r google-plus facebook twitter linkedin2 nujij Monitor Nieuwsbrief pdclogo Afstudeer hoed man met tas twitter

Toetreding Bosnië en Herzegovina tot de Europese Unie

Brug in Mostar, Bosnië en Herzegovina

Sinds het ondertekenen van de Stabilisatie- en Associatieovereenkomst (SAO) in 2008, wordt Bosnië en Herzegovina gezien als een potentiële kandidaat voor een lidmaatschap van de Europese Unie. In de periode van onderhandelingen over die overeenkomst, van oktober 2005 tot juni 2008, werden grote politieke en justitiële hervormingen doorgevoerd in Bosnië en Herzegovina. Lange tijd daarna bleven de noodzakelijke hervormingen om de overeenkomst in werking te laten treden uit.

In februari 2015 nam het Bosnische parlement het benodigde hervormingsplan aan. Dit wordt gesteund door de leiders van alle grote partijen in Bosnië en Herzegovina. De ministers van Buitenlandse Zaken van de EU-landen hebben in maart 2015 vervolgens het licht op groen gezet voor verdere samenwerking. Nadat de hervormingen verder waren uitgewerkt en uitgevoerd, is op 1 juni 2015 de stabilisatie- en associatieovereenkomst in werking getreden.

Op 15 februari 2016 vroeg Bosnië-Herzegovina het EU-lidmaatschap aan. De Raad Algemene Zaken stemde in september 2016 in met het aanvangen van de onderhandelingen daarover. De Europese Commissie inventariseert nu welke hervormingen Bosnië nog moet doorvoeren om lid te worden.

Delen

Inhoud

1.

De weg naar toetreding in vogelvlucht

Sinds 1992, het jaar waarin Bosnië en Herzegovina zich onafhankelijk verklaarde, is toetreding tot de Europese Unie een van de politieke hoofddoelen van het land. De EU is de belangrijkste handelspartner van het land. Stabilisatie van Bosnië en Herzegovina is ook voor de EU van groot belang: politiek gezien omdat rust in Bosnië zorgt voor rust in de Balkanregio; economisch gezien omdat de handel met Bosnië dan geïntensiveerd kan worden.

Het stabilisatie- en associatieproces

In 1999 stelde de Europese Unie Bosnië en Herzegovina het stabilisatie- en associatieproces voor, dat op termijn moest leiden tot EU-lidmaatschap. Snel verklaarde Bosnië en Herzegovina zich bereid om hervormingen door te voeren, waarna het land de status van potentiële kandidaat-lidstaat kreeg.

De belangrijkste hervormingen die sinds die tussen 1999 en 2010 zijn doorgevoerd, waren op het gebied van lokale verkiezingen, samenwerking met het Joegoslavië-tribunaal en de nationale politie. Politiehervorming was een belangrijke voorwaarde voor de overeenkomst. Het land had tot dan toe twee verschillende politiekorpsen: één voor de (door etnische Serviërs gedomineerde) Republika Srpska en één voor de Federatie van moslims en Kroaten. Dankzij de hervormingen kon in 2008 de stabilisatie- en associatieovereenkomst met het Balkanland ondertekend worden.

Stagnatie en vooruitgang

Na enige vertraging bij de hervormingen kon de stabilisatie- en associatieovereenkomst in 2015 in werking treden. Daarmee kwam het EU-lidmaatschap voor Bosnië en Herzegovina weer een stap dichterbij.

In februari 2016 diende Bosnië en Herzegovina officieel een verzoek in om lid te mogen worden van de Europese Unie. Op 20 september 2016 stemde de Raad van Ministers met het verzoek in en vroeg de Commissie om haar mening. De Commissie brengt de eisen in kaart waaraan Bosnië en Herzegovina moet voldoen.

In het voortgangsrapport uit 2016 erkende de Commissie de voortgang die Bosnië heeft geboekt op het gebied van corruptie- en misdaadbestrijding. Het land moet echter nog wel veel werk verzetten om mensenrechten en de rechten van minderheden beter te waarborgen. Daarbij komt dat de Bosnische grondwet nog niet volledig aansluit bij het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM).

Regionale vrijhandelszone

Op 19 december 2006 is het CEFTA-akkoord ondertekend. Dit vrijhandelsakkoord is in 2007 in werking getreden. De CEFTA bestaat uit Servië, Montenegro, Bosnië-Herzegovina, Albanië, Kroatië, Macedonië, Moldavië en de UNMIK namens Kosovo. De vrijhandelszone heeft als doel het handelsvolume van de regionale markt te vergroten en de regio aantrekkelijk te maken als vestigingsplaats voor buitenlandse bedrijven.

