswijzen;

en/of

  • ii) 
    andere uitgangsmaterialen van plantaardige, dierlijke of microbiologische oorsprong dan levensmiddelen, verkregen door geschikte fysische dan wel

enzymatische of microbiologische procédés, en hetzij als zodanig gebruikt,

hetzij bereid volgens een of meer van de in bijlage II genoemde traditionele

levensmiddelenbereidingswijzen;

  • e) 
    "via een thermisch procédé verkregen aroma": een product verkregen na een hitte behandeling van een mengsel van bestanddelen die niet noodzakelijkerwijs zelf

aromatiserende eigenschappen bezitten en waarvan er ten minste één stikstof

(aminogroepen) bevat en een ander een reducerende suiker is; de ingrediënten voor

de productie van via een thermisch procédé verkregen aroma kunnen zijn:

  • i) 
    levensmiddelen; en/of
  • ii) 
    andere uitgangsmaterialen dan levensmiddelen;
  • f) 
    "rookaroma": een product, verkregen door fractionering en zuivering van geconden seerde rook, waardoor primaire rookcondensaten, primaire teerfracties en/of

afgeleide rookaroma's als omschreven in artikel 3, punten 1, 2 en 4, van Verordening

(EG) nr. 2065/2003 worden verkregen;

  • g) 
    "aromaprecursor": een product dat niet noodzakelijkerwijs zelf aromatiserende eigenschappen bezit en dat opzettelijk aan levensmiddelen wordt toegevoegd met als

enig doel om hieraan door ontleding of door een reactie met andere bestanddelen

tijdens de productie ervan een aroma te geven; het kan worden verkregen van:

  • i) 
    levenssmiddelen; en/of
  • ii) 
    andere uitgangsmaterialen dan levensmiddelen;
  • h) 
    "overig aroma": een aroma dat toegevoegd wordt of bestemd is om te worden toegevoegd aan levensmiddelen om hieraan geur en/of smaak te geven, en dat niet

onder de definities onder b) tot en met g) valt;

  • i) 
    "voedselingrediënt met aromatiserende eigenschappen": een ander voedselingrediënt dan aroma's dat aan levensmiddelen kan worden toegevoegd met als voornaamste

doel om er geur en/of smaak aan te geven of de geur en/of smaak ervan te wijzigen

en dat er in aanzienlijke mate toe bijdraagt dat bepaalde van nature voorkomende

ongewenste stoffen in levensmiddelen aanwezig zijn;

  • j) 
    "uitgangsmateriaal": een product van plantaardige, dierlijke, microbiologische of minerale oorsprong waarvan aroma's of voedselingrediënten met aromatiserende

eigenschappen worden vervaardigd; het kan hierbij gaan om:

  • i) 
    levensmiddelen; of
  • ii) 
    andere uitgangsmaterialen dan levensmiddelen;
  • k) 
    "geschikt fysisch procédé": een fysisch procédé waarbij de chemische eigenschappen van de bestanddelen van het aroma niet opzettelijk worden veranderd en waarbij

onder meer geen singletzuurstof, ozon, anorganische katalysatoren, metaal-

katalysatoren, organometaalreagentia en/of UV-straling worden gebruikt.

  • 3. 
    Voor de toepassing van de definities in lid 2, onder d), e), g), en j), worden uitgangs materialen waarvan het gebruik voor de vervaardiging van aroma's duidelijk is bewezen,

als levensmiddelen in de zin van deze verordening beschouwd.

Aroma's kunnen de Verordening (EG) nr. .../... toegestane levensmiddelenadditieven en/of andere voedselingrediënten bevatten die om technische redenen worden toegevoegd.

PB: gelieve het nummer van document 16675/07 in te vullen.

HOOFDSTUK II

VOORWAARDEN VOOR HET GEBRUIK VAN AROMA'S,

VOEDSELINGREDIËNTEN MET AROMATISERENDE

EIGENSCHAPPEN EN UITGANGSMATERIALEN

Artikel 4

Algemene voorwaarden voor het gebruik van aroma's of voedselingrediënten

met aromatiserende eigenschappen

In levensmiddelen mogen slechts aroma's of voedselingrediënten met aromatiserende eigen-

schappen worden gebruikt die aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • a) 
    zij leveren volgens de beschikbare wetenschappelijke gegevens geen gevaar voor de gezondheid van de consument op; en
  • b) 
    het gebruik ervan misleidt de consument niet. Artikel 5

Verbod op aroma's en/of levensmiddelen die niet aan de verordening voldoen

Het in de handel brengen van aroma's, levensmiddelen die aroma's bevatten en/of voedsel-

ingrediënten met aromatiserende eigenschappen waarvan het gebruik niet voldoet aan deze

verordening, is verboden.

