Laatste nieuws: 

Tweede Kamer

De Tweede Kamer is de rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordiging. Zij bestaat uit 150 leden. Medewetgeving en controle van het kabinet zijn belangrijke taken van de Tweede Kamer.

De rol in het wetgevingsproces is dat de Tweede Kamer door de regering ingediende wetsvoorstellen moet goedkeuren. Maar de Kamer mag deze wetsvoorstellen ook wijzigen. Daarnaast heeft de Tweede Kamer het recht van initiatief: zij mag zelf wetsvoorstellen indienen.

Om de Tweede Kamer de gelegenheid te geven de regering te kunnen controleren zijn ministers verplicht alle informatie te geven waar de Tweede Kamer om vraagt. Ook hebben Tweede Kamerleden het recht vragen aan de bewindslieden te stellen, en kunnen ministers tijdens een interpellatie ter verantwoording worden geroepen. Een kabinet of bewindspersoon kan niet aanblijven zonder het vertrouwen van de Kamer te hebben.

Daarnaast heeft de Tweede Kamer een soort ombudsfunctie, mag het voordrachten doen voor enkele belangrijke functies, en speelt het een belangrijke rol bij de vorming van beleid. Door Kameruitspraken (moties) kan de Kamer de regering om iets verzoeken of een oordeel geven over het gevoerde beleid.

Bij haar werkzaamheden wordt de Kamer bijgestaan door een omvangrijke ambtelijke dienst, met aan het hoofd de griffier.

Delen

enveloppe

Inhoud

1.

De leden

Tweede Kamerleden zijn onze direct gekozen vertegenwoordigers. Zij controleren de regering en treden op als medewetgevers. Het Tweede Kamerlidmaatschap is sinds de jaren zeventig een fulltime baan. Anders dan vroeger bekleden leden dan ook geen andere hoofdfuncties. Vroeger werd het lidmaatschap soms gecombineerd met het burgemeester- of wethouderschap, met het lidmaatschap van Gedeputeerde Staten of met een bestuursfunctie bij vakbond, landbouw- of omroeporganisatie.

  • Huidige Tweede Kamer

    De VVD en de PvdA waren de grote winnaars van de verkiezingen van 12 september 2012. De VVD bleef na winst van tien zetels opnieuwde grootste partij en de PvdA won acht zetels. Winst was er ook voor D66 (+2) en SGP (+1), terwijl 50PLUS nieuw in de Kamer kwam met twee zetels.

  • Tweede Kamerleden 1814-heden

    Via dit menu kunt u uit de Tweede Kamerleden sedert 1815 selecteren, die voldoen aan de door u aan te geven voorwaarden, zoals periode, functie, geslacht, ministerie, politieke stroming.

2.

Functie en positie

  • Plaats in het staatsbestel

    De Tweede Kamer is de rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordiging. Het kabinet moet het vertrouwen genieten van een meerderheid van de Tweede Kamer; dit is het geval totdat het tegendeel blijkt, doordat bijvoorbeeld een motie van wantrouwen wordt aangenomen. De Tweede Kamer wordt, omdat ze rechtstreeks wordt gekozen en meer rechten heeft, belangrijker gevonden dan de Eerste Kamer, ook al zijn beide formeel gezien gelijkwaardig.

  • Onafhankelijkheid

    De Tweede Kamer is 'baas in eigen huis': zij bepaalt haar eigen agenda, regelt haar eigen vergaderorde, kiest haar eigen voorzitter, benoemt zelf personeel en stelt een eigen begroting op. De Grondwet garandeert tevens dat Kamerleden 'zonder last' kunnen stemmen en niet voor de rechter kunnen worden gesleept voor uitlatingen in Tweede-Kamerverband.

  • Dualisme en monisme

    De trias politica vereist scheiding van wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht. In Nederland heeft het parlement, samen met de regering, wetgevende macht. Er is wel sprake van een dualistisch stelsel, want ministers en staatssecretarissen mogen geen lid van het parlement zijn.

3.

Rechten en Taken

  • (Mede)wetgeving

    De Tweede Kamer is medewetgever. Dat komt tot uiting in diverse parlementaire rechten. De Tweede Kamer stemt over alle wetsvoorstellen, bepaalt mede de tekst van wetsvoorstellen en Tweede Kamerleden kunnen zelf een wetsvoorstel indienen.

