Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (INSPIRE)

Inhoud

Delen

enveloppe

1.

Tekst

Betreft: Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap (INSPIRE) Voor de delegaties gaat hierbij een naar aanleiding van de bevindingen van de Groep

milieu van 20 en 24 januari herziene versie van de artikelen en de bijlagen van dit voorstel.

Dit document zal worden besproken in de vergadering van de Groep milieu op donderdag

10 februari.

Zoals gebruikelijk is nieuwe tekst onderstreept weergegeven en geschrapte tekst met [...].

Tijdens genoemde vergadering zullen de delegaties in kennis worden gesteld van het

resultaat van het debat van 2 februari over het ontwerp-verslag over INSPIRE in de

Commissie milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid van het Europees

Parlement. Ook de nota over het verband tussen dit voorstel en de Richtlijnen 2003/4 en

2003/98 (zie DS 43/05) zal worden besproken in samenhang met de artikelen 13, 17 en 18

van de nieuwe tekst.

BIJLAGE

Voorstel voor een

RICHTLIJN VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

tot oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap

1

(INSPIRE)

HOOFDSTUK I

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1

  • 1. 
    In deze richtlijn worden de algemene regels voor de oprichting van een infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap vastgesteld, ter ondersteuning van

2

het communautaire milieubeleid en beleidsmaatregelen die direct of indirect van 3

invloed zijn op het milieu .

  • 2. 
    De infrastructuur voor ruimtelijke informatie in de Gemeenschap bouwt voort op de infrastructuren voor ruimtelijke informatie die door de lidstaten zijn opgericht en

4

door hen worden beheerd .

1

Alle delegaties, uitgezonderd FR/NL: algemeen studievoorbehoud. DK/MT: voorbehoud voor behandeling door het parlement. 2

BE/EL: "of indirect" schrappen; Cie: tegen, belangrijk aspect van het toepassingsgebied; is in tegenspraak met het verzoek in voetnoot 3. 3

SE, gesteund door DK/EE/LT/PL/PT/SK, stelt volgende toevoeging voor: "Bij de oprichting van een infrastructuur moet ook rekening worden gehouden met de vereisten van informatie van andere sectoren". EL/FR/NL: tegen. BE/CZ/PL/AT/SE/FI stellen voor dit op te lossen door een passende overweging toe te voegen; Cie geeft in overweging dat dit reeds wordt bestreken door het laatste deel van overweging 1. 4

BE/EL/FR/SI stellen de volgende toevoeging voor: "en op alle relevante infrastructuren die eventueel reeds bestaan op Gemeenschapsniveau"; CZ/DK/LT/PL/PT/SK/SE: tegen dit voorstel.

Artikel 2

5

Artikel 3

In deze richtlijn wordt verstaan onder:

(1) "infrastructuur voor ruimtelijke informatie": [...] metagegevens, verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten op het vlak van ruimtelijke gegevens, netwerk-

diensten en -technologieën, overeenkomsten betreffende de uitwisseling, de raad-

pleging en het gebruik van de gegevens, en overeenkomstig deze richtlijn ingestelde,

beheerde en/of beschikbaar gemaakte mechanismen, processen en procedures voor

coördinatie en monitoring;

(2) "ruimtelijke gegevens": alle gegevens die direct of indirect verwijzen naar een specifieke locatie of een specifiek geografisch gebied;

(3) "verzameling ruimtelijke gegevens": een identificeerbare verzameling ruimtelijke gegevens;

(4) "diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens": de verwerking van de ruimtelijke gegevens die zich in die verzamelingen bevinden of de verwerking van de aan-

verwante metagegevens door middel van een computertoepassing;

(5) "ruimtelijk object": een abstracte voorstelling van een reële entiteit in relatie tot een specifieke locatie of een specifiek geografisch gebied;

5

BE/FR/PT/SE/FI/UK: rest van deze zin schrappen. UK: ook de overwegingen dienen te worden gewijzigd. Cie/LV/PL: tegen. DE/AT stellen voor om in lid 1, tussen "indien" en "anders", "krachtens artikel 13" toe te voegen. Dit is juridisch niet noodzakelijk; de huidige formulering is de juridisch juiste zolang in artikel 13 de uitdrukkelijke afwijking van Richtlijn 2003/4/EG wordt gehandhaafd.

(6) "metagegevens": informatie waarin verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens worden beschreven en die het mogelijk

maakt deze gegevens en diensten te zoeken, te inventariseren en te gebruiken;

(7) "interoperabiliteit": de mogelijkheid dat, zonder terugkerende handmatige verrichtingen, verzamelingen ruimtelijke gegevens zodanig worden gecombineerd en

dat diensten zodanig op elkaar inwerken dat het resultaat coherent is en [...] de

6

meerwaarde van de verzamelingen gegevens en de diensten wordt verhoogd;

(8) "geoportaal": een internetsite, of een equivalent daarvan, die toegang verschaft tot de in artikel 11, lid 1, bedoelde diensten;

(9) "overheidsinstantie":

  • a) 
    een regering of een andere bestuurlijke overheid, zoals een openbaar advies orgaan, op nationaal, regionaal of lokaal niveau;
  • b) 
    een natuurlijke of rechtspersoon die openbare bestuursfuncties naar nationaal recht uitoefent, met inbegrip van specifieke taken, activiteiten of diensten met

betrekking tot het milieu; en

  • c) 
    een natuurlijke of rechtspersoon die onder toezicht van een orgaan of persoon als bedoeld onder a) of b) belast is met openbare verantwoordelijkheden of

7

functies of openbare diensten verleent.

De lidstaten kunnen bepalen dat deze begripsomschrijving niet van toepassing is op

instellingen of organen die optreden in een rechterlijke of wetgevende hoedanigheid;

6

LV stelt enkele wijzigingen voor: ""interoperabiliteit": de mogelijkheid om verzamelingen ruimtelijke gegevens zodanig te combineren en het vermogen van diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens om zodanig naadloos en zonder terugkerende handmatige verrichtingen te interageren dat het resultaat coherent is en een meerwaarde vertegenwoordigt.". 7

FR/NL/AT/PL: stellen voor, de zinsnede "met betrekking tot het milieu" toe te voegen, zoals in de definitie in Richtlijn 2003/4/EG. Cie: redundant indien de zinsnede wordt opgenomen in b) en niet strokend met a).

8

(10) "derde partij": natuurlijke of rechtspersoon die geen overheidsinstantie is.

Artikel 4

  • 1. 
    Deze richtlijn heeft betrekking op verzamelingen ruimtelijke gegevens die aan de volgende voorwaarden voldoen:
  • a) 
    ze hebben betrekking op een gebied waar een lidstaat rechten ten aanzien van de rechtsbevoegdheid heeft;
  • b) 
    ze zijn beschikbaar in elektronisch formaat;
  • c) 
    ze worden gehouden door of namens:
  • i) 
    een overheidsinstantie, in de zin dat ze zijn geproduceerd of ontvangen of worden beheerd of bijgewerkt door die instantie;
  • ii) 
    een derde partij waaraan het netwerk ter beschikking is gesteld overeen komstig artikel 12;
  • d) 
    ze hebben betrekking op een of meer van de in de bijlagen I, II of III vermelde thema's.
  • 2. 
    Deze richtlijn heeft tevens betrekking op diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens wat betreft de ruimtelijke gegevens die deel uitmaken van de in

lid 1 bedoelde verzamelingen ruimtelijke gegevens.