Artikel 6

Aanwezigheid van bepaalde stoffen

  • 1. 
    In deel A van bijlage III vermelde stoffen worden niet als zodanig aan levensmiddelen toegevoegd.
  • 2. 
    Onverminderd Verordening (EG) nr. 1576/89, mogen de maximumgehalten aan bepaalde stoffen die van nature aanwezig zijn in aroma's en/of voedselingrediënten met aromati-

serende eigenschappen in de in deel B van bijlage III vermelde samengestelde levens-

middelen niet worden overschreden als gevolg van het gebruik van aroma's en/of voedsel-

ingrediënten met aromatiserende eigenschappen in die levensmiddelen.Tenzij anders is

vermeld, zijn de maximumgehalten van de stoffen in bijlage III van toepassing op de

levensmiddelen zoals die op de markt worden gebracht. Bij gedroogde en/of geconcen-

treerde levensmiddelen die gereconstitueerd moeten worden, gelden de maximumgehalten,

in afwijking van dit beginsel, voor het volgens de aanwijzingen op het etiket gereconsti-

tueerde levensmiddel, rekening houdend met de minimale verdunningsfactor.

  • 3. 
    Bepalingen ter uitvoering van lid 2 kunnen, na advies van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (hierna "de Autoriteit" genoemd), worden vastgesteld volgens de

regelgevingsprocedure van artikel 21, lid 2.

Artikel 7

Gebruik van bepaalde uitgangsmaterialen

  • 1. 
    In deel A van bijlage IV vermelde uitgangsmaterialen mogen niet worden gebruikt voor de vervaardiging van aroma's en/of voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen.
  • 2. 
    Aroma's en/of voedselingrediënten die zijn vervaardigd van in deel B van bijlage IV ver melde uitgangsmaterialen mogen slechts onder de in die bijlage aangegeven voorwaarden

worden gebruikt.

Artikel 8

Aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen

die niet hoeven te worden geëvalueerd en goedgekeurd

  • 1. 
    De volgende aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen mogen zonder evaluatie en goedkeuring overeenkomstig deze verordening in levensmiddelen

worden gebruikt, mits zij voldoen aan artikel 4:

  • a) 
    de in artikel 3, lid 2, onder d), i), bedoelde aromatiserende preparaten;
  • b) 
    de in artikel 3, lid 2, onder e), i), bedoelde via een thermisch procédé verkregen aroma's die voldoen aan de productievoorwaarden voor via een thermisch procédé

verkregen aroma's en aan de in bijlage V vermelde maximumgehalten aan bepaalde

stoffen in via een thermisch procédé verkregen aroma's;

  • c) 
    de in artikel 3, lid 2, onder g), i), bedoelde aromaprecursoren; d) voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen.
  • 2. 
    Onverminderd het bepaalde in lid 1 wordt, indien de Commissie, een lidstaat of de Autoriteit de veiligheid van een in lid 1 bedoeld aroma of voedselingrediënt met

aromatiserende eigenschappen in twijfel trekt, een risicobeoordeling van een dergelijk

aroma of voedselingrediënt door de Autoriteit uitgevoerd. De artikelen 4 tot en met 6 van

Verordening (EG) nr. .../... zijn dan van overeenkomstige toepassing. Zo nodig stelt de Commissie, ingevolge het advies van de Autoriteit, maatregelen vast tot wijziging van niet-

essentiële onderdelen van deze verordening, onder meer door aanvulling ervan, volgens de

regelgevingsprocedure met toetsing als bedoeld in artikel 21, lid 3. Deze maatregelen

worden al naar het geval in de bijlagen III, IV en/of V opgenomen. Om dwingende urgente

redenen kan de Commissie de urgentieprocedure van artikel 21, lid 4, toepassen.

PB: gelieve het nummer van document 16673/07 in te vullen.

HOOFDSTUK III

COMMUNAUTAIRE LIJST VAN VOOR GEBRUIK IN

LEVENSMIDDELEN GOEDGEKEURDE AROMA'S EN

UITGANGSMATERIALEN

Artikel 9

Aroma's en uitgangsmaterialen

die moeten worden geëvalueerd en goedgekeurd

Dit hoofdstuk heeft betrekking op:

  • a) 
    aromastoffen;
  • b) 
    de in artikel 3, lid 2, onder d), ii), bedoelde aromatiserende preparaten;
  • c) 
    via een thermisch procédé verkregen aroma's die door verhitting van geheel of gedeeltelijk onder artikel 3, lid 2, onder e), ii), vallende ingrediënten zijn ontstaan en/of die niet

voldoen aan de productievoorwaarden voor via een thermisch procédé verkregen aroma's

en/of aan de in bijlage V vermelde maximumgehalten aan bepaalde ongewenste stoffen;

  • d) 
    de in artikel 3, lid 2, onder g), ii), bedoelde aromaprecursoren; e) de in artikel 3, lid 2, onder h), bedoelde overige aroma's;
  • f) 
    de in artikel 3, lid 2, onder j), ii), bedoelde andere uitgangsmaterialen dan levensmiddelen.

Artikel 10

Communautaire lijst van aroma's en uitgangsmaterialen

De in artikel 9 bedoelde aroma's en uitgangsmaterialen mogen slechts als zodanig in de handel

worden gebracht en in levensmiddelen worden gebruikt indien zij in de communautaire lijst zijn

opgenomen en, in voorkomend geval, voldoen aan de in de lijst gestelde voorwaarden.

