Voordat Bulgarije lid kan worden van de Europese Unie moet het land voldoen aan vooraf vastgestelde criteria. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste beleidsterreinen waar Bulgarije nog hervormingen moet doorvoeren of implementeren.
Bulgarije voldoet in hoofdlijnen aan de politieke criteria voor toetreding. Er staan vlak voor de toetreding nog enkele hervormingen op het programma waaronder het rechtsstelsel, de situatie van de Roma en de omstandigheden van kinderen en gehandicapten in instellingen.
De hervormingen binnen het rechtsstelsel zijn volgens het Europees Parlement een centrale factor voor het verkrijgen van het lidmaatschap. Zo is het een vereiste dat het Openbaar Ministerie en de recherche transparanter en doeltreffender worden. Volgens de rapportages van de Europese Unie was het nog lastig corrupte of incompetente rechters te ontslaan. Daarnaast was het politieapparaat te weinig toegerust op het bestrijden van mensenhandel, georganiseerde misdaad en corruptie. Een goede stap vooruit was een nieuwe wet over de inbeslagneming van criminele bezittingen in 2005. De hervormingen van het strafrecht werden in 2004 echter nog niet door het Bulgaarse Parlement goedgekeurd omdat hier een meerderheid voor ontbrak.
De situatie van de Roma (zigeuners) is tijdens het hele toetredingsproces een heikel discussiepunt geweest. Na de val van het communisme leken de Romagemeenschappen zich steeds meer te ontwikkelen tot 'derdewereldenclaves'. Tachtig procent van de Roma in Bulgarije leefde in 2005 volgens de Wereldbank onder de armoedegrens. In april 2005 nam het Europees Parlement een resolutie aan waarin het de afzondering in huisvesting en onderwijs en de discriminatie op de arbeidsmarkt van Roma in Oost-Europa veroordeelde.
De Europese Commissie had via PHARE-fondsen programma's opgezet om de situatie van de Roma te verbeteren. Uit een onafhankelijk onderzoek in opdracht van het PHARE-programma in 2004 bleek echter dat de opzet grotendeels mislukte door financieel en organisatorisch wanbeheer. Inmiddels heeft Bulgarije antidiscriminatiewetgeving ingesteld en is het land gastheer van het 'decennium van het integreren van Roma'. Tussen 2005 en 2015 wordt er in Oost-Europa extra aandacht besteed aan de positie van de Roma.
Ondanks alle druk die de Europese Unie heeft uitgeoefend waren de leefomstandigheden van mensen en kinderen in instellingen voor verstandelijk gehandicapten een moeilijk punt in het toetredingsproces. Uit rapporten van Amnesty International uit 2005 bleek dat de klinieken nog steeds overbevolkt zijn, dat patiënten worden vastgebonden en dat zij slecht worden gekleed. Een stap in de goede richting is het minimuminkomen dat Bulgarije heeft ingesteld voor gehandicapten.
Ook de rechten van de kinderen waren tijdens de toetredingsonderhandelingen een heet hangijzer. In 2004 werd een stap in de goede richting gezet door de goedkeuring van een actieplan ter bescherming van de rechten van straatkinderen. Het Europees Parlement uitte in 2004 nog wel haar ongerustheid over het grote aantal kinderen dat voor internationale adoptie werd afgegeven. 90 Procent van deze kinderen behoort tot de Roma-gemeenschap. Het nieuwe beleid om kinderen in gezinsverband te helpen zou de situatie moeten verbeteren.
De politieke omwenteling na de val van de Berlijnse Muur maakte liberalisering van de markt mogelijk. Dit werd ook een noodzakelijke voorwaarde voor het lidmaatschap van de Europese Unie. Tussen 1999 en 2004 steeg het aantal werknemers in de particuliere sector van 46 naar 64 procent. De Europese Unie oefende tijdens dit proces druk uit om de privatisering transparant en eerlijk te krijgen.
Ook in de landbouw werden uitgebreide hervormingen doorgevoerd. De verdeling van gronden leidde echter tot een grote mate van versnippering. Hiervoor wordt nog een oplossing gezocht om de concurrentiepositie van de Bulgaarse landbouw te stimuleren.
Sinds 2002 wordt Bulgarije door de Europese Unie gezien als functionerende markteconomie. Door diverse economische hervormingen steeg het groeipercentage van het BNP (Bruto Nationaal Product) van 4,9 procent in 2002 naar 5,6 procent in 2004. De Europese Commissie stelde in 2004 vast dat de begroting van Bulgarije een goede basis was voor het te voeren beleid. De goede economische resultaten leidden nauwelijks tot zichtbare verbeteringen voor de Bulgaarse burger. De werkloosheid bleef hoog, en de levensstandaard steeg nauwelijks.
Onderdeel van de criteria is het opnemen van de Europese regels in de nationale wetgeving. De Unie maakt zich in het bijzonder zorgen om de regelgeving op het gebied van dierenwelzijn en voedselhygiëne. Het vervoer van dieren en de slachthuizen voldeden in 2004 nog niet aan de normen.
Een belangrijk punt binnen de toetredingsonderhandelingen was het ontmantelen van 4 units van de uit het Sovjettijdperk stammende kerncentrale Kozloduy. De twee oudste reactors werden al in 2002 op non-actief gezet, de andere twee staat sluiting te wachten in 2006, mits er alternatieve energiebronnen beschikbaar komen. De kerncentrale was namelijk verantwoordelijk voor ongeveer 40 procent van de elektriciteitsvoorziening van Bulgarije. De Europese Unie verschaft financiële steun aan Bulgarije om te investeren in andere (duurzamere) energiebronnen.
Bulgarije had in 2004 ook nog geen effectieve wetgeving die de intellectuele eigendomsrechten kon beschermen. Zowel Bulgaarse als buitenlandse bedrijven werden benadeeld door illegale kopieën van bijvoorbeeld cd's. Andere belangrijke hiaten in de wetgeving waren discriminerende tarieven voor toeristen en het recht op vestiging van burgers en bedrijven uit de Europese Unie.