  • 3. 
    In het geval van verzamelingen ruimtelijke gegevens die aan de voorwaarden van lid 1, onder c), voldoen, maar waarop een derde partij intellectuele eigendomsrechten

kan doen gelden, mag de overheidsinstantie alleen actie ondernemen overeenkomstig

deze richtlijn als de derde partij daarmee instemt.

8

LV: definitie van "verwerkingsdiensten" toevoegen.

  • 4. 
    In afwijking van lid 1 is deze richtlijn uitsluitend van toepassing op verzamelingen ruimtelijke gegevens die worden bijgehouden door of namens een overheidsinstantie

op het laagste bestuurlijke niveau in een lidstaat, [...] indien de lidstaat over des-

9

betreffende wet- of regelgeving beschikt.

10

  • 5. 
    De Commissie mag de in de bijlagen I, II en III bedoelde categorieën ruimtelijke gegevens aanpassen of uitbreiden overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2,

om rekening te houden met de ontwikkeling van de behoeften aan ruimtelijke

gegevens ter ondersteuning van communautaire beleidsmaatregelen die direct of

indirect van invloed zijn op het milieu 11 .

HOOFDSTUK II METAGEGEVENS

Artikel 5

  • 1. 
    De lidstaten zorgen ervoor dat metagegevens worden opgesteld en bijgewerkt voor 12

de verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens die met de in de bijlagen I tot en met III vermelde categorieën

corresponderen.

  • 2. 
    Metagegevens hebben onder meer betrekking op:
  • a) 
    de overeenstemming van verzamelingen ruimtelijke gegevens met de in artikel 7, lid 2, vermelde regels voor de uitvoering;

13

  • b) 
    de rechten op het gebruik van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens en, indien van toepassing, de

14

overeenkomstige vergoedingen;

9

IT heeft aangeboden een alternatieve tekst te leveren. 10

Veel delegaties maken over het algemeen bezwaar tegen het feit dat dit voorstel zwaar op de comitologieprocedure leunt. 11

BE: lid 5 schrappen, aangezien de categorieën reeds zeer ruim omschreven zijn. 12

BE stelt voor om "bestaande" in te voegen; Cie: overbodig - er kunnen geen metagegevens voor niet bestaande gegevens worden opgesteld. 13

NL stelt voor de tekst af te stemmen op artikel 11, lid 2, onder f): "voorwaarden voor de toegang tot en ...". 14

FR: bezwaar in verband met de rompslomp die het documenteren van de

(c) de kwaliteit en geldigheid van ruimtelijke gegevens;

  • d) 
    de overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor de oprichting, het beheer, het onderhoud en de verspreiding van verzamelingen ruimtelijke gegevens en

diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens;

  • e) 
    beperkingen voor de publieke toegang en de redenen voor deze beperkingen, overeenkomstig artikel 13.
  • 3. 
    De lidstaten nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de metagegevens volledig zijn en van toereikende kwaliteit om aan het in artikel 3, lid 6, gestelde doel

te beantwoorden. 15

  • 4. 
    De Commissie stelt binnen één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze richtlijn, volgens de in artikel 24, lid 2, bedoelde procedure, regels ter uitvoering van

dit artikel vast. In deze regels worden de desbetreffende bestaande normen en

16

gebruikerseisen in aanmerking genomen .

toepasselijke vergoedingen zou vergen.

15

BE:deze toelichting kan in een overweging worden gegeven; Cie vraagt zich af of het wel passend is om voor wezenlijke vereisten overwegingen te gebruiken. 16

UK stelt voor: "Deze regels zijn gebaseerd op"; Cie: te prescriptief aangezien bestaande normen en gebruikerseisen onderling strijdig kunnen zijn.

Artikel 6

De lidstaten stellen de in artikel 5 vermelde metagegevens op overeenkomstig het volgende

tijdsschema:

17

  • a) 
    uiterlijk [drie jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] voor de verzame lingen ruimtelijke gegevens die overeenstemmen met [...] de in de bijlagen I en II

18

vermelde thema's ;

(b) uiterlijk [6 jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] voor de verzamelingen ruimtelijke gegevens die overeenstemmen met [...] de in bijlage III vermelde

thema's.

HOOFDSTUK III

INTEROPERABILITEIT VAN VERZAMELINGEN RUIMTELIJKE GEGEVENS

EN VAN DIENSTEN MET BETREKKING TOT RUIMTELIJKE GEGEVENS

Artikel 7

  • 1. 
    De lidstaten waarborgen binnen twee jaar na de vaststelling van de uitvoeringsregels, overeenkomstig die, in lid 2 bedoelde, regels, de uitwisseling van verzamelingen

ruimtelijke gegevens, de interoperabiliteit van verzamelingen ruimtelijke gegevens

en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens, en, voorzover uitvoerbaar, de

harmonisatie van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot

19

ruimtelijke gegevens.

17

BE/DK/FR/IT/LT/AT/PL/PT/FI/SE/UK stellen voor om deze beide termijnen vanaf de datum van de vaststelling van de uitvoeringsregels te laten gelden.

DK: in dat geval zouden de termijnen moeten worden teruggebracht tot twee, respectievelijk vijf, jaar, gezien de termijn van één jaar in artikel 5, lid 4.

Cie zal er alles aan doen om ervoor te zorgen dat de uitvoeringsregels binnen één jaar na de inwerkingtreding worden vastgesteld, maar houdt vast aan een vast tijdrooster voor de verplichting tot het opstellen van metagegevens. 18

DE/EL: dit punt moet alleen betrekking hebben op bijlage I, en punt b) op de bijlagen II en III; SE: tegen. Cie houdt vast aan een korter tijdrooster voor bijlage II aangezien het opstellen van metagegevens betrekkelijk eenvoudig is. Interoperabiliteit is daar niet voor nodig. De lidstaten kunnen al metagegevens opstellen wanneer er nog geen uitvoeringsregels zijn. Zie de tijdslimiet van de Commissie (die samen met dit document is verspreid). 19

DK/AT/SE: studievoorbehoud bij dit lid.

  • 2. 
    De Commissie keurt overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, uitvoerings regels goed tot het treffen van een regeling voor de uitwisseling, de interoperabiliteit

20

en de harmonisatie van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten, bedoeld in lid 1. Bij het opstellen van de uitvoeringsregels worden gebruikerseisen en

bestaande initiatieven om ruimtelijke gegevens te harmoniseren in aanmerking

21

genomen.

  • 3. 
    De in lid 2 vermelde regels voor de uitvoering hebben ook betrekking op de definitie en classificatie van ruimtelijke objecten die relevant zijn voor de ruimtelijke

gegevens, en op de manier waarop deze ruimtelijke gegevens gegeorefereerd zijn.

  • 4. 
    Natuurlijke of rechtspersonen die wegens hun rol in de infrastructuur voor ruimte lijke informatie een belang hebben in de desbetreffende ruimtelijke gegevens, zoals

gebruikers, leveranciers, verleners van diensten met toegevoegde waarde of

coördinatieorganen, krijgen de mogelijkheid om, conform de toepasselijke proce-

dures, voor de bespreking door het comité deel te nemen aan het overleg met de

22

Commissie over de inhoud van de uitvoeringsregels, als bepaald in lid 2.

