IJsland vroeg op 16 juli 2009 officieel het lidmaatschap van de Europese Unie aan. Na toestemming van de Europese Raad en het Europees Parlement werden op 27 juni 2011 de toetredingshandelingen geopend. De onopgeloste problemen rond terugbetalingen van gelden van de failliete bank Icesave hoefden het proces niet te blokkeren. In januari 2013 bevroor IJsland de toelatingsprocedure. Het land houdt eerst een referendum over de toetreding.
IJsland stond in het verleden altijd afwijzend tegenover lidmaatschap van de Europese Unie en de eurozone. De wereldwijde economische crisis bracht hier verandering in. IJsland zocht financiële steun bij het IMF en de EU, en overwoog de euro in te voeren als wettig betaalmiddel. Daarvoor is lidmaatschap van de Europese Unie een vereiste. In 2013 verloor de pro-Europese regering die de toetredingsonderhandelingen was gestart de verkiezingen.
Toetredingsonderhandeling met de EU beslaan 35 hoofdstukken. Als volwaardige democratie, lid van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA) en lid van het Schengengebied werd ervan uitgegaan dat de onderhandelingen tussen IJsland en de EU gemakkelijk zouden verlopen. Begin 2013 waren de onderhandelingen over 11 hoofdstukken reeds afgesloten, en waren de onderhandelingen over 16 hoofdstukken in volle gang. Als de bevolking in een referendum vóór toetreding stemt dan kunnen de onderhandelingen worden hervat. Stemt de bevolking tegen dan zal de aanvraag voor lidmaatschap worden ingetrokken.
Voorgeschiedenis
IJsland heeft in het verleden nooit het lidmaatschap van de EU aangevraagd. IJsland is sinds 1970 wel lid van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA). Sinds 1992 vormt de EVA samen met de Europese Unie de Europese Economische Ruimte (EER). De EER is ontworpen om de EVA-landen te betrekken bij de Europese markt zonder dat een lidmaatschap van de EU vereist is. Deelname aan de EER is één van de voornaamste redenen geweest voor een gebrek aan animo van de kant van IJsland om toe te treden tot de EU; IJsland profiteerde voor een groot deel al van de voordelen die het EU-lidmaatschap met zich mee zou brengen. De IJslandse economie groeide en de werkloosheid was laag.
Eind 2008 werd IJsland echter zwaar getroffen door de kredietcrisis. Icesave, een belangrijke IJslandse bank, ging bankroet en de waarde van de IJslandse kroon kelderde. De IJslandse bankensector stortte in en de werkloosheid steeg. IJsland moest hulp zoeken bij het Internationaal Monetair Fonds, individuele landen en de Europese Unie om het hoofd boven water te houden. De optie tot toetreding tot de euro zonder lidmaatschap van de Europese Unie werd onderzocht, maar door de EU afgewezen.
Aanvraag lidmaatschap
In mei 2009 diende de IJslandse regering van de toen net gekozen minister-president Johanna Sigurdardottir in het parlement het verzoek in om onderhandelingen met de Europese Unie over toetreding te mogen starten. Naast oppositie ter rechterzijde waren ook twee linkse partijen uit de regeringscoalitie verdeeld. Een meerderheid was voor. Ook werd toegezegd dat de IJslanders uiteindelijk zelf mochten beslissen, als de onderhandelingen met succes zijn afgerond.
Op 16 juli 2009 heeft IJsland officieel het lidmaatschap van de EU aangevraagd. De Europese Commissie reageerde verheugd op het verzoek. Toenmalig eurocommissaris Rehn (uitbreiding) verklaarde dat in de mogelijke toetreding van IJsland 'strategische en economische voordelen' zitten: door de ligging van IJsland zou de EU bijvoorbeeld beter deel kunnen nemen aan de strijd om de politieke macht over de Noordpool. En toetreding van een nieuwe lidstaat betekent uitbreiding van de interne markt met vrij verkeer van personen, goederen, diensten en kapitaal. Wel moest er met name op economisch vlak nog veel veranderen en moesten veel regels aangepast worden aan Europese wetgeving.
Het dossier Icesave
In 2008 ging de IJslandse bank Icesave failliet. De bank trok toen sinds een paar jaar veel spaarders uit Nederland en het Verenigd Koninkrijk aan, die nu hun geld verloren. In november 2008 bereikten de Nederlandse en IJslandse regeringen een akkoord. IJsland zou Nederlandse gedupeerde spaarders tot een bedrag van 20.887 euro per klant vergoeden. Om dit mogelijk te maken zou Nederland het geld dat IJsland moet betalen voorschieten, omdat IJsland door de crisis geen geld meer had. Met andere landen werden soortgelijke regelingen getroffen.
De IJslandse bevolking wees een terugbetalingsregeling tot twee keer toe af via referenda. Uiteindelijk kwam het tot een tweetal rechtszaken. IJsland moet een groot deel van de claims terugbetalen, maar niet op de manier zoals overeengekomen met Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Die landen krijgen de status van schuldeiser, en krijgen het geld terug wanneer de nieuwe bank waar de tegoeden van Icesave in zijn ondergebracht dat geld kan opbrengen.
Nederland gaf echter aan dat van daadwerkelijke toetreding pas sprake kan zijn als de Icesave-tegoeden zijn terugbetaald, en vond steun bij de Europese Raad. In eerste instantie beschouwde de Europese Commissie het geschil als een zaak tussen de betrokken landen en gaf aan zich voorlopig niet in de kwestie te zullen mengen. Het probleem op Europees niveau geparkeerd.
Naast het Icesave-dossier was het visserijbeleid het grootste struikelblok. De walvisvangst en de toegang tot de rijke visgronden rond IJsland voor Europese vissersvloten zijn van oudsher al bron van conflict tussen IJsland en de EU.
Kandidaat-lidstaat
Op 17 juni 2010 werd tijdens een Europese Top besloten de toetredingsonderhandelingen met IJsland te openen. IJsland werd kandidataat-listaat.
In oktober 2011 bestempelde de Europese Commissie de voorbereidingen die IJsland trof voor het lidmaatschap in een voortgangsrapport als veelbelovend. Zo werkte de markteconomie bijvoorbeeld inmiddels goed. Maar op het gebied van vrije kapitaalstromen, visserij, landbouw en plattelandsontwikkeling schoot het land nog tekort. Het Icesave-geschil was, wat de Commissie betrof, nog onopgelost.
In 2012 merkte de Commissie op dat de verdeeldheid over toetreding in de IJslandse politiek voortduurde. De Commissie prees het functioneren van de IJslandse overheid en de hoge standaarden voor democratie en de rechtsstaat. Sanering van de overheidsbegroting verliep volgens plan. Zorg bleef bestaan over de financiële sector. Ondanks de toenemende stabiliteit van de sector liep IJsland nog grote risico's. Ook de fundamenten onder de economische groei werden gezien als wankel. Op het gebied van het visserijbeleid uitte de Commissie zorgen: IJsland deed te weinig aan controles en conservatie en beschermde de eigen industrie te veel. Ook ontwikkelingen op het landbouwbeleid bleven achter.
Wanneer alle onderhandelingen afgerond zijn en Ijsland voldoet aan de voorwaarden, moet, na instemming van iedere lidstaat, ook een meerderheid van het Europees Parlement met de toetreding instemmen.
Stop van onderhandelingen
In januari 2013 bevroor IJsland de toelatingsprocedure. Bij de parlementaire verkiezingen in april 2013 kwamen twee centrumrechtse partijen, de Onafhankelijkheidspartij en de Progressieve Partij, als grootste winnaars uit de bus. Beide partijen zijn tegenstander van lidmaatschap van de Europese Unie. In afwachting van een referendum over EU-lidmaatschap worden de onderhandelingen niet hervat. Opiniepeilingen wezen in juni 2013 uit dat slechts 25 procent van de IJslandse bevolking achter toetreding tot de EU staat.
Het Icesave dossier (zie boven) was voor Nederland reden om de toetredingsonderhandelingen met IJsland uit te stellen. Toenmalige ministers Verhagen en Bos waarschuwden IJsland dat instemming met toetredingsonderhandelingen gekoppeld zouden worden aan het terugbetalen van het geleende geld. Uiteindelijk hebben de landen het onderling verder afgehandeld. Naast Icesave heeft de Nederlandse regering geen bezwaren gemaakt tegen het starten van de onderhandelingen.
Nederlandse Europarlementariërs voorzagen problemen bij de toetredingsonderhandelingen van IJsland met de Europese Unie. Ze wilden duidelijke afspraken over de visserij en over de financiën van het land. Op 23 juni 2010 stemde de commissie buitenlandse zaken in het Europees Parlement ermee in de toetredingsonderhandelingen te beginnen.
En ook de Nederlandse Europarlementariërs onderstreepten dat IJsland wel aan zijn financiële verplichtingen, voortvloeiend uit het faillissement van de Icesave-bank, moet voldoen. Het Europees Parlement als geheel was van mening dat de kwestie over de terugbetaling van de Icesave-schulden de toetreding van IJsland niet mocht vertragen.
Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over eventuele EU-toetreding van IJsland. Uiteraard is bij alle standpunten wel een kanttekening te plaatsen, wat de discussie boeiend maar niet eenvoudiger maakt. Europa is wikken en wegen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.
Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.
-
IJsland is welkom als nieuw lid van de Europese Unie
Ondanks de economische problemen die het land momenteel ondervindt, is IJsland bij uitstek geschikt om toe te treden tot de EU. IJsland voldoet aan alle toetredingscriteria (criteria van Kopenhagen): het is een stabiele democratische rechtsstaat die respect voor de mensenrechten altijd hoog in het vaandel heeft staan. Daarnaast kan van IJsland gezegd worden dat het de traditionele in Europa geldende normen en waarden deelt.
-
IJsland is niet welkom als nieuw lid van de Europese Unie
De huidige economische problemen waarmee IJsland te maken heeft geven overduidelijk aan dat het land niet klaar is om toe te treden tot de EU. Jarenlang wilde de IJslandse bevolking niets weten van eventuele toetreding en nu het ze economisch minder gaat, ziet men in de EU een middel om er weer bovenop te komen. Dit is niet het juiste motief om toe te treden, en de EU zou dit dan ook niet moeten accepteren.
-
Een versnelde toetreding van IJsland kan kwaad bloed zetten bij andere kandidaat-lidstaten
Het is goed voor te stellen dat de overige kandidaat-lidstaten zoals Servië en Turkije een snelle toetreding van IJsland als oneerlijk zouden ervaren. Zij wachten immers al enkele jaren op toetreding en worden, zeker in het geval van Turkije, ook niet altijd met open armen ontvangen. Een voorkeursbehandeling voor IJsland zou dus kwaad bloed kunnen zetten bij de overige kandidaat-lidstaten.
Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.