Artikel 11

Opneming van aroma's en uitgangsmaterialen in de communautaire lijst

  • 1. 
    Een aroma of uitgangsmateriaal mag slechts in de communautaire lijst overeenkomstig de

procedure van Verordening (EG) nr. .../... worden opgenomen indien het aan de voor waarden van artikel 4 van deze verordening voldoet.

  • 2. 
    Bij een in de communautaire lijst opgenomen aroma of uitgangsmateriaal wordt het volgende vermeld:
  • a) 
    de identificatie van het goedgekeurde aroma dan wel uitgangsmateriaal; b) zo nodig de voorwaarden waaronder het aroma mag worden gebruikt.
  • 3. 
    De communautaire lijst wordt overeenkomstig de in Verordening (EG) nr. .../... bedoelde procedure gewijzigd.

PB: gelieve het nummer van document 16673/07 in te vullen.

Artikel 12

Aroma's of uitgangsmaterialen die binnen het toepassingsgebied van

Verordening (EG) nr. 1829/2003 vallen

Een aroma of uitgangsmateriaal dat binnen het toepassingsgebied van Verordening (EG)

nr. 1829/2003 valt, mag overeenkomstig onderhavige verordening alleen op de communautaire lijst

worden geplaatst indien daarvoor een goedkeuring overeenkomstig Verordening (EG)

nr. 1829/2003 is verleend.

Artikel 13

Interpretatiebesluiten

Waar noodzakelijk, kan volgens de in artikel 21, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure worden

besloten:

  • a) 
    of een bepaalde stof of een bepaald mengsel van stoffen, een bepaald uitgangsmateriaal of soort levensmiddelen al dan niet in de categorieën van artikel 2, lid 1, valt;
  • b) 
    in welke van de in artikel 3, lid 2, punten b) tot en met j), omschreven categorieën een bepaalde stof valt;
  • c) 
    of een bepaald product in een categorie levensmiddelen valt dan wel een in bijlage I of bijlage III, deel B, bedoeld levensmiddel is.

HOOFDSTUK IV

ETIKETTERING

Artikel 14

Etikettering van niet voor verkoop aan

de eindverbruiker bestemde aroma's

  • 1. 
    Niet voor verkoop aan de eindverbruiker bestemde aroma's mogen alleen in de handel worden gebracht met de in de artikelen 15 en 16 voorgeschreven duidelijk zichtbare,

duidelijk leesbare en onuitwisbare etikettering. De in artikel 15 bedoelde informatie wordt

in een voor de koper gemakkelijk te begrijpen taal gesteld.

  • 2. 
    Op zijn eigen grondgebied mag de lidstaat waar het product in de handel wordt gebracht, overeenkomstig van het Verdrag voorschrijven dat de in artikel 15 bedoelde informatie in

een of meer door die lidstaat vast te stellen officiële talen wordt vermeld. Dit vormt geen

beletsel om deze informatie in verscheidene talen te vermelden.

Artikel 15

Algemene etiketteringsvoorschriften voor niet voor verkoop

aan de eindverbruiker bestemde aroma's

  • 1. 
    Indien niet voor verkoop aan de eindverbruiker bestemde aroma's afzonderlijk of gemengd met elkaar en/of met andere voedselingrediënten worden verkocht en/of indien er overeen-

komstig artikel 3, lid 4, andere stoffen aan zijn toegevoegd, wordt op de verpakking of de

recipiënten ervan de volgende informatie vermeld:

  • a) 
    de verkoopbenaming: hetzij de term "aroma", hetzij een meer specifieke aanduiding of een beschrijving van het aroma;
  • b) 
    de vermelding "voor levensmiddelen" of "in levensmiddelen, beperkt gebruik" of een meer specifieke aanduiding inzake het gebruik ervan in levensmiddelen;
  • c) 
    zo nodig, de bijzondere voorwaarden voor de bewaring en/of het gebruik;
  • d) 
    een vermelding aan de hand waarvan de partij kan worden geïdentificeerd; e) een lijst, in dalende volgorde van het aandeel in het gewicht, van: i) de categorieën aanwezige aroma's; en
  • ii) 
    de naam van alle andere stoffen, of, in voorkomend geval, het betreffende E-nummer;
  • f) 
    de naam of de firmanaam en het adres van de fabrikant, van de verpakker of van de verkoper;
  • g) 
    een vermelding van de maximumhoeveelheid van ieder bestanddeel of iedere groep bestanddelen waarvoor een kwantitatieve beperking in levensmiddelen geldt en/of

adequate duidelijke, gemakkelijk te begrijpen informatie, zodat de koper in staat

wordt gesteld deze verordening of andere relevante communautaire wetgeving na te

leven;

  • h) 
    de nettohoeveelheid;
  • i) 
    de datum van minimale houdbaarheid of uiterste consumptiedatum;
  • j) 
    in voorkomend geval, informatie over een aroma of andere stoffen overeenkomstig dit artikel en zoals vermeld in bijlage III bis bij Richtlijn 2000/13/EG wat betreft de

vermelding van de ingrediënten van levensmiddelen.