20

UK: "waar nodig" invoegen. 21

DE: studievoorbehoud bij dit lid.

BE stelt voor de leden 2 tot en met 4 als volgt te doen luiden: "2. Overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, keurt de Commissie regels voor de uitvoering goed: a) die betrekking hebben op de definitie en classificatie van ruimtelijke objecten die relevant zijn voor de ruimtelijke gegevens, en op de manier waarop deze ruimtelijke gegevens gegeorefereerd zijn (voorheen art. 7, lid 3); b) tot het treffen van een regeling voor de uitwisseling, de interoperabiliteit en de harmonisatie van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten, bedoeld in lid 1(voorheen art. 7, lid 20). Voordat de uitvoeringsregels worden aangenomen wordt een kosten-batenanalyse gemaakt van de doelstellingen die men met interoperabiliteit wil bereiken. De aanneming van die regels mag geen buitensporige kosten meebrengen voor een lidstaat. (Nieuw) Bij het opstellen van de uitvoeringsregels worden gebruikerseisen en bestaande initiatieven om ruimtelijke gegevens te harmoniseren in aanmerking genomen. (voorheen art. 7, lid 20).". AT/UK: pleiten er ook voor om de kosten en baten in aanmerking te nemen. Cie waarschuwt tegen expliciete eis van kosten-batenanalyse. 22

BE/DE/EL/IT/PT: dit lid schrappen wegens overbodig: de Cie is immers altijd bevoegd om vooraf overleg te plegen en door dit expliciet in een richtlijn op te nemen kan een onnodig precedent worden geschapen.

Artikel 8

  • 1. 
    In het geval van verzamelingen ruimtelijke gegevens die onder een of meer van de in 23

bijlage I of II opgesomde thematische categorieën vallen, moeten de in artikel 7, lid 2, onder a), vermelde regels voor de uitvoering aan de voorwaarden van de

punten 2, 3 en 4 voldoen.

  • 2. 
    De regels voor de uitvoering moeten betrekking hebben op de volgende aspecten van ruimtelijke gegevens:
  • a) 
    een gemeenschappelijk systeem van eenduidige identificatoren voor ruimte lijke objecten, waaraan identificatoren uit de bestaande nationale systemen

kunnen worden aangepast;

24

  • b) 
    het verband tussen ruimtelijke objecten; c) de belangrijkste kenmerken en de overeenkomstige meertalige thesauri die in het algemeen vereist zijn voor beleidsmaatregelen die direct of indirect van

invloed zijn op het milieu;

  • d) 
    de manier waarop informatie over de tijdsdimensie van de gegevens wordt uit gewisseld;
  • e) 
    de manier waarop actualiseringen van de gegevens moeten worden uit gewisseld.

25

23

ES/AT/SK/FI: thematische categorieën van bijlage III toevoegen. FR/NL/SE kunnen dit voorstel niet steunen omdat verzamelingen gegevens van bijlage III hierdoor volgens hen een hoger harmonisatieniveau zouden krijgen, en tenuitvoerlegging daardoor duurder zou worden. ES: maakt bedenking dat ook voor bijlage III minimumvoorschriften moeten worden vastgesteld; Cie wees erop dat die reeds in artikel 7, lid 3, zijn opgenomen. 24

Cie wijst erop dat uitvoeringsregels die betrekking hebben op het verband tussen ruimtelijke objecten, hoofdzakelijk algemene regels aangaande dat verband vastleggen. Zij zullen geen details bevatten over het verband tussen de objecten die onder de in de bijlagen genoemde thematische categorieën vallen. 25

FI/SE stelt nieuw punt voor "f) Te bereiken kwaliteitsniveaus", SE stelt ook nieuw lid 5 voor, luidende: "5. De regels voor de uitvoering worden zodanig opgesteld dat conform lid 2 een minimaal kwaliteitsniveau voor overeenstemming kan worden ontwikkeld. De lidstaten zorgen ervoor dat verzamelingen ruimtelijke gegevens voldoen aan dat kwaliteitsniveau voor overeenstemming, overeenkomstig artikel 7. Het overeenstemmingsniveau wordt zodanig vastgesteld dat verdere ontwikkeling mogelijk is, op basis van specifieke voorschriften voor verschillende sectoren.". AT: tegen; Cie: bezorgd dat dit tot nieuwe eisen op het gebied van gegevensvergaring zou kunnen leiden.

  • 3. 
    De regels voor de uitvoering worden zodanig ontworpen dat de samenhang wordt gegarandeerd tussen informatie-eenheden die naar dezelfde locatie verwijzen of

tussen informatie-eenheden die verwijzen naar hetzelfde object, maar op

verschillende schaal.

  • 4. 
    De regels voor de uitvoering worden zodanig ontworpen dat de informatie uit verschillende verzamelingen ruimtelijke gegevens vergelijkbaar is voor wat de in

artikel 7, lid 3, en de in lid 2 van dit artikel genoemde aspecten betreft.

Artikel 9

De in artikel 7, lid 2, vermelde regels voor de uitvoering worden overeenkomstig het

26

volgende tijdschema goedgekeurd:

  • a) 
    uiterlijk [2 jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] voor de verzamelingen ruimtelijke gegevens die overeenstemmen met de in bijlage I vermelde thema's;
  • b) 
    uiterlijk [5 jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] voor de verzamelingen ruimtelijke gegevens die overeenstemmen met de in bijlage II of bijlage III vermelde

thema's.

Artikel 10

  • 1. 
    De lidstaten zien er op toe dat alle informatie, waaronder gegevens [...] die nodig zijn om de overeenstemming met de in artikel 7, lid 2, onder a), vermelde regels voor

de uitvoering tot stand te brengen, zodanig ter beschikking van overheidsinstanties of

derde partijen worden gesteld dat die informatie en gegevens zonder beperking voor

dat doel kunnen worden aangewend.

  • 2. 
    Om de coherentie te garanderen van ruimtelijke gegevens die betrekking hebben op een geografische entiteit die zich over een grens tussen twee of meer lidstaten heen

bevindt, moeten de lidstaten overeenstemming bereiken over de afbeelding en de

plaats van dergelijke gemeenschappelijke kenmerken.

26

Voor BE/EL/FR/PL is één tijdschema van vijf jaar voor alle drie de bijlagen te prefereren; PL wil daarvan afzien als een duidelijke definitie wordt gegeven van de thematische inhoud van elke bijlage; Cie/SE: tegen verlenging tot vijf jaar voor bijlage I.

HOOFDSTUK IV

NETWERKDIENSTEN

27

Artikel 11

  • 1. 
    De lidstaten dragen zorg voor de oprichting en exploitatie van een netwerk van de volgende diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens en diensten waarvoor

overeenkomstig deze richtlijn metagegevens zijn opgesteld:

  • a) 
    zoekdiensten, die het mogelijk maken verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens te zoeken op basis van de

inhoud van de overeenkomstige metagegevens, en de inhoud van de meta-

gegevens weer te geven;

  • b) 
    raadpleegdiensten, die het minstens mogelijk maken verzamelingen ruimtelijke gegevens weer te geven, in deze verzamelingen te navigeren, in of uit te

zoemen, panoramisch of met overlays weer te geven en om de onderschriften

28

bij de informatie en de relevantie van de metagegevens weer te geven;

  • c) 
    downloaddiensten, die het mogelijk maken verzamelingen ruimtelijke 29

gegevens geheel of gedeeltelijk te downloaden;

  • d) 
    verwerkingsdiensten, die het mogelijk maken verzamelingen ruimtelijke gegevens te verwerken;
  • e) 
    diensten die het mogelijk maken diensten met betrekking tot gegevens op te roepen.

