Voorzitter
de heer Franz MÜNTEFERING, plaatsvervanger van de bondskanselier en minister van Arbeid en Sociale Zaken mevrouw Ursula VON DER LEYEN, minister van Gezins en Ouderenbeleid, Vrouwen en Jeugdzaken mevrouw Ulla SCHMIDT,
minister van Volksgezondheid
de heer Horst SEEHOFER, minister van Voedsel voorziening, Landbouw en Consumentenbescherming van Duitsland
P E R S
W e t s t r a a t 1 7 5B 1 0 4 8 B R U S S E LT e l . : + 3 2 ( 0 ) 2 2 8 1 8 7 1 6 / 6 3 1 9F a x : + 3 2 ( 0 ) 2 2 8 1 8 0 2 6
Voornaamste resultaten van de Raadszitting
- een gedeelte van de uitvoeringsverordening; - een gedeelte van de ontwerp-verordening betreffende de inhoud van Bijlage XI van Verordening (EG) nr. 883/2004; - de jaarlijkse actualisering van de nog steeds van kracht zijnde Verordening (EEG) nr. 1408/71.
1
INHOUD
DEELNEMERS.................................................................................................................................. 5
BESPROKEN PUNTEN
WERKGELEGENHEID EN SOCIAAL BELEID .............................................................................. 8
Actief ouder worden............................................................................................................................. 8
Communautaire strategie 2007 2012 voor gezondheid en veiligheid op het werk Resolutie van de Raad........................................................................................................................................ 10
Sociale zekerheid ............................................................................................................................... 11
Toepassingsverordening ........................................................................................................................................ 11
Bijlage XI van Verordening (EG) nr. 883/2004 .................................................................................................... 12
Diverse wijzigingen 2006...................................................................................................................................... 12
Aanvullende pensioenrechten ............................................................................................................ 13
Alliantie voor het gezin Conclusies van de Raad ............................................................................ 14
Actieprogramma van Peking Conclusies van de Raad.................................................................... 15
Sociale diensten van algemeen belang............................................................................................... 16
VOLKSGEZONDHEID EN CONSUMENTENZAKEN ................................................................. 17
EU strategie voor het consumentenbeleid 2007 2013 Resolutie van de Raad................................ 17
Pakket voedselverbeteraars ................................................................................................................ 18
Gezondheidsbevordering door middel van voeding en lichaamsbeweging Conclusies van de Raad ................................................................................................................................................... 19
Geneesmiddelen voor geavanceerde therapie .................................................................................... 20
Bestrijding van hiv/aids in de EU en de naburige landen Conclusies van de Raad ........................ 21
Communautair kader voor gezondheidsdiensten Conclusies van de Raad ..................................... 22
1
Wanneer de Raad verklaringen, conclusies of resoluties heeft aangenomen, wordt dat in de titel van het betrokken punt vermeld. De aangenomen teksten staan tussen aanhalingstekens.
De documenten waarvan het nummer in de tekst wordt genoemd, staan op de internetsite van de Raad http://www.consilium.europa.eu.
Besluiten ten aanzien waarvan verklaringen voor de Raadsnotulen zijn afgelegd die beschikbaar zijn voor het publiek, zijn aangegeven met een asterisk; de tekst van de verklaringen staat op de bovengenoemde internetsite van de Raad en is ook verkrijgbaar bij de Persdienst.
Letselpreventie en bevordering van veiligheid .................................................................................. 23
Op weg naar een rookvrij Europa ...................................................................................................... 24
DIVERSEN........................................................................................................................................ 25
ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN
WERKGELEGENHEID
Richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten*......................................................................... 27
Vereenvoudiging van de administratieve procedures ............................................................................................ 27
EUROPEES VEILIGHEIDS- EN DEFENSIEBELEID
EU politiemissie in Afghanistan ........................................................................................................................... 27
HANDELSPOLITIEK
Oekraïne IJzer en staal ........................................................................................................................................ 28
MILIEU
Emissies van motorvoertuigen (Euro 5 en 6) *...................................................................................................... 28
VERVOER
Overeenkomst met de Republiek Kirgizië inzake luchtdiensten ........................................................................... 29
DEELNEMERS
De regeringen van de lidstaten en de Europese Commissie waren als volgt vertegenwoordigd:
België: de heer Bruno TOBBACK
minister van Leefmilieu en minister van Pensioenen
Bulgarije: mevrouw Emilia MASLAROVA
minister van Arbeid en Sociale Zaken
de heer Radoslav Nenkov GAJDARSKIminister van Volksgezondheid Tsjechië: de heer Petr NECAS