  • Controle

    Een belangrijke taak van de Tweede Kamer is het beoordelen van besluiten van het kabinet (en van individuele bewindspersonen). Bij die controlerende taak wordt gebruikgemaakt van het recht op inlichtingen, een recht dat ieder individueel Tweede Kamerlid heeft en dat is vastgelegd in de Grondwet.

  • Klachten van burgers

    Tweede Kamerleden zetten zich soms in voor individuele burgers. Burgers richten zich als ze door overheidsgedragingen in de knel komen vaak via brieven of e-mails tot een Kamerlid. Kamerleden weten als regel beter weg naar instanties dan burgers. Een probleem van een burger kan ook leiden tot het stellen van schriftelijke vragen.

  • Burgerinitiatief

    In Nederland bestaat de mogelijkheid om via een burgerinitiatief een onderwerp op de Tweede Kameragenda te plaatsen. Om deze onderwerpen op de agenda te krijgen moeten steunbetuigingen verzameld worden, en de onderwerpen moeten niet al door de Kamer besproken worden. De Tweede Kamer vergadert echter al over zoveel uiteenlopende onderwerpen dat dit moeilijk hard te maken is.

  • Voordrachten en benoemingen

    De Tweede Kamer heeft het recht om de Nationale ombudsman en diens plaatsvervanger, en de Kinderombudsman te kiezen. Daarnaast stelt de Kamer een voordracht op voor de benoeming van leden van de Algemene Rekenkamer, van de Hoge Raad der Nederlanden, alsmede van de leden van de commissie van toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Als regel wordt de eerstgenoemde van zo'n nominatie benoemd.

  • Vertrouwensregel

    De vertrouwensregel houdt in dat een minister, staatssecretaris of het kabinet als geheel moet aftreden als zij niet langer het vertrouwen genieten van het parlement (lees: de Tweede Kamer). De vertrouwensregel zegt dus niet dat bewindspersonen per se moeten aftreden als ze een fout hebben gemaakt.

  • Ministeriële verantwoordelijkheid

    De (politieke) ministeriële verantwoordelijkheid bestaat sinds de Grondwetsherziening onder leiding van Thorbecke in 1848, en houdt in dat ministers gezamenlijk en afzonderlijk verantwoording aan het parlement schuldig zijn voor hun doen en laten bij de vervulling van hun taken. De ministers zijn daarnaast politiek verantwoordelijk voor het optreden van de Koning. De parlementaire controle is in de praktijk ook van toepassing op het doen en laten van staatssecretarissen.

4.

Wijze van verkiezen

  • Evenredige vertegenwoordiging

    Evenredige vertegenwoordiging is een kiesstelsel. Hierbij tellen vrijwel alle uitgebrachte stemmen mee voor de uiteindelijke verhoudingen in de zetelverdeling. Zogenaamde 'restzetels' worden, behalve binnen lijstencombinaties, verdeeld op basis van de methode van de grootste gemiddelden. Laag op een lijst geplaatste kandidaten kunnen dankzij voorkeurstemmen, met doorbreking van de lijstvolgorde, toch nog worden gekozen. 

  • Kandidaatstelling

    Wie in de Tweede Kamer wil gaan zitten zal zich kandidaat moeten stellen. Meestal sluit iemand zich aan bij een politieke partij maar dat hoeft niet. Dus zowel een politieke groepering, mits geregistreerd, als een 'particuliere' kiezer kunnen een kandidatenlijst inleveren.

  • Lijstencombinaties

    Partijen die zijn geregistreerd voor deelname aan de Tweede Kamerverkiezingen, en die in alle kieskringen een lijst hebben ingediend, kunnen als lijstencombinatie (lijstverbinding) deelnemen aan de Tweede Kamerverkiezingen onder de voorwaarde dat ze dat in alle kieskringen doen. In het verleden waren de lijsten van SGP en ChristenUnie vaak verbonden, dat was ook in 2010 en 2012 het geval. In 2012 was er een lijstverbinding tussen PvdA, SP en GroenLinks.

5.

Organisatie

  • Leden

    De Tweede Kamer bestaat uit 150 parlementariërs: volksvertegenwoordigers die op basis van evenredige vertegenwoordiging voor een periode van in principe vier jaar worden gekozen via de kandidatenlijst van een politieke partij. Tweede Kamerleden zijn normaal gesproken lid van de fractie van de betreffende partij. Volgens de Grondwet stemmen Kamerleden 'zonder last', waardoor ze een onafhankelijke positie hebben.