27

DK/LT/AT/SE/UK hebben bedenkingen bij betaling en stellen dat in artikel 11 intellectuele eigendomsrechten niet in aanmerking worden genomen; het zou dichter bij Richtlijn 2003/98 moeten aansluiten. Cie: Intellectuele eigendomsrechten worden geregeld in art. 4, lid 3, en doordat overheidsinstanties het recht behouden kosten aan te rekenen voor het downloaden en "oproepen" van gegevens. Richtlijn 2003/98 is hier niet van toepassing omdat zij betrekking heeft op hergebruik voor commerciële doeleinden, en niet op publieke toegang. 28

NL/FI zeggen dat in art. 11 misschien nog een punt moet worden opgenomen, nl. diensten voor het uitlenen van ruimtelijke gegevens: daardoor zou voor beperkte tijd en voor een beperkt testgebied vrije toegang tot ruimtelijke gegevens worden verleend; UK is het hier in principe mee eens; LT/SE: tegen. 29

AT/FI stelt voor hieraan toe te voegen "en/of andere vormen van toegang tot informatie zoals on-line toepassingen".

Deze diensten moeten rekening houden met relevante gebruikerseisen en

gemakkelijk bruikbaar en toegankelijk zijn via internet of via andere tele-

communicatiemiddelen waarover het brede publiek beschikt.

  • 2. 
    De diensten van lid 1, onder a), moeten ten minste de volgende zoekcriteria omvatten:

30

  • a) 
    trefwoorden ;
  • b) 
    classificering van ruimtelijke gegevens en diensten;

31

  • c) 
    kwaliteit en nauwkeurigheid van ruimtelijke gegevens;
  • d) 
    mate van overeenstemming met de uitvoeringsregels bedoeld [...] in artikel 7;
  • e) 
    geografische locatie;

30

AT, gesteund door NL, stelt het volgende voor: "2. De diensten van lid 1, onder a), moeten ten minste de volgende zoekcriteria omvatten: a) trefwoorden voor het zoeken naar

  • i) 
    de metagegevens-databank voor consistente informatie over de kwaliteit en nauwkeurigheid van ruimtelijke gegevens, mate van overeenstemming met de in artikel 11, lid 1, voorgeschreven uitvoeringsregels en andere in artikel 8, lid 2, vervatte informatie; of ii) de kenmerken van de databank voor ruimtelijke gegevens voor consistente informatie over ruimtelijke objecten (zoals bv. de naam van een bepaald ruimtelijk object); b)

classificering van ruimtelijke gegevens en diensten;

  • c) 
    geografische locatie;".

C, d, f, en g, kunnen worden geschrapt omdat ze vervat zitten in punt a) i) van het bovenstaande voorstel respectievelijk artikel 5, lid 2. Cie: het gaat te ver om opzoekingen via trefwoord verplicht te stellen voor de criteria c) en d).

31

NL stelt voor tekst te harmoniseren met art. 5, lid 2), onder c) "de kwaliteit en geldigheid van ruimtelijke gegevens;".

  • f) 
    voorwaarden voor de toegang tot en het gebruik van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens;
  • g) 
    de overheidsinstanties die verantwoordelijk zijn voor de oprichting, het beheer, het onderhoud en de verspreiding van verzamelingen ruimtelijke gegevens en

diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens.

  • 3. 
    De in lid 1, onder d), vermelde verwerkingsdiensten moeten op zodanige wijze met de andere diensten van lid 1 worden gecombineerd dat al deze diensten overeen-

komstig de in artikel 7 vermelde regels voor de uitvoering kunnen worden

geëxploiteerd.

Artikel 12

De lidstaten dragen er zorg voor dat de overheidsinstanties de technische middelen krijgen

om hun verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke

gegevens te koppelen aan het in artikel 11, lid 1, bedoelde netwerk. Deze [...] dienst

worden op verzoek ook ter beschikking van derde partijen gesteld, wier verzamelingen

ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens voldoen aan de

regels voor de uitvoering waarin eisen zijn vastgesteld voor, met name, metagegevens,

netwerkdiensten en interoperabiliteit.

32

Artikel 13

  • 1. 
    Bij wijze van uitzondering op artikel 4, lid 2, van Richtlijn 2003/4/EG en artikel 11, lid 1, van de onderhavige richtlijn, mogen de lidstaten de publieke toegang tot de in

33

artikel 11, lid 1, onder b) tot en met e) , vermelde diensten of tot de in artikel 14, lid 2, vermelde e-commercediensten beperken indien de toegang afbreuk zou doen

aan:

  • a) 
    het vertrouwelijke karakter van handelingen van overheidsinstanties, indien deze vertrouwelijkheid bij wet is voorzien;

32

Verscheidene delegaties hadden bedenkingen bij het verband tussen dit artikel en Richtlijn 2003/4/EG, met name wat betreft intellectuele eigendomsrechten (IPR). Het voorzitterschap wil deze besprekingen voortzetten tijdens de volgende bijeenkomst van de Groep milieu, in het licht van de nota die zal worden verspreid. 33

FR: ook punt a) van artikel 11, lid 1, vermelden.

  • b) 
    internationale betrekkingen, defensie en openbare veiligheid;
  • c) 
    de rechtsgang, de mogelijkheid voor een persoon om een eerlijk proces te krijgen of de mogelijkheid voor een overheid om een strafrechtelijk of

disciplinair onderzoek in te stellen;

  • d) 
    de vertrouwelijkheid van commerciële of industriële informatie, wanneer deze vertrouwelijkheid in de nationale of de communautaire wetgeving voor-

geschreven wordt om een rechtmatig economisch belang te beschermen, met

inbegrip van het algemeen belang dat met statistische en fiscale geheimhouding

is gediend;

  • e) 
    de vertrouwelijkheid van persoonsgegevens en/of -dossiers met betrekking tot een natuurlijk persoon wanneer die persoon niet heeft ingestemd met bekend-

making van de informatie aan het publiek, wanneer het nationaal of het

Gemeenschapsrecht daarin voorziet.

  • f) 
    de bescherming van het milieu waarop die informatie betrekking heeft, zoals de habitat van zeldzame soorten.
  • 2. 
    De in lid 1 vermelde redenen voor het beperken van de toegang dienen restrictief te worden geïnterpreteerd, waarbij rekening moet worden gehouden met het openbaar

belang van de toegang. In alle gevallen moet het openbaar belang van de toegang

worden afgewogen tegen het belang dat wordt nagestreefd door het beperken van de

toegang of het stellen van voorwaarden aan de toegang. Overeenkomstig lid 2,

onder a), d), e) en f), mogen de lidstaten de toegang tot informatie die betrekking

heeft op emissies in het milieu niet beperken.

Artikel 14

34

  • 1. 
    De lidstaten dienen te garanderen dat het publiek gratis gebruik kan maken van de in artikel 11, lid 1, onder a) en b), vermelde diensten.