viceminister president en minister van Arbeid en Sociale Zaken
de heer Tomás JULÍNEKminister van Volksgezondheid Denemarken: mevrouw Eva Kjer HANSEN
minister van Sociale Zaken en minister van Gelijke Kansen
Duitsland: de heer Franz MÜNTEFERING
plaatsvervanger van de bondskanselier en minister van Arbeid en Sociale Zaken
mevrouw Ursula VON DER LEYENminister van Gezins en Ouderenbeleid, Vrouwen en Jeugdzaken de heer Horst SEEHOFERminister van Voedselvoorziening, Landbouw en Consumentenbescherming mevrouw Ulla SCHMIDTminister van Volksgezondheid de heer Gerd ANDRESparlementair staatssecretaris van Arbeid en Sociale Zaken de heer Gert LINDEMANNstaatssecretaris, ministerie van Voedselvoorziening, Landbouw en Consumentenbescherming de heer Klaus Theo SCHRÖDERstaatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Estland: mevrouw Maret MARIPUU
minister van Sociale Zaken
Ierland: de heer Tony KILLEEN
onderminister, ministerie van Ondernemingen, Handel en Werkgelegenheid (belast met Arbeidsvraagstukken, waaronder Opleidingen)
Griekenland: de heer Vasileios MAGGINAS
minister van Werkgelegenheid en Sociale Zekerheid
de heer Georgios KONSTANTOPOULOSstaatssecretaris van Volksgezondheid en Sociale Solidariteit Spanje: de heer Jesús CALDERA SÁNCHEZ CAPITÁN
minister van Arbeid en Sociale Zaken
mevrouw Elena SALGADO MÉNDEZminister van Volksgezondheid en Consumentenzaken de heer Antonio FERNÁNDEZminister van Werkgelegenheid van de Autonome Gemeenschap van Andalusië mevrouw María Teresa HERRANZminister van Volksgezondheid van de Autonome Gemeenschap van Murcia Frankrijk: mevrouw Roselyne BACHELOT NARQUIN
minister van Volksgezondheid, Jeugd en Sport
Italië: de heer Cesare DAMIANO
minister van Arbeid en Sociale Voorzorg
mevrouw Livia TURCOminister van Volkgezondheid mevrouw Rosy BINDIminister zonder portefeuille, belast met Gezinsbeleid Cyprus: de heer Antonis VASSILIOU
minister van Arbeid en Sociale Zekerheid
de heer Soteris SOTIRIOUsecretaris generaal, ministerie van Volksgezondheid Letland: mevrouw Dagnija STAE
minister van Welzijn
Litouwen: mevrouw Vilija BLINKEVICITÉ
minister van Sociale Zekerheid en Arbeid
de heer Rimvydas TURCINSKASminister van Volksgezondheid Luxemburg: de heer Mars DI BARTOLOMEO
minister van Volksgezondheid en Sociale Zekerheid
mevrouw Marie Josée JACOBSminister van Gezinszaken en Integratie, minister van Gelijke Kansen de heer François BILTGENminister van Arbeid en Werkgelegenheid, minister van Cultuur, Hoger Onderwijs en Onderzoek, minister van Eredienst Hongarije: de heer Gábor CSIMÁR
staatssecretaris, ministerie van Sociale Zaken en Arbeid
mevrouw Ágnes HORVÁTHstaatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Malta: de heer Louis GALEA
minister van Onderwijs, Jeugdzaken en Werkgelegenheid
de heer Louis DEGUARAminister van Volksgezondheid, Ouderen en Gemeenschapszorg Nederland: de heer André ROUVOET
minister voor Jeugd en Gezin, viceminister president
de heer Piet Hein DONNERminister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de heer Abraham KLINKminister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Oostenrijk: de heer Erwin BUCHINGER
minister van Sociale Zaken en Consumentenbescherming
mevrouw Andrea KDOLSKYminister van Volksgezondheid, Gezin en Jeugd mevrouw Christine MAREKstaatssecretaris, ministerie van Economie en Werk Polen: mevrouw Anna KALATA
minister van Arbeid en Sociaal Beleid
mevrouw Jaroslaw PINKASonderstaatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Portugal: de heer José VIEIRA DA SILVA
minister van Arbeid en Sociale Solidariteit
de heer António CORREIA DA CAMPOSminister van Volksgezondheid de heer Pedro MARQUESstaatssecretaris van Sociale Zekerheid Roemenië: de heer Paul P CURARU
minister van Arbeid, Sociale Solidariteit en Gezinszaken
de heer Eugen NICIL ESCUminister van Volksgezondheid Slovenië: de heer Andrej BRUCAN
minister van Volksgezondheid
de heer Marko STROVSstaatssecretaris, ministerie van Arbeid, Gezin en Sociale Zaken Slowakije: mevrouw Viera TOMANOVÁ
minister van Arbeid, Sociale Zaken en Gezin
de heer Daniel KLACKOstaatssecretaris, ministerie van Volksgezondheid Finland: mevrouw Pauka RISIKKO
minister van Volksgezondheid en Sociale Voorzieningen
mevrouw Liisa HYSSÄLÄminister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Zweden: mevrouw Marie LARSSON
minister van Bejaardenzorg en Volksgezondheid
Verenigd Koninkrijk: mevrouw Anne McGUIRE
staatssecretaris van Gehandicaptenbeleid
Commissie: de heer Günter VERHEUGEN
vice voorzitter
de heer Markos KYPRIANOUlid de heer Vladimir SPIDLAlid
mevrouw Meglena KUNEVAlid
BESPROKEN PUNTEN
WERKGELEGENHEID EN SOCIAAL BELEID
Actief ouder worden
De Raad heeft een gezamenlijk advies van het Comité voor de werkgelegenheid en het Comité voor sociale bescherming over actief ouder worden (9269/07) bekrachtigd, waarin ouderen aan gemoedigd worden om ook op latere leeftijd actief te blijven.
De EU is in het midden van de jaren '90 begonnen met het aanpakken van de uitdagingen die het gevolg zijn van het ouder worden van de beroepsbevolking. Dit onderwerp is reeds aan de orde geweest op het niveau van de Europese Raad (Europese Raad van Stockholm van 2001, Europese Raad van Barcelona van 2002, voorjaarsbijeenkomst van de Europese Raad van 2006).
Over het geheel genomen volgt de EU een goede koers: de mensen blijven langer actief dan in de voorafgaande decennia. De meeste lidstaten dienen hun inspanningen evenwel te intensiveren.
De EU heeft een aantal concrete stappen genomen, zoals de aanneming van Richtlijn 2007/78/EG tot instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in arbeid en beroep, die discriminatie op grond van leeftijd verbiedt. Voorts wordt er een nieuwe strategie betreffende gezondheid en veiligheid op het werk uitgewerkt.
De verhoging van de gemiddelde leeftijd waarop men de arbeidsmarkt verlaat, zal van essentieel belang zijn om de toereikendheid en de duurzaamheid van de pensioen en de gezondheidszorg stelsels te kunnen waarborgen.
