Laatste nieuws: 

Toetreding Bosnië en Herzegovina tot de Europese Unie

Sinds het ondertekenen van de stabilisatie- en associatieovereenkomst in 2008, wordt Bosnië en Herzegovina gezien als een potentiële kandidaat voor een lidmaatschap van de Europese Unie. In de periode van onderhandelingen over die overeenkomst, van oktober 2005 tot juni 2008, werden grote politieke en justitiële hervormingen doorgevoerd in Bosnië en Herzegovina. Sinds het sluiten van de overeenkomst gaan de hervormingen echter trager. 

In de jaarlijkse voortgangsrapporten concludeert de Europese Commissie dat er nog veel hervormingen nodig zijn in het land om voor lidmaatschap van de EU in aanmerking te komen. De overheid geeft te weinig steun aan hervormingen van de bureaucratie, de markteconomie functioneert nog niet voldoende, het juridisch systeem voldoet niet aan de eisen en zaken als corruptie en discriminatie worden niet afdoende aangepakt.

Delen

enveloppe

Inhoud

1.

In vogelvlucht

Sinds 1992, het jaar waarin Bosnië en Herzegovina zich onafhankelijk verklaarde, is toetreding tot de Europese Unie één van de politieke hoofddoelen van het land. De EU is de belangrijkste handelspartner van het land. Op haar beurt is stabilisatie van Bosnië en Herzegovina ook voor de EU van groot belang: politiek gezien, omdat rust in Bosnië de Balkanregio aanzienlijk zou stabiliseren, waardoor de handel met Bosnië geïntensiveerd kan worden.

Het stabilisatie- en associatieproces

In 1999 stelde de Europese Unie Bosnië en Herzegovina het stabilisatie- en associatieproces voor, dat op termijn moet leiden tot EU-lidmaatschap. Snel verklaarde Bosnië en Herzegovina zich bereid om hervormingen door te voeren, waarna het land de status van potentiële kandidaat-lidstaat kreeg.

In november 2005 gaf de Europese Commissie een positief advies over de mogelijke toetreding van Bosnië en Herzegovina tot de Europese Unie. De Commissie ging in haar advies in op de vorderingen van Bosnië en Herzegovina om te voldoen aan de criteria voor het lidmaatschap van de Unie. Reden voor het positieve advies waren de grote stappen die de regering van Bosnië en Herzegovina had gezet in het kader van de organisatie en financiering van de lokale verkiezingen in 2004 en de goede samenwerking van het land met het Joegoslavië-tribunaal. Dankzij dit advies werden de onderhandelingen over een stabilisatie- en associatieovereenkomst met Bosnië en Herzegovina geopend.

Uiteindelijk wist Bosnië en Herzegovina in 2008 haar politiekorpsen te hervormen, en werd in juni 2008 de stabilisatie- en associatieovereenkomst met het Balkanland ondertekend. Politiehervorming was een belangrijke voorwaarde voor de overeenkomst. Het land had tot dan toe twee verschillende politiekorpsen: één voor de (door etnische Serviërs gedomineerde) Republika Srpska en één voor de Federatie van Moslims en Kroaten. 

Stagnatie

Toch zijn er grotere hervormingen nodig om voor toetreding in aanmerking te komen. In 2011, 2012, 2013 én 2014 concludeerde de Commissie dat op politiek vlak te weinig vooruitgang was geboekt. 

Ten eerste constateerde de Commissie dat de Bosnische grondwet en het constitutionele systeem hervormd moeten worden omdat de Bosnische grondwet nog niet geharmoniseerd is met EU-wetgeving. Het huidige constitutionele systeem bevat complexe overheidsstructuren, gefragmenteerde wetgeving en een beperkte coördinatie tussen overheidsinstanties met betrekking tot Europese zaken. Daardoor zijn moeilijk beslissingen te nemen en wordt niet met één stem gesproken. Functionele en legitieme democratische structuren die de mensenrechten tot hun recht laten komen en het proces van Europese integratie ondersteunen zijn een vereiste voor toetreding.

Ook blijkt corruptie in het land nog wijdverspreid te zijn. Hoewel Bosnië en Herzegovina lid is van de Raad van Europese Staten tegen Corruptie (GRECO) en betrokken is bij het Stabiliteitspact voor het Anticorruptie Initiatief (SPAI), kent Bosnië en Herzegovina nog geen landelijk erkende definitie van de term corruptie in het rechtssysteem. Daarnaast zijn de maatregelen tegen corruptie niet volledig geharmoniseerd in het wetboek van strafrecht.

Op het gebied van rechtspraak en justitie heeft Bosnië en Herzegovina in 2013 volgens de Europese Commissie wel voorzichtige vooruitgang geboekt. Zo heeft het land in de vervolging van oorlogsmisdaden grote stappen vooruit gezet. Ook is de rechterlijke macht op landelijk niveau in 2013 aanzienlijk verbeterd. 

