Voordat Kroatië kan toetreden tot de Europese Unie staan er uitgebreide hervormingen op politiek en economisch gebied op de agenda. Ook moet Kroatië de wetgeving aanpassen zodat deze niet in strijd is met het Gemeenschapsrecht. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste beleidsterreinen waar Kroatië nog hervormingen moet doorvoeren of implementeren.
Volgens de Europese Unie is het voor Kroatië mogelijk op korte termijn aan de politieke criteria te voldoen. Het naleven van de vredesakkoorden kent nog een aantal pijnpunten als het terugkeerbeleid van vluchtelingen. Met de medewerking aan het Joegoslavië-tribunaal heeft Kroatië een stap in de goede richting gezet. Ook maakte president Mesic een symbolisch gebaar naar alle slachtoffers van de oorlog in 1995: tijdens zijn eerste officiële bezoek aan Servië en Montenegro bood hij zijn verontschuldigingen aan voor het leed en de schade die door Kroatische burgers werd veroorzaakt. President Marcovic van Servië en Montenegro bood ook zijn verontschuldigingen aan voor alle wandaden begaan door de burgers van zijn land.
Op justitieel gebied was er in 2005 nog wel een grote achterstand bij de afhandeling van rechtszaken. Tevens werd getwijfeld aan de onafhankelijkheid van de rechtspraak, vooral als het ging om de berechting van Servische minderheden. Ook het gevangeniswezen werd bekritiseerd; Kroatië werd in 2006 door het Europees Mensenrechtenhof veroordeeld in verband met mensonterende omstandigheden in een staatsgevangenis.
Kroatië is intussen begonnen met het opzetten van wetgeving om de corruptie aan te pakken. Toch blijft corruptie behalve een politiek probleem een belemmering voor de Kroatische economische ontwikkeling.
Het juridisch kader voor het respecteren van de mensenrechten en minderheden is tot stand gebracht. Dit leidde al tot een betere behandeling van minderheden, maar de uitvoering van de 'Wet inzake nationale minderheden' kan beter. Volgens verschillende rapporten van de Europese Unie hebben Serviërs en Roma (zigeuners) namelijk nog steeds slechte toegang tot verschillende voorzieningen en ook op de arbeidsmarkt worden zij gediscrimineerd.
Kroatië werd in 2004 nog door het Europees Parlement opgeroepen de wet inzake de Kroatische omroep te herzien. De bedoeling is dat politieke inmenging zoveel mogelijk uitgesloten wordt. Het bestaan van onafhankelijke, vrije media is een criterium waaraan Kroatië moet voldoen, wil het land kunnen toetreden tot de Europese Unie.
Kroatië kent volgens de Europese Unie een functionerende markteconomie. De inflatie was rond 2005 relatief laag en ook kende Kroatië een stabiele wisselkoers. Wel geeft de Unie aan dat er nog enkele zwakke punten zijn, die het Kroatië lastig maken met de concurrentiedruk en marktkrachten binnen de Unie om te gaan. Een zwak punt is bijvoorbeeld de onevenwichtige begroting en de onduidelijke en onvolledige regelgeving van het openbaar bestuur. Hierdoor is het voor ondernemingen lastig zich te ontwikkelen en bovendien worden buitenlandse investeerders afgeschrikt. Een ander zwak punt is dat de privatisering en herstructurering van verschillende staatsbedrijven nog niet is afgerond.
Onderdeel van de criteria is het opnemen van de Europese regels in de nationale wetgeving. Op bijna alle beleidsterreinen zijn nog aanpassingen nodig, bijvoorbeeld op het gebied van vrij verkeer van kapitaal, douane-unie, milieu en de media. Op beleidsterreinen waar de wetgeving al is aangepast moet vaak nog aandacht besteed worden aan de naleving van die wetten.
Zo diende de Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken in maart 2006 een klacht in bij Eurocommissaris Olli Rehn. Artikel 60 van de Stabilisatie- en associatie-overeenkomst werd geschonden doordat Italiaanse burgers werden belemmerd land te kopen in Kroatië. Dit terwijl Kroaten wel vrij waren land te kopen in Italië.