De belangrijkste elementen van het gezamenlijk advies kunnen als volgt worden samengevat:
belemmeringen voor de inzetbaarheid van oudere werkenden kunnen worden weggenomen met
behulp van meer opleiding, flexibeler werkroosters die kunnen worden afgestemd op de behoeften van de werkenden, en door betere arbeidsomstandigheden;
bijzondere aandacht dient uit te gaan naar werkloze ouderen, omdat dezen bij het opnieuw
betreden van de arbeidsmarkt geconfronteerd worden met bijzondere problemen. De lidstaten hebben gewezen op een aantal veelbelovende algemene benaderingen van dit probleem. Vooral activeringsstrategieën waarin rechten en plichten voor oudere werklozen worden vastgelegd en waarin de aandacht zowel uitgaat naar de vraag als naar de aanbodzijde lijken succes te hebben;
de kwalificaties en vaardigheden die nodig zijn voor betaalde arbeid moeten tijdens de gehele
levenscyclus worden verbeterd. Met name moeten de werkgevers meer initiatieven ontplooien om hun werknemers op te leiden en te motiveren. Voorts moeten oudere werkenden meer dan ooit tevoren worden aangemoedigd te blijven deelnemen aan opleidingen en onderwijs;
gemiddeld ligt in alle lidstaten de participatiegraad voor oudere vrouwen lager dan die voor
oudere mannen. Het beperken van de genderkloof in de participatiegraad zal een belangrijk onderdeel vormen van alle strategieën om het arbeidsaanbod onder ouderen vollediger te benutten;
in de lidstaten hebben op grote schaal pensioenhervormingen plaatsgevonden; het blijft van
belang dat er een goed evenwicht gevonden wordt tussen het aanmoedigen van een latere pensionering, het afsnijden van de weg naar een vroeg pensioen en het vergroten van de flexibiliteit bij de keuze tussen werk en pensioen, waarbij er ook voor moet worden gezorgd dat andere sociale uitkeringen niet worden gebruikt om de arbeidsmarkt vroegtijdig te verlaten;
een levenscyclus perspectief is van essentieel belang. Actief ouder worden moet niet beginnen
wanneer de betrokkenen reeds een zekere leeftijd hebben, maar veel eerder. Er bestaat een veelheid aan verbanden tussen de verschillende beleidsvormen op onder meer het gebied van onderwijs en opleiding, gezondheid, gezinsbeleid en cultuur, enz.;
de goede praktijken tonen aan dat een algemeen optreden in verschillende beleidsrichtingen een
goede zaak zou zijn, waarbij met name de arbeidspraktijken sterker gericht moeten zijn op het gemakkelijker in dienst houden en nemen van oudere werkenden; de inzetbaarheid dient te worden bevorderd en de vaardigheden van alle werkenden in de loop van hun gehele leven moeten worden vergroot door werkgevers te stimuleren oudere werknemers in dienst te nemen of te houden;
de sociale partners spelen een essentiële rol bij het vormgeven en stimuleren van het beleid ten
aanzien van actief ouder worden, met name op het gebied van een leven lang leren en het verbeteren van de arbeidsomstandigheden;
controle en evaluatiemaatregelen zijn belangrijk voor de uitvoering van het beleid;
er is behoefte aan een intensievere uitwisseling van goede praktijken op het gebied van actief
ouder worden.
Communautaire strategie 2007-2012 voor gezondheid en veiligheid op het werk - Resolutie van de Raad
De Raad heeft een beleidsdebat gehouden waarin met name werd ingegaan op de volgende punten:
-
1.Concrete initiatieven en maatregelen van de lidstaten om de gezondheid en veiligheid op het werk te bevorderen en een hoog beschermingsniveau te waarborgen; 2. Op Europees niveau te nemen maatregelen om "goed werk" te verheffen tot een handelsmerk van de Europese Unie. De delegaties waren ingenomen met de mededeling waarin de Commissie een nieuwe communau taire strategie schetst voor gezondheid en veiligheid op het werk gedurende de periode 2007 2012. Dit document bevat de ambitieuze doelstelling om het aantal arbeidsongevallen in de EU in dat tijdvak met 25% te verminderen; de delegaties voerden hierover een algemeen beleidsdebat onder de titel "Goed werk".
De delegaties wezen op de maatschappelijke en economische voordelen van een betere gezondheid en grotere veiligheid op het werk, en benadrukten het belang van bepaalde aspecten, waaronder
maatregelen op essentiële gebieden zoals KMO's, sectoren waar grote risico's bestaan en
kwetsbare werknemers;
onderwijs, opleiding en bewustmaking; en
onderzoek en uitwisseling van informatie.
De delegaties wezen ook op het belang van vereenvoudiging van de wetgeving, van de goede uitvoering daarvan en van de betrokkenheid van alle actoren, met inbegrip van de sociale partners.
Voorts nam de Raad een resolutie aan over een communautaire strategie 2007 2012 voor de gezondheid en veiligheid op het werk (9353/07).
De volledige tekst van de resolutie is te vinden op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl/07/st09/st09353.nl07.pdf
Sociale zekerheid
Toepassingsverordening In afwachting van het advies in eerste lezing van het Europees Parlement heeft de Raad een partiële algemene oriëntatie bereikt over een ontwerp verordening ter toepassing van Verordening (EG) nr. 883/2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels
1
. De overeengekomen tekst
heeft betrekking op hoofdstuk I van titel III (Prestaties bij ziekte, en moederschaps en daarmee gelijkgestelde vaderschapsuitkeringen) en hoofdstuk I van titel IV (Financiële bepalingen) van het Commissievoorstel (9474/07 en 9752/07).
Verordening (EG) nr. 883/2004 was de eerste stap in een proces ter modernisering en vereenvou diging van de EU voorschriften betreffende de coördinatie van de nationale socialezekerheids stelsels. Die voorschriften moeten de Europese burger in staat stellen zich vrij door Europa te bewegen met behoud van zijn sociale rechten en zonder dat zijn verwachtingen (op het gebied van gezondheid, pensioenen, werkloosheidsbescherming, enz.) in het gedrang komen.
