Lambert van Nistelrooij: De Nederlandse bodem is goed beschermd. Geen Europese taak.
De Europese Commissie wil dat de lidstaten van de Europese Unie meer aandacht gaan besteden aan de bescherming van hun bodem. De bodem is samen met water en lucht essentieel voor het voortbestaan van de mens. Als de vruchtbare bovenste laag grond verdwijnt, kan het honderden jaren duren voordat de bodem zich kan herstellen.
De aantasting van de bodem in de Unie is de afgelopen tientallen jaren sterk toegenomen. De schade door erosie, verdichting, verzilting, aardverschuivingen, verlies aan organisch materiaal en verontreinigingen, schat de Commissie op maar liefst 38 miljard euro per jaar.
Mede door toedoen van de mens en nog eens versterkt door klimaatveranderingen heeft inmiddels 12 procent (115 miljoen hectare) van het totale landoppervlak van de Unie te lijden van watererosie en heeft bijna de helft (45 procent) van de grond een te laag organisch gehalte. De verslechtering van de bodemgesteldheid en de oprukkende verwoestijning in sommige gebieden van de Unie heeft direct gevolgen voor de vruchtbaarheid van de grond en het vermogen om CO2 op te slaan, water vast te houden en verontreinigingen af te breken.
Ook het Europees Parlement (EP) maakt zich zorgen over deze ontwikkelingen. De volksvertegenwoordiging is bereid samen met de Europese Commissie tot een pakket maatregelen te komen die verdere aantasting van de bodem moet tegengaan en aangetaste gebieden zo veel mogelijk in hun oorspronkelijke staat moet herstellen. Het gaat om een, in Europees jargon, thematische strategie voor bodembescherming, die vervat wordt in een kaderrichtlijn. De richtlijn zorgt er bovendien voor dat lidstaten een bodembeleid kunnen ontwikkelen zonder dat dit leidt tot concurrentieverstoring.
Voor het Europees Parlement is er veel aan gelegen dat er zo veel mogelijk flexibiliteit in de richtlijn wordt ingebouwd. Landen, zoals Nederland, die hun zaakjes al goeddeels op orde hebben, mogen niet worden gedwongen hun nationale wetgeving nog eens dunnetjes over te doen. Ook mag de Commissie van het EP de lidstaten niet voorschrijven hoe zij hun huiswerk moeten doen. De Europese Commissie mag de landen alleen een resultaatsverplichting opleggen. Hoe zij het resultaat vervolgens willen bereiken, is een zaak van hen zelf. Het Parlement heeft uiteindelijk eind 2007 ingestemd met het voorstel, ondanks bedenkingen of het wel een EU-taak is.
In haar voorstel maakt de Commissie onderscheid tussen de aanpak in enerzijds grote min of meer natuurlijke gebieden, inclusief landbouwgronden en anderzijds locaties die al dan niet opzettelijk verontreinigd zijn door gevaarlijke stoffen en die een gevaar kunnen opleveren voor de volksgezondheid. In beide gevallen vraagt de Commissie de lidstaten een inventarisatie te maken van de 'risicogebieden'. Het EP spreekt hier liever van gebieden met een 'hoge prioriteit' omdat het wil voorkomen dat deze gebieden in een negatief daglicht komen te staan.
Om zaken als erosie, verzilting en aardverschuivingen tegen te gaan moeten de lidstaten binnen uiterlijk zeven jaar na invoering van de richtlijn een programma van maatregelen klaar hebben. Het programma moet vervolgens om de vijf jaar worden herzien.
De Europese landen moeten daarnaast binnen vijf jaar locaties in kaart brengen waar sprake is van concentraties van gevaarlijke stoffen en vervolgens plannen opstellen om deze terreinen te saneren.
De kosten van de inventarisaties kunnen volgens de Commissie gedurende de eerste vijf jaar oplopen tot 290 miljoen euro per jaar in de Unie minus Roemenië en Bulgarije. In de daarop volgende 20 jaar zijn nog eens jaarlijks 240 miljoen euro nodig, maar daarna zullen de kosten snel teruglopen tot naar schatting nog geen 2 miljoen per jaar.
Verder wil het EP meer wetenschappelijke aandacht voor de rol die bodemverval speelt bij klimaatveranderingen. Ook is er meer aandacht nodig voor opleidingen en voorlichting over bodemclassificatie Europa telt meer dan 320 bodemsoorten, bemonstering en het inventariseren van de beste methoden om de bodem te beschermen.
Op 20 december 2007 bleek er onvoldoende steun te zijn voor een gemeenschappelijk Europees bodembeleid: Nederland, Groot-Brittannië, Duitsland, Oostenrijk en Frankrijk waren tegen het voorstel, waardoor er geen meerderheidsbesluit kon worden genomen.
In juli 2008 werd bekend dat er onofficiële bijeenkomsten zijn geweest van deze vijf landen, waarin ze de voorschriften van het voorstel verder proberen te beperken. Als het aan deze landen ligt moeten lidstaten zelf kunnen bepalen in welke omstandigheden de bodem als 'verontreinigd' beschouwd wordt, en wanneer zij maatregelen moeten nemen. Volgens milieuorganisaties blijft er zo weinig van het oorspronkelijke voorstel over. In maart 2010 heeft Nederland wederom een stokje gestoken voor een nieuwe Europese wet op bodembescherming. Nederland blijft van mening dat bodembescherming niet thuishoort in een EU-wet. Ook vier andere landen hebben tegen gestemd. Eurocommissaris Janez Potocnik legt zich niet neer bij dat bezwaar. Hij gaat praten met de tegenstanders en hoopt dat hij tegemoet kan komen aan de bezwaren.
Hieronder staan een aantal argumenten, waarbij bijna altijd wel kanttekeningen te maken zijn. Dat maakt de discussie boeiend, maar een oordeel niet eenvoudiger. Europa is wikken en wegen. Door op de links te klikken krijgt u meer informatie én nuancering.
Tip: Na het lezen van de argumenten kunt u zelf Uw reactie geven.
-
De bodem heeft geen grensoverschrijdend karakter
Bodem heeft geen grensoverschrijdend karakter en de bescherming daarvan moet daarom overgelaten worden aan de afzonderlijke lidstaten. Europese bemoeienis zorgt alleen maar voor meer bureaucratische rompslomp.
-
Aantasting van de bodem heeft grensoverschrijdende effecten
Verval van de bodem heeft wel degelijk grensoverschrijdende effecten, bijvoorbeeld als door erosie stuwdammen dichtslibben of rivieren minder goed bevaarbaar worden.
-
Bodembescherming helpt in de strijd tegen klimaatverandering
Een verslechtering van de bodemgesteldheid leidt tot een vermindering van het vermogen om CO2 op te slaan, een broeikasgas dat klimaatverstoringen kan leiden. Het is daarom een Europees, ja zelfs mondiaal belang, dat de Unie een minimaal niveau van bodembescherming waarborgt.
Uw reactie
Door op Uw reactie te klikken kunt u laten weten, wat u van de verschillende argumenten vindt. Ook kunt u natuurlijk andere argumenten aandragen. Uw reactie wordt zeer op prijs gesteld.