  • 2. 
    In afwijking van lid 1 behoeft de in lid 1, onder e) en g), genoemde informatie alleen in de vóór of bij levering te verstrekken documenten betreffende de partij te worden vermeld,

mits de aanduiding "niet voor de verkoop in de detailhandel" op een goed zichtbare plaats

van de verpakking of de recipiënt van het betrokken product voorkomt.

  • 3. 
    In afwijking van lid 1 hoeft, wanneer aroma's in tankwagens worden geleverd, alle informatie alleen te worden vermeld in de bij levering te verstrekken begeleidende

documenten betreffende de partij.

Artikel 16

Specifieke voorschriften ten aanzien van het gebruik van de term "natuurlijk"

  • 1. 
    Indien de term "natuurlijk" wordt gebruikt ter aanduiding van een aroma in de in artikel 15, lid 1, onder a), bedoelde verkoopbenaming, zijn de leden 2 tot en met 6 van toepassing.
  • 2. 
    De term "natuurlijk" mag alleen ter aanduiding van een aroma worden gebruikt indien de aromatiserende component uitsluitend aromatiserende preparaten en/of natuurlijke

aromastoffen bevat.

  • 3. 
    De term "natuurlijke aromastof(fen)" mag alleen worden gebruikt voor aroma's waarin de aromatiserende component uitsluitend natuurlijke aromastoffen bevat.
  • 4. 
    De term "natuurlijk" mag alleen worden gebruikt in combinatie met een verwijzing naar een levensmiddel, levensmiddelencategorie of een plantaardige of dierlijke aromagrondstof

indien de aromatiserende component uitsluitend of ten minste voor 95 gewichtsprocent uit

het desbetreffende uitgangsmateriaal is verkregen. De maximaal 5 gewichtsprocent van de

aromatiserende component die van een ander uitgangsmateriaal afkomstig is, mag de

smaak en/of de geur van het uitgangsmateriaal niet reproduceren.

De benaming luidt "natuurlijk levensmiddel(en) of levensmiddelencategorie of

grondstof(fen) aroma".

  • 5. 
    "Natuurlijk levensmiddel(en) of levensmiddelencategorie of grondstof(fen) aroma met andere natuurlijke aroma's" mag alleen worden gebruikt indien de aromatiserende

component gedeeltelijk van het desbetreffende uitgangsmateriaal afkomstig, en de geur

en/of smaak daarvan gemakkelijk herkenbaar is.

  • 6. 
    De term "natuurlijk aroma" mag alleen worden gebruikt indien de aromatiserende component afkomstig is van verschillende uitgangsmaterialen en wanneer een vermelding

van de uitgangsmaterialen de geur of smaak ervan niet adequaat zou weergeven.

Artikel 17

Etikettering van aroma's die bestemd zij

voor verkoop aan de eindverbruiker

1

levensmiddel behoort te identificeren en Verordening (EG) nr. 1829/2003, mogen voor verkoop aan de eindverbruiker bestemde aroma's die afzonderlijk of gemengd met elkaar

en/of andere voedselingrediënten en/of waaraan andere stoffen zijn toegevoegd, slechts in

de handel worden gebracht wanneer op de verpakking de vermelding "voor levens-

middelen" of "voor levensmiddelen, beperkt gebruik" of meer specifieke aanduidingen

inzake het beoogde gebruik ervan in levensmiddelen op een duidelijk zichtbare plaats en in

duidelijk leesbare en onuitwisbare letters is aangebracht.

  • 2. 
    Indien de term "natuurlijk" wordt gebruikt ter aanduiding van een aroma in de in artikel 15, lid 1, onder a), bedoelde verkoopbenaming is artikel 16 van toepassing.

Artikel 18

Overige etiketteringsvoorschriften

De artikelen 14 tot en met 17 gelden onverminderd gedetailleerdere of uitgebreidere wettelijke en

bestuursrechtelijke bepalingen inzake metrologie of inzake de presentatie, indeling, verpakking en

etikettering van gevaarlijke stoffen en preparaten of het vervoer ervan.

1

PB L 186 van 30.6.1989, blz. 21. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtljin 92/11/EEG (PB L 65 van 11.3.1992, blz. 32).

HOOFDSTUK V

PROCEDURELE BEPALINGEN EN UITVOERING

Artikel 19

Rapportage door de exploitanten van levensmiddelenbedrijven

  • 1. 
    Op verzoek van de Commissie delen de producenten of gebruikers van een aromastof of de vertegenwoordigers van deze producenten of gebruikers aan de Commissie mee welke

hoeveelheden van deze stof in een periode van twaalf maanden in de Gemeenschap aan

levensmiddelen is toegevoegd en de gebruikte hoeveelheden voor iedere afzonderlijke

levensmiddelencategorie in de Gemeenschap. Die informatie wordt door de Commissie

beschikbaar gesteld aan de lidstaten.

  • 2. 
    Voor een aroma dat reeds is goedgekeurd overeenkomstig deze verordening en dat is bereid met productiemethoden of uitgangsmaterialen die significant verschillen van die

welke in het kader van de risicobeoordeling van de Autoriteit werden beoordeeld, verstrekt

een producent of gebruiker in voorkomend geval, alvorens het aroma in de handel te

brengen, de Commissie de noodzakelijke gegevens ten behoeve van een door de Autoriteit

te verrichten evaluatie van het aroma in het licht van de gewijzigde productiemethode of de

gewijzigde kenmerken.

  • 3. 
    Producenten en gebruikers van een aroma en/of een uitgangsmateriaal stellen de Commissie onmiddellijk in kennis van alle nieuwe wetenschappelijke of technische

informatie die van invloed zou kunnen zijn op de beoordeling van de veiligheid van het

aroma en/of het uitgangsmateriaal.

  • 4. 
    Bepalingen ter uitvoering van lid 1 worden vastgesteld volgens de regelgevingsprocedure van artikel 21, lid 2.

Artikel 20

Toezicht van en rapportage door de lidstaten

  • 1. 
    De lidstaten voeren systemen in voor het op risico's gebaseerde toezicht op de consumptie en het gebruik van de in de communautaire lijst opgenomen aroma's en op de consumptie

van de in bijlage III vermelde stoffen en brengen zo vaak als nodig verslag uit van hun

bevindingen aan de Commissie en aan de Autoriteit.

  • 2. 
    Binnen ... wordt, na raadpleging van de Autoriteit, een gemeenschappelijke methodologie voor de verzameling van informatie door de lidstaten over de consumptie en het gebruik

van in de communautaire lijst opgenomen aroma's en van de in bijlage III vermelde stoffen

overeenkomstig de regelgevingsprocedure van artikel 21, lid 2, vastgesteld.

Artikel 21

Comité

  • 1. 
    De Commissie wordt bijgestaan door het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid.
  • 2. 
    Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.

De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG bedoelde termijn wordt vastgesteld op

drie maanden.

Twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening.

  • 3. 
    Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn artikel 5 bis, leden 1 tot en met 4, en artikel 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.
  • 4. 
    Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn artikel 5 bis, leden 1, 2, 4 en 6, en artikel 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, met inachtneming van artikel 8 van dat besluit.

Artikel 22

Wijzigingen in de bijlagen II tot en met V

Aanpassingen van de bijlagen II tot en met V bij deze verordening ter aanpassing aan de weten-

schappelijke en technische vooruitgang, die beogen niet-essentiële onderdelen van deze verordening

aan te passen, worden, in voorkomend geval na advies van de Autoriteit, vastgesteld volgens de in

artikel 18, lid 3, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.

Om dwingende urgente redenen kan de Commissie de urgentieprocedure van artikel 21, lid 4,

toepassen.

Artikel 23

Communautaire financiering van geharmoniseerd beleid

De rechtsgrondslag voor de financiering van de maatregelen die voortvloeien uit deze verordening

is artikel 66, lid 1, onder c), van Verordening (EG) nr. 882/2004.

HOOFDSTUK VI

OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 24

Intrekking

Artikel 25

Opneming van de lijst van aromastoffen in de communautaire lijst van aroma's

en uitgangsmaterialen en overgangsregelingen

bijlage I bij deze verordening op te nemen.

24 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening.

  • 2. 
    Tot de opstelling van de communautaire lijst is Verordening (EG) nr. .../... van toepassing op de evaluatie en goedkeuring van aromastoffen die niet vallen onder het beoordelings-

programma overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 2232/96.

In afwijking van die procedure gelden de in artikel 5, lid 1, en artikel 7 van Verordening

(EG) nr. .../... genoemde termijnen van respectievelijk zes en negen maanden niet voor deze evaluatie en goedkeuring.

  • 3. 
    Passende overgangsmaatregelen die bedoeld zijn om niet-essentiële onderdelen van onderhavige verordening te wijzigen dan wel aan te vullen, worden vastgesteld overeen-

komstig de regelgevingsprocedure met toetsing van artikel 21, lid 3.

PB: gelieve het nummer van document 16673/07 in te vullen.

Artikel 26

Wijzigingen in Verordening (EEG) nr. 1576/89

Verordening (EEG) nr. 1576/89 wordt als volgt gewijzigd:

  • 1) 
    artikel 1, lid 4, onder m), wordt als volgt gewijzigd: a) punt 1, onder a), tweede alinea, wordt vervangen door:

"Daarnaast mogen als aanvulling worden gebruikt andere aromastoffen als omschreven in artikel 3, lid 2, onder b), van Verordening (EG) nr. .../... van het

Europees Parlement en de Raad van ... inzake aroma's en bepaalde voedsel-

1

ingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en/of planten of plantendelen met aromatische eigenschappen, maar de organo-

leptische eigenschappen van de jeneverbes moeten, ook al is het in mindere mate,

waarneembaar zijn.