2
Dit proces moet worden voltooid met de aanneming van een toepassingsverordening; een voorstel daarvoor is momenteel in behandeling. De verordening komt in de plaats van Verordening (EEG) nr. 574/72
3
en zal bepalingen bevatten ter versterking van de samenwerking tussen de nationale
instanties en ter verbetering van de methodes voor gegevensuitwisseling.
Er is besloten dat, evenals bij de aanneming van Verordening (EG) nr. 883/2004, getracht zal worden in de Raad per hoofdstuk tot overeenstemming te komen. Op 1 juni 2006 kwam de Raad tot een partiële algemene oriëntatie over de titels I en II van het voorstel. Op 1 december 2006 heeft de Raad een partiële algemene oriëntatie over hoofdstuk 4 van titel III vastgesteld. Onder het komende Portugese voorzitterschap zal de bespreking van het Commissievoorstel worden voortgezet.
Voorgestelde rechtsgrondslag: de artikelen 42 en 308 van het Verdrag eenparigheid van stemmen vereist voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing.
1
Verordening van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels, PB L 166 van 30.4.2004, corrigendum PB L 200 van 7.6.2004.
2
Zie artikel 89 van Verordening (EG) nr. 883/2004.
3
PB L 74 van 27.3.1972, laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 647/2005, PB L 28 van 30.1.1997.
Bijlage XI van Verordening (EG) nr. 883/2004 In afwachting van het advies in eerste lezing van het Europees Parlement heeft de Raad een partiële
1
algemene oriëntatie bereikt over een ontwerp verordening tot wijziging van Verordening
(EG) nr. 883/2004 en tot vaststelling van de inhoud van bijlage XI, betreffende de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels.
Terwijl het verordeningsvoorstel tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 883/2004 ( de "basis verordening") voorziet in horizontale voorschriften, voorziet de ontwerp verordening tot wijziging van Verordening (EG) nr. 883/2004 en tot vaststelling van de inhoud van bijlage XI daarentegen in aanvullende bepalingen betreffende specifieke aspecten van de wetgeving van de afzonderlijke lidstaten, teneinde ervoor te zorgen dat de basisverordening in de betrokken lidstaten soepel wordt toegepast
2
.
De verdere behandeling van dit voorstel zal parallel aan die van de uitvoeringsverordening plaatsvinden (cf. voorafgaand punt).
Voorgestelde rechtsgrondslag: de artikelen 47 en 308 van het Verdrag eenparigheid van stemmen vereist voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing.
Diverse wijzigingen 2006 In afwachting van het advies in eerste lezing van het Europees Parlement, heeft de Raad overeen stemming bereikt over een algemene oriëntatie met betrekking tot een ontwerp verordening tot wijziging van Verordening (EEG) nr. 1408/71 betreffende de toepassing van de socialezekerheids regelingen op personen die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen.
De ontwerp verordening beoogt de bijwerking en wijziging van de verwijzingen in een aantal bijlagen van Verordening (EEG) nr. 1408/71, teneinde rekening te houden met recente wijzigingen in de nationale wetgevingen.
Deze aanpassing heeft tot nu toe vrijwel jaarlijks plaatsgevonden. De bedoeling is dat dit voor Verordening (EEG) nr. 1408/71 de laatste maal is.
Voorgestelde rechtsgrondslag: de artikelen 42 en 308 van het Verdrag eenparigheid van stemmen vereist voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing.
1
Betreffende de gedeelten van het voorstel die overeenkomen met hoofdstuk I van titel III en hoofdstuk I van titel IV van de voorgesteld uitvoeringsverordening.
2
Zie artikel 83 van de verordening.
Aanvullende pensioenrechten
In afwachting van het advies in eerste lezing van het Europees Parlement heeft de Raad getracht tot overeenstemming te komen over een algemene oriëntatie over een ontwerp richtlijn betreffende aanvullende pensioenrechten (9761/1/07, 9763/07).
Aangezien het niet mogelijk was om een voor alle delegaties bevredigend compromis te vinden, moest de voorzitter tot zijn spijt vaststellen dat de Raad voorshands niet tot overeenstemming over de tekst kon komen, daar de vereiste eenparigheid van stemmen niet kon worden bereikt.
Zodra het Europees Parlement zijn advies in eerste lezing heeft aangenomen, zal worden onderzocht of de werkzaamheden kunnen worden hervat op basis van een herzien Commissievoorstel.
Stelsels voor aanvullende pensioenen in het kader van een arbeidsverhouding spelen in de lidstaten een belangrijke rol bij het dekken van ouderdomsrisico's.
De ontwerp richtlijn beoogt het vrije verkeer van werknemers te vergemakkelijken door bepalingen waarmee:
· een passende bescherming van de slapende rechten van vertrekkende werknemers wordt
gegarandeerd;
· de werknemers er zeker van kunnen zijn correct te worden ingelicht in geval van beroeps
mobiliteit.
Voorgestelde rechtsgrondslag: de artikelen 42 en 94 van het Verdrag eenparigheid van stemmen vereist voor een besluit van de Raad en medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing.
Alliantie voor het gezin - Conclusies van de Raad
De Raad heeft van gedachten gewisseld over de oprichting van een Alliantie voor het gezin, waarbij onder meer het volgende aan de orde is gekomen:
-
1.Specifieke gebieden van het gezinsbeleid ten aanzien waarvan de lidstaten een bijdrage zullen leveren aan de uitwisseling van standpunten en informatie in het kader van de Alliantie voor het gezin; 2. De bevindingen, ervaringen en feiten waarover de lidstaten moeten kunnen beschikken voor het uitstippelen van nationale beleidsmaatregelen ter ondersteuning van het gezin; de rol van bestaande en nieuwe instrumenten (zoals de Groep op hoog niveau demografie) en vormen van samenwerking (bijvoorbeeld gezamenlijke onderzoeksactiviteiten, wederzijdse beoordeling, betrokkenheid van de sociale partners en het maatschappelijk middenveld). Een grote meerderheid van de delegaties was ten zeerste ingenomen met het initiatief van het voorzitterschap om een Alliantie voor het gezin op te richten.