  • Fracties

    Een Tweede Kamerfractie is een organisatie van Tweede Kamerleden die deel uitmaken van dezelfde politieke partij en die zowel op hoofdlijnen als bij deelonderwerpen in de Tweede Kamer standpunten bepaalt. Daarnaast worden in een fractie onderling de werkzaamheden verdeeld. Een fractie staat onder leiding van een fractievoorzitter. Tweede Kamerfracties hebben personeel in dienst, zoals voorlichters en beleidsmedewerkers.

  • Fractievoorzitters

    Een fractievoorzitter is de leider van een groep Kamerleden van dezelfde partij. Hij voert het woord bij belangrijke debatten, zoals over de regeringsverklaring en bij de algemene beschouwingen over de rijksbegroting.

  • Commissies

    De 150 Tweede Kamerleden doen hun werk vooral in commissies. Alle fracties hebben daarin naar evenredigheid vertegenwoordigers. Commissies hebben een eigen voorzitter, ondervoorzitter en secretaris (een plaatsvervangend griffier). Voor commissies zijn er ondersteunende ambtenaren die werken bij de zogenaamde Griffies commissies (zo is er een Griffie commissie internationaal.

  • Presidium

    Het Presidium is het dagelijkse bestuur van de Tweede Kamer. In het Presidium zitten de Kamervoorzitter en ondervoorzitters.

  • Voorzitter

    De voorzitter leidt de vergadering van de Tweede Kamer. Hij/zij is tevens voorzitter van het Presidium en van de commissie voor de Werkwijze. Daarnaast vertegenwoordigt de Voorzitter de Kamer naar buiten toe, bijvoorbeeld in contacten met buitenlandse parlementen.

  • Interne organisatie

    De Tweede Kamer kent feitelijk twee soorten organisaties: een politieke en een ambtelijke. De ambtelijke organisatie dient ter ondersteuning van de Tweede Kamerleden. Aan het hoofd van deze organisatie staat de griffier. De dienst zorgt onder meer voor verslaglegging, informatievoorziening, documentatie, archivering, beheer van het gebouw, personeelszaken en externe voorlichting.

6.

Soorten vergaderingen

  • Plenair

    De vergadering van alle 150 Tweede Kamerleden noemen we de plenaire vergadering of voltallige vergadering. Deze wordt geleid door de Tweede Kamervoorzitter en wordt gehouden in de grote vergaderzaal.

  • Commissievergaderingen

    Tweede Kamercommissies vergaderen tijdens commissievergaderingen geregeld met ministers en staatssecretarissen over het beleid en over wetsvoorstellen. Al naar gelang de situatie gebeurt dat in een algemeen overleg, een nota-overleg of een wetgevingsoverleg. Commissies laten zich ook wel informeren via hoorzittingen.

  • Stemmingen

    De Tweede Kamer kan via een stemming een besluit nemen. Een stemming kan plaatsvinden bij hand opsteken of hoofdelijk. Stemmingen over personen vinden schriftelijk plaats. Er kan ook zonder stemming een besluit worden genomen.

  • Verenigde vergadering

    De gezamenlijke vergadering van beide Kamers van de Staten-Generaal (de Tweede en Eerste Kamer) heet Verenigde Vergadering. De voorzitter van de Eerste Kamer leidt deze vergadering (artikel 62 Grondwet).

7.

Parlementaire enquêtes

  • Recht van onderzoek

    Parlementair onderzoek kan de vorm aannemen van een parlementaire enquête of een parlementair onderzoek (niet in de vorm van een enquête). Een enquête is een zware vorm van onderzoek, waarbij de Kamer meer rechten heeft.

  • Recht van enquête

    De Tweede Kamer, de Eerste Kamer en de Verenigde Vergadering hebben een grondwettelijk recht op onderzoek in de vorm van een enquête. Dit enquêterecht is uitgewerkt in de Wet op de Parlementaire Enquête. De Wet op de Parlementaire Enquête geeft de Kamer allerlei specifieke onderzoeksrechten, indien het instrument van de enquête wordt ingezet. Een voorbeeld is de verplichting voor getuigen zich onder ede te laten verhoren. Voor het houden van een enquête is een meerderheidsbesluit van de Kamer nodig.