_______________

1 PB L ... "; b) punt 2, onder a), wordt vervangen door:

"de drank mag gin worden genoemd indien het product wordt verkregen door aromatisering van organoleptisch geschikte ethylalcohol uit landbouwproducten met

aromastoffen als omschreven in artikel 3, lid 2, onder b), van Verordening (EG)

nr. .../... en/of aromatiserende preparaten als omschreven in artikel 3, lid 2, onder d), van die verordening, op zodanige wijze dat de smaak van jeneverbessen

overheerst;"

PB: gelieve het nummer, de datum en PB-gegevens van deze verordening in te vullen.

PB: gelieve het nummer van deze verordening in te vullen.

  • c) 
    punt 2, onder b), eerste alinea, wordt vervangen door:

"de drank mag "gedistilleerde gin" worden genoemd indien het product uitsluitend wordt verkregen door herdistillatie van organoleptisch geschikte ethylalcohol van

geschikte kwaliteit uit landbouwproducten met een aanvankelijk alcoholgehalte van

ten minste 96% vol in vanouds voor gin gebruikte distilleerkolven in aanwezigheid

van jeneverbessen en andere natuurlijke plantaardige producten, op voorwaarde dat

de smaak van jeneverbessen overheerst. De benaming "gedistilleerde gin" mag ook

worden gebruikt voor een mengsel van het product van een dergelijke distillatie en

ethylalcohol uit landbouwproducten met dezelfde samenstelling, dezelfde zuiverheid

en hetzelfde alcoholgehalte. Voor de aromatisering van gedistilleerde gin mogen

daarnaast worden gebruikt, aromastoffen en/of aromatiserende preparaten zoals die

beiden onder a) nader zijn omschreven. London Gin is een type gedistilleerde gin.";

  • 2) 
    in artikel 1, lid 4, onder n), punt 1, wordt de tweede alinea vervangen door: "Daarnaast mogen als aanvulling worden gebruikt, andere aromastoffen als omschreven in

artikel 3, lid 2, onder b), van Verordening (EG) nr. .../... en/of aromatiserende preparaten als omschreven in artikel 3, lid 2, onder d), van die verordening, maar de smaak van karwij

moet overheersen.";

  • 3) 
    in artikel 1, lid 4, onder p), wordt de eerste alinea vervangen door: "gedistilleerde drank met een overheersend bittere smaak die wordt verkregen door

aromatisering van ethylalcohol uit landbouwproducten met aromastoffen als omschreven

in artikel 3, lid 2, onder b), van Verordening (EG) nr. .../... en/of aromatiserende preparaten als omschreven in artikel 3, lid 2, onder d), van die verordening.";

PB: gelieve het nummer van deze verordening in te vullen.

  • 4) 
    in artikel 1, lid 4, onder u), wordt de eerste alinea vervangen door: "een gedistilleerde drank die wordt verkregen door aromatisering van ethylalcohol uit

landbouwproducten met aroma's van kruidnagels en/of kaneel volgens een van onder-

staande procédés: aftrekking en/of distillatie, herdistillatie van alcohol over delen van

bovengenoemde planten, toevoeging van aromastoffen als omschreven in artikel 3, lid 2,

onder b), van Verordening (EG) nr. .../... van kruidnagels of kaneel of een combinatie van deze methoden.";

  • 5) 
    in artikel 4, lid 5, worden de eerste en tweede alinea, met uitzondering van de lijsten in de punten a), en b), vervangen door:

"Voor de bereiding van gedistilleerde dranken als gedefinieerd in artikel 1, lid 4, mogen

alleen natuurlijke aromastoffen en aromatiserende preparaten zoals omschreven in

artikel 3, lid 2, onder c), respectievelijk d), van Verordening (EG) nr. .../... worden gebruikt, met uitzondering van de in artikel 1, lid 4, onder m), n) en p), gedefinieerde

gedistilleerde dranken. Voor likeuren, met uitzondering van likeuren die worden vermeld

op onderstaande lijst, mogen evenwel aromastoffen als omschreven in artikel 3, lid 2,

onder b), van Verordening (EG) nr. .../... worden gebruikt:".

PB: gelieve het nummer van deze verordening in te vullen.

Artikel 27

Wijzigingen in Verordening (EEG) nr. 1601/91

Artikel 2, lid 1, wordt als volgt gewijzigd:

  • 1) 
    onder a) wordt het eerste substreepje van het derde streepje vervangen door:

"- aromastoffen en/of aromatiserende preparaten als omschreven in artikel 3, lid 2, onder b), respectievelijk d), van Verordening (EG) nr. .../... van het Europees

Parlement en de Raad van ... inzake aroma's en bepaalde voedselingrediënten met

1

aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en/of _______________

1 PB L ... ";

  • 2) 
    onder b) wordt het eerste substreepje van het tweede streepje vervangen door:

"- aromastoffen en/of aromatiserende preparaten als omschreven in artikel 3, lid 2,

onder b), respectievelijk d), van Verordening (EG) nr. .../... en/of"; 3) onder c) wordt het eerste substreepje van het tweede streepje vervangen door:

"- aromastoffen en/of aromatiserende preparaten als omschreven in artikel 3, lid 2,

onder b), respectievelijk d), van Verordening (EG) nr. .../... en/of".