In de conclusies van de voorjaarsbijeenkomst van de Europese Raad van 2007 wordt de Alliantie voor het gezin aangemerkt als een podium voor de uitwisseling van denkbeelden en kennis inzake gezinsvriendelijke maatregelen en goede praktijken op Europees niveau.
De bedoeling is om, binnen de context van demografische veranderingen, kwesties inzake gezins vriendelijke beleidsmaatregelen aan te pakken, te zoeken naar vooruitziende politieke reacties, en kennis en ervaring ter beschikking te stellen van alle actoren, teneinde zo de gezamenlijke inspanningen te versterken.
Aan het slot van de besprekingen hebben de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen der lidstaten, in het kader van de Raad bijeen, conclusies aangenomen over het belang van gezins vriendelijke beleidsmaatregelen in Europa en de instelling van een Alliantie voor het gezin (9317/1/07).
De volledige tekst van de conclusies staat op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl07/st9317-re01.nl07.pdf.
Actieprogramma van Peking - Conclusies van de Raad
In het kader van de jaarlijkse follow up van het Actieprogramma van Peking ter verbetering van de positie van vrouwen
1
heeft de Raad conclusies (9152/07) aangenomen met 3 indicatoren betreffende
2
"Onderwijs en opleiding van vrouwen", één van de 12 kritische actiegebieden. Sedert 1999 hebben de opeenvolgende voorzitterschappen jaarlijks een van de 12 kritische aandachtsgebieden van het Actieprogramma van Peking centraal gesteld en een aantal indicatoren op dat gebied gepresenteerd
3
.
De volledige tekst van de conclusies staat op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl07/st09/st09152.nl07.pdf
1
Aangenomen tijdens de VN Wereldvrouwenconferentie in 1995 (zie
http://www.un.org/womenwatch/daw/beijing/platform/plat1.htm) 2
de last die armoede voor vrouwen betekent; toegang tot onderwijs en opleiding; toegang tot gezondheidszorg en aanverwante diensten; geweldpleging tegen vrouwen; de gevolgen die gewapende en andere conflicten hebben voor vrouwen, met inbegrip van vrouwen die leven onder buitenlandse bezetting; ongelijkheid op het gebied van economische structuren en economisch beleid, en alle soorten van productieve activiteiten en bij de toegang tot middelen; ongelijkheden bij de verdeling van macht en bij de besluitvorming, op alle niveaus; te weinig mechanismen op alle niveaus om de verbetering van de positie van vrouwen te bevorderen; te weinig eerbied voor en ontoereikende bevordering en bescherming van mensen rechten van vrouwen; stereotype opvattingen over vrouwen en beperktere toegang tot en deelname aan alle communicatiesystemen, met name de media; minder aandacht voor vrouwen bij het beheer van de natuurlijke hulpbronnen en het beschermen van het milieu; het voortduren van discriminatie en het schenden van de rechten van jonge meisjes. 3
Vrouwen en besluitvorming (1999); Vrouwen in de economie (het combineren van beroeps en gezinsleven) (2000); Vrouwen in de economie (gelijke beloning) (2001); Geweld tegen vrouwen (2002); Vrouwen en mannen in de economische besluitvorming (2003); Seksuele intimidatie op het werk (2004); Vrouwen en gezondheid (2006); en Institutionele regelingen (2006).
Sociale diensten van algemeen belang
De Raad heeft nota genomen van een mondeling voortgangsverslag van het voorzitterschap van het Comité voor sociale bescherming in het kader van de open consultatie als bedoeld in de mededeling van de Commissie Uitvoering van het communautaire Lissabon-programma: Sociale diensten van algemeen belang in de Europese Unie (9038/06).
De mededeling had tot doel de specifieke kenmerken van sociale diensten van algemeen belang in kaart te brengen en duidelijkheid te brengen in de wijze waarop EU steun, de interne markt en aanbestedingsvoorschriften op deze diensten van toepassing zijn. Zoals bekend vallen bepaalde vormen van sociale dienstverlening niet onder de werkingssfeer van de "diensten" richtlijn.
De mededeling bevatte een niet uitputtende lijst met specifieke kenmerken van de sociale diensten van algemeen belang. Naast de traditionele criteria (universaliteit, transparantie, continuïteit, toegankelijkheid, enz.) hebben deze kenmerken betrekking op de wijze waarop de diensten zijn georganiseerd en op de voorwaarden die op deze diensten van toepassing zijn.
De mededeling vormt het uitgangspunt voor een raadpleging door de Commissie van lidstaten, dienstverleners en dienstengebruikers.
Er wordt overwogen dat de Commissie zal trachten vast te stellen wat de beste aanpak is met betrekking tot de groeiende interactie van de modernisering van de sociale diensten met de toepassing van het Gemeenschapsrecht, waarbij zij ook aandacht zou moeten schenken aan de noodzaak en de juridische haalbaarheid van een wetsvoorstel.
VOLKSGEZONDHEID EN CONSUMENTENZAKEN
EU-strategie voor het consumentenbeleid 2007-2013 - Resolutie van de Raad
De Raad heeft een resolutie over de EU strategie voor het consumentenbeleid 2007 2013 (9542/07) aangenomen.
De volledige tekst van deze resolutie staat op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl/07/st09/st09542.nl07.pdf
Pakket voedselverbeteraars
In afwachting van het advies in eerste lezing van het Europees Parlement, heeft de Raad algemene oriëntaties vastgesteld betreffende drie ontwerp richtlijnen inzake:
een uniforme toelatingsprocedure (9536/07 ADD 1);
levensmiddelenadditieven (9536/07 ADD 2);
voedingsenzymen (9536/07 ADD 3).