Op economisch vlak boekt Bosnië en Herzegovina weinig vooruitgang. Van een functionerende markteconomie is nog geen sprake en de werkloosheid blijft hoog. Wil het land, ook in de toekomst, kunnen blijven concurreren met buurlanden en EU-lidstaten, dan zal het beleid moeten worden aangepast.

In het voortgangsrapport van 2014 concludeerde de Commissie verder dat er steeds meer sprake is van bedreiging en intimidatie van de media. Ook het geweld en discriminatie tegen kwetsbare groepen, zoals homoseksuelen, moet worden aangepakt.

Regionale vrijhandelszone

Op 19 december 2006 is het CEFTA-akkoord ondertekend. Dit vrijhandelsakkoord is in 2007 in werking getreden. De CEFTA bestaat uit Servië, Montenegro, Bosnië-Herzegovina, Albanië, Kroatië, Macedonië, Moldavië en de UNMIK namens Kosovo. De vrijhandelszone heeft als doel het handelsvolume van de regionale markt te vergroten en de regio aantrekkelijk te maken als vestigingsplaats voor buitenlandse bedrijven.

2.

Relatie Europese Unie en Bosnië en Herzegovina

Het in 1998 opgerichte Europees-Bosnisch raadgevend orgaan CTF (Consultation Task Force) van de Europese Unie heeft de taak de politieke en technische dialoog tussen de Unie en Bosnië en Herzegovina te bevorderen. De EU geeft via dit orgaan steun en begeleiding aan de Bosnische autoriteiten op het gebied van politieke en economische hervormingen. Sinds de start van het stabilisatie- en associatieproces belegt het CTF regelmatig bijeenkomsten met Bosnië en Herzegovina om de hervormingen te controleren en aan te moedigen. Daarnaast vindt er op jaarbasis een overleg plaats tussen Europarlementariërs en Bosnische parlementariërs.

Politieke steun

Het belang van Bosnië en Herzegovina voor de EU blijkt uit de grote mate van activiteit van de EU in het land. Zo heeft de EU in 2006 de militaire missie Althea opgezet om de stabiliteit in het land te waarborgen. Door de jaren heen kon de missie worden verkleind, mede door de situatie in Bosnië en Herzegovina. Nederland draagt met 3 man bij aan deze missie.

De Unie heeft ook een Speciale Vertegenwoordiger voor Bosnië-Herzegovina, sinds 1 september 2011 is dit Peter Sørensen. Deze bijzondere functie, die door de vredesakkoorden van Dayton in het leven geroepen werd, brengt verregaande bevoegdheden met zich mee. Zo bestuurt de gezant het betwiste district Brčko en heeft hij een beslissende stem als het politieke proces vastloopt.

Financiële steun

Naast politieke steun stelt de Europese Unie ook economische steun aan Bosnië en Herzegovina ter beschikking. De Europese Unie investeerde sinds 1991 miljarden euro's in het land, hoofdzakelijk in vluchtelingen- en opbouwprogramma's.

Daarnaast ontving Bosnië en Herzegovina in de periode 2000-2006 ongeveer 500 miljoen euro van de Europese Unie onder de verschillende programma's die hervormingen in Oost- en Zuidoost-Europa moeten bevorderen. Een financiële steun die overigens afneemt, want voor de periode 2007-2010 was maar ruwweg de helft van dit bedrag beschikbaar voor de financiering van instituties en sociaal-economische ontwikkeling. De EU verleent deze financiële steun onder de gemaakte afspraken met het land. De steun hangt samen met de implementatie van de overeengekomen hervormingen.

3.

Nederlandse insteek

Toetreding van Bosnië en Herzegovina tot de Europese Unie kan zorgen voor stabilisatie in de Zuidoost-Europese regio. Verwacht wordt dat de Europese Unie stabiliteit zal brengen en dat het risico van hernieuwde conflicten in de regio zal afnemen. Om de stabiliteit in de Balkanregio te bevorderen, ratificeerde Nederland in 2009 de ondertekening van de stabilisatie- en associatieovereenkomst.

Daarnaast is toetreding van Bosnië en Herzegovina om nog een reden van belang voor Nederland. Aangezien de rust in de regio meer kans op welvaart biedt, zal ook de handel met onder andere Nederland stijgen. Dit is uiteraard weer goed voor de Nederlandse economie.

Voor de ondertekening van de stabilisatie- en associatieovereenkomst stelde Nederland vier eisen: de hervorming van het politiebestel, een goede samenwerking van Bosnië met het Joegoslavië-Tribunaal, hervorming van de publieke omroep en de totstandbrenging van de benodigde administratieve wetgeving om de Europese wetgeving te kunnen implementeren en uitvoeren.

In juni 2013 benadrukte minister van Buitenlandse Zaken Timmermans dat Nederland de EU volledig steunt bij de uitgeoefende druk op de Bosnische regering om de overeengekomen hervormingen door te voeren.

4.

Meer informatie

Delen

enveloppe

Terug naar boven