PB: gelieve het nummer, de datum en PB-gegevens van deze verordening in te vullen.

Artikel 28

Wijziging van Verordening (EEG) nr. 2232/96

Artikel 5, lid 1, van Verordening (EEG) nr. 2232/96 wordt vervangen door:

"1. De in artikel 2, lid 2, bedoelde lijst van aromastoffen wordt uiterlijk 31 december 2008 overeenkomstig de procedure van artikel 7 vastgesteld.".

Artikel 29

Wijziging van Richtlijn 2000/13/EG

Bijlage III bij Richtlijn 2000/13/EG wordt vervangen door:

"Bijlage III

AANDUIDING VAN AROMA'S IN DE LIJST VAN INGREDIËNTEN

  • 1. 
    Onverminderd punt 2 worden aroma's aangeduid met de termen:

­ "aroma('s)" of een meer specifieke aanduiding of een beschrijving van het aroma indien de aromatiserende component aroma's bevat als omschreven in artikel 3, lid 2,

onder b) tot en met h), van Verordening (EG) nr. .../... van het Europees Parlement en

de Raad van ... inzake aroma's en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende

1

eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen ;

­ "rookaroma('s) indien de aromatiserende component aroma's bevat als omschreven in

artikel 3, lid 2, onder f, van Verordening (EG) nr. .../... en het levensmiddel een rooksmaak verleent.

  • 2. 
    De term "natuurlijk" voor de beschrijving van aroma's geschiedt overeenkomstig artikel 16

van Verordening (EG) nr. .../... . _______________

1 PB L ... ".

PB: gelieve het nummer van deze verordening in te vullen.

PB: gelieve het nummer, de datum en PB-gegevens van deze verordening in te vullen.

Artikel 30

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in

het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van ... . De artikelen 10, 26 en 27 zijn van toepassing vanaf de datum van toepassing van de communautaire

lijst.

Artikel 22 is van toepassing vanaf de datum van inwerkingtreding van de verordening. Levens-

middelen die niet aan het bepaalde in deze verordening voldoen, en die voor ... legaal in de Gemeenschap in de handel zijn gebracht of zijn geëtiketteerd, mogen tot hun datum van minimale

houdbaarheid of hun uiterste gebruiksdatum in de handel worden gebracht.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement Voor de Raad De voorzitter De voorzitter

24 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening.

BIJLAGE I

Communautaire lijst van voor gebruik in levensmiddelen

goedgekeurde aroma's en uitgangsmaterialen

BIJLAGE II

Lijst van traditionele levensmiddelenbereidingswijzen

Hakken Omhullen

Verhitten, koken, bakken, braden (tot Koelen maximaal 240 °C bij atmosferische druk) en

bereiding in een snelkookpan (tot

maximaal 120ºC)

Snijden Distillatie/rectificatie Drogen Emulgatie

Verdampen Extractie, met inbegrip van extractie door middel van oplosmiddelen overeenkomstig

Richtlijn 88/344/EEC

Gisten Filteren Malen

Aftrekken Maceratie

Microbiologische procédés Mengen Pellen Percoleren

Persen Diepvriezen/bevriezen Roosteren/grillen Uitknijpen Weken

BIJLAGE III

Aanwezigheid van bepaalde stoffen

Deel A: Stoffen die niet als zodanig aan levensmiddelen mogen worden toegevoegd

Agarinezuur

Aloïne

Capsaïcine

1,2-Benzopyrone, cumarine

Hypericine

Bèta-asaron

1-Allyl-4-methoxybenzeen, estragol

Waterstofcyanide

Menthofuran

4-Allyl-1,2-dimethoxybenzeen, methyleugenol

Pulegon

Quassine

1-Allyl-3,4-methyleendioxy-benzeen, safrol

Teucrin A

Thujon (alfa- en bèta-)

Deel B: Maximumgehalten aan bepaalde stoffen, die van nature aanwezig zijn in aroma's en

voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen, in bepaalde samengestelde levensmiddelen

zoals deze worden geconsumeerd en waaraan aroma's en/of voedselingrediënten met aromati-

serende eigenschappen zijn toegevoegd

Deze maximumgehalten gelden niet voor samengestelde levensmiddelen die op dezelfde locatie

worden vervaardigd en geconsumeerd, geen toegevoegde aroma's bevatten en alleen kruiden en

specerijen als voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen bevatten.