35

  • 2. 
    Indien de overheidsinstanties de in artikel 11, lid 1, onder c) of e) , vermelde diensten tegen betaling ter beschikking stellen, moeten de lidstaten er op toezien dat

e-commercediensten beschikbaar zijn.

Artikel 15

  • 1. 
    De Commissie zal op communautair niveau [...] een geoportaal bouwen en 36

exploiteren.

  • 2. 
    De lidstaten zullen via het communautaire geoportaal toegang verlenen tot de in 37

artikel 11, lid 1, vermelde diensten .

De lidstaten mogen ook via hun eigen toegangspunten toegang verlenen tot deze

diensten.

34

DK/LV/HU/NL/AT/PT/SI/UK hadden bedenkingen bij artikel 11, lid 1, onder b), dat voorziet in gratis gebruik van raadpleegdiensten. UK stelt voor verwijzing naar punt b) te schrappen en het volgende toe te voegen "en gebruik kan maken van de in artikel 11, lid 1, onder b), vermelde diensten.". Daarvoor kan een vergoeding worden gevraagd en/of een licentie worden geëist, ofwel van de persoon die de dienst aan het publiek verleent of, indien de dienstverlener daartoe beslist, ofwel van het publiek. Cie, gesteund door SE/FI, wees erop dat in het internettijdperk raadpleegdiensten gewoonlijk kosteloos zijn, zelfs die van particuliere commerciële exploitanten, daarom is het ook een essentieel bestanddeel van een infrastructuur voor ruimtelijke gegevens. 35

Cie wees er in antwoord op bedenkingen van DE/SK op dat artikel 11, lid 1, onder d), hier niet is opgenomen, omdat verwerking zowel betrekking kan hebben op raadpleegdiensten als op downloaden. 36

Zie nieuwe definitie van "geoportaal" in artikel 3, lid 8. 37

BE/FR/FI suggereren "netwerk van diensten"; Cie: tegen, moet duidelijk zijn dat geoportaal directe toegang tot de diensten zelf biedt.

Artikel 16

Overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, stelt de Commissie regels voor de

tenuitvoerlegging van dit hoofdstuk vast, waarin zij met name het volgende bepaalt:

38

  • a) 
    technische specificaties voor de in de artikelen, 11 en 12, en [...] 14, lid 2 , vermelde diensten en minimale prestatiecriteria voor deze diensten, rekening

houdende met de technologische vooruitgang;

  • b) 
    de in artikel 12 vermelde verplichtingen.

38

NL/FR/AT vroegen zich af of specifiek moet worden verwezen naar artikel 11 en artikel 12. Cie: technische specificaties zijn nodig om de diensten nauwkeurig te omschrijven.

De e-commerce-Richtlijn doet hier niet ter zake omdat zij gericht is op internetaanbieders en niet op dataleveranciers. Omdat het hier om een dynamische branche gaat is het van essentieel belang dat deze technische specificaties indien nodig kunnen worden geactualiseerd om te voorkomen dat deze wetgeving achterhaald wordt.

HOOFDSTUK V

GEGEVENSUITWISSELING EN HERGEBRUIK

39

Artikel 17

  • 1. 
    De lidstaten keuren maatregelen goed voor het uitwisselen van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke gegevens tussen

overheidsinstanties. Deze maatregelen stellen de overheidsinstanties van de lidstaten

en de instellingen en organen van de Gemeenschap in staat om toegang te verkrijgen

tot verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot ruimtelijke

gegevens en om deze verzamelingen en diensten uit te wisselen en te gebruiken voor

openbare taken die direct of indirect van invloed zijn op het milieu.

De in lid 1 vermelde maatregelen verhinderen dat beperkingen op het gebruik

worden opgelegd, met name commerciële, procedurele, juridische, institutionele of

40

financiële beperkingen.

  • 2. 
    Organen die zijn opgericht bij internationale overeenkomsten waarbij de Gemeen schap of de lidstaten partij zijn, mogen ruimtelijke gegevens uitwisselen, zoals

vermeld in lid 1, met het oog op de uitvoering van taken die direct of indirect van

invloed zijn op het milieu.

39

DK/DE/EL/AT/PT/SI/FI/SE/UK: zijn van oordeel dat dit artikel moet worden verduidelijkt; het voorzitterschap zal op dit debat terugkomen in het licht van de nota die zal worden verspreid. UK, gesteund door BE/DE/DK/AT/SE, stelt voor het hele artikel te schrappen en te vervangen door:

"de EU-instellingen dienen toegang te hebben tot kwalitatief hoogstaande informatie voor beleidsvorming en -uitvoering. De lidstaten zeggen derhalve toe deze informatie te verspreiden onder overheidsinstellingen, EU-instellingen en derden, via het bestaande rechtskader, waaronder Richtlijn 2003/4/EG, mededingings- en intellectuele eigendomsrecht, met als doel uitgebreider gebruik en uitwisseling van gegevens.". Cie: tegen, dit voorstel heeft een ander thema (informatie-uitwisseling tussen overheidsinstellingen voor publieke taken) dan de Richtlijnen 2003/4 en 2003/98; dit voorstel is ook gericht op het wegnemen van belangrijke obstakels die in die Richtlijnen buiten beschouwing blijven. 40

BE/DE/ES/IT/NL/PL/PT: vragen zich af of dit spoort met artikel 13, "onverminderd artikel 13" toevoegen; FR/NL stellen voor tweede lid te schrappen.

Cie: Artikelen 13 en 17 betreffen twee verschillende kwesties: artikel 13 gaat over de toegang van het publiek tot gegevens, terwijl artikel 17 gaat over de onderlinge uitwisseling van gegevens door alleen overheidsinstellingen of -organen.

  • 3. 
    Wanneer overheidsinstanties ook commerciële activiteiten uitvoeren die geen verband houden met de uitvoering van hun openbare taken, nemen de lidstaten

passende maatregelen om concurrentieverstoring te voorkomen en maken zij deze

41

maatregelen bekend.

  • 4. 
    De instellingen en organen van de Gemeenschap hebben onder geharmoniseerde voorwaarden toegang tot verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten. [...] De

Commissie keurt overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, regels goed

42

voor de uitvoering van deze toegangs- en gebruiksrechten.

Artikel 18 43

De Commissie keurt overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, uitvoeringsregels

goed om de mogelijkheden voor hergebruik van ruimtelijke gegevens en van diensten met

betrekking tot ruimtelijke gegevens door derde partijen te vergroten. Deze uitvoerings-

regels kunnen de opstelling van gemeenschappelijke licentievoorwaarden omvatten.

41

FR/NL hadden bedenkingen bij het delen van "gerubriceerde" informatie (met name wat betreft defensie en financiële kwesties, hoewel Cie erop wees dat financiële gegevens buiten het bestek van de bijlagen vallen en het probleem omtrent defensie kan worden geregeld door voor defensie in een expliciete uitzondering te voorzien). FR stelde als mogelijke oplossing voor om "overheidsinstantie" nauwkeuriger te omschrijven. Cie: tegen. 42

Cie verwees naar overweging 20 om de betekenis van dit lid en de behoefte aan geharmoniseerde toegang voor de Gemeenschap te verduidelijken. UK: tegen het verlenen van geharmoniseerde toegang aan organen van de Gemeenschap. 43

BE/DE/ES/FR/IT/NL/AT/PT/SK/UK: dit artikel is overbodig: moet dus worden geschrapt of anders moeten de lidstaten worden verplicht uitvoeringsregels aan te nemen; subsidiariteit toepassen. DK: laatste zin schrappen.