De Raad heeft nota genomen van een voortgangsverslag over een ontwerp verordening betreffende:
aroma's (9536/07 ADD 4).
Het vrije verkeer van gezond en veilig voedsel is een wezenlijk aspect van de interne markt. Het levert een aanzienlijke bijdrage tot de gezondheid en het welzijn van de burgers. Teneinde een hoog niveau van bescherming van het leven en de gezondheid van de mens te waarborgen, moeten additieven, enzymen en aroma's voor gebruik in menselijke voeding aan een veiligheidsbeoordeling worden onderworpen voordat zij in de Gemeenschap in de handel worden gebracht, zulks in het licht van geharmoniseerde voorschriften.
Het pakket van vier ontwerp verordeningen beoogt de herziening van de communautaire voor schriften betreffende voedselverbeteraars.
De voorstellen beogen de herziening van de huidige wetgeving betreffende levensmiddelen additieven en aroma's en de invoering van een vereenvoudigde gemeenschappelijke communau taire toelatingsprocedure voor levensmiddelenadditieven en aroma's, teneinde beter rekening te houden met de technologische en wetenschappelijke ontwikkelingen, alsook voor enzymen, gebaseerd op wetenschappelijke adviezen van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid. Krachtens het voorgestelde nieuwe systeem worden voor het eerst geharmoniseerde communautaire voorschriften vastgelegd voor de beoordeling, de toelating en de controle van in voeding gebruikte enzymen.
Voorgestelde rechtsgrondslag voor de vier verordeningen: artikel 95 van het Verdrag gekwalifi ceerde meerderheid vereist voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing.
Gezondheidsbevordering door middel van voeding en lichaamsbeweging - Conclusies van de Raad
De Raad heeft conclusies betreffende gezondheidsbevordering door middel van voeding en lichaamsbeweging (9363/07) aangenomen.
De volledige tekst van de conclusies staat op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl/07/st09/st0963.nl07.pdf
Geneesmiddelen voor geavanceerde therapie
De Raad heeft met eenparigheid van stemmen alle amendementen inzake een ontwerp verordening betreffende geneesmiddelen voor geavanceerde therapie aanvaard die door het Europees Parlement waren aangenomen tijdens zijn plenaire vergadering van 25 april 2007 (9756/07).
Aldus kon in eerste lezing overeenstemming worden bereikt met het Europees Parlement. De nu overeengekomen tekst zal officieel worden aangenomen zodra deze in alle talen taalkundig en juridisch is bijgewerkt.
Het belangrijkste doel van deze ontwerp verordening is de totstandbrenging van een enkel juridisch kader voor drie soorten van geavanceerde therapieën (gentherapie, somatische celtherapie en weefseltechnologie ("tissue engineering") waarbij de wetenschappelijke en technische ontwikke lingen, dankzij de wetenschappelijke vorderingen in de cellulaire en moleculaire biotechnologie, zeer snel zijn verlopen.
Met het oog op de bescherming van de openbare gezondheid voorziet de ontwerp verordening in specifieke procedures voor de goedkeuring van geavanceerde therapieën, geneesmiddelen, geneesmiddelenbewaking en toezicht na het in de handel brengen. De producten zijn via een gecentraliseerde procedure goedgekeurd door het Europees Geneesmiddelenbureau. Een nieuw comité voor geavanceerde therapieën, waarin vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteiten van de lidstaten, de patiënten en de medische wereld zullen zetelen, zal in de plaats komen van het Europees Geneesmiddelenbureau.
De ontwikkelingen op dit terrein zijn van groot belang voor de behandeling van ziekten in de toekomst. Er bestaat derhalve een aanzienlijke behoefte aan communautaire regels teneinde innovatie, ontwikkeling en klinisch gebruik op een opkomende markt, te bevorderen. Zowel de patiënten als de farmaceutische industrie in Europa zullen profijt hebben van voorschriften waarmee, tegelijkertijd, gezondheid, veiligheid en markttoegang op voet van gelijkheid verzekerd zijn.
Voorgestelde rechtsgrondslag: artikel 95 van het Verdrag gekwalificeerde meerderheid van stemmen vereist voor een besluit van de Raad; medebeslissingsprocedure met het Europees Parlement van toepassing. Het advies in eerste lezing van het Europees Parlement is uitgebracht op 25 april 2007.
Bestrijding van hiv/aids in de EU en de naburige landen - Conclusies van de Raad
De Raad heeft een beleidsdebat gevoerd over de bestrijding van hiv/aids in de EU en in de naburige landen, waarin onder meer de volgende punten aan de orde kwamen:
De wijze waarop zowel de preventiemaatregelen als de betrokkenheid van het maatschappelijk
middenveld, in ieder land afzonderlijk en op EU-niveau, kunnen worden geïntensiveerd; voorbeelden van beste praktijken;
De toegang tot antiretrovirale behandelingen en de prijzen van antiretrovirale geneesmiddelen;
instandhouding van universele toegang tot behandeling, ook in sommige gedeelten van Europa, geschikte maatregelen/initiatieven om dit probleem aan te pakken.
De delegaties oordeelden dat preventie essentieel is voor een concrete bestrijding van hiv/aids, en wezen op een aantal voorbeelden van beste praktijken, zoals:
· het gebruik van internet om voorlichting te geven aan een groot aantal mensen;
· onderwijsprogramma's betreffende gezondheid ten behoeve van jongeren;
· identificatie van bevolkingsgroepen die een groot risico lopen, en het uitwerken van speciaal op
hen gerichte voorlichtingsprogramma';
· persoonlijk advies, waarbij de patiënt anoniem blijft;
· verspreiding van laaggeprijsde condooms;
· beëindiging van de stigmatisering, met eerbiediging van de mensenrechten en het recht op
privacy.