  • Parlementaire enquêtes in historisch perspectief

    Het grondwettelijke recht van enquête bestaat sinds 1848 en de Wet op de Parlementaire Enquête sinds 1850. Van 1852-1887 hield de Tweede Kamer acht enquêtes. Daarna raakte het instrument van de parlementaire enquête bijna honderd jaar lang in onbruik, met uitzondering van de tussen 1947 en 1956 gehouden oorlogsenquête. Sinds 1977 kunnen ook ministers en ambtenaren onder ede worden gehoord. Sindsdien zijn er weer geregeld enquêtes. De Eerste Kamer paste in 2011 voor het eerst het recht van enquête toe.

  • Fyra

    In juni 2013 besloot de Tweede Kamer een parlementaire enquête te houden over de Fyra-treinverbinding tussen Nederland en België. Daartoe werd een tijdelijke commissie ingesteld onder het voorzitterschap van Madeleine van Toorenburg. Reden voor het onderzoek waren de aanhoudende problemen rond de Fyra. De treinverbinding is een samenwerkingsproject van de Nederlandse Spoorwegen en de Belgische spoorwegmaatschappij NMBS. Het doel van het onderzoek is het vaststellen van de politieke rol bij de aanbestedingen, het bouwproces en de toelating van de Fyra-treinstellen op het spoor.

  • Financieel stelsel

    De Tweede Kamer stelde een onderzoek in naar de kredietcrisis van 2008. Het ging daarbij in een eerste onderzoeksronde om de structurele problemen in het financieel stelsel. Vanaf november 2011 kwamen de door het kabinet vanaf september 2008 genomen maatregelen met name om het bankwezen te ondersteunen aan de orde. Dit laatste gebeurde in de vorm van een parlementaire enquête, waarbij getuigen onder ede werden verhoord.

  • Srebrenica

    In april 2002 besloot de Tweede Kamer een parlementaire enquête te houden naar de gebeurtenissen rond de uitzending van militairen naar Srebrenica. Reden voor de enquête was onder meer een rapport van het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (NIOD), op basis waarvan het kabinet-Kok II zijn ontslag had aangeboden.

  • Bouwfraude

    Op 5 februari 2002 werd besloten tot een parlementaire enquête. Doel was de aard en omvang van de fraude in de bouw te onderzoeken en de vraag te bekijken of Justitie voldoende in staat was hiertegen op te treden. De enquêtecommissie kreeg Marijke Vos als voorzitter. De openbare verhoren vonden plaats van augustus tot en met september 2002. Op 12 december 2002 presenteerde de enquêtecommissie haar eindrapport.

  • Bijlmerramp

    Op zondag 4 oktober 1992 stortte een vrachtvliegtuig, een El-AL Boeing 747, neer op een flatgebouw in de Amsterdamse Bijlmermeer, waarbij 39 mensen om het leven kwamen. Enige tijd daarna kregen bewoners en hulpverleners gezondheidsklachten. Onmiddellijk na de ramp waren al de nodige onderzoeken ingesteld. Maar zowel over de rampvlucht als over de behandeling van slachtoffers bestonden en bleven veel vragen onbeantwoord. Ten slotte stelde de Tweede Kamer een parlementaire enquête in die de toedracht en de nasleep van de ramp moest onderzoeken.


  • Oorlogsenquête

    Deze parlementaire enquête richtte zich op het regeringsbeleid der kabinetten-De Geer, -Gerbrandy I en II, -Gerbrandy III en -Schermerhorn sedert de Duitse inval in Nederland op 10 mei 1940 en de oorlog met Japan tot aan de opening van de zitting der voorlopige Staten-Generaal op 20 november 1945, alsmede naar voorafgaande beleid voorzover dit onmiddellijk verband hield met de gebeurtenissen in de vorenbedoelde tijdvakken.

  • Enquêtes 19e eeuw

    In de negentiende eeuw heeft de Tweede Kamer acht parlementaire enquêtes gehouden. In veel gevallen hadden ze het karakter van een onderzoek vooraf, die vooral werden gehouden om de kennis van Kamerleden over bepaalde maatschappelijke toestanden te vergroten. Feitelijk fungeerden deze enquêtes als hoorzittingen.

8.

Parlementaire onderzoeken

  • Recht van onderzoek

    Parlementair onderzoek kan de vorm aannemen van een parlementaire enquête of een parlementair onderzoek (niet in de vorm van een enquête). Een enquête is een zware vorm van onderzoek, waarbij de Kamer meer rechten heeft.

  • Recht van parlementair onderzoek

    Niet ieder parlementair onderzoek heeft de vorm van een enquête. De Tweede Kamer kan ook besluiten een onderzoekscommissie in te stellen. Net als voor het houden van een enquête is hiervoor dus een Kamermeerderheid vereist. De ingestelde commissie krijgt wel een onderzoeksopdracht mee, maar geen enquêtebevoegdheden.

  • Parlementaire onderzoeken in historisch perspectief

    Behalve parlementaire enquêtes, waarbij getuigen onder ede kunnen worden gehoord, verrichten (tijdelijke) commissies geregeld onderzoek naar beleidsvraagstukken. Dat onderzoek bestaat meestal zowel uit het horen van personen, als uit het doen van (literatuur)studie. Vaak worden ook externe onderzoekers ingeschakeld om bij het onderzoek te helpen.

  • Onderwijsvernieuwingen
    vergrootglas

    Op 13 februari 2008 verscheen het eindrapport van de parlementaire commissie die onderzoek deed naar onderwijsvernieuwingen sinds begin jaren negentig. De commissie verweet de verantwoordelijke bewindslieden een tunnelvisie. Politiek en belangenorganisaties drukten vernieuwingen door, zonder te luisteren naar docenten, ouders en leerlingen. Volgens de commissie-Dijsselbloem zou de overheid voortaan moeten gaan over het 'wat' in het onderwijs, en het onderwijs zelf over het 'hoe'. Het kabinet liet op 30 mei 2008 weten de conclusies van de commissie te delen en de adviezen over te nemen.

  • NATO Response Force

    Op 19 juni 2006 heeft een parlementaire werkgroep onder voorzitterschap van de VVD'er Hans van Baalen een rapport gepresenteerd over de aard en reikwijdte van het Grondwetsartikel over het inlichtingenrecht van de Kamer bij de inzet van de krijgsmacht ter handhaving van de internationale rechtsorde.

  • Tbs-stelsel

    Op 16 juni 2005 besloot de Tweede Kamer een parlementair onderzoek in te stellen naar het tbs-stelsel. Aanleiding was de betrokkenheid van een tbs'er die zich aan zijn verlof had onttrokken bij een moord. Doel van het onderzoek was te achterhalen waarom het tbs-stelsel in de huidige vorm onvoldoende in staat zou zijn de maatschappij te beschermen tegen mensen die na behandeling opnieuw ernstige misdrijven plegen.

  • Infrastructuurprojecten
    vergrootglas

    Op 19 november 2003 besloot de Tweede Kamer een onderzoek in te stellen naar haar rol bij grote infrastructuurprojecten. Daartoe werd een tijdelijke commissie onder het voorzitterschap van Adri Duivesteijn in het leven geroepen. De reden voor dit onderzoek was de onvrede over het verloop en de voortdurende budgetoverschrijdingen bij de aanleg van de Betuweroute en de Hoge Snelheidslijn Amsterdam-België (HSL-Zuid).

  • Zorguitgaven

    De Tijdelijke commissie onderzoek zorguitgaven (TCOZ) publiceerde op 18 maart 2004 het resultaat van de verkenningsfase van het onderzoek naar de effectiviteit van de extra zorguitgaven sinds 1994. De CDA'er Aart Mosterd was voorzitter van de commissie, die in juni 2003 werd ingesteld.

  • Integratiebeleid

    Dit parlementair onderzoek richtte zich op de integratie van minderheden in de Nederlandse samenleving in de afgelopen 30 jaar. Het eindrapport, dat op 19 januari 2004 werd gepresenteerd, bevat behalve een analyse van het integratiebeleid ook aanbevelingen over versterking van het integratiebeleid, onder meer door verbetering van inburgeringscursussen en door betere spreiding van migranten in wijken en in het onderwijs.

  • Besluitvorming uitzendingen

    Op 7 april 1999 stelde de Tweede Kamer de Tijdelijke Commissie Besluitvorming Uitzendingen (TCBU) in. Deze commissie, onder voorzitterschap van Bert Bakker (D66) onderzocht de uitzending van Nederlandse militairen in VN-verband naar vredesmissies in voormalig Joegoslavië, de Perzische Golf, Haïti, Angola, Cambodja en Cyprus. Enkele jaren later kwam er alsnog een parlementaire enquête naar Srebrenica.

9.

Bataafse parlementen

10.

Verkiezingen 1918-2010

11.

Zetelverdeling 1946-heden

Postadres

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Plein 2

Postbus 20018

2500 EA Den Haag

Tel 070-318 2211


Eigen website

Delen

enveloppe

Terug naar boven