Cie: verschil in licentievoorwaarden schept problemen voor hergebruik van gegevens, Richtlijn 2003/98 bevat alleen minimumvoorschriften voor hergebruik. Voorzitterschap zal hierop terugkomen in het licht van de nota die zal worden verspreid.

HOOFDSTUK VI

COÖRDINATIE EN AANVULLENDE MAATREGELEN

Artikel 19

De lidstaten stellen passende structuren en mechanismen op om de bijdragen van iedereen

die een belang heeft in hun infrastructuren voor ruimtelijke informatie, zoals gebruikers,

leveranciers, verleners van diensten met toegevoegde waarde en coördinatie-instanties, te

coördineren.

Deze bijdragen hebben onder meer betrekking op het identificeren van de behoeften van

gebruikers, het verstrekken van informatie over bestaande werkwijzen en het verstrekken

van feedback over de tenuitvoerlegging van deze richtlijn.

Artikel 20

44

  • 1. 
    De Commissie is verantwoordelijk voor de coördinatie van de infrastructuur voor ruimtelijke informatie, als bedoeld in deze richtlijn, in de Gemeenschap op commu-

nautair niveau, en wordt hierin bijgestaan door bevoegde organisaties, met name het

Europees Milieuagentschap.

  • 2. 
    Elke lidstaat duidt een contactpunt aan, in de regel een overheidsinstantie, dat verant woordelijk is voor de contacten met de Commissie in verband met deze richtlijn.

Artikel 21

De normen die door Europese normalisatie-instellingen overeenkomstig de procedure van

Richtlijn 98/34/EG en internationale normen zijn goedgekeurd, kunnen ter ondersteuning

van de tenuitvoerlegging van de onderhavige richtlijn worden gebruikt.

44

Cie: lichtte toe dat coördinatie tot doel heeft de uitvoering van deze richtlijn te ondersteunen, bijvoorbeeld coördinatie van opstelling van uitvoeringsregels, evaluatie, rapportage, bouwen van het geoportaal.

HOOFDSTUK VII

SLOTBEPALINGEN

45

Artikel 22

  • 1. 
    De lidstaten houden toezicht op de uitvoering en het gebruik van hun infrastructuren voor ruimtelijke informatie.
  • 2. 
    Het in lid 1 bedoelde toezicht wordt uitgevoerd volgens de uitvoeringsregels die overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, door de Commissie zijn goed-

gekeurd.

  • 3. 
    De Commissie krijgt permanente toegang tot de informatie die voortvloeit uit het in lid 1 vermelde toezicht, bijvoorbeeld via het internet of andere geschikte media.

46

Artikel 23

  • 1. 
    De lidstaten brengen verslag uit aan de Commissie over de uitvoering van deze richt lijn en over de ervaring die bij de toepassing van de richtlijn is opgedaan. Dit verslag

omvat onder meer:

  • a) 
    een beschrijving van de coördinatie tussen openbare leveranciers en gebruikers van verzamelingen ruimtelijke gegevens en diensten met betrekking tot

ruimtelijke gegevens en intermediaire organen, alsook een beschrijving van de

47

relaties met derde partijen en van de organisatie van de kwaliteitsbewaking ;

45

BE/FR/NL/AT/PT stelden de vraag naar de noodzaak van dit artikel en de daarmee gepaard gaande comitologie, met name FR had bedenkingen bij de aanzienlijke kosten van dit toezicht, en bij de rapportage die krachtens het volgende artikel vereist is, verscheidene lidstaten stelden voor beide artikelen samen te voegen om de administratieve rompslomp te verminderen. Cie: toezicht en rapportage zijn beide nodig ter wille van de transparantie; het Comité zal geen geschikte uitvoeringsregels kunnen vaststellen zonder voldoende informatie over wat in de lidstaten gaande is. 46

BE/CZ/DE/ES/FR/IT/LV/AT/PL/SI/FI: bezorgd dat rapportagevereisten te zwaar en duur zullen zijn. 47

BE/FR/LV/AT: "zoveel mogelijk" toevoegen. Cie: tegen, is altijd mogelijk.

  • b) 
    een beschrijving van de bijdrage die overheidsinstanties of derde partijen leveren tot de werking en coördinatie van de infrastructuur voor ruimtelijke

informatie;

  • c) 
    een overzicht van de beschikbaarheid en kwaliteit van de verzamelingen ruimtelijke gegevens en van de beschikbaarheid en prestaties van de diensten

met betrekking tot ruimtelijke gegevens;

  • d) 
    een overzicht van de beschikbare informatie over het gebruik van de infra structuur voor ruimtelijke gegevens;
  • e) 
    een beschrijving van de overeenkomsten over gegevensuitwisseling tussen 48

overheidsinstanties;

  • f) 
    een overzicht van de kosten en baten van de tenuitvoerlegging van deze 49

richtlijn.

50

51

  • 2. 
    Het in lid 1 vermelde verslag wordt om de drie jaar en voor het eerst op [drie jaar

na de inwerkingtreding van deze richtlijn] naar de Commissie gestuurd.

  • 3. 
    De Commissie stelt overeenkomstig de procedure van artikel 24, lid 2, regels voor een passend rapportagemodel en een passende wijze van toezending vast.

48

CZ/FR wijzen erop dat dit een overbodige last is; Cie: essentieel onderdeel van het rapport om te zorgen voor gedegen uitvoering. 49

CZ/AT/PL/FI: wensen richtsnoeren over rapportage van voordelen; zou kunnen worden opgenomen in "rapportagemodel"; ES/FR: zinsnede over voordelen schrappen; ES geeft in overweging dat de voordelen pas op lange termijn optreden en in een driejarige periode derhalve niet alle zichtbaar worden; Cie: aanvankelijk zou slechts een gering aantal voordelen gemeld moeten worden, voorts is een analyse van de voordelen een essentieel bestanddeel van goed bestuur, die toetsing achteraf van wetgeving mogelijk maakt. 50

CZ/ES/PL/PT/SE: volgende alinea toevoegen "g) een beschrijving van de wijze waarop gebruikersvereisten worden vastgesteld, geëvalueerd en verstrekt"; NL/AT: tegen; de rapportagevereisten zijn al buitensporig. 51

BE/DK/EL/IT/LT/AT/SE/UK: meer tijd nodig voor eerste rapport; DK stelt vijf jaar voor; CZ/PT/SE: een verschillend tijdschema zou zinvol kunnen zijn.

Cie: het tijdschema is zo vastgesteld dat het voldoet aan de behoefte om het Comité informatie te verstrekken om aanneming van de uitvoeringsregels te vergemakkelijken en aangepast is aan de rapportagetermijn van de Commissie conform artikel 25.

Artikel 24

  • 1. 
    De Commissie wordt bijgestaan door een comité.
  • 2. 
    Wanneer naar dit lid wordt verwezen, zijn de artikelen 5 en 7 van Besluit 1999/468/EG van toepassing, wat het bepaalde in artikel 8 van dat besluit

betreft.

De in artikel 5, lid 6, van Besluit 1999/468/EG vastgestelde termijn bedraagt drie

maanden.

  • 3. 
    Het comité stelt zijn procedureregels vast.

