Sinds juni 2009 is een richtlijn van kracht voor een gemeenschappelijk Europees terugkeerbeleid voor illegale immigranten. Deze richtlijn stelt duidelijke normen voor terugkeer, uitzetting en het vastzetten van vreemdelingen zonder geldige verblijfspapieren. In de richtlijn worden bovendien beperkingen gesteld aan het gebruik van dwangmaatregelen tegen illegalen. Ten slotte wordt het met de nieuwe regeling mogelijk een inreisverbod op te leggen van maximaal vijf jaar aan vreemdelingen die zijn uitgezet.
De richtlijn is een compromis tussen het Europees Parlement en de lidstaten van de EU. Deze laatste wilden zoveel mogelijk hun nationale beleid behouden. Met het compromis, dat werd aangevuld met andere voorstellen, wil het Parlement het hele asiel- en migratiebeleid van de Europese Unie op één lijn krijgen. Met de specifieke richtlijn voor uitzetting moet een einde komen aan het vaak willekeurige en vrijblijvende uitzettingsbeleid van de afzonderlijke lidstaten van de Unie. Even belangrijk is dat de nieuwe regeling nadrukkelijk rekening houdt met de mensenrechten en de fundamentele vrijheden van illegalen in Europa. Volgens de Duitse rapporteur van het Europees Parlement, Manfred Weber (EVP) is het leven in de illegaliteit een moderne vorm van slavernij, waar in Europa naar schatting enkele miljoenen mensen onder gebukt gaan.
De richtlijn is een stap op weg naar een gezamenlijk asiel- en immigratiebeleid van de Unie. Het was de eerste keer dat het Parlement op dit terrein als medewetgever optrad. Zonder de goedkeuring van het Parlement had de richtlijn niet van kracht kunnen worden.
Bij de behandeling van het door de Europese Commissie in 2005 ingediende voorstel over het Europese terugkeerbeleid van illegalen, legde het Europees Parlement de nadruk op de rechten van illegalen. Vooral voor kwetsbare groepen zoals wezen en andere kinderen, gezinnen en zieken wilde het Parlement betere voorzieningen en afspraken. Zo krijgen illegale kinderen in het voorstel recht op onderwijs en recht op vrije tijd. Wezen mogen niet worden vastgezet of uitgezet en zieken hebben recht op een medische behandeling. Verder wordt de rechtsbijstand voor illegalen beter geregeld.
Het Parlement kreeg het tevens voor elkaar dat er een maximumtermijn werd gesteld aan de preventieve opsluiting van illegalen. Vreemdelingen die niet willen meewerken aan vrijwillig vertrek en dreigen onder te duiken, mogen in eerste instantie voor drie maanden in bewaring worden genomen in speciaal daarvoor ingerichte onderkomens. Die termijn mag onder voorwaarden worden opgerekt tot maximaal achttien maanden. Als het dan nog niet gelukt is om een illegale vreemdeling uit te zetten, mag deze niet langer worden vastgehouden.
De uiteindelijke bedoeling van de nieuwe wetgeving is dat lidstaten er toe over zullen gaan illegalen actiever uit te zetten en zich zullen onthouden van het (massaal) uitdelen van verblijfsvergunningen, zoals in Italië en Spanje is gebeurd. Daarnaast hopen de Commissie en het Parlement met deze regeling te bereiken dat grenslanden als Griekenland strenger en rechtvaardiger om zullen gaan met asielzoekers. De Griekse regering heeft grote moeite met het bekostigen voor een gedegen opvang van de vele duizenden vluchtelingen die jaarlijks via de Griekse eilanden Europa proberen te bereiken. Met de instelling van een speciaal Europees hulpfonds voor de opvang en begeleiding van asielzoekers moet er ook op dit terrein vooruitgang worden geboekt.
Om te zorgen dat de lidstaten zich aan de regels houden, wil het Parlement tot slot een speciale ombudsman instellen. Deze ombudsman moet het recht krijgen onaangekondigd inspecties te verrichten en in staat worden gesteld om informatie in te winnen over uitzettingen.