Naam van de stof Samengestelde levensmiddelen waarin een Maximumgehalte beperking aan de aanwezigheid van de stof mg/kg is gesteld

Bèta-asaron Alcoholhoudende dranken 1,0 1-Allyl-4- Zuivelproducten 50

methoxybenzeen, Verwerkt(e) fruit, groenten (m.i.v. padden- 50 estragol stoelen, zwammen, wortels, knollen, peulvruchten en leguminosen), noten en 50 zaden 10 Visproducten

Niet-alcoholhoudende dranken

Waterstofcyanide Noga, marsepein of vervangingsmiddelen 50 ervan of soortgelijke producten Ingeblikte steenvruchten 5 Alcoholhoudende dranken 35

Menthofuran Snoepwaren met munt/pepermunt, met 500 uitzondering van zeer kleine snoepjes (ademverfrissers)

Zeer kleine snoepjes (ademverfrissers) 3000 Kauwgom 1000

Alcoholhoudende dranken met 200 munt/pepermunt

4-Allyl-1,2- Zuivelproducten 20

dimethoxybenzeen, Vleesbereidingen en vleesproducten, m.i.v. 15 methyleugenol pluimvee en wild

Visbereidingen en visproducten 10 Soepen en sauzen 60

Kant-en-klare hapjes 20

Niet-alcoholhoudende dranken 1

Pulegon Snoepwaren met munt/pepermunt, met 250 uitzondering van zeer kleine snoepjes (ademverfrissers)

Zeer kleine snoepjes (ademverfrissers) 2000 Kauwgom 350

Niet-alcoholhoudende dranken met 20 munt/pepermunt

Alcoholhoudende dranken met 100 munt/pepermunt

Quassine Niet-alcoholhoudende dranken 0,5 Bakkerijproducten 1

Alcoholhoudende dranken 1.5

1-Allyl-3,4- Vleesbereidingen en vleesproducten, m.i.v. 15 methyleendioxy- pluimvee en wild

benzeen, safrol Visbereidingen en visproducten 15 Soepen en sauzen 25

Niet-alcoholhoudende dranken 1

Gedistilleerde drank met bittere smaak of bitter 5 5 2 Teucrin A

1

Likeurwijnen

2

met een bittere smaak

Andere alcoholhoudende dranken

Thujon (alfa- en Alcoholhoudende dranken, met uitzondering 10 bèta-) van dranken die van Artemisia-soorten zijn geproduceerd

Alcoholhoudende dranken die van 35

Artemisia-soorten zijn geproduceerd

Niet-alcoholhoudende dranken die van 0,5 Artemisia-soorten zijn geproduceerd

Traditionele en/of seizoengebonden 50 Cumarine

bakkerijproducten, met een vermelding van kaneel in de etikettering

Ontbijtgraanproducten met inbegrip van 20 muesli

Fijne bakkerijproducten met uitzondering 15 van traditionele en/of seizoengebonden bakkerijproducten met een vermelding van

kaneel in de etikettering

Nagerechten

5

1

Overeenkomstig de omschrijving van artikel 1, lid 4, onder p), van Verordening nr. 1576/89. 2

Overeenkomstig de omschrijving van artikel 1, lid 4, onder r), van Verordening nr. 1576/89.

BIJLAGE IV

Lijst van uitgangsmaterialen waaraan beperkingen zijn gesteld

ten aanzien van het gebruik ervan bij de productie van aroma's

en voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen

Deel A: Uitgangsmaterialen die niet voor de productie van aroma's en voedselingrediënten met

aromatiserende eigenschappen mogen worden gebruikt

Uitgangsmateriaal

Wetenschappelijke naam Gewone naam

Tetraploïde vorm van Acorus calamus L. Tetraploïde vorm van kalmoes

Deel B: Voorwaarden voor het gebruik van aroma's en voedselingrediënten met aromatiserende

eigenschappen die van bepaalde uitgangsmaterialen geproduceerd zijn

Uitgangsmateriaal

Wetenschappelijke Gebruiksvoorwaarden Gewone naam

naam

Quassia amara L. Kwassiehout Aroma's en voedselingrediënten met en aromatiserende eigenschappen die van het

Picrasma excelsa uitgangsmateriaal zijn geproduceerd (Sw) mogen alleen worden gebruikt voor de productie van dranken en bakkerij-

producten.

Laricifomes Larikszwam Aroma's en voedselingrediënten met officinales (Vill.: Fr) aromatiserende eigenschappen die van het Kotl. et Pouz uitgangsmateriaal zijn geproduceerd of mogen alleen worden gebruikt voor de

Fomes officinalis productie van alcoholhoudende dranken. Hypericum Sint-janskruid perforatum L.

Teucrium Echte gamander chamaedrys L.

BIJLAGE V

Productievoorwaarden van via een thermisch procédé verkregen aroma's

en maximumgehalten aan ongewenste stoffen in

via een thermisch procédé verkregen aroma's

Deel A: Productievoorwaarden:

  • a) 
    De temperatuur van de producten mag tijdens het procédé niet meer dan 180 °C bedragen. b) Het thermische procédé mag niet langer dan 15 minuten bij 180°C duren; bij lagere temperaturen kan het dienovereenkomstig worden verlengd, d.w.z. door de verhittingstijd

bij iedere daling van de temperatuur met 10°C te verdubbelen tot maximaal 12 uur.

  • c) 
    De pH-waarde mag tijdens het procédé niet meer dan 8,0 bedragen. Deel B: Maximumgehalten aan bepaalde stoffen

Maximumgehalte

Stof

g/kg

2-amino-3,4,8-trimethylimidazo [4,5-f] quinoxaline (4,8-DiMeIQx) 50 2-amino-1-methyl-6-phenylimidazol [4,5-b]pyridine (PhIP) 50

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie