Bestrijding piraterij

Containerschip op zee

Bron: euobserver.com

De afgelopen jaren wordt de zeevaart wereldwijd geplaagd door piraten die schepen en jachten aanvallen. Met name de zeestraat tussen China en Taiwan, de Indonesische wateren en de kustwateren langs Westelijk Afrika zijn berucht. De Golf van Aden bij Somalië is herhaaldelijk in het nieuws. Relatief kleine, maar snelle rubberbootjes met gewapende piraten aan boord vallen langzaam varende en diepliggende tankers en bulkcarriers aan. De piraten zijn uit op diefstal van de lading of gijzeling van de bemanning. Ongeveer tien procent van de overvallen heeft een politiek motief en kan hierdoor als terreur worden aangemerkt.

De internationale gemeenschap ging zich in november 2007 voor het eerst actief met de bestrijding van piraterij bezighouden, vooral ter bescherming van de schepen die voor het VN-Wereldvoedselprogramma naar Somalië voeren. Somalië kent sinds 1991 geen effectief gezag meer. Hierdoor is piraterij in die omgeving meer en meer een bedreiging voor de internationale scheepvaart geworden.

Sinds 2003 patrouilleert een internationaal vlootverband, de Combined Task Force 150 (CTF-150), rond de Hoorn van Afrika met het oog op de 'War on Terrorism'.  CTF voerde na 2003 steeds vaker anti-piraterij-missies uit. De VN-Veiligheidsraad heeft in een aantal resoluties over Somalië (1838, 1816 , 1814) haar bezorgdheid geuit over de toename van piraterij. Op verzoek van de VN-secretaris-generaal startte de NAVO de Operation Allied Provider voor verdere bescherming van Wereldvoedselprogramma-transporten.

Gezien de ernst van de situatie besloten de lidstaten van de Europese Unie ook actie te ondernemen. Nederland, Denemarken, het Verenigd Koninkrijk, Spanje, Frankrijk en Italië stuurden schepen ter bescherming van de konvooien in de Somalische wateren. Ook Canada, Rusland en India stuurden schepen. De Verenigde Staten waren reeds als onderdeel van CTF-150 aanwezig. 

Sinds december 2008 patrouilleren in het kader van de EU-missie Atalanta zes schepen met luchtondersteuning rond de Hoorn van Afrika. Aan deze eerste maritieme EU-missie dragen naast Nederland de lidstaten Frankrijk, Duitsland, Griekenland, het Verenigd Koninkrijk, Spanje, België, Zweden en Portugal bij. De EU overweegt militaire bewakingscommando's aan boord van bepaalde schepen te zetten om ze op die manier te beschermen tegen piraten. Dat is goedkoper dan een duur fregat en maakt het mogelijk om de gevechtsschepen op een betere manier in te zetten.

Atalanta kostte het eerste jaar tussen de 8 en 9 miljoen euro. Dat lijkt een hoog bedrag maar valt in het niet bij de schade van 12,7 miljard euro als gevolg van de piraterij. Voor de EU-missie blijft het echter moeilijk om met 3.000 kilometer kust en 16.000 schipbewegingen alle piraterij te voorkomen. Veel reders nemen dan ook geen enkel risico en varen liever drie weken om via Kaap de Goede Hoop.

Nederlandse schepen en stafofficieren zijn vanaf het begin bij de missie betrokken. In 2010 zijn Nederlandse fregatten actief en zet Nederland ook een bevoorradingschip voor de missie in. De schepen zullen geen blokkade voor de kust van Somalië leggen, zoals veel internationale reders graag zouden willen, maar bestrijden de piraterij in volle zee. De missie heeft een mandaat om piraten gevangen te nemen. Berechting kan dan plaatsvinden in het land van het schip dat de piraat heeft opgepakt of, na uitlevering, in Somalië. In 2010 zijn verdragen gesloten met Kenia en de Seychellen over de berechting van gearresteerde Somalische piraten. In juli 2010 werden de eerste piraten op de Seychellen veroordeeld wegens hun daden. Duitsland pleit voor een internationaal hof voor piraterij op volle zee.

De NAVO is in deze door piraten geteisterde wateren aanwezig met de operaties Ocean Shield en Allied Protector. Ook aan deze operatie doet Nederland mee met fregatten en in 2010 ook met een onderzeeboot. Sinds 1 juli 2010 voert een Nederlandse officier het bevel over een snel inzetbaar vlootverband. Voortdurend vindt er een afstemming plaats met Atalanta en andere niet in groepsverband opererende marineschepen van bijvoorbeeld Rusland en India.

De missies lijken succesvol. Zo is in de eerste periode (2009) het aantal succesvolle kapingen afgenomen: één op zes succesvolle kapingen, tegenover één op vier succesvolle kapingen over heel 2008. Hiermee wordt echter niet de oorzaak van de piraterij aangepakt: de armoede en hongersnood in de hoorn van Afrika. Door het verstrekken van humanitaire hulp en het beter trainen van de Smalische veiligheidstroepen moet hierin verbetering komen. 

Delen

enveloppe