Artikel 25

52

Uiterlijk [7 jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] en daarna om de zes jaar

dient de Commissie een verslag over de toepassing van deze richtlijn in bij het Europees

Parlement en de Raad.

Voorzover nodig gaat het verslag vergezeld van voorstellen voor communautaire maat-

regelen.

52

EE/FR/AT/PT/UK: te lang in vergelijking met de verplichting van de lidstaten om om de drie jaar te rapporteren; Cie wees erop dat deze termijn de Cie een jaar geeft om de door de lidstaten in twee rapportagerondes verstrekte informatie te analyseren; Cie wees ook op behoefte aan stabiliteit; de Richtlijn moet niet om de drie jaar worden herzien.

Artikel 26

  • 1. 
    De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking 53

treden om uiterlijk [2 jaar na de inwerkingtreding van deze richtlijn] aan deze

richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie onverwijld in kennis van de tekst van

deze bepalingen en van een concordantietabel tussen die bepalingen en deze richtlijn.

Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar deze

richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van de

bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

  • 2. 
    De lidstaten delen de Commissie de belangrijkste bepalingen van nationaal recht mee die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.

Artikel 27

Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekend-

making in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 28

Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel,

Voor het Europees Parlement

Voor de Raad

De Voorzitter De Voorzitter

_______________

53

BE/EL/AT/PL/PT/UK: moet langer zijn; PT stelt 3 jaar voor.

54

Bijlage I bij de BIJLAGE

I N DE ARTIKELEN 6, ONDER A ), 8, LID 1 EN 9, ONDER A ) VERMELDE THEMATISCHE CATEGORIEËN RUIMTELIJKE GEGEVENS

  • 1. 
    Systemen voor verwijzing door middel van coördinaten Systemen om aan ruimtelijke informatie een unieke reeks coördinaten (x, y,z) en/of

breedte, lengte en hoogte toe te kennen, gebaseerd op een horizontaal en verticaal

geodetisch datum.

  • 2. 
    Geografisch gridsysteem

Geharmoniseerde multiresolutiegrid met een gemeenschappelijk beginpunt en

gestandaardiseerde plaats en grootte van de gridcellen.

  • 3. 
    Geografische namen

Namen van gebieden, regio's, plaatsen, steden, voorsteden, gemeenten, nederzettingen, of

55

geografische of topografische kenmerken van openbaar of historisch belang.

  • 4. 
    Administratieve eenheden

Het nationale grondgebied, met inbegrip van mariene gebieden,ingedeeld in administra-

tieve eenheden voor lokaal, regionaal en nationaal bestuur. De administratieve eenheden

zijn gescheiden door administratieve grenzen. Dit omvat ook de grenzen van het nationaal

grondgebied en de administratieve kustlijn [...].

54

NL: studievoorbehoud bij de bijlagen;

Verscheidene delegaties stelden voor om specifieke thematische categorieën te verschuiven naar een andere bijlage, of onderdelen van de twee bijlagen samen te voegen. De verschillende voorstellen werden op 24 januari uitgebreid besproken door de Groep milieu; de Cie wees erop dat de uiteindelijke indeling van thematische categorieën is gemaakt na lang en gedetailleerd overleg met de deskundigen die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de vereisten voor elke bijlage binnen de voorgeschreven termijn. Gelet op dit gedetailleerd overleg en het feit dat er geen duidelijke meerderheid was voor een van de wijzigingsvoorstellen, is het voorzitterschap niet voornemens wijzigingen voor te stellen voor de verdeling van thematische categorieën over de bijlagen en bijgevolg zijn de desbetreffende voetnoten geschrapt. 55

FR, gesteund door DK/EE/PL/AT: "die met de inhoud van deze bijlage verband houden." toevoegen. Cie: beter om dit onderwerp niet op die manier te beperken.

  • 5. 
    Vervoersnetwerken

Netwerken voor vervoer over de weg, per spoor, in de lucht en over het water en de aan-

verwante infrastructuur.

Dit omvat koppelingen tussen verschillende netwerken en het trans-Europees vervoers-

*

netwerk, zoals gedefinieerd in Beschikking nr. 1692/96/EG en de latere herzieningen van deze beschikking.

  • 6. 
    Hydrografie

Hydrografische elementen, zowel natuurlijke als kunstmatige, zoals mariene gebieden,

rivieren, meren, overgangswateren, reservoirs, grondwaterlagen, kanalen of andere

wateren, eventueel in de vorm van netwerken en gekoppeld aan andere netwerken. Dit

omvat stroomgebieden en deelstroomgebieden, zoals gedefinieerd in Richtlijn

**

2000/60/EG

  • 7. 
    Beschermingzones

Gebieden die worden aangeduid of geregeld en beheerd, op internationaal, communautair,

56 57

nationaal of lokaal niveau, om specifieke doelstellingen op het vlak van milieu bescherming te verwezenlijken.

________________

*

Beschikking nr. 1692/96/EG betreffende communautaire richtsnoeren voor de ontwikkeling van een transeuropees vervoersnet. **

Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid, PB L 327 van 22.12.2000, blz. 1. 56

FR/NL: stelt voor aangewezen "in internationale, communautaire of nationale wetgeving". 57

NL stelt voor "natuur" in te voegen.

Bijlage II bij de BIJLAGE

I N DE ARTIKELEN 6, ONDER A ), 8, LID 1 EN 9, ONDER B ) VERMELDE THEMATISCHE CATEGORIEËN RUIMTELIJKE GEGEVENS

  • 1. 
    Hoogte

Digitale hoogtemodellen voor land-, ijs- en oceaanoppervlakken, inclusief landhoogte,

bathymetrie en kustlijn.

  • 2. 
    Eigendomsadressen

[...] Locatie van eigendommen, gebaseerd op adresidentificatie, gewoonlijk aan de hand

58

van de straatnaam, het nummer van het gebouw en de postcode.

  • 3. 
    Kadastrale percelen

Gebieden die worden afgebakend door kadastrale registers of een equivalent daarvan [...] .

  • 4. 
    Bodembedekking

Fysieke en biologische bedekking van het aardoppervlak, met inbegrip van artificiële

oppervlakken, landbouwgebieden, (semi-)natuurgebieden, moeraslanden en water-

oppervlakken.

  • 5. 
    Orthoimagery

Gegeorefereerde beeldgegevens van het aardoppervlak, afkomstig van sensoren op

satellieten of vliegtuigen.

____________________

58

Verscheidene delegaties zijn bezorgd over het gebruik en de precieze formulering van de categorieën 2 en 3, in sommige lidstaten rijzen er problemen door verschillen tussen kadastrale percelen die voor fiscale dan wel technische doeleinden worden gebruikt; BE/AT: bezorgdheid over consequenties voor gegevensbescherming of over het verstrekken van details over privé-adressen in 2 en 3, het gebrek aan samenhang tussen het kadastrale perceel en de wettelijke omschrijving van eigendom in de eigendomsakte; Cie over 2: aangezien eigenaarschap van de eigendommen niet wordt bestreken, is er geen gevaar voor gegevensbescherming; DK, gesteund door FI/SE, stelt titel "Adressen" voor in 2 en "Eigendom" in 3; in FI probleem dat niet alle eigendommen een adres hebben, vooral als ze onbewoond zijn; Cie: is geen probleem. Als gegevens die gebaseerd zijn op adresindicatoren niet voorhanden zijn dan valt dit niet onder de richtlijn;

SK: in categorie 2 "waaronder gebouwen" toevoegen aan eigendommen en aan het eind van die categorie de woorden "en een geünificeerd nummer" toevoegen. Cie: "waaronder gebouwen" overbodig, "geünificeerd nummer" onduidelijk.

Bijlage III bij de BIJLAGE

I N DE ARTIKELEN 6, ONDER B ) EN 9, ONDER B ) VERMELDE THEMATISCHE CATEGORIEËN RUIMTELIJKE GEGEVENS

  • 1. 
    Statistische eenheden 59

Eenheden waarnaar wordt verwezen in officiële tellingen of andere statistische informatie.

  • 2. 
    Gebouwen 60

Geografische locatie van gebouwen.

  • 3. 
    Bodem

Bodem en ondergrond, gekenmerkt volgens diepte, textuur, structuur en inhoud van partikels

en organische materiaal, steenachtigheid en, voorzover nodig, gemiddelde hellingsgraad en

verwachte wateropslagcapaciteit. Omvat milieubedreigingen voor de bodem zoals erosie.

  • 4. 
    Geologie

Geologie, gekenmerkt volgens samenstelling en structuur, inclusief vast gesteente en

geomorfologie.

  • 5. 
    Landgebruik

Het grondgebied, gekenmerkt volgens zijn huidige en toekomstige functionele dimensie of

sociaal-economische bestemming (bv. residentieel, industrieel, commercieel, landbouw,

bosbouw, recreatie).

59

FR stelt voor dit te vervangen door "Eenheden voor de verspreiding van statistische informatie."; Cie: tegen; wijst erop dat art. 13 verhindert dat de statistische geheimhouding in gevaar komt. 60

FR/AT/PL: punt 2 schrappen; SK/FI: in bijlage II.2 onderbrengen; Cie: geografische locatie van gebouwen (gebaseerd op bv. coördinaten) verschilt van identificatie van eigendommen aan de hand van adres.

  • 6. 
    Menselijke gezondheid en veiligheid

De geografische spreiding van ziekten die rechtstreeks (epidemieën, verspreiding van ziekten,

effecten van ecologische stress op de gezondheid, luchtvervuiling, chemicaliën, aantasting

van de ozonlaag, lawaai, enz.) of indirect (voedsel, genetisch gemodificeerde organismen,

stress enz.) in verband staan met de kwaliteit van het milieu.

  • 7. 
    Nutsdiensten en overheidsdiensten en milieubewakingsvoorzieningen

Omvat boven- en ondergrondse netwerken van nutsvoorzieningen zoals riolering, afvalbeheer, energievoorziening, telecommunicatie en watervoorziening, bestuurlijke en maatschappelijke

instanties van de overheid, zoals bestuurlijke overheden, civiele bescherming, scholen en

ziekenhuizen. Locatie en werking van milieubewakingsvoorzieningen omvatten observatie en

meting van emissies, de stand van de milieucompartimenten en van andere ecosysteem-

parameters (biodiversiteit, ecologische omstandigheden van vegetatie, enz.) door of namens

de overheid.

  • 8. 
    Beschermde vestigingsplaatsen voor met name industriële en landbouwproductie [...] Vestigingsplaatsen voor industriële productie, met inbegrip van voorzieningen die onder

Richtlijn 96/62/EC (IPPC) vallen en waterontrekkingsfaciliteiten, mijnbouw, opslagplaatsen

Landbouwuitrusting en productiefaciliteiten (met inbegrip van irrigatiesystemen, serres en

stallen).

  • 9. 
    Spreiding van de bevolking ­ demografie

Geografische spreiding van de bevolking per grid, regio, administratieve eenheid of andere

analytische eenheid.

  • 10. 
    Gebiedsbeheer/gebieden waar beperkingen gelden/gereguleerde gebieden & rapportage-

eenheden

Gebieden die worden beheerd, gereguleerd of gebruikt voor rapportage op internationaal,

Europees, nationaal, regionaal en lokaal niveau, met inbegrip van stortplaatsen, gebieden waar

beperkingen gelden omdat er zich drinkwaterbronnen bevinden, nitraatgevoelige gebieden,

gereguleerde vaarwegen op zee of op grote binnenwateren, [...] gebieden voor het storten van

afval, gebieden waar geluidsbeperkingen gelden, gebieden waar toestemming vereist is voor

prospectie en mijnbouw, desbetreffende rapportage-eenheden en beheerde kustgebieden.

  • 11. 
    Gebieden met natuurrisico's

Kwetsbare gebieden die worden gekenmerkt door natuurrisico's (alle atmosferische,

hydrologische, seismische, vulkanische fenomenen en ongecontroleerde branden die, door

hun locatie, hevigheid en frequentie, mogelijk ernstige maatschappelijke gevolgen kunnen

hebben), zoals overstromingen, aardverschuivingen, lawines, bosbranden, aardbevingen en

vulkaanuitbarstingen.

61

  • 12. 
    Atmosferische omstandigheden

Fysische omstandigheden in de atmosfeer, met inbegrip van ruimtelijke gegevens die

gebaseerd zijn op metingen, modellen of een combinatie daarvan, en met inbegrip van meet-

locaties.

  • 13. 
    Meteorologische geografische kenmerken

Weersomstandigheden en de meting daarvan; neerslag, temperatuur, evapotranspiratie, wind-

snelheid en windrichting.

  • 14. 
    Oceanografische geografische kenmerken

Fysische kenmerken van oceanen (stroming, zoutgehalte, golfhoogte, enz.).

  • 15. 
    Zeegebieden

Fysische kenmerken van zeeën en zoutwateroppervlakken, ingedeeld in regio's en subregio's

met gemeenschappelijke kenmerken.

  • 16. 
    Biogeografische gebieden

Gebieden met betrekkelijk homogene ecologische omstandigheden die gemeenschappelijke

kenmerken vertonen.

61

BE/FR/SE/UK: vragen zich af hoe 12, 13 en 14 hier een plaats kunnen krijgen, aangezien hierover op EU- en internationaal niveau reeds heel wat gegevens worden verzameld. Daarom is het van groot belang dat wordt gezorgd voor interoperabiliteit met bestaande systemen, bv. de Wereldmeteorologische Organisatie; FR vroeg of die informatie niet vanuit de bestaande internationale organisaties in een op EUniveau geharmoniseerd systeem kan worden ingevoerd. SE: noodzakelijk om hier en in 17 werkingssfeer te beperken, Cie dringt aan op invoeging. Zoals bij alle thematische vraagstukken zal voor de regels inzake interoperabiliteit worden voortgebouwd op hetgeen al bestaat.

  • 17. 
    Habitats en biotopen

Geografische gebieden die worden gekenmerkt door specifieke ecologische omstandigheden

en die het leefgebied vormen van bepaalde organismen, met inbegrip van land- of water-

oppervlakken met ­ volledig natuurlijke of semi-natuurlijke - geografische, abiotische en

biotische kenmerken. Dit omvat ook kleine elementen van het natuurlijke landschap, zoals

hagen, beken, enz.

  • 18. 
    Spreiding van soorten

Geografische spreiding van dier- en plantensoorten per grid, regio, administratieve eenheid of

andere analytische eenheid.

2.

Originele weergave

afbeelding document
 
 

3.

Meer informatie