Wat de toegang tot antiretrovirale behandelingen tegen betaalbare prijzen betreft, wezen de delegaties erop dat er onderhandelingen moeten worden gevoerd met de farmaceutische industrie en dat solidariteit moet worden betoond met de landen die in een moeilijke economische positie verkeren.
Voorts heeft de Raad conclusies aangenomen die gebaseerd zijn op de resultaten van de voorzittersconferentie over dit onderwerp, welke op 12 13 maart 2007 heeft plaatsgevonden te Bremen.
De volledige tekst van de conclusies staat op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl/07/st09/st09537.nl07.pdf
Communautair kader voor gezondheidsdiensten - Conclusies van de Raad
De Raad heeft conclusies over gezondheidsdiensten aangenomen, die de weerslag zijn van de informele bijeenkomst van de ministers van Volksgezondheid in Aken (9540/07).
De volledige tekst van deze conclusies staat op
http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl/07/st09/st09540.nl07.pdf en http://register.consilium.europa.eu/pdf/nl/07/st09/st09540-co01.nl07.pdf
Letselpreventie en bevordering van veiligheid
De Raad heeft een aanbeveling over letselpreventie en bevordering van veiligheid (9476/07 en 8344/07) aangenomen.
Het aantal ongevallen en letsels in de EU neemt toe en groeit uit tot een van de belangrijkste oorzaken van sterfgevallen en chronische handicaps bij kinderen, adolescenten en jonge volwassenen.
De aanbeveling beoogt met name verbetering te brengen in het gebruik van de bestaande gegevens en de ontwikkeling, waar passend, van een monitoring en rapportagesysteem voor letsels dat een gecoördineerde aanpak van de lidstaten bij de ontwikkeling van hun nationale beleidsmaatregelen mogelijk maakt, met inbegrip van de uitwisseling van beste praktijken.
Als prioriteiten zijn aangemerkt:
· de veiligheid van kinderen en adolescenten;
· de veiligheid van ouderen;
· de veiligheid van kwetsbare weggebruikers;
· de preventie van letsel in sport en vrije tijd;
· de preventie van door producten en diensten veroorzaakte letsels;
· de preventie van zelfbeschadiging;
· de preventie van geweld tegen vrouwen en kinderen.
Voorgestelde rechtsgrondslag: artikel 152, lid 4, van het Verdrag gekwalificeerde meerderheid van stemmen vereist voor een besluit van de Raad.
Op weg naar een rookvrij Europa
De Raad heeft van gedachten gewisseld met het oog op een bijdrage aan het door de Commissie met haar Groenboek
1
geïnitieerd overleg over beleidsopties op EU niveau ter bestrijding van
onvrijwillige blootstelling aan omgevingstabaksrook (passief roken).
Het belangrijkste onderwerp van discussie was:
Doeltreffende en geschikte maatregelen en het niveau waarop deze moeten worden genomen
(EU of nationaal).
Tijdens het debat werd door de delegaties gewezen op de bindende maatregelen die op nationaal niveau reeds zijn genomen en in hun landen worden toegepast om roken te bestrijden, met name in gesloten en openbare ruimten. Zij brachten in herinnering dat tot de meer doeltreffende maatregelen behoren: het verbieden van tabaksreclame, preventie van verslaving onder jongeren, stimulerende maatregelen om mensen aan te zetten vrijwillig hun gewoonten te veranderen (eerder dan bindende maatregelen), voorlichtingscampagnes over de gevolgen van roken voor de gezondheid.
Een aantal van deze maatregelen zou derhalve doeltreffender zijn indien zij op lokaal of regionaal niveau werden toegepast, ook al zouden zij worden gefinancierd met Europese bijdragen.
1
5899/07.
DIVERSEN
De Raad ontving informatie over de volgende onderwerpen:
a)Informatie over door het voorzitterschap belegde conferenties: i)Europees mediterrane conferentie (Berlijn, 16 maart 2007) ii)Kwaliteit van de arbeid (Berlijn, 2 3 mei 2007) iii)Zesde Europese bijeenkomst van mensen die in armoede leven (Brussel, 4 5 mei 2007) iv)Bijeenkomst van de ministers van Arbeid van de G8 (Dresden, 5 8 mei 2007) v)Informele bijeenkomst van de ministers van gendergelijkheid en gezin (Bad Pyrmont, 15 16 mei 2007) 9820/07 vi)VN Commissie over de positie van de vrouw, 51e vergadering (New York, 26 februari 9 maart 2007) 9822/07 vii)Europees congres "Demografische veranderingen als kans: het economisch potentieel van ouderen" (Berlijn, 17 18 april 2007) 9823/07 b)Kaderovereenkomst van de sociale partners inzake geweld en pesterijen op het werk Informatie van de Commissie 9967/07
c)Mededeling van de Commissie: Bevordering van solidariteit tussen de generaties Presentatie door de Commissie 9717/07
d)Sociale aspecten van mensenhandel Informatie van de Deense delegatie 9824/07
e)Conferentie van het voorzitterschap over "Uitdagingen en kansen in een gedigitaliseerde wereld. De rol van het consumentenbeleid" Informatie van het voorzitterschap 9412/07
f)Tweede communautair actieprogramma op het gebied van gezondheid (2007 2013) Informatie van het voorzitterschap 9830/07
g)Door het voorzitterschap belegde conferenties over gezondheid Informatie van het voorzitterschap 9831/07
h)Kaderverdrag inzake tabaksontmoediging Informatie van de Commissie en het voorzitterschap 9832/07
i)Internationale gezondheidsregeling Informatie van de Commissie en het voorzitterschap 9833/07
j)Europese strategie voor eetgewoonten, lichaamsbeweging en gezondheid Presentatie door de Commissie van haar Witboek
k)Mededeling van de Commissie "De geestelijke gezondheid van de bevolking verbeteren" Informatie van de Commissie 9836/07
l)Mededeling van de Commissie over orgaandonatie en transplantatie Toelichting van de Commissie op haar recentelijk aangenomen mededeling
m)Gezondheidsbeveiligingscomité en aanverwante zaken Informatie van de Commissie
n)Voorstel voor een richtlijn in verband met de herziening van de richtlijnen inzake medische hulpmiddelen Het voorzitterschap heeft meegedeeld dat de eerste lezing met het Europees Parlement reeds is afgerond 9819/07
ANDERE GOEDGEKEURDE PUNTEN
WERKGELEGENHEID
Richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten*
De Raad bereikte een politiek akkoord over een ontwerp beschikking betreffende de richtsnoeren voor het werkgelegenheidsbeleid van de lidstaten voor 2007 (9788/07 + ADD 1).
