De gelijkheid van man en vrouw geldt als één van de grondbeginselen van het Europese rechtssysteem. De EU streeft op dit gebied naar het waarborgen van gelijke kansen en gelijke behandeling voor vrouwen en mannen enerzijds, en de bestrijding van alle vormen van discriminatie op grond van geslacht anderzijds. Naast specifieke acties worden emancipatiedoelstellingen geïntegreerd in alle beleidsterreinen en wordt op al die terreinen rekening gehouden met de effecten van het beleid op de positie van vrouwen en mannen ('gender mainstreaming').
De Europese Unie heeft een 'Strategie voor de gelijkheid van vrouwen en mannen 2010-2015' opgesteld. Deze kent de volgende zes actiegebieden:
-
-gelijke economische onafhankelijkheid voor vrouwen en mannen
-
-gelijke beloning voor mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt
-
-een evenwichtige vertegenwoordiging in de besluitvorming van overheden en bedrijven
-
-de uitroeiing van alle vormen van seksueel geweld en aandacht voor de waardigheid en integriteit van vrouwen
-
-de bevordering van gelijkheid tussen vrouwen en mannen in het buitenlands en ontwikkelingsbeleid
-
-de uitbanning van stereotypen waar het gaat om de rol van vrouwen en mannen
Op verzoek van het Europees Parlement is op 20 december 2006 besloten tot de oprichting van het Europees instituut voor Gendergelijkheid. Het instituut, dat in juni 2010 officieel geopend werd, is gevestigd in Vilnius (Litouwen) en heeft de taak om expertise te verstrekken voor de uitwerking van Europese maatregelen ter bevordering van gendergelijkheid in de hele Europese Unie. Het instituut staat de Europese instellingen en de lidstaten bij in het maken en uitvoeren van hun beleid in de bovenstaande zes actiegebieden. Daarnaast moet het de bewustwording van het thema gendergelijkheid bij de burgers van de EU stimuleren.
Het Europees Parlement heeft wezenlijk bijgedragen aan Europese maatregelen op het gebied van gelijke behandeling van man en vrouw. De onderwerpen die van belang zijn voor vrouwenparticipatie beslaan verschillende beleidsterreinen waar het Europees Parlement volgens de gewone wetgevingsprocedure het recht van medebeslissing heeft. De parlementaire commissie Rechten van de vrouw en Gendergelijkheid behandelt de relevante wetgevingsdossiers voordat ze worden besproken in de plenaire zitting van het Parlement.
In de afgelopen jaren heeft het Europees Parlement zich onder andere ingezet voor de volgende zaken
-
-meer onderzoek naar borstkankerpreventie (oktober 2006)
-
-het Daphne III-programma in de strijd tegen geweld tegen vrouwen, kinderen en jongeren (mei 2007)
-
-de situatie van vrouwen in plattelandsgebieden (maart 2008)
-
-een minimumstandaard voor de omstandigheden van vrouwelijke gevangenen (maart 2008)
-
-het aanmoedigen van participatie van vrouwen in de wetenschap (mei 2008)
-
-het bestrijden van de loonkloof tussen vrouwen en mannen (najaar 2008)
-
-aanname van een resolutie waarin staat dat meer vrouwen een baan moeten krijgen, het aantal vrouwen in topfuncties omhoog moet en het verschil in beloning tussen mannen en vrouwen moet verdwijnen (8 maart 2011).