2.

Relatie Europese Unie en Bosnië en Herzegovina

Het in 1998 opgerichte Europees-Bosnisch raadgevend orgaan CTF (Consultation Task Force) van de Europese Unie heeft de taak de politieke en technische dialoog tussen de Unie en Bosnië en Herzegovina te bevorderen. De EU geeft via dit orgaan steun en begeleiding aan de Bosnische autoriteiten op het gebied van politieke en economische hervormingen.

Sinds de start van het stabilisatie- en associatieproces belegt het CTF regelmatig bijeenkomsten met Bosnië en Herzegovina om de hervormingen te controleren en aan te moedigen. Daarnaast vindt er op jaarbasis een overleg plaats tussen Europarlementariërs en Bosnische parlementariërs.

Politieke steun

Het belang van Bosnië en Herzegovina voor de EU blijkt uit de grote mate van activiteit van de EU in het land. Zo heeft de EU in 2004 de militaire missie Althea opgezet om de stabiliteit in het land te waarborgen. Door de jaren heen kon de missie worden verkleind, mede door de situatie in Bosnië en Herzegovina. Nederland draagt met 3 man bij aan deze missie.

De Unie heeft ook een Speciale Vertegenwoordiger voor Bosnië-Herzegovina, sinds 1 maart 2015 is dit Lars-Gunnar Wigemark. Deze bijzondere functie, die door de vredesakkoorden van Dayton in het leven geroepen werd, brengt verregaande bevoegdheden met zich mee. Zo bestuurt de gezant het betwiste district Brčko en heeft hij een beslissende stem als het politieke proces vastloopt.

Financiële steun

Naast politieke steun stelt de Europese Unie ook economische steun aan Bosnië en Herzegovina ter beschikking. De Europese Unie investeerde sinds 1991 miljarden euro's in het land, hoofdzakelijk in vluchtelingen- en opbouwprogramma's.

Daarnaast ontving Bosnië en Herzegovina in de periode 2000-2006 ongeveer 500 miljoen euro van de Europese Unie onder de verschillende programma's die hervormingen in Oost- en Zuidoost-Europa moeten bevorderen. Een financiële steun die overigens afneemt, want voor de periode 2007-2010 was maar ruwweg de helft van dit bedrag beschikbaar voor de financiering van instituties en sociaal-economische ontwikkeling.

De EU verleent deze financiële steun onder de gemaakte afspraken met het land. De steun hangt samen met de implementatie van de overeengekomen hervormingen.

Samenwerking

Sinds eind 2015 werkt Europol samen met Bosnië en Herzegovina in de gezamenlijke strijd tegen georganiseerde misdaad en terrorisme. In deze samenwerkingsovereenkomst wisselen de partners persoonlijke data en geclassificeerde informatie uit.

3.

Nederlandse insteek

Toetreding van Bosnië en Herzegovina tot de Europese Unie kan zorgen voor stabilisatie in de Zuidoost-Europese regio. Verwacht wordt dat de Europese Unie stabiliteit zal brengen en dat het risico van hernieuwde conflicten in de regio zal afnemen. Om de stabiliteit in de Balkanregio te bevorderen, ratificeerde Nederland in 2009 de ondertekening van de stabilisatie- en associatieovereenkomst.

Daarnaast is toetreding van Bosnië en Herzegovina om nog een reden van belang voor Nederland. Aangezien de rust in de regio meer kans op welvaart biedt, zal ook de handel met onder andere Nederland stijgen. Dit is uiteraard weer goed voor de Nederlandse economie.

Voor de ondertekening van de stabilisatie- en associatieovereenkomst stelde Nederland vier eisen: de hervorming van het politiebestel, een goede samenwerking van Bosnië met het Joegoslavië-tribunaal, hervorming van de publieke omroep en de totstandbrenging van de benodigde administratieve wetgeving om de Europese wetgeving te kunnen implementeren en uitvoeren.

In juni 2013 benadrukte toenmalige minister van Buitenlandse Zaken Timmermans dat Nederland de EU volledig steunt bij de uitgeoefende druk op de Bosnische regering om de overeengekomen hervormingen door te voeren.

4.

Meer informatie

Delen

Terug naar boven