Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake aroma's en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in of op levensmiddelen en tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1576/89 van de Raad, Verordening (EEG) nr. 1601/91 van de Raad, Verordening (EG) nr. 2232/96 en Richtlijn 2000/13/EG [eerste lezing] - Aanneming (WB+V) a) van het gemeenschappelijk standpunt b) van de motivering van de Raad - Verklaringen

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARING VAN DE RAAD EN DE COMMISSIE

De Raad en de Commissie zeggen toe de voor cumarine in bijlage III B vermelde maximum-

gehalten te heroverwegen zodra het (in de eerste helft van 2008 verwachte) advies van de Europese

Autoriteit voor voedselveiligheid beschikbaar is.

Daartoe verzoekt de Raad de Commissie nadat de Autoriteit advies heeft uitgebracht, onverwijld

een deskundigenvergadering te beleggen voor de bespreking van de technische aspecten.

VERKLARING VAN DE DUITSE DELEGATIE VOOR DE NOTULEN

Duitsland acht het noodzakelijk voor kaneelhoudende levensmiddelen in de hele EU geldende

maximumgehalten aan cumarine vast te stellen, die zowel de bescherming van de gezondheid van

de consument waarborgen als ook in de praktijk uitvoerbaar zijn. Het wordt derhalve toegejuicht dat

er thans maximumhoeveelheden voor het cumarinegehalte van bepaalde levensmiddelen worden

vastgesteld.

Duitsland zou, vanuit het oogpunt van de preventieve bescherming van de gezondheid van de

consument, voor traditionele en/of seizoengebonden bakkerijproducten met kaneel weliswaar de

voorkeur hebben gegeven aan een lagere maximumhoeveelheid cumarine dan thans wordt voorzien,

maar kan met het oog op een alomvattend compromis en tegen de achtergrond van de lopende

evaluatie van deze materie door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid de voorgestelde

maximumhoeveelheid steunen.

____________

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie