Laatste nieuws: 

Toetreding IJsland tot de Europese Unie

IJslandse geiser

IJsland vroeg op 16 juli 2009 officieel het lidmaatschap van de Europese Unie aan. Na toestemming van de Europese Raad en het Europees Parlement werden op 27 juni 2011 onderhandelingen geopend.   Het IJslandse parlement stemde op 26 februari 2014 echter in met stopzetting daarvan. De IJslandse regering liet in maart 2014 weten in te zetten op versterking van de samenwerking in het kader van de Europese Economische Ruimte en op bilatrerale samenwerking met EU-landen.

IJsland stond lange tijd afwijzend tegenover lidmaatschap van de Europese Unie en de eurozone. De wereldwijde economische crisis bracht hier verandering in. IJsland zocht financiële steun bij het IMF en de EU, en overwoog de euro in te voeren als wettig betaalmiddel. Daarvoor was lidmaatschap van de Europese Unie een vereiste.

In aanloop naar de parlementsverkiezingen bevroor IJsland de toelatingsgesprekken in januari 2013. De uit deze verkiezingen voortkomende centrumrechtse regering is tegen toetreding tot de EU en daarom werden de gesprekken na de verkiezingen niet meer hervat.

Delen

enveloppe

Inhoud

1.

In vogelvlucht

Voorgeschiedenis

IJsland heeft in het verleden nooit het lidmaatschap van de EU aangevraagd. IJsland is sinds 1970 wel lid van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Sinds 1992 vormt de EVA samen met de Europese Unie de Europese Economische Ruimte (EER). De EER is ontworpen om de EVA-landen te betrekken bij de Europese markt zonder dat een lidmaatschap van de EU vereist is. Deelname aan de EER is één van de voornaamste redenen geweest voor een gebrek aan animo van de kant van IJsland om toe te treden tot de EU; IJsland profiteerde voor een groot deel al van de voordelen die het EU-lidmaatschap met zich mee zou brengen. De IJslandse economie groeide en de werkloosheid was laag.

Eind 2008 werd IJsland echter zwaar getroffen door de kredietcrisis. Icesave, een belangrijke IJslandse bank, ging bankroet en de waarde van de IJslandse kroon kelderde. De IJslandse bankensector stortte in en de werkloosheid steeg. IJsland moest hulp zoeken bij het Internationaal Monetair Fonds, individuele landen en de Europese Unie om het hoofd boven water te houden. De optie tot toetreding tot de euro zonder lidmaatschap van de Europese Unie werd onderzocht, maar door de EU afgewezen.

Aanvraag lidmaatschap

In mei 2009 diende de IJslandse regering van de toen net gekozen minister-president Johanna Sigurdardottir in het parlement het verzoek in om onderhandelingen met de Europese Unie over toetreding te mogen starten. Naast oppositie ter rechterzijde waren ook twee linkse partijen uit de regeringscoalitie verdeeld. Een meerderheid was voor. Ook werd toegezegd dat de IJslanders uiteindelijk zelf mochten beslissen, als de onderhandelingen met succes zijn afgerond.

Op 16 juli 2009 heeft IJsland officieel het lidmaatschap van de EU aangevraagd. De Europese Commissie reageerde verheugd op het verzoek. Toenmalig eurocommissaris Rehn (uitbreiding) verklaarde dat in de mogelijke toetreding van IJsland 'strategische en economische voordelen' zitten: door de ligging van IJsland zou de EU bijvoorbeeld beter deel kunnen nemen aan de strijd om de politieke macht over de Noordpool.

En toetreding van een nieuwe lidstaat betekent uitbreiding van de interne markt met vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal. Wel moest er met name op economisch vlak nog veel veranderen en moesten veel regels aangepast worden aan Europese wetgeving.

Het dossier Icesave

In 2008 ging de IJslandse bank Icesave failliet. De bank trok toen sinds een paar jaar veel spaarders uit Nederland en het Verenigd Koninkrijk aan, die nu hun geld verloren. In november 2008 bereikten de Nederlandse en IJslandse regeringen een akkoord. IJsland zou Nederlandse gedupeerde spaarders tot een bedrag van 20.887 euro per klant vergoeden. Om dit mogelijk te maken zou Nederland het geld dat IJsland moet betalen voorschieten, omdat IJsland door de crisis geen geld meer had. Met andere landen werden soortgelijke regelingen getroffen.

De IJslandse bevolking wees een terugbetalingsregeling tot twee keer toe af via referenda. Uiteindelijk kwam het tot een tweetal rechtszaken. IJsland moet een groot deel van de claims terugbetalen, maar niet op de manier zoals overeengekomen met Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Die landen krijgen de status van schuldeiser, en krijgen het geld terug wanneer de nieuwe bank waar de tegoeden van Icesave in zijn ondergebracht dat geld kan opbrengen.

Op vrijdag 28 maart 2014 weigerde de centrale bank van IJsland spaarders hun spaargeld terug te betalen. De regering van IJsland zou een extra belasting in voorbereiding hebben, waarbij aanwezige banktegoeden moeten bijdragen aan een verlaging vaan de hypotheekschuld voor alle IJslanders.

Nederland heeft eerder aangegeven dat van daadwerkelijke toetreding pas sprake kan zijn als de Icesave-tegoeden zijn terugbetaald, en vond daarvoor steun bij de Europese Raad. In eerste instantie beschouwde de Europese Commissie het geschil als een zaak tussen de betrokken landen en gaf aan zich voorlopig niet in de kwestie te zullen mengen. Het probleem is op Europees niveau geparkeerd. In augustus 2014 ontving Nederland het resterende bedrag. Over de rente op het bedrag liep toen nog een rechtszaak. 

Naast het Icesave-dossier was het visserijbeleid het grootste struikelblok. De walvisvangst en de toegang tot de rijke visgronden rond IJsland voor Europese vissersvloten zijn van oudsher al bron van conflict tussen IJsland en de EU.

Kandidaat-lidstaat

Op 17 juni 2010 werd tijdens een Europese Top besloten de toetredingsonderhandelingen met IJsland te openen. IJsland werd kandidaat-lidstaat. 

In oktober 2011 bestempelde de Europese Commissie de voorbereidingen die IJsland trof voor het lidmaatschap in een voortgangsrapport als veelbelovend. Zo werkte de markteconomie bijvoorbeeld inmiddels goed. Maar op het gebied van vrije kapitaalstromen, visserij, landbouw en plattelandsontwikkeling schoot het land nog tekort. Het Icesave-geschil was, wat de Commissie betrof, nog onopgelost.

In 2012 merkte de Commissie op dat de verdeeldheid over toetreding in de IJslandse politiek voortduurde. De Commissie prees het functioneren van de IJslandse overheid en de hoge standaarden voor democratie en de rechtsstaat. Sanering van de overheidsbegroting verliep volgens plan. Zorg bleef bestaan over de financiële sector. Ondanks de toenemende stabiliteit van de sector liep IJsland nog grote risico's. Ook de fundamenten onder de economische groei werden gezien als wankel. Op het gebied van het visserijbeleid uitte de Commissie zorgen: IJsland deed te weinig aan controles en conservatie en beschermde de eigen industrie te veel. Ook ontwikkelingen op het landbouwbeleid bleven achter.

Wanneer alle onderhandelingen afgerond zijn en IJsland voldoet aan de voorwaarden, moet, na instemming van iedere lidstaat, ook een meerderheid van het Europees Parlement met de toetreding instemmen.

Stop van onderhandelingen

In januari 2013 bevroor IJsland de toelatingsprocedure. Bij de parlementaire verkiezingen in april 2013 kwamen twee centrumrechtse partijen, de Onafhankelijkheidspartij en de Progressieve Partij, als grootste winnaars uit de bus. Beide partijen zijn tegenstander van lidmaatschap van de Europese Unie. In afwachting van een referendum over EU-lidmaatschap worden de onderhandelingen niet hervat. Opiniepeilingen wezen in juni 2013 uit dat slechts 25 procent van de IJslandse bevolking achter toetreding tot de EU staat.

In juli 2013 liet de IJslandse premier Gunnlaugsson echter aan EU-voorzitter Herman van Rompuy weten dat het IJslandse kabinet in de herfst van 2013 een voorbereidingsrapport tot toetreding naar het nationale parlement stuurt. Hoewel dit de onderhandelingen tussen de EU en IJsland weer nieuw leven leek in te blazen, verklaarde de IJslandse Minister van Buitenlandse Zaken Sveinsson in augustus 2013 dat de regering niet werkt aan de toetredingsprocedure. In september verklaarde de minister van Buitenlandse Zaken dat het onderhandelingsteam ontbonden wordt, en dat er geen nieuwe topconferenties worden gehouden tussen de EU en IJsland. Het toetredingsproces is door IJsland opgeschort. Het land wil wel de communicatie verbeteren en de banden met de EU versterken.