Overeenkomstig het Commissievoorstel blijven de in 2005 en 2006 aangenomen richtsnoeren (10205/05 en 9471/06) ongewijzigd en zal de volgende volledige herziening van de geïntegreerde richtsnoeren (werkgelegenheid en globale richtsnoeren voor het economisch beleid) volgens plan volgend jaar plaatsvinden.
Vereenvoudiging van de administratieve procedures
De Raad heeft een richtlijn aangenomen met het oog op de vereenvoudiging en rationalisatie van de bepalingen van communautaire richtlijnen betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van werknemers, die de lidstaten van de EU en de Commissie ertoe verplicht verslagen op te stellen over de praktische uitvoering ervan (PE-CONS 3617/07).
EUROPEES VEILIGHEIDS- EN DEFENSIEBELEID
EU-politiemissie in Afghanistan
De Raad heeft vandaag een gemeenschappelijk optreden vastgesteld betreffende een EU politie missie in Afghanistan EUPOL Afghanistan.
De missie moet bijdragen aan de totstandbrenging van een duurzame en doeltreffende civielepolitie structuur onder Afrikaanse leiding, die zorgt voor een passende interactie met het strafrechtsysteem in ruimere zin. De missie ondersteunt voorts het proces van hervorming naar een vertrouwen genietende en efficiënte politiedienst die in overeenstemming met internationale normen opereert.
De missie zal haar taken uitvoeren door middel van toezicht, begeleiding, advies en opleiding op het niveau van het Afghaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken, de regio's en de provincies. Zij zal toewerken naar een gezamenlijke totaalstrategie van de internationale gemeenschap voor politiehervorming en de regering van Afghanistan steunen bij het op coherente wijze uitvoeren van de strategie.
Tot Missiehoofd is benoemd Brigadegeneraal Friedrich Eichele (Duitsland).
De looptijd van de missie bedraagt drie jaar. De operationele fase moet op 15 juni 2007 aanvangen.
EUPOL Afghanistan zal zo'n 160 man sterk zijn, en bestaan uit deskundigen op het gebied van politie, wetshandhaving en justitie. Kandidaat lidstaten en andere derde landen kunnen worden uitgenodigd om bij te dragen aan EUPOL Afghanistan.
HANDELSPOLITIEK
Oekraïne - IJzer en staal
De Raad heeft een besluit aangenomen betreffende de sluiting van een overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en de regering van Oekraïne (8597/07 + COR 1) voor het jaar 2007, en een verordening betreffende het beheer van bepaalde beperkingen op de invoer van die Oekraïense producten in de EG (8610/1/07 REV 1) dat in de feitelijke toepassing van die overeenkomst voorziet.
In deze nieuwe overeenkomst worden kwantitatieve limieten vastgesteld voor de invoer van ijzer en staalproducten en zij zal van toepassing zijn vanaf de datum van inwerkingtreding ervan tot en met 31 december 2007 of tot de toetreding van Oekraïne tot de Wereldhandelsorganisatie, indien dat eerder is. Zij kan eind 2007 automatisch met een jaar worden verlengd. Deze overeenkomst vervangt de vorige die eind 2006 is verstreken en houdt rekening met de ontwikkeling van de handelsbetrekkingen tussen de twee partijen in deze sector.
MILIEU
Emissies van motorvoertuigen (Euro 5 en 6) *
De Raad heeft een verordening aangenomen betreffende de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies van lichte personen of bedrijfsvoertuigen en de toegang tot reparatie en onderhoudsinformatie (PE-CONS 3602/2/07 + 9156/07 + ADD 1), waarbij hij alle amendementen heeft aanvaard die het Europees Parlement in zijn advies in eerste lezing had voorgesteld.
Bij deze verordening worden de technische vereisten voor de typegoedkeuring van motorvoertuigen met betrekking tot emissies geharmoniseerd, terwijl een hoog niveau van milieubescherming wordt gewaarborgd.
Zie voor nadere bijzonderheden Mededeling aan de pers 10165/07.
VERVOER
Overeenkomst met de Republiek Kirgizië inzake luchtdiensten
De Raad heeft een besluit aangenomen tot goedkeuring van de ondertekening en de voorlopige toepassing van een overeenkomst tussen de EU en de Republiek Kirgizië inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten.
De overeenkomst is het resultaat van onderhandelingen krachtens een mandaat op grond waarvan de Commissie met een derde land kan onderhandelen om bestaande bilaterale overeenkomsten van lidstaten met dat derde land in overeenstemming te brengen met het Gemeenschapsrecht.
- 31 jul '03COM(2003)468 - Wijziging van Verordening 1408/71 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede op hun gezinsleden, die zich binnen de EG verplaatsen, en van Verordening 574/72 tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening (EEG) nr. 1408/71
- 21 dec '98COM(1998)779; - Coördinatie van de socialezekerheidsstelsels
-
Toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op loontrekkende en hun gezinnen, die zich binnen de EG verplaatsen
-
Wijze van toepassing van Verordening (EEG) nr. 1408/71, betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de EG verplaatsen

