Laatste nieuws: 

Toetreding Kosovo tot de Europese Unie

Kosovo

Kosovo is nog geen officiële kandidaat-lidstaat van de Europese Unie (EU); wel een potentiële kandidaat-lidstaat. De EU is wel de grootste hulpdonor van Kosovo. Met EU-geld kan het land de democratie stabiliseren, goede overheidsinstituties opzetten en zich economisch en sociaal ontwikkelen.

Kosovo is een voormalige Servische provincie. Het riep op 17 februari 2008 eenzijdig de onafhankelijkheid uit. In september 2012 werd er een volgende stap gemaakt richting de volledige soevereiniteit van het land. De Internationale Stuurgroep voor Kosovo (ISG), die ruim vierenhalf jaar toezicht hield op de semionafhankelijkheid van het land, beëindigde haar taken. Hierdoor kan het land zich meer gaan richten op de toetredingsonderhandelingen. Verder is de EU in 2012 de dialoog met Kosovo aangegaan over visumliberalisering en over rechtspraak.

De status van Kosovo is echter nog betwist; enkele EU-lidstaten erkennen het land niet. Hierdoor kon Kosovo lange tijd niet zelfstandig een Stabilisatie- en Associatieovereenkomst afsluiten met de EU. In plaats daarvan heeft de EU voor Kosovo het Stability Tracking Mechanism (STM) opgezet. In mei 2014 werden de onderhandelingen tussen Kosovo en de EU over een Stabilisatie- en Associatieovereenkomst afgesloten; het akkoord moet nog wel worden bekrachtigd. 

Delen

enveloppe

Inhoud

1.

In vogelvlucht

In mei 1999 stelde de Europese Unie het Stabilisatie- en Associatie-Proces (SAP) voor aan vijf landen in Zuidoost-Europa. Kosovo was op dat moment nog een onderdeel van Servië. In juni 2000 maakte de Europese Raad bekend dat alle SAP-landen potentiële kandidaten voor het lidmaatschap van de Europese Unie zijn.

De afscheiding van Kosovo van Servië werd steeds onvermijdelijker na de NAVO-interventie in juni 1999. In november 2001 hield Kosovo zijn eerste verkiezingen en in februari 2002 werden zogenaamde Provisional Institutions of Self-Government (PISG) ingesteld, waarmee het land volledig zelfstandig kon functioneren. De Europese Commissie ging wat toetredingszaken betreft met de PISG om alsof het gaat om het parlement en de regering van een volwaardig soevereine staat. Kosovo stond echter nog steeds onder het bestuur van de VN-missie United Nations Interim Administration Mission (UNMIK).

De PISG namen in januari 2005 het Kosovo-Actieplan voor de implementatie van het Europees Partnerschap aan. Dit Partnerschap had de EU in 2004 voorgesteld aan Servië, met Montenegro en Kosovo inbegrepen. Een paar maanden later, in april 2005, nam de Europese Commissie een mededeling aan van de Raad van Europa en het Europees Parlement over een Europese toekomst voor Kosovo .

In 2008 stelde de EC voor om de missie UNMIK te beëindigen en het VN-bestuur te vervangen door een EU-bestuur. Rusland blokkeerde dit echter in eerste instantie. Uiteindelijk werd gekozen voor het laten voortbestaan van UNMIK als kader, maar dat de EU het grootste deel van de daadwerkelijke werkzaamheden op zich zou nemen. Rusland en Servië stemden hiermee in, omdat de status van Kosovo in het midden werd gelaten.

Voor het versterken van de rechtsstaat in Kosovo werd in 2008 de rechtsstaatmissie van de Europese Unie 'EULEX' in het leven geroepen. In het kader van deze missie heeft de EU 2000 marechaussees, politiemensen, rechters en aanklagers naar Kosovo gestuurd om te helpen bij het versterken van de rechtsstaat. De missie is in 2012 met twee jaar verlengd.

De internationale instantie die toezicht hield op Kosovo, de Internationale Stuurgroep, is per september 2012 opgeheven. Dit zou een aanvraag van het kandidaat-lidmaatschap tot de EU een stapje dichterbij brengen.

In de voortgangsrapportage van april 2013 concludeerde de Europese Commissie dat Kosovo heeft voldaan aan de gestelde prioriteiten op korte termijn. Onder meer het ministerie van handel is geherstructureerd, de ombudsdienst heeft nieuwe huisvesting gekregen en er zijn stappen gezet naar een zichtbare en duurzame verbetering van de betrekkingen met Servië. Ook heeft Kosovo met de nodige wetgeving aangetoond corruptie en georganiseerde misdaad te willen bestrijden. Deze laatste twee vormen echter nog wel grote obstakels voor toetreding tot de EU.

Onafhankelijkheid Kosovo en het verzet ertegen

In februari 2008 riep het Kosovaarse parlement eenzijdig de onafhankelijkheid uit. De Raad van de Europese Unie verklaarde een dag later dat elk EU-lidstaat zelf zou moeten bepalen hoe om te gaan met deze onafhankelijkheidsverklaring. In juni van 2008 trad de grondwet van Kosovo in werking, waarin ook verwezen wordt naar 'Euro-Atlantische integratie' als een voor Kosovo belangrijk proces.

 
kaartje met landen die kosovo wel en niet erkennen

Op 22 juli 2010 verklaarde het Internationaal Gerechtshof dat de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo niet in strijd is met het internationaal recht. Ondanks deze uitspraak zijn er nog vijf EU-landen (Slowakije, Spanje, Roemenië, Griekenland en Cyprus) die Kosovo weigeren te erkennen als zelfstandige staat (zie kaartje). Het Servische Parlement heeft zelfs een resolutie aangenomen om Kosovo nooit als onafhankelijke staat te erkennen. Van de circa 200 landen in de wereld wordt Kosovo nu door 91 landen erkend.