Het Europees Parlement was verdeeld over de nieuwe richtlijn voor het Europese uitzettingsbeleid. Onder andere extreem-linkse Europarlementariërs haalden flink uit naar de plannen om illegalen uit te zetten. Ook de socialisten en de christendemocraten wezen op de schadelijke effecten op kinderen en bekritiseerden het vastzetten van illegalen, omdat deze personen geen misdaad hebben begaan, maar slechts op zoek waren naar een beter leven. Toenmalig VVD-Europarlementariër Jeanine Hennis-Plasschaert beoordeelde de voorgestelde richtlijn positief, omdat deze een maximumtermijn stelt voor het vastzetten van illegalen. Veel lidstaten, waaronder Nederland, hebben geen wettelijk vastgelegde bepaling over hoe lang illegale migranten vastgehouden kunnen worden.
De richtlijn die uiteindelijk is aangenomen stelt dat illegale immigranten, wanneer zij niet binnen 30 dagen vrijwillig zijn vertrokken, niet langer dan zes maanden mogen worden vastgehouden. Deze termijn mag in uiterste gevallen worden opgerekt tot anderhalf jaar. Deze zogenaamde terugkeerrichtlijn stelt ook minimumeisen aan de behandeling van illegalen. Zo moeten illegale immigranten bijvoorbeeld in opvangcentra worden vastgezet in plaats van in gevangenissen. Hennis-Plasschaert, die meewerkte aan de uiteindelijke richtlijn, stelt dat dit resultaat een goede stap is in de richting van een uiteindelijk, omvattend Europees asielbeleid. Zij geeft mensenrechtenorganisaties gelijk in hun standpunt dat de regels waar lidstaten zich aan moeten houden bij het vastzetten en de behandeling van illegalen nog strenger hadden kunnen zijn. Maar wanneer er nog hardere eisen werden gesteld, zouden bepaalde lidstaten nog meer gaan tegensputteren en zou het bereiken van een compromis nog moeilijker worden.
De lidstaten hebben twee jaar de tijd gekregen om de regels in te voeren.
Hieronder staan een aantal veel gehoorde argumenten in de discussie over het terugkeerbeleid van illegalen, waarbij bijna altijd wel kanttekeningen te maken zijn. Dat maakt de discussie boeiend, maar een oordeel niet eenvoudiger. De argumenten gaan over de rol die de EU in de discussie zou moeten spelen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.
Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw Visie geven.
-
Een gezamenlijk uitzettingsbeleid heeft alleen zin als de EU in de landen van herkomst meehelpt aan het verbeteren van de levensomstandigheden.
Illegalen zijn op zoek naar een beter leven. Wanneer de EU helpt het leven in de landen van herkomst te verbeteren, zullen minder mensen geneigd zijn om illegaal de grenzen van de EU over te trekken. Lidstaten moeten een strikter uitzettingsbeleid koppelen aan betere integratie van vreemdelingen die mogen blijven.
-
De illegalen die blijven moeten goede kansen krijgen, zodat zij volwaardig kunnen participeren in de maatschappij van de lidstaten.
Illegalen die met uitzetting worden bedreigd mogen niet als criminelen worden vastgezet als zij geen misdaden op hun geweten hebben.
-
Illegalen moeten zowel door de autoriteiten als door de bevolking van de lidstaten niet behandeld worden als criminelen, maar een eerlijke behandeling krijgen.
Zij hebben het minder getroffen dan de autochtone Europeanen en verdienen een rechtvaardige en menselijke behandeling.
-
Mensensmokkelaars moeten veel strengere straffen krijgen.
Mensensmokkelaars spelen een belangrijke rol: Zij ronselen hopeloze mensen die op zoek zijn naar een beter leven. Vaak ontvangen zij veel geld voor hun diensten en maken zij misbruik van de situatie van de mensen die zij zogenaamd helpen.
Uw visie
Door op Uw visie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw visie wordt zeer op prijs gesteld.