Toetredingsonderhandelingen met de EU beslaan 35 hoofdstukken. Als volwaardige democratie, lid van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA) en lid van het Schengengebied werd ervan uitgegaan dat de onderhandelingen tussen IJsland en de EU gemakkelijk zouden verlopen. Begin 2013 waren de onderhandelingen over elf hoofdstukken reeds afgesloten, en waren de onderhandelingen over zestien hoofdstukken in volle gang. Als de bevolking in een referendum vóór toetreding stemt dan kunnen de onderhandelingen worden hervat. Stemt de bevolking tegen dan zal de aanvraag voor lidmaatschap worden ingetrokken.

Vanwege de opschorting van het EU-lidmaatschap door IJsland heeft de Europese Commissie een zeer beknopt voortgangsrapport van 2013 gegeven. Hieruit blijkt dat, zonder opschorting, IJsland hard op weg zou zijn een lidstaat van de EU te worden. Aan de politieke en economische criteria wordt volgens de Europese Commissie volledig voldaan. Er is sprake van een goed functionerende democratie, rechtsstaat en markteconomie.

2.

Nederlandse standpunt

Het Icesave dossier (zie boven) was voor Nederland reden om de toetredingsonderhandelingen met IJsland uit te stellen. Toenmalige ministers Verhagen en Bos waarschuwden IJsland dat instemming met toetredingsonderhandelingen gekoppeld zouden worden aan het terugbetalen van het geleende geld. Uiteindelijk hebben de landen het onderling verder afgehandeld. Naast Icesave heeft de Nederlandse regering geen bezwaren gemaakt tegen het starten van de onderhandelingen.

Nederlandse Europarlementariërs voorzagen problemen bij de toetredingsonderhandelingen van IJsland met de Europese Unie. Ze wilden duidelijke afspraken over de visserij en over de financiën van het land. Op 23 juni 2010 stemde de commissie buitenlandse zaken in het Europees Parlement ermee in de toetredingsonderhandelingen te beginnen. 

Ook de Nederlandse Europarlementariërs onderstreepten dat IJsland wel aan zijn financiële verplichtingen, voortvloeiend uit het faillissement van de Icesave-bank, moet voldoen. Het Europees Parlement als geheel was van mening dat de kwestie over de terugbetaling van de Icesave-schulden de toetreding van IJsland niet mocht vertragen.

3.

Argumenten in de discussie

Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over eventuele EU-toetreding van IJsland. Uiteraard is bij alle standpunten wel een kanttekening te plaatsen, wat de discussie boeiend maar niet eenvoudiger maakt. Europa is wikken en wegen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.

Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.

  • IJsland is welkom als nieuw lid van de Europese Unie

    Ondanks de economische problemen die het land momenteel ondervindt, is IJsland bij uitstek geschikt om toe te treden tot de EU. IJsland voldoet aan alle toetredingscriteria (criteria van Kopenhagen): het is een stabiele democratische rechtsstaat die respect voor de mensenrechten altijd hoog in het vaandel heeft staan. Daarnaast kan van IJsland gezegd worden dat het de traditionele in Europa geldende normen en waarden deelt.

  • IJsland is niet welkom als nieuw lid van de Europese Unie

    De huidige economische problemen waarmee IJsland te maken heeft geven overduidelijk aan dat het land niet klaar is om toe te treden tot de EU. Jarenlang wilde de IJslandse bevolking niets weten van eventuele toetreding en nu het ze economisch minder gaat, ziet men in de EU een middel om er weer bovenop te komen. Dit is niet het juiste motief om toe te treden, en de EU zou dit dan ook niet moeten accepteren.

  • Een versnelde toetreding van IJsland kan kwaad bloed zetten bij andere kandidaat-lidstaten

    Het is goed voor te stellen dat de overige kandidaat-lidstaten zoals Servië en Turkije een snelle toetreding van IJsland als oneerlijk zouden ervaren. Zij wachten immers al enkele jaren op toetreding en worden, zeker in het geval van Turkije, ook niet altijd met open armen ontvangen. Een voorkeursbehandeling voor IJsland zou dus kwaad bloed kunnen zetten bij de overige kandidaat-lidstaten.

4.

Uw reactie

Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.

5.

Meer informatie

Delen

enveloppe

Terug naar boven