Onder druk van de EU kwam het echter in 2010 wel tot overleg tussen Servië en Kosovo. Het oplossen van het conflict is een voorwaarde voor toetreding tot de EU van zowel Servië als Kosovo. Op 19 april 2013 kwamen de premiers van Servië en Kosovo tot een akkoord onder leiding van Hoge Vertegenwoordiger Catherine Ashton. Het akkoord betekende volgens de Kosovaarse premier Hasim Thaci een juridische erkenning van Kosovo’s zelfstandigheid.

Het akkoord bestaat uit 15 punten. Over 13 punten was al eerder overeenstemming bereikt. De laatste twee punten hadden betrekking op de Kosovaarse politie in Servische gemeenschappen en Kosovo's lidmaatschap van internationale organisaties. Door het akkoord mogen Servische gemeenten in Kosovo regionale politieagenten aanstellen. Daarnaast mogen vier, grotendeels door Serviërs bewoonde, gemeentes in Kosovo een lokale politiecommandant kiezen. Daar staat tegenover dat Servië niet langer het VN-lidmaatschap van Kosovo blokkeert. 

Daarnaast mocht de Servische minderheid in Noord-Kosovo door het akkoord voortaan stemmen bij verkiezingen in Kosovo. Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van november 2013 deed deze mogelijkheid zich voor het eerst voor. Deze verkiezingen werden echter ontsierd door geweld en intimidatie van de Servische minderheid tegen Serviërs die wilden gaan stemmen. Een deel van de Servische bevolking in Kosovo ziet meedoen aan de verkiezingen als een erkenning van Kosovo's onafhankelijkheid. 

Om de relatie tussen Servië en Kosovo te ondersteunen, heeft de Europese Commissie een speciaal pre-toetredingssteunprogramma opgezet. In dit speciale steunprogramma stelt de EU fondsen beschikbaar om het akkoord uit te voeren, waarbij het zich vooral richt op de Servische minderheid in Kosovo. Gebieden met veel Serviërs moeten met de fondsen worden gesteund om onder meer de infrastructuur en het openbare bestuur te verbeteren. De hoogte van deze fondsen ligt rond de 65 miljoen euro per jaar. In oktober 2013 bepaalde de Europese Commissie daarnaast dit bedrag eenmalig met 15 miljoen euro te verhogen.

Regionale vrijhandelszone

Op 19 december 2006 is het CEFTA-akkoord ondertekend. Dit vrijhandelsakkoord is in 2007 in werking getreden. De CEFTA bestaat uit Servië, Montenegro, Bosnië-Herzegovina, Albanië, Kroatië, Macedonië, Moldavië en de UNMIK namens Kosovo. De vrijhandelszone heeft als doel het handelsvolume van de regionale markt te vergroten en de regio aantrekkelijker te maken als vestigingsplaats voor buitenlandse bedrijven en andere investeerders.

Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling

Op 16 november 2012 heeft het bestuur van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling het lidmaatschap van Kosovo goedgekeurd. Deze bank ondersteunt landen bij het ontwikkelen van een vrije markteconomie.

Europese Investeringsbank

Ook de Europese Investeringsbank heeft plannen voor permanente vestiging in Kosovo. De bank bespreekt een kaderovereenkomst met de Kosovaarse regering.

2.

Nederlandse insteek

Nederland heeft Kosovo als onafhankelijke staat erkend. Op dit moment is de Nederlandse bijdrage aan KFOR beperkt: twee inlichtingenexperts en twee ondersteuningsofficieren. Voor de EU-missie EULEX zijn een twintigtal agenten van de Marechaussee aanwezig in Kosovo, samen met enkele experts van de politie en de ministeries van Binnenlandse Zaken en Veiligheid en Justitie

3.

Besluitvorming

In januari 2012 ging de EU de dialoog aan met Kosovo over visumliberalisering. Een half jaar later, in juni 2012, overhandigde eurocommissaris Malmström de lijst met hervormingen die Kosovo moet doorvoeren om het vrije verkeer van personen mogelijk te maken.

Op 22 oktober 2012 machtigde de Raad de Europese Commissie om onderhandelingen te openen met Kosovo over de deelname van Kosovo aan Unieprogramma's.

In juni 2013 is tijdens de Europese Raad besloten om te gaan praten over een Stabilisatie- en Associatieovereenkomst tussen Kosovo en de EU. Nadat uit een haalbaarheidsstudie in oktober 2013 bleek dat Kosovo genoeg vooruitgang had geboekt, is er onderhandeld en in mei 2014 tot een overeenkomst gekomen. Europese Commissie-voorzitter Barroso prees de overeenkomst als een verzekering dat Kosovo een veilige plek is voor investeerders, en heeft toegezegd dat Kosovo wordt geholpen om zich verder te ontwikkelen op economisch gebied.

4.

Meer informatie

Delen

enveloppe

Terug naar boven